Bekijk het origineel

Vergeving

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Vergeving

9 minuten leestijd

De actualiteit is op den duur een telkens zich herhalende cyclus, waarin steeds weer dezelfde zaken voorkomen. Ik heb in de afgelopen jaren de meeste onderwerpen wel eens besproken. Dus moet ik oppassen niet in herhaling te vallen. Daarom zo af en toe ook eens een onderwerp uit een andere sector.

Tegelijk kan ik zeggen dat het voorgenomen onderwerp, vergeving der zonden, de hoogste actualiteit in zich heeft. Wat is er belangrijker dan dat? Het onderwerp plaatst ons midden in de verschillende opvattingen over de weg der zaligheid. Ik zou in een gemeente preken en men vroeg me over zondag 51 te willen spreken. Je moet dan eigenlijk, net als in de eigen gemeente vroeger, een nieuwe preek maken. Dat is nuttig en goed, maar het vraagt wel aandacht. Rondtrekkende voorgangers wordt vaak gevraagd een zondag uit de Catechismus te behandelen en het is fijn dat de kerkenraden dat vragen. We hebben ons hele leven uit dit leerboek gepreekt en het zou een groot gemis zijn als dat nu niet meer kon. Mijn eerste reactie was nu voor een moment die van enig opzien. Wat moest ik nu over die kleine zondag zeggen en denken? Ik heb de preek echter kunnen houden. Daarna, dus achteraf, viel de stof meer dan anders open en zag ik daarin nog veel onderwijs, voor mijn eigen ziel en ook voor de gemeente. Ik geef daar iets van door.

Ernstige schuld
In het volmaakte gebed krijgen we onderwijs van de hoogste Profeet en Leraar, Jezus Christus. In Hem ligt de vergeving der zonden. In Hem is alles volbracht. In Hem is de schuld en zonde weggedaan uit Gods boek. En juist Hij gaat desondanks nu spreken over de zonde. Hij maant ons dat we dat dagelijks moeten bidden: Vergeef ons onze zonden. Dus de Zaligmaker wist van de voortdurende last der zonde op het geweten van Zijn Kerk. Zoals bekend zijn er twee versies van het volmaakte gebed. In Luk.11:4 lezen we: vergeef ons onze zonden, terwijl Matth.6:12 heeft: vergeef ons onze schulden. Zonden (meervoud) spreken al van een gevallen wereld en een verloren zondaar, maar als de zonden ook nog schulden worden genoemd, wordt het alles nog ernstiger en belastender. Juist vanmorgen las ik enkele klemmende uitspraken van Spurgeon: “Ik ben bang dat velen van ons moeten toegeven dat we ons eigen geweten niet beschuldigen van het zondige hiervan. Dat we dit soort verdorvenheden hebben is onze misdaad die we als een enorm kwaad zouden moeten belijden. En als ik, dienaar van het Evangelie, u het zondige hiervan niet op het hart bind, heb ik de zaak gemist die er het virus van is”. Zonde is schuld. Dat betekent: wij hebben geen enkel excuus, wij verdienen de hel. Let wel: dat zegt de Heere Jezus! Ook hier is Hij de Prediker der wet, die ons bepaalt bij de grote breuken van ons bestaan. Bij de scherven van een gevallen theekopje, roepen we: wat zonde; maar als een mens in het ravijn der zonde stort, is die uitroep pas echt op zijn plaats. Een stukgevallen schepping, dat is pas zonde. En de Heere legt deze onnoemelijke ramp voor mijn verantwoording. En dat alles wordt niet door Mozes gedaan, maar door de Heiland der wereld. Maar wie zou het ook ernstiger kunnen doen? Hij heeft de last van de zonde moeten wegdragen, Hij werd schuldig gesteld voor de misdaad die Hij niet gepleegd had. Wie dus dicht bij deze Zaligmaker leeft, zal de diepste indrukken van zonde en schuld steeds weer in zich gevoelen.

