Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Biddag

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Biddag

5 minuten leestijd

Nog enkele dagen en de jaarlijkse biddag zal weer gehouden worden. Gezien alle ontwikkelingen is het noodzakelijk deze dag te houden. We denken bijvoorbeeld aan het Midden-Oosten. Wat zullen de gevolgen zijn? We denken aan de vele zonden die er in Nederland bedreven worden. Ook wat het kerkelijke leven betreft is er veel gaande. Persoonlijk is gebed nodig voor alle nooddruft van ziel en lichaam. Wat zou het een wonder zijn als overheid en onderdaan echt biddag zouden mogen houden.

Dreiging

In de tijd van de godvrezende koning Josia werd het Wetboek teruggevonden in de tempel. Uit dat Wetboek werd voorgelezen aan de koning die toen nog maar 26 jaar was. De Heere had koning Josia oren gegeven om te horen. De meest belangrijke gedeelten uit de vijf boeken van Mozes zullen hem zijn voorgelezen. Er valt te denken aan Deuteronomium 28. Daar wordt duidelijk over zegen en vloek gesproken. We lezen in Deuteronomium 28 vers 36: “De HEERE zal u, mitsgaders uw koning dien gij over u zult gesteld hebben, doen gaan tot een volk, dat gij niet gekend hebt noch uw vaderen; en aldaar zult gij dienen andere goden, hout en steen.” Dat zal gebeuren bij overtreding van Gods geboden en inzettingen. Dan zal de vloek en het oordeel over het land komen. De ballingschap zal dan werkelijkheid worden voor koning en onderdanen. Koning Josia verstond deze dreiging. Gods Woord geldt ook nu. Het zal niet goed blijven gaan in Nederland als land en volk voort blijven gaan met het overtreden van Gods geboden. Dan zullen de oordelen komen. Dat kan niet uitblijven. Eerlijk en bewogen dienen we daarover te spreken. Het valt te vrezen dat er weinig of geen oor is voor zulke dreigende woorden.

Smeking

We lezen in 2 Koningen 22 vers 19 wat de uitwerking was van de voorgelezen woorden op koning Josia. “Omdat uw hart week geworden is en gij u voor het aangezicht des HEEREN vernederd hebt, als gij hoordet wat Ik gesproken heb tegen deze plaats en derzelver inwoners, dat zij tot een verwoesting en vloek zullen worden, en dat gij uw klederen gescheurd en voor Mijn aangezicht geweend hebt, zo heb Ik u ook verhoord, spreekt de HEERE.” Er kan alleen sprake zijn van verhoring als er tevoren gebeden en gesmeekt is. Josia heeft gebeden voor land en volk en voor zichzelf. Hij heeft gesmeekt met een verbroken hart en een verslagen geest. Hij heeft zich vernederd voor het aangezicht des HEEREN. De koning heeft zelfs zijn klederen gescheurd als uiting van oprechte en hartelijke droefheid over de zonde. Josia heeft ook geweend. Josia zal zichzelf, net als later Daniël, hebben ingesloten in zijn smeking. Niet alleen zijn onderdanen hadden gezondigd, ook Josia had zichzelf leren kennen als een Wetsovertreder. Wat zouden we goed zijn met een vorstin, met een vorstenhuis, met plaatselijke, provinciale en landelijke overheden die net als koning Josia zich zouden vernederen voor het aangezicht des HEEREN en echte droefheid over het bedreven kwaad zouden gevoelen in het hart. Wat zouden we goed zijn met een biddende overheid. Wat zouden we goed zijn met biddende SGP’ers. Wat is het nodig persoonlijk deze houding van Josia te mogen kennen, bijzonder op de komende biddag.

Verhoring

De Heere heeft het gebed van koning Josia verhoord. We lezen in 2 Koningen 22 vers 20: “Daarom zie, Ik zal u verzamelen tot uw vaderen en gij zult met vrede in uw graf verzameld worden, en uw ogen zullen al het kwaad niet zien, dat Ik over deze plaats brengen zal.” De koning zal het oordeel van de ballingschap niet meemaken. Josia zal geen getuige zijn van de wegvoering van de inwoners van Jeruzalem. Zelf zal hij ook niet weggevoerd worden. Ongeveer twintig jaar na de dood van koning Josia is het wel werkelijkheid geworden. Wat zullen onze ogen nog zien? Zullen wij en/of onze kinderen vreselijke dingen meemaken? Gezien de vele zonden die in ons land bedreven worden zou dit rechtvaardig zijn. Wanneer we letten op de ontwikkelingen in de wereld is er heel veel onzeker. Maar dit blijft gelden: de HEERE regeert. Het gaat alles heen naar de dag van de wederkomst van Christus. Dan zal het worden een nieuwe hemel en een nieuwe aarde waarop gerechtigheid wonen zal. De alles beslissende vraag zal zijn voor een ieder van ons: Van wie zijn wij een onderdaan? Van de duivel of van de Heere? Mag er iets gekend worden van de vreze Gods zoals koning Josia die mocht kennen of staan we daar nog buiten? De Heere wil nog gebeden zijn voor land en volk, voor regering en vorstenhuis. Hij wil gebeden zijn om waarachtige bekering. Alleen in de weg van waarachtige bekering zal er ontkoming zijn aan het rechtvaardig oordeel van God in Christus, Die als de grootste Wetsovertreder gerekend is en altijd volmaakt gehoorzaam is geweest aan Gods Wet. Zo heeft Christus voor Zijn Kerk het recht op het eeuwige leven en de vergeving der zonden verworven.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 4 maart 2011

De Banier | 24 Pagina's

Biddag

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 4 maart 2011

De Banier | 24 Pagina's

PDF Bekijken