„ONDERZOEK JEZELF, OF JE IN HET GELOOF BENT"
Vraaggesprek met ds. P. Honkoop te Kampen over „geloven"
Dominee, wat is nu eigenlijk „geloof"?
Het waarachtig zaligmakend geloof bestaat uit kennis, toestemming en vertrouwen. Kennis van God en jezelf. Op grond van die kennis ga je toestemmen, dat wat God doet, rechtvaardig is. Je buigt dan onder God. Dat werkt ook vertrouwen op de Heere. Je gaat je aan Hem overgeven. Hij kan geen kwaad meer doen in je leven. Lees maar eens wat zondag 7 van onze Catechismus over het geloof zegt.
Behoort de kennis van je ellende dan ook tot het geloof?
Ja zeker, het is een wezenlijk onderdeel van het geloof, dat in de wedergeboorte wordt ingeplant. Natuurlijk gaat het bij 't geloven altijd om het Voorwerp des geloofs, Christus. Dat wil echter niet zeggen, dat Christus door het geloof altijd bewust wordt gezien.
Daarbij moeten we bedenken dat de Heilige Geest in de ontdekking van zonde en schuld plaats maakt voor Christus.
Sommigen zeggen tegenwoordig: Christus is het Voorwerp van het geloof; richt je op Hem. Men vergeet dat naast de kennis van onze ellendestaat ook aanvaarding van persoonlijke ellende nodig is. Dat is niet alleen voor waar houden, wat de Heere in Zijn Woord zegt, maar ook een hartelijk toestemmen, gewerkt door Gods Geest.
U hebt het over „waarachtig zaligmakend geloof". Wilt u hiermee zeggen, dat je ook op een andere wijze kunt geloven?
Hier zitten we al midden in de hedendaagse problematiek. Van bepaalde zijde wil men ons doen geloven, dat er maar één geloof bestaat. De andere vormen van geloof, zoals een historisch, een wonder-en een tijdgeloof, zouden niet bestaan. Dat zou geen geloof zijn. Dit is beslist onbijbels. Je vindt in Gods Woord veel variëteiten van geloof, die toch niet zaligmakend blijken te zijn. Daarom houd ik graag vast aan de zojuist gemaakte onderscheiding.
Is het niet moeilijk om als predikant te beoordelen of iemand nu al dan niet het zaligmakend geloof bezit?
Dat is inderdaad geen eenvoudige zaak. Je kunt dan ook nooit van één gesprek uitgaan. Weet je waar je altijd maar op moet letten? Op de uitwerking. Als God in je leven werkt, gaat dat altijd gepaard met ootmoed, vernedering.
Dan is er een buigen voor de Heere. Naast geheiligde kennis en een hartelijk toestemmen, is er ook een vertrouwen op de Heere. De Heere doet geen kwaad in ons leven. Je ziet tegenover je zondigheid de rechtvaardigheid Gods, we hebben immers niets bij de Heere in te brengen, maar anderzijds kunnen we toch niet zonder God leven.
Dominee, als je nu moet konkluderen dat je het zaligmakend geloof nog mist, heeft het dan wel zin om te geloven dat de hele Bijbel van Genesis 1 tot en met Openbaring 22 waar is (historisch geloof)?
Ik kan onze jonge mensen niet genoeg op het hart drukken, dat ook het historisch geloof bijzonder veel houvast biedt. Jongens en meisjes, ga naar je bijbel, dan krijg je antwoord op veel vragen waar je mee zit. Dan zie je bijvoorbeeld waar al die ellende van vandaag aan de dag vandaan komt. Aanvaard Gods Woord zoals het tot je komt.
Aan de andere kant kan ik er nooit genoeg voor waarschuwen dat dit historisch geloof niet genoeg is. Het is nodig dat je het zaligmakend geloof bezit. En dat geloof is te verkrijgen! Er staat heel duidelijk in de Bijbel: „Bidt en u zal gegeven worden; zoekt en gij zult vinden; klopt en u zal worden opengedaan!"
Hoewel het geloof een gave is, komt het dus toch op het doen aan?
Beslist! Achteraf zul je het moeten erkennen: „Heere, Gij zijt het die dat doen in mij gewerkt hebt." Ik heb pas gepreekt over de tekct „Werkt uws zelfs zaligheid met vreze en beven, want het is God, die in u werkt, beide het willen en het werken". Gelukkig maar, dat God het doet. Anders was het een hopeloze zaak.
Er zijn misschien wel meisjes en jongens die denken: ik heb al zo lang gebeden, maar ik heb het nog steeds niet gekregen
Ja, daarom komt het ook op het ontvangen aan! Is de Heere verplicht het te geven? Nee toch? Je kunt alleen maar pleiten op wat Hij als belofte in Zijn Woord gegeven heeft, terwijl Hij het niet verplicht is.
En dan kan ik maar één ding zeggen: als die worstelingen echt zijn, dan ZAL de Heere verhoren. Hij komt op Zijn eigen werk terug. De dienaar des Woords mag aansporen; we mogen de mensen echter niets in de vingers stoppen.
Zou u eens uit uw eigen leven willen aantonen, dat de Heere een echte bidder altijd verhoort als hij vraagt om waarachtige bekering?
