Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Landbouw en internationale handel

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Landbouw en internationale handel

4 minuten leestijd

In de landbouwcommissie van het Europees Parlement gaat het regelmatig over internationale handel. En terecht! De hoeveelheid landbouwproducten die de Europese Unie binnenkomt in combinatie met de prijzen ervan, heeft immers gevolgen voor de rendabiliteit van de Europese landbouwsector.

Ook de andere kant op – via export – is internationale handel belangrijk voor de landbouw. Toen Rusland recent het importverbod op Europese groente instelde vanwege de EHEC-crisis, was dat een extra schadepost voor de sector, bovenop de schade door de vrijwel weggevallen vraag binnen de Europese Unie (EU)

Wisselgeld

De EU is de grootste importeur van landbouwproducten ter wereld. Een punt van zorg is oneerlijke concurrentie. In de landbouwcommissie klinkt regelmatig het verwijt richting de Eurocommissaris van handel, dhr. De Gucht, dat hij landbouw gebruikt als ‘wisselmunt’ in de onderhandelingen. Om voor industriële producten een betere markttoegang in derde landen te bedingen, krijgen deze landen een makkelijke toegang tot de Europese landbouwmarkt. Hoezo, probleem? Wel, de EU eist eerst van haar eigen landbouwers hoge standaarden wat betreft kwaliteit, producthygiëne, duurzame productiemethodes, dierenwelzijn, etc. Het brengt voor hen extra kosten met zich mee om daaraan te voldoen. Geïmporteerde producten die goedkoper zijn omdat ze niet aan deze eisen hoeven te voldoen, vormen vervolgens oneerlijke concurrentie.

Resolutie

Vrij recent nam het Europees Parlement nog een resolutie aan over landbouw en internationale handel. Het parlement gaf aan dat het erop staat dat “de in derde landen toegepaste productiemethoden voor de uitvoer naar de EU dezelfde waarborgen moeten bieden aan de EUconsumenten”, daarmee bescherming tegen oneerlijke concurrentie creërend voor de Europese producenten. Een daaruit voortvloeiend concreet punt was de oproep aan de Commissie om de bilaterale onderhandelingen met Mercosur (douane-unie bestaande uit Brazilië, Argentinië, Uruguay, Paraguay en Venezuela) niet af te sluiten voordat de Doha-ronde binnen de Wereldhandelsorganisatie tot een einde is gebracht. Bilaterale overeenkomsten zijn steeds belangrijker geworden, omdat de multilaterale onderhandelingen maar niet vlotten. De meerderheid van het Europees Parlement, met de landbouwcommissie voorop, was namelijk not amused over de wijze waarop de Commissie zich richting hervatting van de onderhandelingen met Mercosur heeft gespoed; zonder een grondige effectenbeoordeling publiek te maken en dus ook zonder daarover het politiek debat aan te gaan. Dit terwijl de gevolgen naar verwachting groot zijn. Mercosur levert maar liefst twintig procent van de voedselwaarde in de EU. Van de rundvleesimporten komt zelfs tachtig procent uit Mercosur-landen. De agrarische koepelorganisatie Copa-Cogeca raamt de directe verliezen (verlies van marktaandeel) op zo’n twintig miljard euro en de indirecte verliezen (door daling van prijzen) op zo’n veertien miljard euro voor de Europese landbouw.

Ontwikkelingslanden

Op de mogelijke gedachte dat door bescherming van de EU-markt de ontwikkelingslanden benadeeld worden, repliceert het verslag dat met name de uitvoerders die met de ontwikkelingslanden concurreren, gebaat zijn bij verdere openstelling van de EU-markt. Dat betekent dat rücksichtsloze openstelling van de landbouwmarkt niet alleen nadelige gevolgen oplevert voor Europese landbouwers, maar juist ook voor landbouwers in ontwikkelingslanden, aangezien voor hen de preferentiële marge, die zij dankzij een gunstiger importtarief hebben ten opzichte van landen als Brazilië, steeds kleiner wordt.

Overigens zij voor de volledigheid opgemerkt dat uitvoerrestituties (oftewel exportsubsidies), die wel een verstorende werking hebben voor ontwikkelingslanden, door de EU drastisch verminderd zijn (in 1992 werd er over 25 procent van de waarde van de landbouwexport uitvoerrestituties betaald, in 2009 nog slechts over 0,9 procent van de exportwaarde). Dat juicht de Eurofractie van harte toe; het is namelijk van groot belang ervoor te zorgen dat ontwikkelingslanden niet gehinderd worden in het opbouwen van hun landbouwsector.

Beleid

Kortom: de Eurofractie is van mening dat de EU-landbouwsector, die aan hoge normen voldoet, een eerlijk speelveld moet krijgen. Daarvoor is het juiste concrete beleid nodig. De Eurofractie vindt de eis dat importen moeten voldoen aan gelijke normen zoals die voor EU-landbouwers gelden, een goede en zelfs essentiële maatregel. De Commissie mag landbouw niet offeren als wisselgeld, maar moet in de onderhandelingen veiligstellen dat de importen uit derde landen aan gelijke normen voldoen. Uiteraard moet ook gekeken worden naar het landbouwbeleid. Zoals eerder aangegeven is de Eurofractie voor een sterk Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB). Dit hebben we ook weer duidelijk gemaakt in de plenaire stemming van 23 juni. De toenemende mate van liberalisering van de handel is een reden te meer om voor een GLB te zijn dat de landbouwsector steunt en versterkt. De vraag die de EU zichzelf serieus moet stellen is: hoe afhankelijk willen we worden? Als de EU niet meer bereid is voldoende te blijven investeren in een sterke Europese landbouwsector en tegelijkertijd wel meer en meer eisen stelt, wordt de rendabiliteit van de Europese landbouw op den duur uitgehold en gaat de afhankelijkheid van derde landen groter worden. Dit is onwenselijk, ook gezien de toenemende druk die er komt te liggen op voedselzekerheid voor een groeiende wereldbevolking.

Christine van Dijk Beleidsmedewerker Nederlandse delegatie EFD-groep

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 24 juni 2011

De Banier | 24 Pagina's

Landbouw en internationale handel

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 24 juni 2011

De Banier | 24 Pagina's

PDF Bekijken