Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Kenmerken van het geloof

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Kenmerken van het geloof

7 minuten leestijd

PASTORAAL

Wanneer in onze Catechismus de vraag ^v wordt gesteld: wat is een waar geloof? , brengt dat gemakkelijk tot de volgende vraag: zijn er dan ook nog andere soorten van geloof? En als dat zo is, hoe kan dan dat echte, levende geloof van dat andere worden onderscheiden? Zijn er bepaalde tekenen, kenmerken? Wat bedoelen we eigenlijk wanneer we spreken over het geloof? De één verstaat er iets anders onder dan de ander. We komen op deze wijze tot ons onderwerp. Als Jakobus onderscheid maakt tussen een dood en een levend ge­ loof, is er alle reden om te zoeken naar tekenen van het levend geloof.

We betreden intussen een breed terrein en bevinden ons in het hart van het geestelijk leven. Zo komt met ons onderwerp ook de zelfbeproeving binnen het gezicht. Ik wil summier enkele vragen noemen die meedoen: welke plaats nemen de kenmerken van het geloof in? Kunnen we vanuit de kenmerken concluderen dat we het ware geloof hebben? Is er bij het zoeken naar kenmerken van het geloof niet het gevaar van eindeloos in jezelf wroeten? Staat de christen niet veel meer centraal dan de Christus? Leidt het spreken over kenmerken niet af van het wezenlijke wanneer iemand wandelt op de weg des levens? Of is het juist gevaarlijk om de kenmerken van het geloof te verwaarlozen? Wat te denken van de kenmerkenprediking?

Enkele bijbelse gegevens

Even eenvoudig als indringend is het onderwijs van de Heere Jezus over de bomen en hun vruchten. Goede en kwade bomen kunnen van elkaar onderscheiden worden door hun verschillende vruchten. Geestelijk leven, geloofsleven werpt als een goede boom goede vruchten af. En blijkbaar kunnen deze vruchten ook gezien en aangeduid worden.

Hierboven kwam al aan de orde het spreken van Jakobus over een dood en een levend geloof. Het gaat duidelijk niet om een verschil in nuance maar om een totaal en fundamenteel verschil. Een levend geloof kenmerkt Zich door de werken, de vruchten.

In de Eerste Johannesbrief komen we iets heel aangrijpends op het spoor: naar het spreken van Johannes zijn er die beweren dat ze kinderen Gods zijn, maar de werkelijkheid is anders. Voor de apostel is dat reden om te spreken over de kenmerken van het geloof, of de kenmerken van het geboren zijn uit God.

Typerend voor deze brief is een uitdrukking als: , hieraan kennen wij dat wij uit de waarheid zijn". Van grote betekenis is de Hef de als een vrucht en tegelijk een onbedriegelijk kenmerk van het geloof. , , Wij weten dat wij overgegaan zijn uit de dood in het leven, dewijl wij de broeders hefhebben" (3 : 14). Het deelhebben aan Christus en Zijn werk komt aan de dag. De kenmerken van het geloof, zoals Johannes erover schrijft, dragen bij aan de kennis dat men uit God geboren is. Daarmee is nog niet gezegd dat deze kennis altijd even helder en duidelijk is. Calvijn benadrukt dat het één en het ander - het geloof én de vrucht - te maken heeft met het werk van de Heilige Geest: , Dezelfde Geest Die het geloof werkt, geeft ook de genegenheid om Hem te vrezen”.

Om niet meer te noemen, de oproep van Paulus in 2 Cor. 13:5 (onderzoekt uzelf of ge in het geloof zijt, beproeft uzelf. Of kent gij uzelf niet dat Jezus Christus in u is? ), geeft aan dat echt geloof zichzelf onderscheidt. Verder wijzen deze woorden van Paulus erop dat de gelovige zich niet altijd even helder van het geloof bewust is. Het zelfonderzoek moet de dingen juist helderder maken.

Onze Catechismus

In Zondag 7 van onze Catechismus wordt gevraagd naar het ware geloof. Blijkbaar kan het woord , , geloof" ook nog gebruikt worden voor iets anders dan dit ware geloof. We denken bijv. aan het tijdgeloof. Waardoor wordt dan het ware geloof gekenmerkt, zo vragen we ons onwillekeurig af. Eén van de opstellers van de Catechismus, Ursinus, noemt in dit verband enkele vruchten van het geloof als vrede in het geweten, blijdschap in het hart en ernstige lust om God te gehoorzamen.

