Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Theodorus à Brakel (1608-1669)

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Theodorus à Brakel (1608-1669)

6 minuten leestijd

GELOOFSOPVOEDING IN DE 17E EEUW

inder uitvoerig, maar zeker niet minder boeiend en leerzaam is wat Theodorus a Brakel schrijft over de huisgodsdienst. Hij is de vader van de auteur van de edelijke Godsdienst. Velen van ons zullen ich herinneren dat bij hun ouders of grootouders de beide dikke banden van dit bekende werk op de boekenplank naast de Bijbel stonden. Zonder een academische heologische opleiding te hebben genoten erd Theodorus Gerardi a Brakel - oorspronkelijk heette hij Dirk Gerritszoon - oegelaten tot de dienst van het Woord. Hij s één van de laatste predikanten geweest die op grond van „singuliere gaven" het mbt mocht bekleden. Niettemin wist Brakel sr. alom respect af te dwingen als herder n leraar. In het jaar 1638 werd hij voor het erst bevestigd in het ambt in de Friese gemeenten Beers en Jellum. Zijn tweede standplaats was Den Burg op Texel, terwijl hij een jaar later verhuisde naar de derde gemeente Makkum. Hier zou hij tot aan ijn dood toe blijven.

ezegende bediening

Met grote trouw heeft Theodorus a Brakel zijn werk onder de gemeenteleden vericht. Hij was een herder met zorg voor zijn schapen en stond steeds temidden van hen. ersoonlijke zorgen en moeiten bleven hem ntussen niet bespaard. In enkele jaren tij ds erloor hij zijn vijf dochters. De één stond og boven de aarde, toen hem de tijding beeikte dat de ander bij Stavoren door het mslaan van het schip waarop zij zich beond verdronken was. Zijn zoon Willem eelt ons deze biografische bijzonderheden ee in , , De laatste uren van de autheur", at toegevoegd is aan het werkje dat in het ervolg onze aandacht zal vragen: De Trapen des Geestelyken Levens. Uit de medeelingen die we in het verslag van Brakels sterven tegenkomen, wordt ons ook duidelijk dat Brakel een geweldenaar is geweest op de kansel. Soms kon hij de gemeente fel striemen met zijn oordeelsprediking, maar als hij hen troostte was het als men het aangezicht van een engel zag oplichten. In de omgang met mensen was hij , , deftig en vriendelijk", hoewel hij doorgaans weinig woorden sprak. Conflicten waren er niet of nauwelijks in de gemeenten die hij mocht dienen. Als er eens wat was, dan wist Brakel het probleem uit de wereld te helpen en gemeenteleden met elkaar te verzoenen. Veel vrucht heeft hij op zijn werk mogen zien. Zoon Wilhelmus tekent aan: , , Zoals de Heere hem geroepen en bekwaam gemaakt heeft, zo heeft de Heere zijn dienst ook gezegend in het bekeren van vele mensen door zijn dienst”.

Het geheim

Wat was het geheim van Brakels ambtsbediening? Zonder twijfel zijn grondige schriftstudie en intense gebedsleven. Ruim en royaal heeft deze , , oude schrijver" tijd genomen om in zijn studeerkamer en in zijn bidvertrek te vertoeven. Meditatie en gebed vormden de schering en de inslag van zijn leven. Vele uren per dag besteedde hij aan de verborgen omgang met God. En niet alleen overdag zocht hij de gemeenschap met de hemel. Hij bracht Psalm 119 vers 62 letterlijk in praktijk: , , Te middernacht sta ik op om U te loven over de rechten van Uw gerechtigheid". Brakel was van mening dat men deze tekst niet moest ontkrachten door deze geesteüjk op te vatten. Ook in de nacht moet men het aangezicht van God zoeken om gesterkt te worden in het geestelijke leven. Over Brakels persoonlijke beleving van de , , stille tijd" worden we uitvoerig geïnformeerd door het bovengenoemde werkje over de Trappen des geestelyken levens.

Het boekje is geschreven in de vorm van een dialoog tussen Theodorus en zijn zoon Wilhelmus en verscheen voor het eerst in 1670, posthuum dus, terwijl in 1864 een twaalfde druk het licht zag. Zeer velen hebben het boek kennelijk gelezen. Vermoedelijk zullen ze daarbij gesHngerd zijn tussen gevoelens van bewondering, jaloersheid en verslagenheid van hart (J. Douma). Het geestelijk leven is voor Brakel vooral gericht op de comtemplatie. Door trouw onze geestelijke oefeningen na te komen mag er groei zijn in het geestelijke leven. Met een verwijzing naar 1 Johannes 2 : 12 maakte Brakel onderscheid tussen kinderen, jongelingen en vaders in de genade. Langs de weg van meditatie en gebed zal de , , gevoeüge" gemeenschap met God toenemen in het leven van Gods kinderen. De Makkumer predikant pleit sterk voor discipline in het geestelijke leven. Drie keer per dag dient er tijd te worden vrijgemaakt om Gods aangezicht te zoeken.

Kleine gemeente

In een afzonderlijk onderdeel wordt in dit populaire boekje uitvoerig aandacht besteed aan de omgang met God binnen het gezin. Brakel acht ook dit een , , zeer goed hulpmiddel" om in de gemeenschap met God te groeien en te blijven. Groot belang hecht hij aan de gebeden in huiselijke kring. Alle vaders en moeders dienen in hun gezin gezamenlijke , , oefeningen" te houden en op die manier van hun gezin een , , kleine gemeente" te maken. Om dit te reaUseren is een vaste orde in het gezinsleven onontbeerlijk. De oudvader pleit ervoor om naast de persoonlijke gebedstijden tenminste drie keer per dag samen , , onze gebeden en dankzeggingen" als een reukoffer voor de Heere te brengen. Tijdens de huiselijke gebeden liggen alle gezinsleden geknield, terwijl de vader luid spreekt, zodat iedereen met hem mee kan bidden en danken voor Gods weldaden. Naast het gebed moet ook de schriftlezing alle aandacht krijgen. Eveneens drie keer per dag dient er een heel of half hoofdstuk uit de Bijbel te worden gelezen. Als de tijd het toelaat moeten ook enkele verzen gezongen worden. Wanneer er vrienden zijn mag men deze huiselijke oefeningen niet nalaten, maar kunnen deze , , mede met ons deze oefeningen genieten". Is er wat meer tijd beschikbaar, dan kan men aan het gelezene een verklaring toevoegen en zal de vader als hoofd van het gezin aan ieder vragen wat hem of haar in het gehoorde is opgevallen. Op deze wijze kunnen er onder Gods zegen , , goede 't zamensprekingen" zijn tot , , nuttige stichtinge ende vertroostinge". Brakel roept uit: , , 0 dit is zo nodig om in de gevoelige gemeenschap met God en Zijn liefde toe te nemen en te vorderen”.

Waddinxveen

drs. M. van Campen

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 8 maart 1996

Gereformeerd Weekblad | 16 Pagina's

Theodorus à Brakel (1608-1669)

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 8 maart 1996

Gereformeerd Weekblad | 16 Pagina's

PDF Bekijken