Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Oud en nieuw.

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Oud en nieuw.

5 minuten leestijd

Het jaar onzes Heeren 1960 ligt weer achter ons.

Het is een iaar geweest met veel gebeurtenissen, die diep ingrepen in het leven van vele volkeren.

Het is een jaar geweest waarin veel spanningen in de wereld ons bezighielden en waarbij de vraag nogal eens gesteld werd: Zal er-vrede blijven — al is het een gewapende vrede — of zal er oorlog komen?

Het is een jaar geweest waarin lief en leed ook in het leven van onze lezers afwisselend op de voorgrond kwamen. We hebben misschien blijde herinneringen aan dit jaar. Maar er kan ook een groot leed en een diepe smart in ons leven zijn gekomen. Het leven geeft immers en het leven neemt. Het maakt rijk maar ook arm. Het brengt een rouwkleed aan de een en een bruidstooi aan een ander. En zo is het ook geweest in het nu voorbijgegane jaar, dat niet meer terugkomt. Het jaar onzes Heeren 1960 is onherroepelijk voorbij. We kunnen de tijd immers niet meer terugzetten. We kunnen dit jaar niet meer overdoen. We kunnen opnieuw beginnen. Wat geweest is staat voor altijd vast. Straks wordt de deur van het jaar 1960 achter ons gesloten en het is voorbij... onherroepelijk voorbij.

Aan het eind van het jaar voelen we allemaal wel iets van de kortstondigheid van ons leven.' Want ook dit jaar is weer voorbij gevlogen. En we brengen onze jaren inderdaad door als een gedachte.

Aan het einde van het jaar worden de boeken afgesloten. Ook onze levensboeken. Maar ze sluiten met een grote verliespost. Want ook in dit jaar hebben we de schuld groter gemaakt. En aan het einde van het jaar moeten we het belijden: Zo Gij, Heere, de ongerechtigheden gadeslaat, Heere, wie zal bestaan?

Wanneer tegenover onze grote schuld dan niet staat het volbrachte werk van de Heere Jezus Christus, de Borg en Middelaar van een schuldig volk, zullen we inderdaad niet kunnen bestaan voor de heilige God. Maar wie met zijn zonde en schuld de toevlucht neemt tot Hem, die zal het ondervinden: Maar bij U is vergeving, opdat Gij gevreesd wordt.

Wij kunnen niets meer overdoen van het jaar 1960. Wij kunnen niets meer goedmaken van hetgeen wij misdaan hebben in het afgelopen jaar. Maar het bloed van Jezus Christus reinigt van alle zonde. En zo is in Hem nog een deur der hoop geopend voor allen die zichzelf niet meer kunnen helpen.

Zo leeft Gods kerk niet bij het verleden alleen maar vooral bij de toekomst. Wanneer de deur van het jaar 1960 achter ons dichtvalt gaat een nieuwe deur voor ons open, de deur naar het jaar onzes Heeren 1961.

Maar dat is toch niet de toekomst waar Gods kerk naar uitziet. Zeker, ook zij moet door dit tijdelijk leven heen. Ook zij moet door het jaar 1961 heen. En niemand weet wat dit nieuwe jaar ons bieden zal. W T e kunnen raden, we kunnen hopen, we kunnen verwachten. Maar met zekerheid kunnen we niets van de toekomst op deze aarde zeggen. We weten alleen, dat we veilig zullen reizen als we met de Heere voortgaan. En we weten bovendien dat we door veel verdrukkingen heen moeten. Maar daarbij mogen we ook weten bij al de spanningen en onzekerheiden in deze wereld, dat de Heere alles regeert en dat Hij zijn volk nabij is ook op de donkere wegen, ook in de smartewegen, ook in de nood van deze tijd.

Zeker het kan ons wel eens bang te moede worden wanneer we aan het begin van een nieuw jaar staan en wanneer we dan denken aan al de noden en smarten, moeiten en zorgen, die in een mensenleven kunnen komen, terwijl we ons angstig afvragen wat er toch wel van • de wereld en de volkeren die daarin wonen, van ons eigen land en volk, van kerk en gezin worden moet in de verwording van deze tijd waarin men steeds minder rekent met God en zijn geboden. Maar dan mogen we toch niet vergeten, dat onze tijden in Gods hand zijn. Maar daarom is het ook zo noodzakelijk, dat we onze toevlucht bij Hem zoeken, onder de schaduw van Zijn vleugelen.

Dan zullen we weten dat het nieuwe jaar ook een jaar is waarin Hij regeert. Ook het jaar 1961 is een jaar onzes Heeren.

En daarbij ziet Gods kerk over al de jaren die nog komen zullen heen, totdat er geen tijd meer wezen zal. Want dan maakt de Heere alle dingen nieuw. Dan komt de nieuwe hemel en de nieuwe aarde, het nieuwe paradijs Gods.

En naar die toekomst gaat de hoop en het verlangen van Gods kerk uit.

Naar de toekomst van de Heere Jezus Christus, Die wederkomt op de wolken des hemels om te oordelen de levenden en de doden. Dan zal het kaf met onuitblusselijk vuur worden verbrand. Maar het koren zal in de hemelse schuren worden verzameld.

Neen, we kunnen het niet verwachten van het jaar 1961 en van de volgende jaren die nog komen zullen,

Onze jaren vol smart en nood, vol moeite en verdriet.

Maar de toekomst van de Heere Jezus Christus is vol vreugde en blijdschap. Onze jaren vliegen daarheen en ons leven snelt voorbij. Maar als de Heere alles nieuw maakt... dan is er geen tijd meer. De toekomst van de Heere Jezus Christus is eeuwig... eeuwige vrede, eeuwige rust, eeuwige gemeenschap met God.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 25 december 1960

Gereformeerd Weekblad | 24 Pagina's

Oud en nieuw.

Bekijk de hele uitgave van zondag 25 december 1960

Gereformeerd Weekblad | 24 Pagina's

PDF Bekijken