Bekijk het origineel

Ons kind heeft een verstandelijke handicap (5)

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Ons kind heeft een verstandelijke handicap (5)

6 minuten leestijd

Uithuisplaatsing

Soms blijkt het niet mogelijk of niet langer mogelijk een gehandicapt kind thuis te houden en er thuis voor te zorgen. Dat is een heel ingrijpende zaak. Er zijn geen algemene regels voor te geven. Het ene gezin heeft meer draagkracht dan het andere gezin wat veelal samenhangt met het feit of er verder nog kinderen zijn of soms zelfs een heel aantal kinderen is. Enkele dingen willen we toch aanstippen. Het kan al op jonge leeftijd voorkomen dat de verzorging thuis te zwaar blijkt te zijn.

Het gebeurt ook dat de zorg op zich wel gegeven zou kunnen worden, maar dat dit teveel ten koste gaat van de andere kinderen. De andere kinderen kunnen dan niet voldoende tijd en aandacht krijgen. Maar zeker bij het ouder worden zal zich de vraag opdringen hoe het verder moet. Als een van de ouders ziek wordt, hoe moet er dan gezorgd worden voor het kind met een verstandelijke handicap? Het overlijden van een van de ouders is vaak de oorzaak dat tot uithuisplaatsing moet worden overgegaan. Wellicht zijn er ook jonge ouders die er niet aan moeten denken dat hun kind uithuisgeplaatst zou moeten worden. Het kost vaak heel veel moeite en verdriet voordat het zover komt. Het is een goede zaak wanneer ouders er met elkaar over spreken. Een beslissing tot uithuisplaatsing wordt niet van de ene dag op de andere dag genomen. Daar moeten ouders ook naar toe groeien. De omstandigheden kunnen zo worden dat het beter is voor de ouders, voor de andere kinderen, en voor het gehandicapte kind zelf om uit huis geplaatst te worden. Wanneer het na kortere of langere tijd komt tot plaatsing buiten het gezin wil dat niet zeggen dat de ouderlijke verantwoordelijkheid en taak beëindigd zouden zijn. De band met het kind dient bewaard te worden. De belangen van (meerderjarige) kinderen die niet meer thuis konden zijn dienen door de ouders behartigd te worden.

Een christelijk leefklimaat

Ouders zullen graag zien dat hun kind wanneer het uit huis wordt geplaatst terecht komt in een omgeving waar bijbelse normen richtsnoer zijn. Zij zullen zoeken naar een plaats waar dit zoveel mogelijk wordt nagestreefd. Dit kan betekenen dat deze plaats op een behoorlijke afstand van de eigen woonplaats is gelegen. Ook in dit opzicht vragen principes offers. Ziende op de eeuwige belangen is dit niet overdreven. Al zullen er zijn in de omgeving die het niet kunnen begrijpen dat niet voor het dichtstbijzijnde huis wordt gekozen, er zullen er ook zijn die daar wel begrip voor hebben. Bovendien dient gedacht te worden aan het jawoord dat bij de doop werd uitgesproken. Dat ja-woord kan offers vragen ook in bovengenoemde zin. Waar geen christelijk leefklimaat is wordt anders gedacht over onderwerpen als sexualiteit, zondagsrust en vrijetijdsbesteding. Waar Gods Woord norm is zal op een bijbelse wijze over deze zaken gedacht en gesproken worden. Gods Woord is ook van groot belang als het gaat om de waarde van het leven van mensen met een handicap. Op zichzelf genomen is het uiteraard gemakkelijk wanneer een kind in de directe omgeving van de ouders geplaatst kan worden. Maar als het niet kan, moet het zwaarste wegen wat het zwaarste is. Al is het bezoeken dan moeilijker en minder vaak, ook dat is dan een offer wat onzes inziens gebracht dient te worden. Hiermee willen we evenwel niet stellen dat er geen uitzonderingssituaties zouden kunnen zijn.

