Bekijk het origineel

IN DE DIENST VAN DE HEERE

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

IN DE DIENST VAN DE HEERE

7 minuten leestijd

1 Tim.. 4 : 13-16

Een kandidaat of predikant ontvangt een beroepsbnef van een gemeente. Het komt voor dat er in de diensttijd meerdere komen. Wie ze ontvangt moet zich bewust zijn, dat elke brief legitiem is. Maar dat met alleen. Er dient aan gedacht te worden dat elke brief van betekenis en veeleisend is. Van betekenis voor de beroepene als ook voor de beroepende gemeente. De nadruk ligt op wederzijds gebed. De brief is veeleisend, want Hij wijst op de plichten, die voldaan moeten worden. Er wordt gewezen op wat verwacht mag worden na eventuele aanneming van het beroep. Tot de diensten die gevraagd worden behoort het voorgaan op zondag, behandelend een vnje stof uit het Oude of Nieuwe Testament en in de eerste of tweede dienst een zondagsafdeling van de Heidelbergse Catechismus, preken op de chnstelijke feestdagen, op bid- en dankdagen Ook wordt gevraagd het bedienen van de heilige sacramenten, het bevestigen van huwelijken en het leiden van begrafenissen. Tot de taak behoort ook het onderwijzen van de kinderen van de gemeente in de leer die naar de Godzaligheid is en dat wekelijks m de daarvoor gestelde periode. Leerboeken die goedgekeurd zijn door de kerkenraad dienen gebruikt te worden. Ook valt te denken aan het doen van zieken- en huisbezoek en verder alles wat tot het werk van een dienaar behoort. Dit alles is kerkelijk vastgelegd. Het staat in de kerkorde Het blijkt nodig te zijn dit te onderstrepen in onze tijd van zelfbepaling. Bij aanneming van een beroep wordt dus heel wat beloofd. Als het goed is leeft in het hart: met de hulp van de Heere en in Zijn kracht hoop ik er aan te mogen voldoen. De Heere is het waard en de gemeente heeft er recht op. Wanneer alles overdacht wordt waar het op aan komt in het dienstwerk, dan vraagt dit met alleen de hele inzet van de persoon, maar ook het gedung bezig zijn Maar is dat met teveel gevraagd? Er moet in de eerste plaats geluisterd worden naar het Woord van de Heere. We kunnen zeggen dat Paulus in opdracht van de Heere aan Timotheüs heeft geschreven: “Houd aan in het lezen, in het vermanen, m het leren, totdat ik kom Verzuim de gave met die in u is, die u gegeven is door de profetie met oplegging der handen van de ouderlingschap. Bedenk deze dingen, wees hienn bezig ” (vs 13-15a). Het accent valt op “wees hienn bezig ” Wees erin. Timotheüs, je moet met heel je ziel er bij betrokken zijn. Het moet je levenselement zijn Je hele leven moet ervan doortrokken zijn. Je staat steeds in dienst van de Heere. Op de dag en indien nodig ook m de nacht. Het persoonlijk en ambtelijk leven moeten een zijn Die twee moeten elkaar beïnvloeden. We kunnen zeggen het is 'het Messiaans programma. ' Tot in Zijn dood heeft de Heere Jezus waargemaakt wat Hij op Zijn twaalfjange leeftijd sprak in de tempel tot Mana Zijn moeder: “Wist gij met, dat Ik moet zijn in de dingen Mijns Vaders” (Lukas 2 49). Hij was de werkzame Heere Jezus in woorden en daden Nu vraagt Hij van Zijn dienaren dat zij Hem werkend volgen Dit gaat gepaard met de belofte Mijn genade is U genoeg en Mijn kracht wordt m zwakheid volbracht. Maar moet nu de boog steeds gespannen staan“? Dit wordt met gevraagd. Er mag werkonderbreking zijn. In het Woord van de Heere worden we daar ook op gewezen. Het Woord van de Heere is een levensboek, het is veelzijdig, maar ook gencht We zien dit duidelijk in Marcus 6. Daar gaat het over de uitzending van de discipelen Ze ontvangen een hele opdracht van hun Meester, vol