Bekijk het origineel

August Hermann Francke 2 (1663-1727)

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

August Hermann Francke 2 (1663-1727)

6 minuten leestijd

UIT DE SCHAT VAN DE KERK

door H. Hartman, Ridderkerk

Zijn bekering

In Lüneburg vond de grote geestelijke ommekeer plaats, die voortaan zijn gehele leven zou beheersen. Daar kwam hij van een geleerde, maar dode theologie, tot een levend geloof. Tot de persoonlijke ervaring van een levende gemeenschap met God en de Heere Jezus Christus. Dat gebeurde, toen hij voor het eerst zou preken. De stof voor de preek was ontleend aan Johannes 20, met vers 31 als tekst: "maar deze zijn geschreven, opdat gij gelovend, het leven hebt in Zijn naam". Gedurende de voorbereiding van de preek, ging Francke twijfelen of hij wel het geloof bezat, waarover het in de preek zou gaan. Sterker... hij moest vaststellen, dat dit niet het geval was. Later verklaarde hij daarover: "Mijn theologie had ik in het hoofd en niet in het hart, en zij was bij mij meer een dode wetenschap, dan een levende kennis". Het bracht hem tot gebedsworsteling. In zijn duisternis smeekte hij om licht. En dan, in zijn grote benauwdheid, was het plotseling of de hemel open brak. De twijfel week voor de zekerheid van het geloof. "Ik was", zo verklaarde hij "in mijn hart verzekerd van de genade van God in Jezus Christus; ik kon God niet alleen God, maar ook mijn Vader noemen". En nu kon hij met overtuiging over het geloof preken, verlicht door de Heilige Geest.

Al spoedig ging Francke uit Lüneberg weg, eerst naar Hamburg en later naar Dresden. Door tegenstand van de Lutherse geestelijkheid moet hij Dresden verlaten. In 1688 teruggekeerd naar Leipzig, gaat hij weer doceren en vraagt ook leiderschap van het gezelschap van de Bijbelvrienden, zijn aandacht. Maar ook in Leipzig liet men hem geen rust. Ook daar werd zijn arbeid tegengestaan. Eén van die tegenstanders was professor Carpzov. In 1690 werd Francke hulpprediker aan de, uit Luthers leven bekende, Augustinuskerk in Erfurt. Hij preekte er voor voUe kerken. Zelfs roomsen waren onder zijn gehoor. Maar zijn vijanden zaten ook hier niet stil. Ze lieten de keurvorst in Saksen weten, dat ds. Francke afweek van de lutherse leer; dat hij een ketter was en de mensen op een dwaalspoor bracht. Ze kregen het gedaan, dat Francke als onruststoker in 1691 uit Erfurt werd verbannen. Onderweg van Erfurt naar Gotha, dichtte hij het bekende lied: "Gottlob, eine Schrit zur Ewigkeit".

Maar reeds in januari 1692 werd hij predikant in Glaucha, een voorstad van Halle. Dat had hij te danken aan de bemiddeling van zijn vriend Spener. En toen in HaUe een Universiteit kwam, werd Francke daar benoemd als hoogleraar in de Hebreeuwse en Griekse taal en vanaf 1698 ook in de theologie.

U raadt het al: ook in deze benoeming had Spener de hand. Wel had Francke bedongen, dat hij het hoogleraarschap mocht combineren met zijn predikambt in Glaucha. Francke heeft niet minder dan 35 jaar in HaUe gewerkt. Ondanks zijn enorm druk bezet leven, kon hij blijkbaar enkele dagen vrij maken om te trouwen. Hij deed dit op 4 juni 1694 met freule Anna Magdalena vonWurm. Het was een goed en gelukkig huwelijk. Ze kregen twee kinderen: in 1696 werd Gotthilf en in 1697 Johanna Sophia Anastasia geboren. Toen hij het werk in Halle niet meer alleen aankon, kreeg hij hulp in de persoon van de theologische student: Freylinghausen. Als hoogleraar benadrukte Francke de grote waarde van de Heilige Schrift als de enige bron van de waarheid. De exegese van de Bijbel kreeg dan ook de volle aandacht. Maar ook vakken als homiletiek, ethiek, pastoraat, enz. werden niet vergeten. Francke had op zijn studenten veel invloed. Dat kwam vooral door zijn manier van voordragen. Wie hem hoorde was ervan overtuigd, dat wat hij do ceerde, bij hem leefde. Ook door zijn preken oefende hij invloed uit. Het ging hem niet om naam te maken door geleerdheid of retoriek. Hij hield het eenvoudig. Krachtig preekte hij het levend geloof in de Heere en Heiland. Wekte ernstig op tot een echt christelijk leven.

