Bekijk het origineel

De les van de straatmaker

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

De les van de straatmaker

6 minuten leestijd

Het dagelijks leven in huis en daar buiten geeft heel wat lessen. Wie er een oor, een oog voor heeft valt dit op. Voorvallen, ontmoetingen kunnen veel bevatten, zij kunnen veel doen tot bezinning, tot lering. Zij kunnen zelfs leiden tot levensverandering. Ook het werk van iemand kan veelzeggend zijn. Zo voor het oog kan het zeer eenvoudig zijn, zelfs eentonig, maar wie er zich op bezint komt tot andere gedachten. Zo verging het mij in mijn eerste gemeente. Lopend door de Urker straten, zag ik in één van de straten een straatmaker bezig. Het bleek een lid van de gemeente te zijn en er kon even tijd voor een gesprek zijn. Zijn beroep en de uitoefening van zijn beroep gaven mij lessen. Levenslessen. Samen hadden we het daarover en de straatmaker bijzonder. Als oude straatmaker had hij de jonge dominee wel wat te leren. En wat hij doorgaf, deed hij niet belerend, waar hij op wees, daar sprak zijn hart. In zijn hartelijke verbondenheid aan de jonge predikant. Zijn persoonlijk en ambtelijk welzijn had hij op het oog. Ik hoor hem nog zeggen: “dominee zoals ik werk, moet U ook bezig zijn”. Hij wees ten eerste op de goede ondergrond. Een straatmaker moet allereerst zorgen voor een goede ondergrond. Wanneer de stenen niet gelegd worden op een stevige fundering, zal de straat zeker verzakken. In korte tijd zal de straat slecht en onbruikbaar worden. Zo moet er nu door een predikant gewerkt, gebouwd worden op het hechte fundament. Op het enige fundament dat gelegd is, namelijk Jezus Christus en Die gekruisigd. Alles wat gelegd, gebouwd wordt op een ander fundament, is niet houdbaar. De apostel Paulus schrijft aan de gemeente van Korinthe: “zo iemands werk blijft, dat hij daarop gebouwd heeft, die zal loon ontvangen. Zo iemands werk verbrand zal worden, die zal schade lijden”.

Een straatmaker legt zijn stenen heel zorgvuldig. Elke steen op de juiste plaats. Rijtje voor rijtje. Hele stenen, halve stenen. Rustig, weloverwogen werkt hij door. Zo moet ook het dienstwerk gedaan worden. Gericht, weloverwogen. Niet hier een weinig, daar een weinig. Niet slordig, maar ordelijk. Een straatmaker heeft steeds een steen in de hand en plaatst die steen, waar hij gelegd moet worden. Een predikant moet zich steeds bewust zijn: ”ik ga met een mens, met mensen om. Ik heb kontakt met een mens. Een mens, die een lichaam en een ziel heeft. En naar het Woord van de Heere moet met hem of haar omgegaan worden. De mens, jong of oud, moet geplaatst worden naar het Woord van de Heere”.

Een echte straatmaker, die een hart heeft voor zijn beroep, werkt door. Wanneer de weersgesteldheid het toelaat en hij zelf gezond is, is hij present. Dagelijks kunt U hem vinden op de straat. Dan hier, dan daar. Steeds maar bezig met hetzelfde werk. Steeds bezig met de straat. De bestrating heeft zijn aandacht. Zijn liefde. Zo nu bezig te zijn in de dienst van de Heere moet de lust zij n van elke dienaar. Steeds met en voor de gemeente. Nimmer los van de gemeente. Op de dag en soms zelfs in de nacnt. Bezig met hetzelfde werk. Werk niet altijd even gemakkelijk. Wat kan het waaien, wat kan het stormen. Wat kan het koud zijn. Wat kan er op komen tegen zijn dienst. Wat kan er verachtelijk over gesproken worden. Tegen een straatmaker kan gezegd worden: “man, niet zo serieus of houd er mee op, het mooie straatje moet je over een paar jaareens zien”. Zo kan er tegen een predikant ook het één en ander gezegd worden. Zelfs veel gezegd worden.

Zelfs dit: een straatmaker heeft nog resultaat van zijn werk, maar jij ploegt op rotsen. Wat jij vandaag legt, wordt morgen of zelfs dezelfde dag nog opgebroken”.

Maar nu het hart onder de riem: de arbeid is niet ijdel in de Heere. De Heere zegent het werk. Hij zegent het naar Zijn belofte in dit en het toekomende leven.

Er is nog iets van de straatmaker te leren. En dat is een goede, zeer goede les. Hij werkt steeds op zijn knieën. Hij kan zijn werk niet staande doen. Om te werken moet hij op zijn knieën en op de knieën blijven om te werken, zo is het gebed zeer belangrijk. Het moet er zijn voor het werk en tijdens het werk. Een schotse theoloog schrijft: “gebed is het eerste, het tweede en het derde ding, dat nodig is voor een predikant. Bid dus, mijn geliefde broeder: bid en bid en bid”. Een kollega van hem schreef: “alle pogingen van de predikant zullen ijdel zijn of misschien zelfs erger dan dat, als hij niet gewijd is. Deze wijding moet uit de hemel neerdalen en zijn predikantschap die speciale bekroning geven. Onder de vele hulpmiddelen die hij nodig heeft voor het vervullen van zijn ambt, moet de Bijbel de allereerste plaats innemen en ook de overgave aan het gebed en aan Gods Woord”.

Er wordt ook gezien, dat een straatmaker stap voor stap achteruit gaat. Bij elke gelegde rij stenen gaat hij achteruit. En zo maakt hij vorderingen. Zo alleen. Vervolgens gaat het bij de bestrating niet om hem. Hij werkt in opdracht. Hij werkt voor zijn werkgever en tevens ten nutte van de gemeenschap. Men zal van de straat gebruik kunnen maken. En daar valt hij zelf niet buiten. In de begaanbare straat kan hij ook komen en over de bestrating lopen.

In de dienst van de Heere gaat het niet om de werkers, maar om het verrichte werk. Waar nu de liefde tot de Heere mag zijn en liefde tot het werk waartoe de Heere roept daar wil men werken voor de Heere en Zijn gemeente, Zijn koninkrijk, opdat mensen de weg tot de troon der genade zullen gaan. De weg tot de enige Zaligmaker. De weg van Gods geboden. De weg tot de eeuwige zaligheid. De weg tot de stad Gods het hemelse Jeruzalem. En door Gods genade is het. “Door mij betracht en anderen aangeprezen!”.

Tenslotte werd dit meegegeven. Straatmaker worden, is een beroep. Een beroep waar voor geleerd moet worden. Veel geleerd moet worden. Je persoon is erbij betrokken. Het beroep moet je grijpen. Moet je lief worden, moet je lief blijven. Steeds op de knieën een steen nemen en een steen plaatsen. Voor een rij stenen, achteruit willen gaan werkend voor de baas, werkend voor de gemeenschap. “Heere, laat ik het beeld van de straatmaker en zijn lessen nimmer kwijtraken. Laten velen met mij het in praktijk brengen. Het hele leven door. Tot het laatste uur toe. Tot twaalf uur toe. Dan zal het einde vrede zijn”. In de gemeente zij veel gebed voor zulke werkers. Werkers vandaag en morgen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 maart 1989

Bewaar het pand | 4 Pagina's

De les van de straatmaker

Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 maart 1989

Bewaar het pand | 4 Pagina's

PDF Bekijken