Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

De bijbelgenootschappen

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

De bijbelgenootschappen

15 minuten leestijd

De Bijbel voor zoveel mogelijk mensen

Het Nederlands Bijbelgenootschap (NBG) streeft ernaar dat mensen tegen een betaalbare prijs de beschikking krijgen over een bijbel in de eigen taal. Het NBG is opgericht in 1814 in Amsterdam. Als voorbeeld diende het Engelse bijbelgenootschap, dat tien jaar eerder, in 1804, was opgericht. Aan de oprichting van het Engelse bijbelgenootschap is de geschiedenis van Mary Jones uit een dorpje in Wales verbonden. Mary is een arm meisje. Ze spaart jarenlang, elke cent opzij leggend, om een bijbel te kunnen kopen. Tenslotte heeft ze een bedrag bij elkaar. Maar de dominee in haar woonplaats heeft geen bijbel in haar eigen taal. Daarom gaat ze te voet naar een plaats, veertig kilometer verder. Daar is een predikant die nog één bijbel heeft in het Welsh. Hij heeft hem echter aan een vriend beloofd en bovendien kost deze bijbel meer dan Mary aan geld bezit. Nu Mary haar hoop van jaren ziet vervliegen, kan het meisje haar teleurstelling niet verbergen. Ds. Charles geeft haar toch zijn laatste bijbel.

Enige tijd later vertelt hij dat verhaal op een vergadering in Londen en wijst op de noodzaak goedkope bijbels te laten drukken voor de arme bevolking in Wales. In de vergadering wordt gevraagd: Waarom alleen in Wales en niet in het hele Engelse rijk? Waarom niet in de hele wereld? Dat is de aanzet tot de oprichting van het Brits en Buitenlands Bijbelgenootschap. Vrij spoedig worden er soortgelijke bijbelgenootschappen opgericht in heel Europa en daarbuiten. In ons land dus in 1814. De doelstelling van het NBG was en is: vertalen en verspreiden van de Bijbel.

Samenwerken en niet tegenwerken

Na de Tweede Wereldoorlog worden veel kolonies in Afrika en Azië zelfstandig. Daar worden ook nationale bijbelgenootschappen opgericht. Met hetzelfde doel: de bijbel vertalen en verspreiden in hun land, in een taal die de mensen kuimen verstaan en voor een prijs die zij kunnen betalen. Al spoedig wordt duidelijk dat er nauwer contact met elkaar moet zijn. We moeten niet op eikaars terrein komen. De bijbelgenootschappen uit Engeland, Amerika en Nederland, die veel werk doen en ondersteunen over hun landsgrenzen, hadden al regelmatig contact om tot afstemming te komen. Bij de uitbreiding, wereldwijd, van het aantal bijbelgenootschappen moet er meer samengewerkt worden. Dat gold zeker na de Tweede Wereldoorlog, toen de bijbelgenootschappen in West- en Oost-Europa hun werk vrijwel opnieuw moesten opzetten. In 1946 werd de Wereldbond van Bijbelgenootschappen opgericht. Op dit moment zijn er ongeveer 135 nationale bijbelgenootschappen lid. In deze wereldbond werken zelfstandige bijbelgenootschappen samen.

Om een idee te geven waarover we praten, geven we enkele gegevens uit het jaarverslag 2001 van de Wereldbond:
- de Wereldbond is betrokken bij 1022 vertaalprojecten;
- in 2001 kwam de eerste vertaling van negen bijbels en 25 Nieuwe Testamenten gereed;
- in 2287 talen (van de 6500!) is nu ten minste één bijbelboek te lezen;
- de Wereldbond heeft 555 miljoen uitgaven verspreid (in 1970 waren dat er 175 miljoen!), waaronder 23,2 miljoen bijbels en 19 miljoen Testamenten;
- elf bijbelgenootschappen brachten meer dan een miljoen dollar bijeen voor de 'ontvangende' genootschappen in landen waar geld tekort is;
- al jaren staat het NBG op de vierde plaats met 7% van de wereldsteun na Amerika, Duitsland en Engeland.
Toch is er elk jaar meer dan vijftien miljoen euro tekort om alles te kunnen betalen. Dat betekent dat er veel mensen langer moeten wachten op hun eerste Bijbel!

