Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

We zijn bevoorrecht, en ...

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

We zijn bevoorrecht, en ...

6 minuten leestijd

In de vakantietijd gaan er velen van huis. Men trekt hierheen, of daarheen. De één blijft in eigen land en de ander gaat over de grens. Kilometers worden door velen afgelegd om hun vakantiebestemming te bereiken. Jaarlij ks is er het terugkerende beeld. Drukbezette autowegen. Kilometers lange files. Rijen auto’s en caravans bij de grensposten. Zelfs binnenwegen laten zien welke tijd van het jaar het is. Gelukkig zijn er nog velen, die in de vakantietijd samen bezig willen zijn. De natuur in gaan en oude plaatsen willen bezoeken. Op zich een nuttige, goede bezigheid. En verantwoord! Dit laatste mag in de vakantietijd niet vergeten worden: gaan we naar en komen we op verantwoorde plaatsen. Bij terugkeer, bij thuiskomst moet ook de vraag overwogen worden of we op verantwoorde plaatsen zijn geweest! Want we zijn schepselen Gods en staan overal met de Heere in rekening. Van alles moet rekenschap afgelegd worden. Er staat geschreven, dat wij allen geopenbaard moeten worden voor de rechterstoel van Christus opdat een iegelijk wegdrage, hetgeen door het lichaam geschiedt, naar dat hij gedaan heeft, hetzij goed hetzij kwaad.

Gekomen op bepaalde plaatsen kan men getroffen worden door deze werkelijkheid: hoe het was en nu is. En dan denk ik aan het kerkelijk, geestelijk leven. Hoe heeft de reformatie niet gewerkt in Europa. Wat de Heere deed in de zestiende eeuw werd overal merkbaar. Over heel Europa gingen luiden de klokken van het Evangelie. Het Woord van de Heere had geweldige invloed. Het had ingang in alle rangen en standen. Het sloeg geen laag van de bevolking over. Plaatsen als Geneve, Worms, Wittenberg, Heidelberg roepen veel op. Zij brengen veel voor de aandacht. Nu kunnen we, historisch gezien, nog verder terug gaan. Er zijn nog oudere plaatsen te noemen. Plaatsen die ons herinneren aan de eerste duizend jaar na Christus. Aan de vroeg-christelijke tijd. Zo is het wanneer men de duitse stad Trier binnengaat. Wie deze stad bezoekt wordt getroffen door de imponerende historische bouwwerken. De ’Dom’ is gebouwd op fundamenten van de dubbele kerk uit de tijd van de Romeinse keizer Constantijn. Deze regeerde in de 4e eeuw.

In de franse plaats Poitiers komt men in aanraking met een stuk geschiedenis van de eerste eeuwen. De omgeving op zich al neemt mee naar een machtig gebeuren. Gebeuren, waarin gezien wordt de hand van de Heere. Immers bij Poitiers hield Karei Martel in het jaar 732 de tot in Frankrijk doorgedrongen

Mohammedanen tegen. De veldslag bij Poitiers is zelfs van wereldhistorische betekenis geworden.

De legers van de Islamieten wilden als sprinkhanen werken in Europa. Alles vernietigend, wat de gang van de Islam in de weg stond. De Islam moest de religie gaan worden in Europa. Deze religie zou het hele leven moeten beheersen en bevruchten. Het was de heilige wil van Mohammed. Nu de heilige oorlog van de Islam werd tot staan gebracht en gebroken te Poitiers. Dit betekende voor de vroeg-christelijke kerk in Europa redding en toekomst. Europa werd gevrijwaard voor de verovering door de Mohammedanen. In de stad zelf is nog te bezichtigen het ’Baptistère St. Jean’. Waarschijnlijk het oudste christelijke bouwwerk in heel Frankrijk. Daterend uit de 4e eeuw. In het gebouw bevindt zich een bassin, dat gebruikt werd voor de doopbediening: catechumenenbad. In ons land weten we, wat er gebeurd is bij Dokkum. Daar is in 754 Bonifacius vermoord. In de plaats Dokkum staat een afbeelding van Bonifacius. Te zien is ook met welk zwaard hij streed nl. Gods Woord. In het oude stadsdeel van Utrecht is een standbeeld geplaatst voor Willibrord. Volgend jaar zal het 1300 jaar geleden zijn, dat deze evangelieprediker vanuit Engeland in ons land kwam. Bij Katwijk kwam hij aan land en begon vandaar zijn missie in ons land. De boodschap des Heeren werd door hem doorgegeven en zijn arbeid bleef niet ongezegend. We zouden zo verder kunnen gaan, gravend in de geschiedenis van de kerk. Vele kerkgebouwen binnen en over onze grenzen herinneren ons aan veel. Ze wijzen ons op zeer veel. Hoe klonk er het evangelie van vrije genade, de weg der zaligheid in en door Jezus Christus, de Heere. De leer van vrije genade is op vele plaatsen ingeruild voor een leer naar de mens. De doorwerking daarvan is niet uitgebleven. Ook werd het gezien in de kerkgang.