Francke als filantroop

Vooral door zijn arbeid ten dienste van allen die door allerlei omstandigheden het moeilijk hadden, is Francke bekend geworden. Wat Spener in zijn: "Pia desideria" theoretisch aan de orde had gesteld, werd door Francke in praktijk gebracht. Zijn piëtisme deed hem actief zijn op vele fronten. Hij was zo> vel theoloog als pedagoog; sociaal hervormer als zendingsman.Wat Francke in dit verband tot stand mocht brengen, heeft wereldwijd de aandacht getrokken en velen tot medewerking gebracht. Zijn intensieve inzet begon in het jaar 1694. Het was de aanvang van de door hem in het leven geroepen tehuizen, die bekend staan als de "Francke- Stichtingen te Halle". Toen hij in Claucha predikant werd, trof hij daar veel armoede en verwaarlozing aan, zowel op maatschappelijk als godsdienstig gebied.

Hij bond er de strijd tegenaan. Bijzondere aandacht kreeg de catechisatie en de godsdienstige opvoeding van de jeugd. Ook ijverde hij voor zondagsrust en - heiliging. Het was in Halle de gewoonte, dat op donderdag de vele aanwezige bedelaars aan de huizen aanbelden en om een aalmoes vroegen. Ze sloegen de pastorie niet over en waren er welkom. Ze waren er achter gekomen, dat deze dominee niet alleen preekte, maar zich óok in liefde over hen bekommerde. Bij zijn woorden voegden zich zijn daden. Het werd Francke al spoedig duidelijk, dat deze mensen erg onwetend waren. Met hun kinderen was het niet veel beter gesteld. ledere vorm van onderwijs ontbrak. Daar moest nodig wat aan gedaan worden. Er moest voor deze arme kinderen een school komen, een armenschool. Een schoon ideaal. Maar hoe aan het benodigde geld te komen? Francke stuurde studenten met een collectebus langs de huizen, maar dat leverde weinig op. Hij hing nu een bus in zijn huis op. Om de mensen tot geven aan te moedigen, liet hij naast de bus twee Bijbelteksten aanbrengen. De ene luidde: "zo wie nu het goed der wereld heeft en ziet zijn broeder gebrek hebben en sluit zijn hart toe voor hem, hoe blijft de liefde Gods in hem? " (1 Johannes 8 : 17). De andere was genomen uit 2 Korinthe 9:7: , , Een iegelijk doe gelijk hij in zijn hart voorneemt, niet uit droefheid of uit nooddwang: want God heeft een blijmoedige gever lief". Er komt wat geld binnen. Niet voldoende om reeds concrete plannen te maken. Maar dan vindt Francke op zekere dag in de collectebus een gift van 4 daalders.Vol dank aan de milde gever en bovenal aan de Heere, Die zijn vertrouwen niet heeft beschaamd, staat het voor Francke vast: de armenschool komt er. Na veel teleursteUingen en tegenslagen, kwam er in 1695 een school tot stand. Eerst in een kamer van de pastorie en later in de open lucht. Een arme student was bereid tegen een kleine vergoeding iedere dag een paar uur onderwijs te geven. De rest van het onderwijs nam Francke voor zijn rekening. In korte tijd volgden 50 a 60 kinderen de lessen. Om financieel wat meer armslag te hebben, nam Francke ook kinderen van meer gegoeden aan. Uit deze activiteit op het gebied van het onderwijs kwamen er in de loop van de tijd in Halle scholen voor jongens en meisjes, een kweekschool, een middelbare school en een gymnasium.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 23 januari 2004

Gereformeerd Weekblad | 16 Pagina's

August Hermann Francke 2 (1663-1727)

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 23 januari 2004

Gereformeerd Weekblad | 16 Pagina's

PDF Bekijken