Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Het aftellen is begonnen

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Het aftellen is begonnen

komen er nu 48, 32, 16, 0 of alleen maar bases voor kruisraketten in Nederland?

8 minuten leestijd

komen er nu 48, 32, 16, 0 of alleen maar bases voor kruisraketten in Nederland?

In een bijlage als deze kunnen we niet om de aktualiteit heen. En dat zijn de kruisraketten. Je kunt geen krant opslaan of je leest er wel wat over. Is er dan nog wel wat over te schrijven? Ik denk van wel. Het is namelijk zo dat er wel enorm veel kabaal is, vooral politiek, maar dat de werkelijke argumenten voor en tegen vaak „ondergesneeuwd" zijn. Bovendien geldt ook hier dat het nadenken in eigen kring over de kruisraketten minimaal is. Daarom geef ik eerst puntsgewijs een overzicht van de geschiedenis van het Navo-dubbelbesluit van 1979 en vervolgens nog een tiental aandachtspunten en stellingen. Ik hoop hiermee een bruikbare handreiking te geven over de ingewikkelde kernwapenproblematiek.

Het Navo-dubbelbesluit

1. De Navo beschikte over een betrekkelijk klein aantal kernwapens dat vanuit West-Europa de Sovjet-Unie zou kunnen bereiken. De enige op het land geplaatste middellange afstand raketten (de Thor en Jupiter) waren in de jaren '60 weggehaald, zodat afgezien van een aantal raketten op onderzeeboten, alleen vliegtuigen beschikbaar waren voor de middellange afstand. Die vliegtuigen waren grotendeels verouderd (bijv. de Britse Vulcan uit 1960) en zeer kwetsbaar.

2. In de tweede helft van de jaren '70 begon de Sovjet-Unie haar kernwapens op grote schaal te moderniseren. Naast de bestaande, verouderde SS-4 en 5 raketten werd de Backfire bommenwerper ingevoerd en de SS-20 raket, een snel verplaatsbare raket met drie kernkoppen en een bereik van 5000 km. Er zijn nu ongeveer 380 SS-20 raketten opgesteld. De Navo had haar kernwapens in West-Europa sinds de jaren '60 niet uitgebreid.

3. Daardoor ontstond een belangrijke onevenwichtigheid in de krachtsverhouding. De nieuwe dreiging van Sovjet-zijde is speciaal tegen West-Europa gericht en heeft aldaar tot grote ongerustheid geleid. Niet alleen op grond van de militaire dreiging maar ook vanwege de vrees dat deze overmacht als politiek drukmiddel zou worden gebruikt. Bondskanselier Schmidt benadrukte in een redevoering in Londen op 26 oktober 1977 dat aan die onevenwichtigheid iets moest worden gedaan.

4. De Verenigde Staten hadden inmiddels hun voorsprong op het gebied van de strategische nucleaire wapens verloren. De min of meer gelijke verhouding op dat gebied tussen de VS en de SU scherpt de onevenwichtigheid op het gebied van speciaal voor Europa zo belangrijke middellange afstandwapens nog verder aan.

5. Door die strategische gelijkheid en door de specifieke kenmerken van de SS-20 — mobiliteit, trefzekerheid, afstandsbereik, 3 kernkoppen — werd een beperkte nucleaire oorlog in Europa denkbaar. De SU zou deze wapens immers tegen West-Europa kunnen gebruiken, terwijl haar eigen grondgebied buiten schot zou kunnen blijven.

6. De Navo beschikte immers niet over een aangepaste reactiemogelijkheid. De zware strategische kernwapens (zware bommenwerpers, intercontinentale raketten te land en op onderzeeboten) van de Verenigde Staten zouden een wel erg zware stap op de escalatieladder zijn.

7. Daarom zou twijfel kunnen ontstaan bij de Sovjet-Unie over de betrokkenheid van de Verenigde Staten bij de verdediging van West-Europa. Anders gezegd: de geloofwaardigheid van de koppeling en daarmee van het beleid van oorlogvoorkoming, (door ontrading) werd aangetast.

