Bekijk het origineel

Utrechtse Synode

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Utrechtse Synode

8 minuten leestijd

Het jaar 2010 is een Synodejaar. Het zou voor de hand liggen enige aandacht te geven aan de besluiten van onze Generale Synode. Op dit moment echter wil ik dat niet doen, omdat de Synode nog niet beëindigd is. Laat men in Nunspeet rustig het werk doen, zonder voorbarige commentaren. Daarom iets anders. De Geref. Gemeenten hielden ook een Generale Synode.

Er zijn opvallende verschillen met de GS van onze kerken. Dat geldt al in uiterlijk opzicht; de verschillen strekken zich uit tot aan de publieke tribune toe. Een ander klimaat en een andere uitstraling. Vooral echter de agenda is anders; meer afgeslankt en minder tijdrovend. Belangrijk wat er wel op staat en ook wat er niet op staat. Ik begin met het laatste. Allerlei interne kerkelijke problemen strekken zich niet zover uit dat ze de vergadering in de Utrechtse Westerkerk bereiken. Er bestaan wel interne verschillen, maar deze lijken meer beheersbaar en men gaat er anders mee om. Van tijd tot tijd vallen er wel stenen in de vijver, maar de gelederen worden daarna weer gesloten. Er staan geen voorstellen op de agenda die liturgische vernieuwing beogen. Er wordt weinig of geen aandacht besteed aan kerkelijke eenheid met die kerken die ter linkerzijde zich bevinden. De liturgie ligt vast. Zaken als vertaling, psalmberijming, formulieren en liturgische orde geven geen waarneembare spanningen. Dat moet toch wel een aangename rust geven. Men is het over veel nog eens. Maar ik besef dat ik nu te veel zeg. Ik weet immers ook dat men het over veel niet eens is. Ik denk aan het dikke boek van van der Zwaag: “Afwachten of verwachten”. Maar het zijn meer de geestelijke vragen die een deel van de mensen bezig houden. Ook deze geven veel strijd en over deze verschillen heb ik mijn zorgen, ook als het gaat over de GG. Maar men houdt elkaar vast want het kerkelijk besef is waarschijnlijker sterker dan bij ons. Een vergelijking met onze Synode brengt dus duidelijke verschillen aan de dag. Ethische thema’s trekken minder Synodale aandacht. Waarschijnlijk omdat men ervan uitgaat dat standpunten daarover vast liggen en niet ter discussie staan. Voorzover ik weet stond een actueel thema als homosexualiteit niet op de agenda. Niet vanwege het feit dat deze discussie ook binnen de gemeenten niet zou worden gevoerd; dat zeker wel. Ik denk aan de artikelen die een paar jaar geleden in de Saambinder over dit thema verschenen. Ik noem verder de gefundeerde artikelenserie over de Evangelische beweging. Men heeft er dus daar zeker ook mee te maken, maar men weet deze onderwerpen meer buiten de schijnwerpers te houden. Ik noemde al de vragen naar kerkelijke eenheid. Een handrijking naar onze kerken zit er niet in. Zelfs de lijn naar de HHK blijft grotendeels binnenboord. De behoefte aan dergelijke contacten is niet aanwezig. Men lijkt genoeg te hebben aan het eigen kerkverband. Wel zoekt men naarstig naar meer eenheid met de Uitgetreden GG ter rechterzijde. Dat is historisch en geestelijk verklaarbaar. Veel meer verklaarbaar dan dat men ooit erover denken zou om de poort te openen naar de Vrijgemaakte kerken. Deze zijn niet in beeld. Hoewel? Op het gebied van de gezondheidszorg werkt men wel samen, maar, heel opmerkelijk, dat heeft geen consequenties voor enigerlei kerkelijke verbroedering. Ik denk dat onze Synodeleden jaloers zullen zijn op deze agenda. Je zou het denken, maar het geldt natuurlijk niet kerkbreed. Ik zelf zeg maar in alle oprechtheid dat deze vergaderstijl en deze kerkopvatting mij in dit opzicht aanspreekt. Natuurlijk weet ook ik wel dat er op het grondvlak verschuivingen optreden. Leden zoeken soms bijna massaal de andere kerken op. Over een zaak als de toeëigening hebben wij ook verschillen met de GG, maar ik wil die verschillen nu niet overaccentueren. De repressiemethodiek van het sluiten der gelederen werkt in de hand dat mensen de gemeenten verlaten. Maar of de resultaten bij ons, die andere lijnen volgen, nu beter zijn? Het blijkt meermalen dat leden die de Gemeenten verlaten, het ook in bijvoorbeeld onze kerken op den duur niet kunnen vinden om zodoende te belanden in de vrije groepen. Aan dat verschijnsel kan ik in dit korte bestek geen aandacht geven, maar het feit is bekend. Het betekent wel dat het eigen verband duidelijker in vorm blijft. En de kerken worden er niet leger om. Ik voel mij niet in staat of bevoegd om een heldere visie te ontwikkelen op al deze verschillen, maar ik ben geneigd, ondanks de dreigende gevaren ook naar deze richting, mijn waardering uit te spreken voor deze gang van zaken. Dit doet geen afbreuk aan het meevoelen met hen die het klimaat binnen de GG in geestelijke opzicht als beklemmend hebben ervaren.