inhoud, we kunnen het lezen Twee aan twee moeten de discipelen hun weg gaan. Zij mogen in alle opzichten herauten zijn van het Rijk Gods. Het rijk dat komende is en gaat doorbreken in de wereld door de genadekracht tot heil van zondaren in Jezus Chnstus de Heere, Die de arbeid zegent Onderweg dienen zij zich te houden aan de instructies van hun Zender. Niets mogen zij als bezit meenemen. Ze zijn geheel op de zorg van de Heere aangewezen. Na het volbrengen van hun opdracht gaan ze terug naar de Meester en geven verslag van hun ervanngen. Op een gegeven moment roept Jezus hen apart en wil Hij hun rust geven. Ze gaan naar een eenzame plaats. We kunnen dit lezen in Marcus 6:31. Met nadruk zegt Jezus en rust een weinigi De Schriftverklaarder J C Ryle tekent hierbij aan: Deze woorden zijn vol van teder mededogen. Onze Heere weet wel, dat Zijn dienaren vlees zijn zowel als geest en evenzeer een lichaam hebben als een ziel. Hij weet dat zij op hun best de schat in aarden vaten dragen en zelf onderhevig zijn aan velerlei zwakheden. Hij toont hun dat Hij van hen met meer verwacht dan hun lichamelijk kracht toelaat. Hij vraagt hetgeen WIJ kunnen doen, met hetgeen wij met kunnen. ”Komt gijlieden hier alleen en rust een weinig“ zegt Hij Deze woorden zijn ook vol diepe wijsheid Onze Heere weet wel dat Zijn dienaren moeten zorgen voor hun eigen ziel, zowel als voor die van anderen Hij weet dat voortdurend werkzaam zijn voor anderen zeer geschikt is ons de aangelegenheden onzer eigen ziel te doen vergeten en dat terwijl wij de wijngaarden van anderen hoeden, wij gevaar lopen de onzen te veronachtzamen (Hooglied 1:6) Hij hennnert er ons aan dat het goed is voor leraars zich van tijd tot tijd aan hun openbare werkzaamheid te ontrekken tot zelfbezinmng, gebed en meditatie Dit IS een zeer wijze raadgeving. Nu zijn er twee zaken die wij met mogen vergeten Er wordt door de Heere Jezus gesproken van 'alleen'. Gericht gezegd: alleen of met gezinsleden alleen. In een isolement”? Beslist met Geen getto - leven. Maar wel een juist leven. Voor zichzelf en voor het gezin. De vakantiepenode moet dienen naast intensief gezinscontact en genietend van de natuur, om zich te sterken om weer te kunnen werken in de gemeente. Vandaar dat de rust geen doel maar een middel is voor het werk. Zij was voor de discipelen ook maar korte tijd en daarna moest het werk weer opgenomen worden. De rechte dienaar leeft daar ook bij. En laat de Heere in Zijn goedheid de gezondheid, de nodige krachten dan IS er de lust om weer de wijngaard in te gaan, het contact te hebben met de gemeente. Dan kan zeker veel werk wachten in het najaar en in de winter Men kan er tegenop zien Niet dat het te veel is, maar dat het zoveel verantwoordelijkheid vraagt. Maar heeft men het dienstwerk lief en trekt het, dan zal steeds het gebed zijn: Laat mij werken Heere Uw liefdedienst heeft mij nog nooit verdroten. ledere nazomer wordt er weer bijgetekend. Hoevele keren hebben we het al gedaan, medeambtsdragers? Is er dan geen strijd, moeite, zorg of verdnet? Deze dingen ontbreken niet. Maar wat sterkt, steunt, geeft moed, kracht en voortvarendheid? Ik zal, zegt de Koning der Kerk, met feilen in Mijn trouw, noch Mijn verbond ooit schenden. Wat uit Mijn lippen is gegaan is vast en onverbroken. Dat doet wat Dat doet veel. Dat doet alles Jaar na jaar. Tot het einde van de dienstpenode.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 juli 2006

Bewaar het pand | 12 Pagina's

IN DE DIENST VAN DE HEERE

Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 juli 2006

Bewaar het pand | 12 Pagina's

PDF Bekijken