Een pauselijke aanmoediging

Op 22 april 2002 ontving paus Johannes Paulus II, tijdens een audiëntie, ruim 70 vertegenwoordigers van 37 bijbelgenootschappen, die bijeen waren voor een conferentie in Rome. Aan elk bijbelgenootschap was gevraagd een oecumenische bijbelvertaling mee te nemen en die aan te bieden voor de bibliotheek van het Vaticaan. Namens het NBG werd aan de paus een exemplaar overhandigd van de Groot Nieuws Bijbel, met aantekeningen en de deuterocanonieke (apocriefe) boeken!

De paus zei in zijn dankwoord o.a.: 'De bijbelgenootschappen hebben tot taak de onuitsprekelijke rijkdommen van de Heilige Schrift te openen voor iedereen die wil luisteren; dat is de nobele christelijke dienst, waarvoor ik God dank. Al vele jaren zetten uw bijbelgenootschappen zich in voor het vertalen en verspreiden van de tekst van de Schrift; dit is een essentieel onderdeel van het proclameren van Christus in deze wereld. (...) Het is het Woord van God zelf. Het is Jezus Christus, beloofd in het Oude Testament, hoorbaar in het Nieuwe Testament. Hem moeten we bekendmaken aan een wereld die hongert naar Hem, vaak zonder dat men zich dat bewust is. De kerkvader Hiëronymus zei: "Onbekendheid met de Schrift is onbekendheid met Christus." Jullie werk is boven alles dienst aan Christus.'

'De bijbelgenootschappen een gesel des tijds'

In de negentiende eeuw noemde paus Pius IX de bijbelgenootschappen 'een gesel des tijds.' Uit de hierboven vermelde citaten van de toespraak van paus Johannes Paulus II zien we dat er wel veel veranderd is, als het gaat om het lezen van de Bijbel. In de Rooms-Katholieke Kerk is het gebruik van de Bijbel lange tijd aan banden gelegd. Uit de tijd van de Middeleeuwen en de Reformatie dateren bepalingen die het lezen van de Bijbel in de volkstaal verbieden.

In 1893 gaf paus Leo XIII een encycliek uit waarin hij de studie van de grondtalen en de bijbelwetenschap aanbeval. Hij wilde ook het lezen van de Bijbel onder de leden van de kerk bevorderen. In 1906 kwam er in ons land een vertaling van de evangeliën en de Handelingen van de Apostelen gereed. De eerste officieel goedgekeurde vertaling uit de grondtekst. In 1929 volgde het Nieuwe Testament en in 1936-1939 het Oude Testament. Naar de vereniging die de uitgave verzorgde, heet deze versie de Petrus- Canisiusbijbel.

Pas in 1961 werd de Katholieke Bijbelstichting (KBS) opgericht. Deze stelt zich ten doel het vertalen en het verspreiden én het verstaanbaar maken van de Bijbel. Er is geen verschil met de doelstelling van het NBG! Een heel belangrijk werk van de KBS is de nieuwe vertaling van de Bijbel, die in 1974 gereed kwam. De KBS en het NBG werken in veel opzichten heel nauw samen aan hun gemeenschappelijke taak.

Interconfessioneel

De genoemde bijbelgenootschappen in ons land hebben de krachten vanaf de jaren zeventig gebundeld om tot een gezamenlijke oecumenische vertaling van de Bijbel in de omgangstaal te komen. In 1982 verscheen de Groot Nieuws Bijbel in het hedendaags Nederlands makkelijk toegankelijk in twee edities, met en zonder de deuterocanonieke (apocriefe) boeken. Hij is in 1996 weer herzien.