In het kader van ons onderwerp hebben we zeker te letten op vr. 86. Waarom zouden we nog goede werken doen als de zaligheid toch alleen maar pure genade is? Het gaat ons dan vooral om deze zinsnede uit het antwoord: , , Daar om ook, dat elk bij zichzelf van zijn geloof uit de vruchten verzekerd zij". Weliswaar wordt hier niet letterlijk over de kenmerken, maar over de vruchten van het geloof gesproken, de wijze waarop en het verband waarin erover gesproken wordt geven ons alle reden om dit antwoord uit de Catechismus hier aan de orde te stellen.

Ik meen te mogen constateren dat deze uitdrukking uit antw. 86 nog niet het eenvoudigste woord uit ons bekende troostboek is. Vergelijking van een aantal Catechismusverklaringen ondersteunt deze gedachte. De meningen zijn verdeeld en soms worden de vragen wat omzeild.

Des te opvallender is de onbevangenheid waarmee Ursinus constateert: „...omdat zij ruchten van het geloof zijn, uit welke wij ver het geloof van onszelf en van anderen unnen oordelen". Ook hij haalt dan o.a. et woord van Jezus over bomen en vruchen aan. Maar is ook het spreken van Joannes niet heel onbevangen: „Wij weten at wij overgegaan zijn uit de dood in het even, dewijl wij de broeders liefhebben" n dergelijke uitspraken. Allerminst is hier prake van ijdele zelfverheffing. , , Kijk toch ens wat ik doe en hoe godzaüg ik ben". Zo iet! Juist hier is eerlijkheid voor God en oor onze naaste geboden. , , Het gaat eigenjk om een begrepen en opgenomen zijn in e beoefening van de praktijk der godzaligeid" (ds. J. van SHedregt). In vr. en antw. 6 is sprake van een ademen in een nieuw even door de Heilige Geest, een liefde tot e inzettingen en geboden van God vanuit hristus, Die zegt: Die in Mij blijft en Ik in em, die draagt veel vrucht. Zo bloeit de zeerheid. Omgekeerd: bij een wegzwerven an God in slordigheid kwijnt de zekerheid.

Wat onze Catechismus betreft, zou verer nog gewezen kunnen worden op de drie tukken en op de zelfbeproeving bij het eilig Avondmaal. De drie stukken kenerken het leven van de christen en zeggen aarom toch eigenlijk ook dit: zonder de rie stukken geen oprecht geloof, en omgeeerd. Geloof kenmerkt zich hier in drieërei kennis.

We zullen hier niet uitvoerig ingaan op de elfbeproeving zoals die met name rondom et Heilig Avondmaal aan de orde komt. lleen dit: deze zelfbeproeving is niet alleen an betekenis voor de ontdekking aan alle egen die bij God en Zijn Gezalfde vanaan voeren, maar ook voor de bevestiging n het oprecht geloof. Vr. en antw. 81 noeen kenmerken van degenen die genodigd worden aan de tafel des Heeren, maar wat dan genoemd wordt is juist bedoeld om de gelovigen in besef van onwaardigheid tot Christus te leiden.

De Nederlandse Geloofsbelijdenis

Artikel 29 van onze Geloofsbelijdenis spreekt over de merktekenen der christenen. Hun geestelijk leven kenmerkt zich door bepaalde zaken. Allereerst wordt genoemd het geloof en als dat geloof, waardoor Christus wordt aangenomen, er is, ontbreken niet het vlieden van de zonde en het najagen van de gerechtigheid, liefde tot God en de naaste, het niet afwijken ter rechter-of linkerhand en de kruisiging van het vlees. In de worsteling met Rome en met de Dopers wordt hier gewezen op het onderscheid van de ware en valse Kerk, maar ook worden de merktekenen van oprechte christenen genoemd. Ook nu laten we nog even de vraag rusten of een echt christenmens zo helder deze dingen bij zichzelf waarneemt en op die wijze houvast aan de kenmerken van het geloof heeft.

Wie uiterlijk tot de ware Kerk behoort, zou gemakkelijk daarmee tevreden kunnen zijn. Een gevaar dat niet alleen in de gemeente van Laodicea dreigde, maar dat de eeuwendoor aanwezig is. Vandaar dat in onze belijdenis op de merktekenen der christenen wordt gewezen. Zijn echte christenen dan volmaakte christenen? Nee! Bepaald niet! Niet zonder reden wijst Art. 29 dan ook weer direct op het strijden tegen alle zwakheid en het, , gestadig de toevlucht nemen tot het bloed, de dood, het lijden en de gehoorzaamheid van de Heere Jezus". Me dunkt, dat is pastoraal en bijbels gesproken!

L.

M.G.

Dit artikel werd u aangeboden door: https://www.hertog.nl

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 september 1997

Gereformeerd Weekblad | 16 Pagina's

Kenmerken van het geloof

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 september 1997

Gereformeerd Weekblad | 16 Pagina's

PDF Bekijken