De Heere geeft heus niet altijd een pasklaar tekstje als antwoord. Het kan zijn dat je door de prediking wordt aangemoedigd om vol te houden. „Dat volk van God is zo gelukkig — ik moet het ook bezitten "
En dan moet ik eerlijk bekennen, dat ik vroeger van de prediking van m'n vader (waarvan de hoofdinhoud was „Jezus Christus en Die gekruisigd") geen fluit heb begrepen. O ja, verstandelijk wel, maar als er ooit iets voor mij verborgen is geweest, dan is het die weg van zalig worden buiten mezelf in een Ander. Dat duurde totdat die Ene Naam betekenis voor me kreeg. Onverwacht en ongedacht.
Wilt u in het kort vertellen hoe dat in z'n werk ging?
Op de lagere school heb ik die mooie tekst uit Johannes 3 uit het hoofd moeten leren: Alzo lief heeft God de wereld gehad enz. Toen ik echter op een gegeven dag van de H.B.S. naar huis ging, werd elk woord van die tekst pas echt werkelijkheid voor mij. Toen zag ik, ellendige zondaar, die voor God niet bestaan kon, de ruimte die er is in Jezus Christus. Ik wilde het' alle mensen wel toeroepen: je kunt allemaal zalig worden, want voor mij kan het ook!
Er zullen ongetwijfeld jongeren zijn die zich afvragen of God nu wel echt met hen bezig is. Hoe kunnen ze do.t weten?
Ik zou willen zeggen: vraag het aan de Heere. Vraag of Hij het, als het niet van Hem
is, wil wegnemen. En vraag of Hij het wil bevestigen als het wel van Hem is.
Het komt op de vruchten aan. De vraag of het beginnend werk wel goed is, is in feite niet zo belangrijk. De kernvraag is: ken je die Ene Naam? Die Naam, de Naam van Jezus Christus, alleen geeft houvast.
Dominee, geeft u in de prediking wel eens kenmerken, zodat de mensen zich toetsen? kunnen
Nee, dat doe ik niet. Ik wil ze alleen graag wijzen waar ze zijn moeten. Denk maar eens aan het antwoord van Paulus aan de stokbewaarder: „Geloof in de Heere Jezus Christus!" Ik kan daar geen plaats voor maken, dat doet Gods Geest. Ik moet er de mensen echter wel naar toe wijzen.
Toch menen wij uit de keren, dat wij u hebben horen preken, te mogen opmaken, dat er wel „kenmerken" in voorkomen, al zijn ze dan niet als zodanig bedoeld ....
Nou ja, zonder dat je allerlei toestanden bewust benadert, brengt de prediking van het Woord dat vanzelf met zich mee. Ook geeft de prediking de zoekende zielen troost. Er mag echter geen rust gevonden worden in de kenmerken. Natuurlijk is er een weg naar Christus. Als er gepreekt wordt hoe de Heilige Geest plaats maakt voor het werk van Christus, dan mag er weieens van de daken gepreekt worden wat er in de binnenkamer geschiedt.
Komt u in de praktijk van het gemeenteleven wel eens opvattingen tegen m.b.t. het geloof die u verontrusten?
Helaas wel. Je ontmoet soms mensen, die zonder enige beleving van ellende zomaar „met Jezus huppelen". Ik kan daar koud van worden. Mijns inziens dient vooral in onze tijd het facet van het plaatsmakende merk van de Heilige Geest in de prediking niet vergeten te worden.
Soms bemerk je bij jonge mensen dat men hiervan niet meer wil weten. Er zijn vandaag zoveel stromingen binnen en buiten de kerk die hen het geloof willen aanpraten.
Kan de oorzaak daarvan ook binnen de gezinnen en de kerk liggen? Veel jongeren horen zo weinig meer echt spreken over de dingen van Gods Koninkrijk.
Dat kan een oorzaak zijn. Vergeet echter niet dat het niet altijd het spreken is, wat belangrijk is. Mijn vader sprak in z'n gezin ook niet zoveel. Toch wisten we allemaal heel goed waar hij uit leefde. Dat was in zijn leven te zien.
Ik kan me wel voorstellen dat er jongelui bij Youth for Christ terecht komen, men legt daar sterk de nadruk op het gevoel. Hoewel we het gevoel niet mogen uitschakelen ligt er ook een groot gevaar in. Ons gevoel is geen grond voor de eeuwigheid. Gevoelens kunnen ons bedriegen.
Hebt u ook andere ervaringen?
Gelukkig wel. Ik geloof echt, dat de Heere ook in onze tijd werkt. Hij blijft Dezelfde. Hij werkt ook nu in de harten van jonge mensen. Ook nu zijn er jonge mensen die bevindelijke kennis hebben van zonde en schuld en uitzien naar Christus. Niet altijd komt dat in het jonge leven even duidelijk openbaar. Daarom moeten we letten op de vruchten: verootmoediging, vernedering.
Ds. Honkoop, wilt u tenslotte nog iets tot onze jongeren zeggen?
Ja, graag. Jongelui, ik zou jullie graag willen meegeven, dat ik bijzonder veel waarde hecht aan het belijden van de waarheid door het historisch geloof. Dat is vooral in onze tijd zo belangrijk. Het is echter beslist niet voldoende! Je hebt het waarachtig zaligmakend geloof nodig. Dat geloof is een gave van God. Houd alsjeblieft vast dat het een gave is. Een genadegave. Juist omdat het een gave van God is, is er zoveel ruimte om zalig te worden. Ook voor jonge mensen, ook voor jullie!
Dominee, mede namens al onze lezers heel hartelijk dank voor uw spontane medewerking aan het themanummer van „Daniël".
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 25 augustus 1978
Daniel | 24 Pagina's