En sinds 1993 zijn beide bijbelgenootschappen bezig aan de Nieuwe Bijbelvertaling, bestemd voor het Nederlandse taalgebied. Er zijn twee deeluitgaven verschenen met een aantal proeven van vertaling van een aantal bijbelboeken, met of zonder de Statenvertaling.

Wanneer de Nieuwe Bijbelvertaling in 2004 verschijnt, is zij de eerste echte interconfessionele bijbelvertaling voor het hele Nederlandse taalgebied, inclusief Vlaanderen. Deze Nieuwe Bijbelvertaling moet geschikt zijn voor gebruik in de eredienst, voor persoonlijk gebruik en voor tal van andere situaties. Het taalgebruik zal wel eigentijds, maar niet populair zijn. Gewerkt wordt aan een vertaling uit de brontekst in de taal van de lezers en gebruikers aan het begin van deze eeuw.

Voor allerlei doelgroepen

In de loop van de jaren heeft het NBG veel materiaal voor allerlei doelgroepen overgenomen of zelf ontwikkeld: bijbels voor slechtzienden in grote druk; bijbels in braille, op band, cassette en digitaal voor blinden.

Voor jongeren van negen jaar en ouder en voor de allochtonen is er de Startbijbel met een selectie uit het Oude en het Nieuwe Testament. De bijbelverhalen zijn opnieuw vertaald uit de grondtekst en voor de doelgroepen bewerkt.

Heel veel vraag is er naar de Kijkbijbel. Een bundeling van verhalen uit het Oude en het Nieuwe Testament, getekend door Kees de Kort (eerder verschenen in delen in de serie: Wa? de Bijbel ons vertelt). De bijbelverhalen zijn ook gebaseerd op de grondtekst en weergegeven in woorden die kinderen van zes tot negen jaar begrijpen. Het zijn boekjes met weinig tekst en grote tekeningen, omdat ze ook gebruikt worden als aanschouwelijk materiaal voor verstandelijk gehandicapte kinderen. De sobere tekst eist dat het bijbelverhaal verteld wordt, ondersteund met de tekeningen. Niet alle getekende geschiedenissen en verhalen lenen zich voor gebruik in bijbelgetrouwe kring. Het gaat om heilig werk op heilige grond. Deze voorwaarde heeft de tekenaar niet altijd in de praktijk gebracht.

Het NBG wil service-instituut zijn. Dat wil zeggen dat men niet sturend maar informatief bezig behoort te zijn. Een project waarin dat in elk geval niet gelukt is, is het rapport van een onderzoek naar kinderbijbels (1972), later verschenen onder de titel Kinderbijbels vergeleken (1983/1985). In de typering van de inhoud van de kinderbijbels wordt afstand genomen van de klassieke kinderbijbels, zoals die van W.G. van de Hulst, Anne de Vries, J. Vreugdenhil en E. Kuijt. Klassieke kinderbijbels is de aanduiding voor de kinderbijbels die de Bijbel aanvaarden als het onfeilbaar Woord van God. Er zou in deze categorie kinderbijbels teveel gedogmatiseerd en gemoraliseerd worden! De schriftkritische kinderbijbels worden echter van harte aanbevolen. Jammer! Want het initiatief was goed!

De doelstelling is toch om de Bijbel door te geven aan jong en oud. Dr. A. Noordegraaf schrijft: 'Bijbelvertalen is iets heel anders dan wat het in eerste instantie lijkt. Er bestaat geen woordenboek waarin de betekenis van elke tekst en ieder woord volledig aangegeven wordt. Met name het oudtestamentische Hebreeuws (en het Aramees) kent zeer ingewikkelde woorden en begrippen, waarvan de betekenis niet eenvoudig is vast te stellen. In zulke situaties moet uit de context blijken welke vertaling de inhoud het meest benadert. Want bijbelse woorden hebben meestal meerdere betekenissen. In de ene tekst kan een woord een andere klank hebben dan een stukje verderop.'

