Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

De Heere is waarlijk opgestaan!

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

De Heere is waarlijk opgestaan!

7 minuten leestijd

In de oud-christelijke gemeente was men gewoon elkaar op het Paasfeest te begroeten met de juichtoon: „De Heere is opgestaan!" waarop het antwoord luidde: „De Heere is waarlijk opgestaan!"

Dat is in sommige oosterse kerken nog de gewoonte maar wij zijn er misschien te nuchter voor. Maar wanneer deze blijdschap op het Paasfeest niet in ons hart leeft en wanneer dat niet in ons hart zingt: „De Heere is waarlijk opgestaan!", dan hebben we toch maar weinig van het heil begrepen dat ons in het evangelie van de opstanding wordt verkondigd.

Trouwens, ook op het Paasfeest heeft de christelijke gemeente voor haar geloof uit te komen en de levende Christus te verkondigen Die waarlijk opgestaan is. Meer dan ooit heeft de wereld deze Paasboodschap nodig, hoe weinig weerklank ze ook vindt in de harten van velen in onze dagen. Men zoekt immers in brede kring, ook in brede kerkelijke kring, alleen maar een paradijs op aarde dat men door eigen kracht en inspanning meent te kunnen scheppen. En men aanvaardt alleen maar wat men ziet en tasten kan, wat men met behulp van de zogenaamde wetenschap van onze tijd verklaren en aanvaarden kan en daar hoort zeker niet het feit van de opstanding van Christus uit de doden bij!

Het „waarlijk" opgestaan wordt door velen, ook binnen de kerken, verworpen, in elk geval naar de achtergrond geschoven. En men geeft dan voor de opstanding een zogenaamde spirituele, een geestelijke, verklaring. De „geest" van Christus leeft nog voort en zo is Hij nog onder ons aanwezig en zo inspireert hij de mensen nog. Maar aan een lichamelijke opstanding uit de doden moeten we daarbij helemaal niet denken. Christus heeft dit zelf reeds voorzien dat men Zijn opstanding zou gaan „vergeestelijken". Daarom heeft Hij Zijn discipelen ook zo willen overtuigen dat Hij niet alleen maar naar de geest is opgestaan en leeft, maar dat Hij naar het lichaam opgestaan is, dat Hij „waarlijk" is opgestaan. Hij heeft Zich na Zijn opstanding door Zijn discipelen laten betasten. Hij heeft voor hun ogen gegeten. Hij heeft met die beide Emmaüsgangers gewandeld en gesproken en het brood voor hun ogen gebroken. Er was Hem derhalve veel aan gelegen om ook maar elke twijfel aan Zijn lichamelijke opstanding weg te nemen. In die lichamelijke opstanding van Christus ligt ook zo'n rijke en vertroostende betekenis van het heilsfeit van Pasen.

Maar daarbij kunnen we het Paasfeest nooit los maken van het kruis op de Goede Vrijdag. De Heere Jezus heeft van Zijn opstanding gesproken in een zeer nauw verband met Zijn lijden en sterven. Hij heeft het Zijn discipelen van tevoren gezegd dat de Zoon des mensen zou overgeleverd worden, gegeseld worden en gekruisigd worden om dan ten derde dage weer op te staan uit de doden.

De Heere Jezus Chrisus Die opgestaan is van de doden is het Lam dat geslacht is voor de zonde van Zijn volk. Achter het bloed van dat Lam kunnen we schuilen en zijn we veilig. Het is het bloed der verzoening tot vergeving van onze zonden. Christus is de Borg en Middelaar, Die om onze overtredingen verwond en om onze ongerechtigheden verbrijzeld is. Wij hebben door onze zonden de dood en het oordeel en de hel verdiend. Maar Christus is in de plaats van Zijn volk die dood ingegaan, onder het oordeel Gods doorgegaan, verzonken in de hel van Godverlatenheid. Maar in deze weg heeft Hij alles volbracht tot redding en verlossing van een zondig en een schuldig volk. En dat blijkt op het Paasfeest.

Wanneer de vrouwen op de vroege zondagmorgen na die Goede Vrijdag bij het graf van de Heere Jezus komen, dan vinden ze dat graf open en leeg. Maar een engel verkondigt hen het heerlijke Paasevangelie:

„Ik weet dat gij zoekt Jezus Die gekruisigd was! Hij is hier niet want Hij is opgestaan gelijk Hij gezegd heeft." Ook in de Paasprediking van die engel wordt de gekruisigde Christus verkondigd. Maar die gekruisigde Christus Die alles volbracht heeft is opgestaan van de doden. De dood kon Hem niet meer houden en het graf moest Hem loslaten. Daarom kan Hij nu ook tot Zijn volk zeggen: „Ik leef en gij zult leven".