8. Tegen deze achtergrond besloot de Navo op 12 december 1979 tot een dubbele benadering van het probleem van de kernwapens voor de middellange afstand (INF). Het eerste deel van het besluit: plaatsing van 572 amerikaanse wapens, elk met één kernkop, in een aantal Westeuropese landen. Het tweede deel: bereidheid door wapenbeheersingsonderhandelingen met de SU dit aantal te verminderen, of zelfs geheel weg te onderhandelen.

9. De INF onderhandelingen begonnen op 30 november 1981. De Westelijke positie werd mede op aandrang van de Bondsrepubliek Duitsland en Nederland gebaseerd op de zgn. nuloptie: het voorstel om alle Amerikaanse en Sovjet op het land geplaatste nucleaire middellange afstandraketten voor altijd te verbieden.

10. Later werd ook een tussenoplossing voorgesteld, waarbij de Verenigde Staten en de Sovjet-Unie elk een gelijk aantal op de grond geplaatste middellange afstandraketten zou kunnen opstellen. Hoe lager dat aantal des te beter. Daarna hebben de Verenigde Staten ook nog verklaard dat in West-Europa eventueel minder kernkoppen zouden kunnen worden geplaatst dan in Oost-en West-Rusland tezamen, (overgenomen uit: „Over veiligheid en vrede", een uitgave van de nederlandse ministeries van Buitenlandse Zaken en Defensie)

Enkele aandachtspunten en stellingen

1. Militair gezien mag de Navo als verdedigjngsorganisatie zonder offensieve bedoelingen best minder kernwapens bezitten dan het Warschaupakt. Voldoende kernwapens zijn er als de vijand onder alle omstandig-

heden, dus ook bij een plotselinge aanval, voor hem onaanvaardbare schade toegebracht kan worden. De vraag is gewettigd of de plaatsing van 572 nieuwe raketten vanuit dit oogpunt noodzakelijk was.

2. In de zestiger jaren werden de toen wel aanwezige middellange afstandsraketten teruggetrokken, omdat er voldoende lange afstandsraketten in de VS waren en bovendien vanuit Europa de SU ook geraakt kon worden met raketten vanaf onderzeeërs en bommenwerpers. Die onderzeeërs zijn er nog steeds, bovendien bouwden Engeland en vooral ook Frankrijk nadien de nodige atoomonderzeeërs. En wat de vliegtuigen betreft: de huidige generatie bommenwerpers mag inderdaad verouderd zijn en waarschijnlijk weinig doeltreffend, in de VS wordt op dit moment de zeer moderne B-l bommenwerper als vervanger gebouwd.

3. Militair gezien moet er een zeker evenwicht zijn op het gebied van kernbewapening. Dat wil echter niet zeggen dat er op elk onderdeel van de kernwapens — bijvoorbeeld wat betreft de raketten in Europa — zo'n evenwicht moet zijn. Men moet uitgaan van het totaal aan wapensystemen, waarbij niet alleen de kwantiteit, maar ook de kwaliteit meetelt. Bovendien moeten aan Navo-zijde ook de kernwapens van Engeland en Frankrijk meegeteld worden. Iets dat de Navo nog steeds geweigerd heeft.

4. De plaatsing van middellange afstandraketten op onderzeeërs verdient de voorkeur boven stationering op land. Dit laatste lokt een verrassingsaanval vanuit de SU eerder uit, omdat het betere mogelijkheden biedt ze bij zo'n verrassingsaanval vroegtijdig uit te schakelen. Indertijd is deze suggestie al gauw van tafel geveegd, omdat deze onderzeeërs vooral voor de Noorse kust zouden komen te liggen en Noorwegen dat niet wilde. Nu de SU gedreigd heeft onderzeeërs met kruisraketten rond de VS te „leggen" komt deze suggestie opnieuw boven water.

5. De beste koppeling tussen West-Europa en de VS is de legering van een voldoend aantal amerikaanse soldaten in Europa en niet de stationering van raketten op europees grondgebied. Bovendien: op de beslissing kernwapens op europees grondgebied te gebruiken tegen het Warschaupakt heeft geen enkele Europeaan enige invloed. Die beslissing berust bij de amerikaanse president.