Wat stond er wel op de agenda? Ik noem een paar dingen. Men heeft volgens de pers vrij uitvoerig gesproken over de openheid van de kerkdienst. Het is een algemeen verschijnsel dat veel kerkdiensten te volgen zijn via internet. In de GG gaat men hiermee anders om. Er is terughoudendheid om de diensten zo maar voor iedereen toegankelijk te maken. Sommige afgevaardigden hebben nadrukkelijk verklaard dat dit niet voortkomt uit de vrees om openlijk voor het beginsel uit te komen. Er kan immers een tijd komen, dat instanties als het COC zich zullen werpen op onze diensten om op grond daarvan juridische aanklachten op te stellen. Zoals NSB’ers in de oorlog in kerken aanwezig waren om voorgangers te kunnen betrappen op hun betwijfelde loyaliteit jegens Hitler. Bezwaren tegen een al te open houding vanuit de diensten naar de buitenwereld zijn van een iets anders orde, naar ik meen. Er worden immers in de kerkdiensten voorbeden gedaan. Er worden persoonlijke situaties genoemd van mensen in bijzondere omstandigheden. Is ieder lid er wel van gediend dat zijn personalia open en breed uitgestald worden voor het forum van de straat? Op zijn minst is het goed om deze zaken te doordenken en toetsend toe te zien of er geen privé deuren opengaan, terwijl “men” daar toch feitelijk niets mee te maken heeft. Het hangt mede ook af van de kiesheid van de voorganger, waarmee hij persoonlijke zaken benoemt. Misschien ligt hier wel een gevoelig punt. Er zijn soms kanseldienaars die kwalen en situaties tot in de finesses behandelen voor de gemeente. Daarvoor moeten we ons hoeden. In de politiek wordt door velen gewaakt over de privacy van mensen. En terecht. Het electronisch patiëntendossier en de omgang daarmee wordt angstvallig bewaakt door bepaalde organisaties. Predikanten zullen in het algemeen moeten beseffen dat terughoudendheid betracht moet worden in het openbaar als het gaat over het wel en wee van de gemeenteleden. Er is nog een aspect. Een predikant, sprekend tot zijn eigen gemeente, zal moeten ingaan op de specifieke noden van die gemeente. Het zal dan ook gaan over gemeentelijke zonden en heersende praktijken, die zich voordoen. Is dat dan tegelijk ook bestemd voor Jan Rap en zijn maat, zoals Kuyper beeldend sprak over de man van de straat? Dat kan niet het geval zijn. Nog iets: ik weet dat diensten worden beluisterd vooral om de mededelingen die op een bepaalde zondag vanaf de kansel werden gedaan in verband met een kwestie in die gemeente. Zodoende kan kerkelijke roddel in de hand worden gewerkt. Daarom vond ik het wel terzake dat men op de Synode van de GG deze dingen duidelijk heeft willen doordenken. Het zou goed zijn als kerkenraden ook beleid zouden ontwikkelen op dit punt. Een gemeentegids geven we zo maar niet op verzoek aan allerlei instanties; hoe veel te minder moeten we dus allerlei privé zaken aan de grote klok willen hangen. De Synode heeft ook uitgebreid gesproken over de jeugd. En hier doet zich een opmerkelijk verschijnsel voor. Ik trof dat ook aan in De Saambinder. Beschouwingen werden mede vastgeknoopt aan de enquête die de LCJ uit onze kring, onlangs heeft gehouden. Ik vond dat opmerkelijk. Men schatte de eigen situatie niet beter in, maar er werd een lijn van verbondenheid zichtbaar. Dat juichen we natuurlijk toe. Er zijn problemen die we gezamenlijk moeten aanvatten. Hopelijk zal deze wolk als eens mans hand zich nog eens duidelijker openbaren als een milde regen, welke dan door de hand des Heeren zal worden bewerkt. Ik laat het hierbij. Ik heb het nog niet gehad over de regeringsverklaring die het nieuwe kabinet heeft gepresenteerd met daaraan gekoppeld de politieke verhoudingen. Ik had daar ook sterke neiging toe. Ik heb echter aan de kerkelijke lijnen voorrang willen geven. Zo zijn er telkens weer zaken die vragen om aandacht. Ook dat bericht over een stewardess bij de KLM, die ontslagen werd (en volgens de rechter terecht) omdat zij een alternatieve haardracht demonstreerde. In de kerk zou men zeggen: Waar bemoeit u zich mee? Maar ik denk dat zo’n bericht ons ook aan het denken moet zetten. Blijkbaar heersen er in de wereld ook bepaalde vormen. In de kerk zou deze zaak best meer accent mogen krijgen, omdat Gods Woord er duidelijk over spreekt. We hebben het meer over de hoed dan over het haar van de vrouw. Ik heb me daar al vaak over verbaasd. Denk er zelf maar eens verder over na. Want, wat we ook doen, het moet alles gedaan worden ter ere van God.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 november 2010

Bewaar het pand | 12 Pagina's

Utrechtse Synode

Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 november 2010

Bewaar het pand | 12 Pagina's

PDF Bekijken