De Gereformeerde Bijbelstichting

Uit onvrede over het oprukken van de Nieuwe Vertaling (1951) van het NEG, die zonder enige kerkelijke opdracht tot stand gekomen was en in diverse kerken de Statenvertaling vrij geruisloos vervangen had, werd in 1966 opgericht de Stichting tot handhaving van de Statenvertaling en tot verspreiding van protestantse bijbeluitgaven. Ze werkt samen met de Trinitarian Bible Society (TBS) te Londen (een bijbelgetrouw bijbelgenootschap). Sinds 1969 spreken we over de Gereformeerde Bijbelstichting (GBS).

De Stichting heeft bezwaren tegen de Nieuwe Vertaling, omdat deze een compromisvertaling is door de brede samenstelling van de vertalers: van christelijk gereformeerd tot vrijzinnig. Een compromis ook vanwege de permanente spanning tussen de wens te streven naar eigentijds, hedendaags taalgebruik (de doeltaal) en de wens te streven naar vrij nauwe aansluiting bij de grondtekst (de brontaal). De Stichting is het ook oneens met de doelstelling om steeds meer vertalingen in de omgangstaal uit te geven. Maar er is ook verzet tegen de steeds nauwere samenwerking mssen het NBG en de KBS! Deze samenwerking vormt naar het oordeel van de GBS een bedreiging voor het erfgoed van de Reformatie. De GBS wordt gesteund door kerken, organisaties en particulieren die tot de rechterflank van de gereformeerde gezindte behoren.

De GBS ging zelf de Statenvertaling opnieuw uitgeven. Deze uitgave was gereed in 1973. De Statenvertaling van de GBS is geen herdruk van een willekeurige editie van de Statenvertaling. Want in de talloze herdrukken, in de loop van de eeuwen, van de Statenvertaling zijn fouten ingeslopen én hebben uitgevers bepaalde woorden door andere vervangen. De GBS heeft voor haar eigen uitgave een standaardtekst gebruikt die nauw aansluit bij de oorspronkelijke Van Ravensteyn-editie van 1657. Alleen de spelling is gemoderniseerd. In enkele gevallen zijn sterk verouderde woorden vervangen door meer gangbare, bijvoorbeeld 'vrouw' in plaats van 'wijf. De GBS-uitgave van de Statenvertaling is intussen in allerlei variaties voor bepaalde doelgroepen in ons land en daarbuiten verschenen. Achterin is een lijst opgenomen met 'verklaring van bijzondere woorden': 'berd' betekent 'plank', 'kassie' betekent 'een soort kaneel', 'kotje' betekent 'cel'. Bovendien wordt hier een overzicht van maten, gewichten en geldeenheden gegeven. De schooluitgaven bevatten ook een aantal kaarten van Israël in vierkleurendruk.

Er is niet gekozen voor een revisie van de Statenvertaling. De GBS ziet dat als een aantasting van het karakter van de Statenvertaling. Bovendien wilde men dit werk helemaal zelf doen, zonder enige samenwerking met het NBG. De redenen daarvoor hebben we reeds eerder genoemd. Het NBG benoemde in dezelfde tijd een commissie om tot een revisie van de Statenvertaling te komen. Deze commissie, samengesteld uit vertegenwoordigers van kerken die voornamelijk behoren tot de rechterflank van de gereformeerde gezindte, onder voorzitterschap van de gereformeerde-bondspredikant ds.W.L.Tukker, was van mening dat het karakter van de Statenvertaling niet aangetast wordt door vervanging van verouderde woorden en zinswendingen en van woorden die een verandering in betekenis hebben ondergaan.