Contact

Juist omdat de ouders hun verantwoordelijkheid niet kwijtraken als een kind uit huis geplaats wordt, dient er contact onderhouden te worden met de groepsleiding. Een goed contact en wederzijds vertrouwen is heel belangrijk. Zouden er conflicten rijzen of meningsverschillen ontstaan tussen ouders en groepsleiding, dan is er tenminste een basis om hierover te spreken en zo mogelijk tot overeenstemming te komen. Indien het niet mogelijk bleek het kind te plaatsen in een huis waar de sfeer bepaald wordt door Gods Woord dient duidelijk en beslist doorgesproken te worden over sexualiteit, de zondag en het doorbrengen van de vrije tijd. Contact dient onderhouden te worden met de gehandicapte zelf. Geregeld bezoeken en geregeld mee naar huis nemen als dat tenminste mogelijk is, is een goede zaak. Het is verheugend indien broers en zussen ten deze ook hun verantwoordelijkheid verstaan en zo de last voor de ouders verlichten. Ook vanuit de kerkelijke gemeente kan er contact onderhouden worden door bijvoorbeeld eens een kaart te sturen. De praktijk leert dat het kind het veelal fijn vindt meegenomen te worden naar huis, maar ook dat het kind het fijn vindt weer terug te keren naar de plaats waar het verzorgd wordt. Ook voor de ouders is dit heel belangrijk dat zij merken dat hun kind zich thuis voelt op de plaats waar het nu het grootste deel van de tijd verblijft.

Meerderjarig

Mensen met een verstandelijke handicap worden net als andere mensen meerjarig op achttienjarige leeftijd. Voor de wet eindigt dan de ouderlijke zeggenschap. Als er niets wordt geregeld beslist iemand met een verstandelijke handicap zelf. Er zijn echter een aantal wettelijke mogelijkheden om de juridische positie van meerderjarige mensen met een verstandelijke handicap te regelen. Die maatregelen zijn bedoeld om hen te beschermen. Het is mogelijk onder curatele gesteld te worden. De rechtbank benoemt dan een curator aan wie de zorg en de verantwoordelijkheid voor de persoon en zijn vermogen wordt opgedragen. Een toeziend curator moet erop toezien dat de curator zijn werk goed verricht. Beschermingsbewind is een minder verstrekkende maatregel. Beschermingsbewind heeft alleen betrekking op het geld en goed van iemand met een verstandelijke handicap. Dit kan belangrijk zijn indien een kindsdeel geërfd wordt. Sinds 1995 is ook mentorschap mogelijk. Dan wordt alleen dat uit handen genomen wat strikt noodzakelijk is. Een goede verstandhouding tussen de mentor en de persoon met een verstandelijke handicap is uiteraard vereist.

Gebed

Het zal duidelijk geworden zijn dat er heel wat verwerkt moet worden door mensen die een verstandelijke handicap hebben alsook door hun ouders. Wat kunnen er veel vragen door hen heen gaan. Hoeveel zorgen kunnen er niet zijn in het hart. Gebed is noodzakelijk. Gebed voor hen die elders wonen en verzorgd worden. Gebed voor en door ouders die het moeilijk hebben. Indien het mogelijk is gebed door hen die opgenomen zijn. Gebed voor hen die bij een uithuisplaatsing gaan zorgen voor het gehandicapte kind. Gebed of zij wijsheid, liefde en kracht mogen ontvangen om hun zware maar toch ook mooie taak te verrichten. Gebed voor curator of mentor, die bepaalde beslissingen moeten nemen. Alles mag aan de Heere worden voorgelegd. De Geest der genade en der gebeden ontlokke bovenal het gebed aan het hart tot uitbreiding van het Koninkrijk Gods onder hen die meer zorg, liefde en aandacht nodig hebben dan anderen. Er stijge ook gebed op bewaard te mogen worden bij de normen van Gods Woord. Dit alles overziende mag de smeking wel zijn: Heere, leer ons bidden.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 april 1996

Bewaar het pand | 8 Pagina's

Ons kind heeft een verstandelijke handicap (5)

Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 april 1996

Bewaar het pand | 8 Pagina's

PDF Bekijken