Paulus geeft een samenvatting van het heil van Goede Vrijdag en Pasen in zijn tweede Corinthebrief: „Welke overgeleverd is om onze zonden en opgewekt om onze rechtvaardigmaking". En dat wil in de diepste grond van de zaak zeggen dat zondaren, in zichzelf des doods schuldige zondaren door God rechtvaardig worden verklaard op grond van het offer van Golgotha, op grond van dat bloed der verzoening.

„De schuld Uws volks is uit Uw boek gedaan, ook ziet Gij geen van hunne zonden aan." Dat verkondigt ons het lege graf, dat predikt ons de opstanding van Christus uit de doden. Is er dan geen reden om op het Paasfeest elkander te begroeten met die juichtoon: „De Heere is waarlijk opgestaan!"?

Om het elkaar toe te roepen dat de dood overwonnen is, dat die onoverwinnelijke vijand verslagen is. Dat er opstanding en leven is in die opgestane Levenvorst, Die ons van God gegeven is tot een volkomen verlossing. Ja het moet juichen in ons hart: „De Heere is waarlijk opgestaan!" De Heere Jezus leeft en Hij kan Zijn zondige en dwalende kinderen opzoeken en troosten zoals Hij Simon Petrus opgezocht heeft en Maria Magdalena, en Thomas en de andere discipelen en zovelen als Hem nodig hadden.

Maar zo moet Christus door Zijn Woord en Geest ook tot ons komen opdat we uit de geestelijke dood opgewekt worden. We moeten allereerst ontdekt worden aan onszelf, opdat we onze zonde en schuld, onze nood en ellende recht leren zien en kennen, opdat we ook leren verstaan waarom de Heere Jezus als een Lam geslacht moest worden. Waar wij verbroken en verslagen zijn vanwege onze zonden en schuld, daar wordt het wonder ervaren van de vergeving en de verzoening in Zijn bloed, het wonder van het geloof in de Heere Jezus Christus, het wonder van de opstandingskracht van die Borg en Middelaar waardoor de dood in ons leven moet wijken en wij in nieuwheid van leven leren wandelen.

Dat is het wonder van de wedergeboorte die echter in nauw verband staat met de opstanding van Christus uit de doden. Daarvan getuigt ook Petrus: Geloofd zij de God en Vader van onze Heere Jezus Christus, Die naar Zijn grote barmhartigheid ons heeft wedergeboren tot een levende hoop, door de opstanding van Jezus Christus uit de doden". (1 Petrus 1 : 3) Waar we van dit wonder mogen spreken, waar wij levend gemaakt zijn met Christus, waar wij leven mogen uit Hem, daar is het voor ons hier en nu Paasfeest en daar jubelen we het ook uit: De Heere is waarlijk opgestaan!"

En zeker, dan moeten we straks de lichamelijke dood nog wel sterven. Maar dat is eigenlijk geen sterven meer. Die dood wordt voor Gods kinderen een poort tot het eeuwige leven. Want ons lichaam wordt wel neergelegd in het stof der aarde. Maar onze ziel wordt „van stonden aan tot Christus haar Hoofd opgenomen". En dat lichaam zal ook op de jongste dag worden opgewekt. Maar dan zonder gebreken - en kwalen en doornen in het vlees, maar verheerlijkt en volmaakt zoals het lichaam van de Heere Jezus na Zijn opstanding ook veranderd en verheerlijkt was.

Ja, de Heere is waarlijk opgestaan!

We hebben het Paasfeest achter ons liggen, de morgen der verrijzenis van Christus uit de doden, de morgen van de opstanding uit het graf. En we mogen ons vandaag verblijden in die opstanding, we mogen leven uit en in en door Hem, voorzover we door een waar geloof Hem zijn ingelijfd.

Dan hebben we een heerlijk Paasfeest voor ons liggen, het feest van onze zalige opstanding op de jongste dag bij de wederkomst van Christus op de volken des hemels.

De Heere is waarlijk opgestaan!

Daarom zegt Hij tot Zijn volk: „Ik leef en gij zult leven!"

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van Saturday 13 April 1974

Gereformeerd Weekblad | 16 Pagina's

De Heere is waarlijk opgestaan!

Bekijk de hele uitgave van Saturday 13 April 1974

Gereformeerd Weekblad | 16 Pagina's

PDF Bekijken