Het NBG liet de gereviseerde Statenvertaling verschijnen onder de titel 'Editie- 1977', in de kerken vaak 'de Tukkerbijbel' genoemd. Deze uitgave is niet zo aangeslagen als men gehoopt had. Daar zijn allerlei redenen voor te noemen: de GBSuitgave was net verschenen, veel kerken en groepen gebruikten na veel overleg de Nieuwe Vertaling-1951 en de (oecumenische) vertalingen in de omgangstaal veroverden de markt.

Overeenstemming

De door de GBS aangebrachte correcties in de Statenvertaling zijn intussen ook aangebracht in de gangbare edities van de Statenvertaling. In de praktijk betekent dat de drukkerij Jongbloed in Heerenveen het merendeel van de edities, ook in diverse talen en uitvoeringen, drukt in opdracht van allerlei stichtingen en andere belangstellenden. Ieder heeft intussen zijn of haar eigen achterban gevormd. Contacten zijn er alleen in de informele sfeer.

De huisgenoten des geloofs

Het zal duidelijk zijn dat het internationaal aspect in de loop van de jaren steeds meer nadruk heeft gekregen. De moederkerken helpen de jonge kerken bij de vertaling, het uitgeven en verspreiden van de Bijbel. Bij de totstandkoming van de bijbelgenootschappen in het begin van de negentiende eeuw is er al direct contact geweest met de diverse zendingsgenootschappen in eigen land en met organisaties die werkzaam waren op het terrein van de inwendige en de uitwendige zending (de zending in en buiten eigen land). Dat is een essentiële doelstelling van de bijbelgenootschappen: verspreiden en vertalen van de Bijbel.

Intussen is er door de onderlinge afstemming in de Wereldbond van Bijbelgenootschappen en laten we niet vergeten het werk van de Wiclyffe-bijbelvertalers (in navolging van John Wiclyffe, die in de veertiende eeuw voor het eerst de Bijbel in het Engels vertaalde) veel werk verricht, zodat ook in de jonge kerken bijbels in de eigen talen beschikbaar zijn en er bijbelgenootschappen zijn die veel diensten in en voor de kerken verlenen.

Opmerkelijk is dat, waar het mogelijk is, de projecten in interconfessioneel verband aangepakt worden, zodat er van eikaars deskundigheid gebruik gemaakt kan worden, er efficiënt en niet naast elkaar gewerkt wordt. Het zal duidelijk zijn dat er meer factoren een rol spelen bij het vertalen en verspreiden van de Bijbel dan efficiëntie e.d. Daarbij spelen onder andere een belangrijke rol:
- de visie op de Bijbel;
- de theologische opvattingen van de vertaler;
- de bronnen die gebruikt worden;
- de verhouding tot de brontaal en de doeltaal;
- de doelgroep die we op het oog hebben.

Van belang is dat er voldaan wordt aan de opdracht die de Heere Jezus aan Zijn discipelen gegeven heeft dat het evangelie aan alle schepselen verkondigd moet worden (Matth. 28:19). Zodat in de eigen taal de boodschap van de enige Naam (Hand. 4:12) tot behoud wereldwijd beschikbaar is. Met de bede dat God de Heilige Geest, de Auteur van de Bijbel (2 Tim. 3: 16 en 2 Petr. 1: 19-21), Christus moge verheerlijken in de harten van zondaren. Dan is het nodig om de Bijbel te lezen en te mediteren over het gelezene (Joh. 5:39). Want het geloof is uit het gehoor en het gehoor door het Woord van God (Rom. 10:17).

Sola scriptura, sola gratia, sola fide en solo Christo.