Dit laatste is ook nu nog het geval. Grote kerkgebouwen laten op zondag een handje vol mensen zien. De onchristelijkheid is hand over hand toegenomen. Het christelijk Europa in het verleden, heeft vandaag maar een gering aantal volgelingen. En dat ook in ons rijke landje. Rijk aan christelijke levenswaarden. Welk een invloed heeft Gods Woord gehad op heel onze samenleving. Er is geen terrein denkbaar, waar het Woord van de Heere geen gezag had. En nu? De invloeden, die van Gods Woord uitgingen, moeten uit ons volksleven verwijderd worden. Gods dag weg, Gods Naam weg. Gods gezag-weg. Gods wet weg. God Zelf weg. Alles moet tot het verleden behoren. De mens mag het levensbegin vernietigen en zelf het levenseinde bepalen. Het gezinsleven staat niet meer zo hoog genoteerd en tot echtscheiding kun je het zo laten komen. Temidden van die werkelijkheid staan we. Staan we met de onzin, staan we als kerk. Hebben we daarom bijzonder oog voor het vele, zeer vele goede wat de Heere ons nog gelaten heeft? Voor wat Hij ons nog wekelijks geeft? We mogen nog kerk zijn. Zijn Woord wordt nog verkondigd. De reine leer is nog te horen. Zitten we er slapend onder? Hebben we aan de klanken van de woorden genoeg? Ik hoop van niet. We kunnen ook gelijken op de gemeente van Laodicea. Alles verliep goed. Men had goede kerkelijke papieren. Men had een goede prediking. Men gaf goed. Maar er was zelftevredenheid. Zelfvoldaanheid. Men was rijk, en verrijkt. Men had niets meer nodig. Men kende geen geestelijke armoede. Geestelijke noden en behoeften waren er niet. Men zag niet uit naar het heil des Heeren. Er werd niet verlangd naar de werking en doorwerking van de Heilige Geest en het dienstbetoon van de Heere. Men had het over de Heere en men dacht aan het eind van het leven te gaan naar de Heere. Hij had een plaats voor hen bereid. Maar de Heere Zelf stond voor de gesloten kerkdeur. Kerk zijn, kerk houden, een kerkdienst zonder de tegenwoordigheid van de Heere. En menen dat het goed is en dat het goed gaat. Zo kan het! De Heere zegt het ons. En daarom wee onzer, als het kopje van dit stukje zo worde ingevuld: “Wij zijn bevoorrecht, en voldaan”. Wij zijn tevreden. We hebben niets meer nodig. Heil onzer, wanneer de bevoorrechting dos Heeren ons brengt tot de bede:


Behoud ons. Heer’ der legermachten.
Zo zullen w’ons voor afval wachten;
Zo knielen w’altoos voor U neer.
Getrouwe Herder, breng ons weer;
Verlos ons; toon ons ’t lieflijk licht
Van Uw vertroostend aangezicht.

Dit artikel werd u aangeboden door: Bewaar het Pand

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 augustus 1989

Bewaar het pand | 6 Pagina's

We zijn bevoorrecht, en ...

Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 augustus 1989

Bewaar het pand | 6 Pagina's

PDF Bekijken