Bekijk het origineel

Is dit eenmaal kelder beleden

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Is dit eenmaal kelder beleden

4 minuten leestijd

valt zelfs de mogelijkheid, dat de zuiverder opvatting van kerk ooit tot sektarisme leiden zou. Immers erkend wordt dan, dat alleen God zuiver geestijk keurt, en dat ivij niet anders keuren kunnen en mogen dan naar een door Hem, in het waarneembare gesteld kenteeken. Beleden wordt dan dat van de toetreding van het eerste geslacht dergenen, die uit de Heidenen en Joden tot Christus bekeerd zijn, de opvolgende geslachten niet eerst door eigen wilskeuze in de kerk komen, maar er door geboorte in zijn, en slechts bij gebleken ongeloof zich hebben af te scheiden. Geëerd blijft dan de groote Verbondsgedachte van het „u en uwen zade", die ook het onderpand van de trouw onzes Gods is. En terwijl alsdan eenerzijds de tegenstelling tusschen de „vergadering der geloovigen" en de „wereld" geliandhaafd blijft, wordt dan toch anderzijds volmondig beleden, dat er ook in de wereld een genade, de gemeene gratie onzes Gods werkt, en dat de kerk van Christus die in haar midden optreedt, een der krachtigste middelen is, waardoor het God belieft zijn „gemeene gratie" tot haar doel te leiden.

Aldus nu staat men tegenover de Volkskerk sterk, al ware het slechts om een reden, die ieder vatten kon. De Volkskerk namelijk beoogt hetzelfde. Ook zij wil het Pelagianisme in de kerkformatie afsnijden. Zij wil ons door Gods bestel en niet enkel door eigen keuze met de kerk in contact brengen. Zij wil het verband handhaven. Zij wil den samenhang der geslachten eeren. Zij leeft bij den Kinderdoop: En tevens wil ze de wereld zegenen, ook in die levensuitingen die niet in rechtstreeksch verband met de zaligheid staan. En dat alles .stelt ze zoo hoog, dat ze daaraan de zuiverheid der kerk opoffert, en het zich getroost, dat ze tot zelfs de atheïsten toe in haar midden te dulden heeft, en omgekeerd veel vrome belijders, die tegen haar reageeren, moest vervolgen en uitbannen. Edoch, en dit is volstrekt natuurlijk, ze moet dan toch altijd een zeer aanmerkelijk deel van het gewone menschelijk leven buiten de kerkelijke sfeer laten. Rome zag dit in, en heeft daarom gepoogd, zoover het eenigszins ging, alle menschelijke levensuiting binnen de kerkelijke sfeer op te nemen. De kunst, de wetenschap, de gilden, en zooveel meer. xmenschelijke natuur door de zonde loochenen, of althans verzwakken.

Doch dit deed de Protestansche Volkskerk niet. Zij sloot kunst, en wetenschap, handel en bedrijf van haar kerkelijk leven uit, en maakte deze burgelij ke levensuitingen zelfstandig. Juist dit echter had tengevolge, dat men er aan gewend raakte, om in deze levensuitingen verschijnselen te gaan zien, die vijandig tegen de kerk overstonden, en immers wapenen voor het ongeloof waren. Dit ging nu nog, zoo lang de menschelijke, niet-kerkelijke arbeid zich bij voorkeur bezig hield met min of meer geestelijke verschijnselen, als letteren, kunst, rechtsgeleerdheid, staatkunde enz. Maar anders kwam het te staan, toen in onze eeuw deze wetenschap zich bij voorkeur op de natuur wierp, en er in slaagde op alleszins uitnemende wijze de macht van den menschelijken geest over de natuur uit te breiden en te bevestigen. Voor ons was dit geen hinderpaal. Wij toch belijden, dat het juist de invloed van de Christelijke religie is, die de gemeene gratie ook op dit punt derwijs gesterkt heeft, dat juist in de Christelijke deelen der wereld de heerschappij over de natuur, die ons in het Paradijs was toegekend, en sinds teloor ging, weer op zoo aanmerkelijke wijze ons is teruggegeven; nu niet instinctief als in het Paradijs, maar als vrucht van een arbeid in het zweet onzes aanschijns. Wij op ons standpunt juichen deze uitbreiding van 's menschen macht over de natuur dus toe, danken er God voor, en profeteeren dat ze nog veel verder zal gaan. Dit alles is ons de vrucht van de gemeene gratie, en we belijden, dat deze gratie daarom zoo wonderbaar door kon werken, omdat de verborgen kracht der Christelijke religie haar gesterkt en bewaard heeft, om den geest des menschen steeds meer van den vloek te bevrijden. Maar op het standpunt der Volkskerk staat dit natuurlijk gansch anders. Met name die ontwikkeling der natuurlijke wetenschappen valt geheel buiten de kerkelijke sfeer, en daar ze nu van genade buiten de kerkelijke sfeer niets afweet, moet ze één van beide doen, óf, voor zooveel ze aan het geloof vasthoudt en hemelsch van aard wil blijven, deze ontwikkeling van onze macht over de natuur met wantrouwen aanzien en vijandig bejegenen; oftewel, voorzoover ze het geloof loslaat, ontkennen dat er op de natuur een vloek rust, en het bederf van onze

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 6 februari 1898

De Heraut | 4 Pagina's

Is dit eenmaal kelder beleden

Bekijk de hele uitgave van zondag 6 februari 1898

De Heraut | 4 Pagina's

PDF Bekijken