Bijlage

Overzicht van Nederlandse bijbelvertalingen volgens opgave van het NBG (www.bijbelgenootschap.nl)

ca. 1270
Rijmbijbel Jacob van Maerlant
bijbelse geschiedenis, naar een Latijns origineel, gesteld in rijmvorm

1360 eerste historiebijbel
bijbelvertaling vanuit de Vulgaat; aanvankelijk alleen de historische boeken omvattend, maar later uitgebreid

1477 Delftse Bijbel
eerste in Nederland gedrukte bijbel

1516 Nieuwe Testament van Erasmus
eerste uitgave van uit de grondtekst na de Vulgaat

1522-1534 bijbelvertaling van Maarten Luther
eerste vertaling vanuit de grondtekst in een eigen taal

1526 Liesveldt-bijbel
eerste volledige reformatorische bijbelvertaling, verschenen in Antwerpen, uitgegeven door Jacob van Liesveldt; volgde in de opeenvolgende drukken de verschillende vertalingen van Luther totdat deze in 1535 geheel compleet naar Luthers' vertaling was

1548 Leuvense Bijbel
door Nicolaas van Winghe gemaakte en door de rooms-katholieke kerkelijke autoriteiten goedgekeurde vertaling

1560 Biestkens-bijbel
in Emden verschenen, genoemd naar Nicolaas Biestkens; in gebruik bij doopsgezinden en lutheranen

1562 Deux-aesbijbel
gereformeerde bijbelvertaling, gedrukt in Emden; het OT gebaseerd op de Lutherbijbel, het NT geheel opnieuw vertaald uit de grondtekst; onder gereformeerden het meest gebruikt tot aan de Statenvertaling

1599 Moerentorfbijbel
gewijzigde vorm van de Leuvense Bijbel uit 1548, in gebruik bij rooms-katholieken; gebruikt tot het begin van de twintigste eeuw

1637 Statenvertaling
nieuwe bijbelvertaling uit de grondtekst, op inititatief van de Dordtse Synode van 1618/19

1820-1830 vertaling-Van der Palm
gemaakt door de Leidse hoogleraar J.H. van der Palm; poging tot vertaling in eigentijds Nederlands

1868 Synodale Vertaling
op inititatief van de Nederlandse Hervormde Kerk (alleen het Nieuwe Testament); zeer slecht ontvangen

1912 Leidse Vertaling
verzorgd door moderne theologen; vond vooral ingang in vrijzinnige kring

1920-1924 Utrechtse Vertaling
onder leiding van de Utrechtse hoogleraren Obbink en Brouwer; vond ingang binnen ethische kring

1906-1939 Petrus-Canisiusvertaling
een vertaling uit de grondtekst, een rooms-katholieke vertaling

1951 Nieuwe Vertaling
eerste werkzaamheden reeds in 1911; bij verschijning brede ingang in de protestantse kerken; werd daarmee de 'kanselbijbel' in Nederland

1972 Groot nieuws voor u
Nieuwe Testament in omgangstaal

1975 Willibrordvertaling
rooms-katholieke vertaling

1977 Eenvoudig Nederlands
start van het project Eenvoudig Nederlands; de bijbelverhalen niet naverteld maar doorvertaald; de oorspronkelijke tekst (Hebreeuws, Grieks) in zo eenvoudig mogelijk Nederlands vertaald

1978 Friese Bijbel
vertaling uit de brontekst in gangbaar Fries; eerste interconfessionele vertaling in Nederland

1982 Groot Nieuws Bijbel
vertaling in hedendaags Nederlands; gemakkelijk toegankelijk en ook geschikt om voor te lezen

1989 Startbijbel
selectie uit het Oude en Nieuwe Testament, voor jongeren van 9 jaar en ouder en voor allochtonen

1992 Kijkbijbel
tekeningen, met korte tekst, van verhalen uit het Oude en Nieuwe Testament, voor kinderen van zes tot negen jaar (eerder in afzonderlijke delen in de serie Wat de Bijbel ons vertelt)

1995 Herziening Willibrordvertaling

1996 Herziening Groot Nieuws Bijbel

Dit artikel werd u aangeboden door: Driestar Educatief

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 oktober 2002

Driestar bundels | 191 Pagina's

De bijbelgenootschappen

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 oktober 2002

Driestar bundels | 191 Pagina's

PDF Bekijken