Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Veilig achter het bloed van het geslachte Lam

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Veilig achter het bloed van het geslachte Lam

10 minuten leestijd

BIJBELSTUDIE

„Door het geloof heeft hij het Pascha uitgericht en de besprenging des bloeds, opdat de verderver van de eerstgeborenen hen niet raken zou". (Hebreeën 11 : 28)

Ook in dit vers wordt onze aandacht verplaatst naar de dagen van de uittocht uit Egypte. De vorige maal hebben we gezien, hoe op Gods bevel Mozes vrijmoedig tot Farao ging met het bevel: , , Laat mijn volk trekken, opdat het Mij diene". Dat was een geloofsdaad van de eerste orde. Want wie Farao in het aangezicht durfde te wederstaan, moest vrezen voor z'n leven. Maar ziende op z'n God, steunend op Zijn bevel en belofte, had Mozes niet geschroomd. Onze brief tekende aan: , , Door het geloof heeft hij Egypte verlaten, niet vrezende de toorn van de koning, want hij hield zich vast als ziende de Onzienlijke". In nauw verband hiermee staat echter nog een tweede geloofsdaad, die van het toebereiden van het pascha: , , Door het geloof heeft hij het Pascha uitgericht en de besprenging des bloeds, opdat de verderver van de eerstgeborenen hen niet raken zou”.

Verkiezing en offer

Het roept ons de dagen in herinnering, waarop het conflict tussen de levende God en Farao als instrument van de boze z'n hoogtepunt had bereikt. Tot negenmaal toe had God Zijn plagen over Egypte gebracht. Tot negenmaal toe hem middels Zijn gerichten gewaarschuwd en aangespoord om Zijn volk te laten trekken. Farao had echter evenzovele malen zijn hart verstokt. Toen was Gods geduld ten einde. Een beslissend oordeel volgde: de Heere zou zijn verderfengel door Egypte sturen om alle eerstgeborenen te doden. Let wel: alle eerstgeborenen. Zowel die van Farao als van zijn knechten. Zowel die van de aanzienlijken als van de eenvoudigen. Ja, de verderfengel zou zélfs alle eerstgeborenen onder het véé slaan. De tiende plaag zou niets minder dan een nationale ramp zijn. Een ramp, die het hele volk zou treffen.

Israël zou echter worden gespaard. God sprak tot Mozes: , Maar bij alle kinderen Israels zal niet één hond zijn tong verroeren, van de mensen af tot de beesten toe; opdat gij weet, de HEERE tussen de Egyptenaars en de Israëheten een afzondering maakt" (Ex. 11 : 7). M.a.w.: od zou Zijn volk apart stellen. Het afzonderen. Het niet betrekken in Zijn huiveringwekkend oordeel. Waarom niet? Was het beter dan Egypte? Rechtvaardiger? Heiliger? Geenszins. Voor de heilige God kan geen individu en geen volk bestaan. Allen zijn wij afgeweken. Tezamen onnut geworden. Israël maakte op die regel bepaald geen uitzondering.

Maar waarom zou Israël dan toch gespaard worden? Dat was allereerst een zaak van genadige verkiezing. Uit enkel genade had de levende God dit volk apart genomen. Dit volk aangenomen tot Zijn volk. Aan dit volk Zijn bijzondere beloften verbonden. En als vrucht van deze verkiezing zou Israël dankzij een plaatsvervangend offer gespaard en gered worden. En dat brengt ons dan bij de inzetting en de viering van het pascha, waarover u breedvoerig kunt lezen in Ex. 12. Een viering, die tegelijk de inleiding vormde tot de uittocht.

Op Gods bevel moest elke huisvader een éénjarig lam, waaraan geen gebrek was, nemen en dit tussen de twee avonden slachten.

Het blóed ervan moest gestreken worden aan de zijposten en de bovendorpel van de deur van hun woning, terwijl het vléés gegeten moest worden met ongezuurde koeken en bittere saus. Dat bloed was zeer duidelijk bedoeld als ófferhlotd. Daarop wijst ook onze brief, als van Mozes gezegd wordt, dat hij het pascha en de , , besprénging" des bloeds uitgericht heeft. , , Besprengen" is nl. een typische term uit de oudtestamentische offerdienst. Op de grote verzoendag bijv. moest het bloed van het geslachte offerdier gesprengd worden op het verzoendeksel om verzoening te doen voor de zonden van het volk (Lev. 16 : 14v). En werd er een zondoffer gebracht, dan moest het bloed van de var gesprengd worden voor het aangezicht van de Heere.