6. In 1979 is het dubbelbesluit genomen. Toen is er A gezegd. Politiek gezien — tegenover de Sovjet-Unie — kun je het nu niet maken, niets te plaatsen. Er moet nu B gezegd worden en dat betekent dat er tenminste een aantal raketten geplaatst moet worden. Wel doet de Navo er verstandig aan het advies van Kissinger op te volgen, namelijk het aantal Pershing II raketten erg bescheiden te houden. Deze Pershings zijn namelijk veel sneller dan de kruisraketten en in staat de SU een zgn. first strike (een plotselinge aanval op de in de SU opgestelde raketten) toe te brengen. De Russen hebben die mogelijkheid ten opzichte van de VS niet. Het is ook niet zozeer het feit dat er raketten in Europa gestationeerd worden dat de Russen zo op hun achterste benen doet staan (of het aantal dat er komt), maar vooral de kwaliteit van deze wapens, vooral van de Pershing II. Deze raket heeft een tot nu toe onovertroffen en griezelige precisie (zie Elseviers Magazine van 28 april).

7. Om de huidige impasse te doorbreken (en ook de bewapeningsspiraal van jaren her) zou de Navo een eerste herkenbare stap moeten doen op de weg van eenzijdige bewapening met als doel te komen tot tweezijdige ontwapening. In de tijd van de bouw van de Berlijnse muur stonden amerikaanse en russische tanks op honderd meter van elkaar en met de lopen naar elkaar. De amerikaanse kommandant trok toen enkele tanks van een aantal van de meest in het oog springende plaatsen terug; dat deden de Russen en Oost-Duitsers daarna ook.

8. Het niet plaatsen van kruisraketten in Nederland is niet zo'n stap, omdat deze stap niet als een eerste stap herkenbaar en gezien zal worden. De SU zal dit gebaar immers uitleggen als gevolg van interne politieke verhoudingen in Nederland en niet als gebaar van de Navo, laat staan van de VS. Wel zou het akseptabel zijn als in Nederland (eventueel de Benelux) geen kruisraketten geplaatst zouden worden in ruil voor niet-stationering van SS-20 raketten in een Oostblokland, bijvoorbeeld Roemenië. Deze overeenkomst moet dan gedekt worden door enerzijds de Navo, anderzijds het Warschaupakt.

9. De beslissing of er al dan niet kruisraketten in Nederland geplaatst zullen worden, lijkt niet genomen te zullen worden op basis van militaire of ethische argumenten, maar op basis van massapsychose. Naast angst speelt in de vredesbeweging een naïef idealisme ten opzichte van de Sovjet-Unie en de „goedheid" van de mens een overheersende rol. Geen christen kan daarom lid zijn van het IKV of meedoen aan een vredesdemonstratie.

10. Voor pacifisme geeft de Bijbel geen enkele aanleiding. Ook de gedachte dat onze westerse vrijheid zo verwaterd is, dat deze het niet meer waard is verdedigd te worden, moet zonder meer afgewezen worden. Defensie is plicht. Toch, gezien de voortgaande bewapeningswedloop en het verschrikkelijke karakter .van atoomwapens, zullen christenen zich ernstig de vraag moeten stellen of deze wapens de grenzen die de Bijbel stelt, niet reeds overschreden hebben. (Dit geldt uiteraard ook voor bakteriologische en chemische wapens.) Christen-politici moeten zich niet al te nadrukkelijk stellen achter nieuwe bewapeningsvoorstellen. Hier past een zekere vreemdelingschap. Of die 48 kruisraketten er nu wel of niet komen (en dat geldt ook voor die 572 raketten in z'n geheel), ons leven als christen zal daar niet veiliger door worden.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van Friday 25 May 1984

Daniel | 32 Pagina's

Het aftellen is begonnen

Bekijk de hele uitgave van Friday 25 May 1984

Daniel | 32 Pagina's

PDF Bekijken