Dagelijkse schuld
Verder denkend zouden we ons de vraag kunnen stellen waarom we nog steeds weer over de zonde moeten spreken in ons gebed. Moet dat dagelijks? Ja, dit gebed wordt van dag tot dag gebeden. Dat kunt u zien aan de vorige bede: Geef ons heden ons dagelijks brood. Hier leest u dat dit gebed een dagelijks weerkerende bede is. Dat verbaast opnieuw. Want, zo kunt u denken, de zonden zijn toch vergeven? Dat gebeurde door Zijn eigen bloedstorting aan het kruis. Moet bijvoorbeeld ook die verlamde, tot wie de Heere sprak: “Uw zonden zijn u vergeven”, dagelijks deze bede blijven bidden? Luther heeft de uitspraak gedaan, die later ook in de Formula Concordiae werd herhaald, dat God vergeeft met uitsluiting van alle verleden, tegenwoordige en toekomende werken. Hieruit mogen we opmaken dat God bij de rechtvaardiging alle zonden vergeeft, zonden uit het verleden, die in het heden en die van de toekomst. Vergeving is een radikale zaak. We kunnen zeggen dat in de kruisdood van Christus de zondelast van Zijn gehele kerk eens en voorgoed weggedaan is. Maar bevreemdt het dan niet dat we toch nog moeten blijven bidden, dagelijks, om die vergeving? Is die dan niet al reeds vergeven? Er zijn heel wat mensen die zo denken. Christenen zijn vrijgemaakte mensen voor wie het hoofdstuk over de zonde nu door het geloof in Christus voorbij is. En daarom verzet men zich tegen de uitdrukking in zondag 51 dat we nog steeds arme zondaren blijven. Deze gedachte is algemeen; velen leven hierbij. Ik hoef dat niet nader te benoemen. Ook binnen onze kerken en in ons eigen hart leeft die gedachte. Maar bedenk dan dat het onderwijs van Christus geheel andere taal laat horen. Vergeving is niet een pinpasje, waarmee we zo maar bijna automatisch alle schulden kunnen betalen. Het is geen vrijbrief, die we als polis in de kast hebben. We moeten, naar het woord van Christus, die schuld nog dagelijks beleven, overdenken en belijden. Feitelijk beschouwd wordt de last van die schuld voor uw beleving nog dagelijks zwaarder. Ik zou dagelijks moeten vorderen, maar deze bede leert me en de praktijk onderstreept dat, dat we dagelijks volharden in de zonde. Dit kan zeker samengaan met de uitroep: Wij zijn meer dan overwinnaars! Gelukkig blijft dat staan voor Gods Kerk. Ook dagelijks. Maar wij moeten in balans blijven. We moeten in het dal van verootmoediging onze tenten opslaan. Hier wordt elke vorm van antinomiaans denken de kop in gedrukt. Dit verschijnsel komt voor bij hen die voor hun bewustzijn in sterke mate hebben mogen beleven dat zij gerechtvaardigd werden door God. Men gevoelde zo krachtig de vergeving in het eigen hart, dat het daarna niet meer mogelijk werd geacht nog te bidden om de vergeving der zonden. Dat werd gevoeld als een twijfel aan de genade van Christus. Een echte antinomiaan gaat nog verder: de Heere Jezus heeft in mijn plaats berouw getoond, dan hoef ik dat nu niet meer te doen. Hij heeft geweend over de zonde en daarom doe ik dat niet meer. Ik hoef ook geen ernst meer te maken met de wet want die heeft afgedaan. Maar dat denken wordt hier volkomen van de hand gewezen. U moet dagelijks bedenken uw zonde en vervloeking, aangezien….. Christus zo zwaar moest lijden daaronder. Er is ook een modern antinomianisme: leef vrij uit de vergeving, die Jezus voor ons verworven heeft en zeg ons nu hoe we uit die verlossing kunnen leven tot Gods eer. En zodoende verzet men zich tegen de prediking van onze zonde en ellende, want dat is nu een gewonnen zaak. Kerken zitten vol met rijke christenen die het lek voorgoed boven water hebben. Een arme ontdekte zondaar voelt zich hoe langer hoe meer een vreemde in zo’n gemeente. Maar hier staat dat Christus door Zijn borgtocht blijft overtuigen van de schuld. Wie dagelijks dit gebed levend kan bidden, verkeert in de dichtste nabijheid van het kruis en wandelt met zijn God.