Het bloed van het paaslam was dus niet minder dan ófferbloed! Er ligt de machtige boodschap in: naar recht hadden ook alle eerstgeborenen van Israël de dood moeten sterven, maar in Zijn grote ontferming beschikte God een lam. Een lam, dat plaatsvervangend stierf en in wiens dood verzoening lag voor de zonden van het volk. Het bloed van het lam, dat aan de deurpost was gestreken, predikte het a.h.w. aan de verderfengel: het oordeel is hier al voltrokken. Er is al gerechtigheid geschied. U hoeft deze woning niet meer binnen te gaan.

Nee, Israël ontkwam niet vanwege eigen uitnemendheid aan Gods oordeel, maar alleen vanwege het plaatsvervangend sterven van het lam. Alleen vanwege de verzoenende kracht van het ófferbloed. En de Heere had beloofd: , Wanneer Ik het bloed zie, zal Ik u voorbijgaan" (Ex. 12 : 13). Vandaar ook de naam , , Pascha", dat letterlijk , , voorbijgang" betekent. En u voelt, hoe in dat oudtestamentische pascha een machtige heenwijzing ligt naar Christus. Naar het plaatsvervangend lijden en sterven van het grote en ware Lam. Naar de verzoenende kracht, die er licht in Zijn bloed. We komen er straks nog op terug.

Door het geloof

En nu getuigt onze brief van Mozes: , , Door het gelóófhcQÜ hij het Pascha uitgericht en de besprenging des bloeds, opdat de verderver der eerstgeborenen hen niet raken zou". Door het gelóóf...! Dat wil zeggen: Mozes geloofde het woord van z'n God onvoorwaardelijk. Hij I geloofde, dat in deze nacht het huiveringwek kende oordeel kwam. Maar Hij geloofde óók, dat Israël dan alleen veilig zou zijn achter het bloed van het geslachte Lam en dat God in die weg voor uittocht en bevrijding zorgt. Let wel: met zijn natuurlijk oog zag hij er nog niets van, maar hij heeft God onvoorwaardelijk op Diens Woord geloofd en daarom Israël opgedragen om op Gods bevel het paaslam te slachten en het bloed te sprengen aan de deurposten.

Door het gelóóf heeft hij het Pascha uitgericht en de besprenging des bloeds...! Hoeveel onvoorwaardelijk geloof was hiertoe niet nodig. Immers, dit was voor Israël iets geheel nieuws. Een rite, die men voorheen in het geheel niet kende. Terecht tekende een verklaarder aan: , , Indien Mozes niet aan de beschuttende kracht van het bloed geloofd had, zou het hem aan moed ontbroken hebben om het bevel Gods uit te voeren. Zo het bloed toch machteloos was gebleken om het eerstgeborene van Israël tegen de verdervende engel te beschermen, zou het geloof in zijn goddelijke zending te niet zijn gedaan. Alles stond hier op het spel. Zou Mozes' gezag ten volle gegrondvest worden, dan mocht er in de Paasnacht geen enkele eerstgeborene, noch van mensen, noch van vee sterven in de woningen, wier deurpost met het bloed van het lam bestreken was. Geen enkele. En hoeveel eerstgeborenen en eerstgeboorten telde een volk van zesmaal honderdduizend mannen van twintig jaar oud en daarboven niet!" (J. van Andel).

Inderdaad, alles stond hier op het spel. Nochtans, Mozes' geloof maakte geen enkele bedenking. Integendeel, ook in zijn leven was het geloof , , een vaste grond der dingen, die men hoopt en een bewijs der zaken, die men niet ziet" (vs. 1). In het vaste vertrouwen, dat God ook doen zou, hetgeen Hij had gesproken, heeft hij in stipte gehoorzaamheid alles uitgevoerd, waartoe z'n Zender hem bevelen had gegeven. En hij is - net als al de andere geloofsgetuigen - in dat vaste geloof geenszins beschaamd. Duizenden Egyptenaren lieten in de paasnacht het leven, maar onder Israël werd er niet één door de verdervende macht van de engel getroffen.

De wankelende Hebreeën weten er alles van. Want het Pascha, tóen in de nacht van de uittocht gevierd, is geworden tot een blijvende inzetting. In de werkwoordsvorm, die hier in het Grieks gebruikt wordt - hij hééft uitgericht - ligt nl. opgesloten, dat het eerste houden van het pascha een blijvende instelling tot gevolg heeft gehad. Hij heeft het voor altijd uitgericht. Als een inzetting, die - op Gods bevel - van jaar tot jaar moest worden gehouden. Opdat Israël niet zou vergeten. Niet zou vergeten Gods allesovertreffende macht. Maar evenmin zou vergeten: gered alleen door het plaatsvervangende offer. , , Voorbijgang" alleen vanwege het bloed van het geslachte lam.