Vergeven schuld
Er is nog meer te zeggen over het verband tussen Christus als de Onderwijzer en dit gebed. Verslagen bidders krijgen hier ook uit de mond van de Zaligmaker een helder zicht op de vergeving. De Heere Zelf geeft hier vrijmoedigheid om te smeken om vergeving. Hij zou ons allen de les zwaar en oordelend kunnen lezen, maar Hij raadt aan te blijven bidden om vergeving. Dat gebed deelt in een Goddelijk recht daartoe. De Heere wil zeggen: U mag dagelijks aan de hemelpoort kloppen met de bede om de vergeving der zonden. Ook als er toch nog weer tijden komen, dat de zonde in eigen oog zwaar en boos is. Tijden waarin gewanhoopt wordt aan vergeving en waarin alle vensters gesloten zijn waardoor licht zou kunnen binnenstromen. Dat gebed leert de Heere en Hij heeft graag dat we zo tot Hem komen. Dat geeft ongekende vrijmoedigheid. Hij is een Toevlucht te allen tijde. Hij is de Hoorder der gebeden. Hij vergeeft menigvuldig. Juist de Heere Jezus kan dat zeggen omdat Hij weet dat de schuld van de Kerk uit Gods boek is weggedaan. In Hosea 14: 2 lezen we: “Neem deze woorden met u, en bekeer u tot den HEERE; zeg tot Hem: Neem weg alle ongerechtigheid, en geef het goede, zo zullen wij betalen de varren onzer lippen”. U vindt daar hetzelfde. De Heere Zelf zegt aan het volk hoe ze tot Hem bidden mogen en moeten. Zeg tot Hem! De Heere zegt hen het gebed voor. Dat is dan de meest duidelijke garantie voor de vergeving ervan. Dat kan u tot aansporing zijn om de Heere met Zijn eigen woord te zoeken. Deze bede leert ook de noodzaak van de toepassing. Want in Christus ligt alle heil opgehoopt en bewaard. In Hem is een volheid. Maar hoe krijg ik deel aan die volheid? In de weg van de doorleving van mijn schuld en in de toepassende werking van Gods Geest en dat wordt geleerd in de binnenkamer van het gebed. Het is niet genoeg te zeggen: Christus heeft de schuld weggenomen; deze voorwerpelijke waarheid vraagt om een onderwerpelijke toepassing.

Zondag 51 spreekt tenslotte over de bevinding der genade. Deze bevinding leidt tot de naaste om ook hem mild te doen delen in de vergeving. Hier komt de praktijk aan de orde. In die praktijk moet dan blijken hoezeer we zelf die vergeving hebben ontvangen. Daardoor gaat de Kerk meer en meer bestaan uit mensen die elkaar van harte de schuld belijden en die ook elkaar van harte mogen en willen vergeven. Het is, zo zegt de Heidelberger, hun voornemen om dat te doen. Let ook op die uitdrukking. U, die deze Goddelijke vergeving hebt leren bevinden in uw hart, u zult dat toch ook wel doen? Voor de ander belijden en de ander eveneens vergeven. Dat is de vrucht van deze vergevende liefde Gods. En zodoende is deze bede een krachtig gebed dat ons voert aan de stranden van de zee van eeuwige vergetelheid.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 februari 2011

Bewaar het pand | 12 Pagina's

Vergeving

Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 februari 2011

Bewaar het pand | 12 Pagina's

PDF Bekijken