Ook ons Pascha is voor ons geslacht

En daarmee komen we ook tot onszelf. We dienen onszelf de vraag te stellen, of het geloof, dat leefde in Mozes' hart, er ook in óns binnenste is? Of wij samen met deze Godsman van de oude dag overtuigd zijn van de waarachtigheid van Gods oordeel, maar ook van de absoluut verzoenende kracht van het bloed van het Lam? Het vaste geloof in Gods oordeel, alsook in de verzoenende kracht van het offerbloed, maakte hem werkzaam: Door het geloof heeft hij het Pascha tóegericht. Mozes sprak niet: Als Israël verkoren is, dan wordt het toch wel gered. Nee, het geloof, dat woonde in z'n hart deed hem ten hoogste aktief zijn om naar Gods inzetting te handelen.

Daar zult u het waarachtige geloof ook vandaag aan herkennen. Het geloof, dat Gods Geest werkt in het hart, gelooft onvoorwaardelijk Gods oordeel over alle zonde en ongerechtigheid. Gods oordeel over alle onbekeerlij kheid en verharding van het hart. Het gelooft, dat God de schuldige geenszins onschuldig zal houden, ook al behoort hij tot Israël, tot het volk van Gods verbond, tot de kerk. Daarom geeft het met Mozes nauwkeurig acht op de weg der verlossing, die de Heere wijst.

We zagen reeds: n het , , Pascha" ligt een machtige heenwijzing naar Christus. Naar Zijn plaatsvervangend lijden en sterven. Naar Zijn bloed, dat redt van oordeel en dood. Paulus schrijft aan de gemeente van Korinthe: , Want ook ons Pascha is voor ons geslacht, nl. Christus" (1 Korinthe 5 : 7). Hij is het ware Paaslam. Het Lam, zonder énig gebrek. Het volstrekt onschuldige Lam, dat voor zondaren de dood is ingegaan. En de vraag is: s het teken van Zijn bloed nu ook gesprengd op de deurposten van óns leven? Hebben ook wij een schuilplaats leren zoeken achter het bloed van dit Lam?

Door het geloof heeft hij het Pascha tóegericht. Dat was een geloofsdaad bij uitnemendheid. Maar het is vandaag niet anders. Het waarachtige geloof aanvaardt Gods oordeel, maar leert ook schuilen in het bloed van het Lam. In het bloed, dat Christus op Golgotha vergoot. Want het weet: daarin alleen ben ik veilig. Daarachter alléén ben ik welbewaard. Naar Gods eigen belofte: „Wanneer Ik het bloed zie, zal Ik u voorbijgaan"! Ja, u leest het goed: zal...! Dat is Zijn gewisse belofte. Nooit te vatten wonder, maar toch zalige werkelijkheid: Ik zal u voorbijgaan...! En daarom: wie u ook bent, wat er ook in uw leven is gebeurd, hoe zwaar uw zonden u ook aanklagen, vlucht tot dit bloed, dat werkelijk reinigt van alle zonden en dat u doet delen in eeuwige vrijspraak en verlossing. Opdat de verderver ook u niet zal aanraken.

Maar - en dat is het laatste: lijf dan ook bij dit bloed. Het was Israël in de Paasnacht nadrukkelijk geboden om in hun huizen te blijven, achter de deur, waaraan het reddende bloed gestreken was. Wie het huis verliet, was niet meer veilig. Mozes sprak: , Doch u aangaande, niemand zal uitgaan uit de deur van zijn huis tot aan de morgen" (Ex. 12 : 22). U verstaat de les: r is in het leven van het geloof niet alleen een kómen tot Christus, maar ook een blijven bij Hem.

Nooit groeit u boven Christus uit. Nooit kunt u een ogenblik zonder het reddende bloed. Wie meer wil, of iets anders wil, is een gewisse prooi voor de engel des verderfs. Onze catechismus zegt: Nergens anders is enige za-Hgheid te zoeken ofte vinden. Alleen als Ik het bloed zie, , , zdl Ik u voorbijgaan”!

M.

L.W.Ch.R.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 18 februari 1994

Gereformeerd Weekblad | 16 Pagina's

Veilig achter het bloed van het geslachte Lam

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 18 februari 1994

Gereformeerd Weekblad | 16 Pagina's

PDF Bekijken