Bekijk het origineel

Djocja.

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Djocja.

8 minuten leestijd

Het zal ook onzen lezers goed zijn geweest te vernemen, dat dezelfde vriendelijke hand, die zoo vorstelijk mild de eerste tien duizend Gulden voor het P^r/'row^/Za-Hospitaal beschikbaar stelde, nogmaals een gift van vijf diiisend Gidden aanbood voor de inrichting van het Hospitaal, zoodra het onder dak zal zijn.

Slechts is het te verwonderen, dat nog niet meerdere broeders en zusters, die over genoegzame middelen beschikken, om zonder bezwaar voor hun balans, eens een goede som voor datzelfde doel af te zonderen, zich in navolging van dat goede voorbeeld van gelijken plicht gekweten hebben. En toch dit eerste Hospitaal moet nu eens uit extra giften komen, niet van al de kleine giftjes uit heel de kerk, maar uit enkele kapitale sommen van gegoede broeders en zusters.

En dit kan.

Kant en klaar zal het Hospitaal waarschijnlijk ƒ 35.000 kosten, maar die som is wel op ƒ 30.000 te verminderen.

Daarvoor is nu reeds ingezonden door één hand ƒ 15.000. Voorts een gift van f 1.000. En dan is er nog het restant van de Stuiversvereeniging ad ƒ 3.000.

Saam dus ƒ 19.000. En eer het in gebruik kan worden genomen, komt hier van diezelfde Vereeniging stellig nog een ƒ 5.000 bij.

Er ontbreekt dus nog een goede/6.000, en al kon nu zeer wel één man of ééne zuster die voor haar rekening nemen, in geen geval is er bezwaar denkbaar, waarom een tiental hunner dit niet willig zou kunnen doen.

Moge het hart van dit tiental er toe verwekt worden. Zelfs at waren er geen tien, er zijn er wel minstens drie die elk ƒ 1000, en zes die elk ƒ 500 kunnen geven, en willen geven oók.

Voor dit Hospitaal navolgende regeling: is nu vastgesteld de De Deputaten, bedoeld in art. 23 van de overgangsbepalingen die in zake de zending gemaakt zijn door de Generale Synode van Middelburg in 1896 (Acta, art. 140), door de Deputaten van advies in Januari 1898 samengeroepen om eene voorloopige regeling vast te stellen in zake den medischen dienst, voorzooveiTC hiertoe aanleiding bestaat door de gelegenheid die zich voordoet tot stichting van een hospitaal te Djocja buiten bezwaar van dezendingskas, gaan daarbij uit van de overweging: lO. dat de Deputaten voor den medischen dienst tot de oprichting van een hospitaal te Djocja besloten hadden, doch de uitvoering van dit besluit naar aanleiding van de daartegen door de Deputaten voor Midden-Java ten Zuiden geopperde bezwaren hebben gestuit; 2*. dat de

Deputaten van advies de urgentie van deze opnchting hebben uitgesproken, en de vergadering bedoeld in art. 23 der overgangsbepalingen hebben bijeengeroepen, opdat door de vaststelling eener voorloopige regeling de uitvoering van het besluit der Deputaten voor den medischen dienst niet langer behoeve gestuit te blijven; 3O. dat de voorloopige regeling in zake den medischen dienst, welke hier gevorderd wordt, derhalve is eene voorloopige regeling voor de oprichting en instandhouding van een hospitaal te Djocja; en 4". dat de vergadering, bedoeld in art. 23 der overgangsbepalingen, tot niets anders geroepen is, dan tot de vaststelling van zoodanige voorloopige regeling voor deze oprichting en instandhouding, als de nadere regeling van het werk der zending niet bemoeielijken zal.

In dien zin opgevat, hebben Deputaten voornoemd, krachtens het mandaat daartoe door de Generale Synode te Middelburg verleend, besloten vast te stellen gelijk zij vaststellen bij dezen, de navolgende:

voor de oprichting en instandhouding van een Hospitaal te Djocja.

Art. I. De oprichting en instandhouding van dit Hospitaal moet geheel buiten bezwaar van de kas der zending blijven, tenzij de Kerken later in Generale Synode hierover anders mochten beschikken.

Art. 2. Alvorens tot de oprichting over te gaan, moet zekerheid zijn verkregen, dat de Sultan van Djocjacarta zich c. q. niet verzetten zal tegen oprichting, in verband met dat Hospitaal, van den missionairen Dienst des Woords.

Deze zekerheid behoort verkregen en vastgesteld te zijn in het contract van erfpacht voor het terrein waarop het Hospitaal zal gebouwd worden.-Art. 3. De eigendom van het terrein, de gebouwen, meubels, en verdere goederen moeten gesteld worden op naam van eene der Kerken in Nederland, met verbintenis harerzijds tegenover de gezamenlijke Kerken, om van dit recht van eigendom geen ander gebruik te maken, dan tot oprichting en instandhouding van het Hospitaal volgens aantvijzing van de gezamenlijke Kerken of van hare Deputaten voor den medischen dienst, een en ander nader te regelen bij contract, te sluiten tusschen zoodanige Kerk en de Deputaten voor den medischen dienst, onder goedkeuring van de Deputaten in den hoofde dezes genoemd.

Art. 4. Zoodra een missionaire dienst des Woords in Djocja mocht worden opgericht, zal een ieder die over of in dit Hospitaal zeggenschap heeft, behooren mede te werken, om het Hospitaal aan de bevordering van dien dienst dienstbaar te maken.

Art. 5. Geene andere personen zullen aan dit Hospitaal verbonden mogen worden, dan de' zoodanigen, die tot het kerkverband onzer Kerken behooren, met uitzondering van dienstbaar personeel en tijdelijke assistenten.

Art. 6. De medische dienst in| dit Hospitaal zal tevens moeten strekken, om het Evangelie onder de bevolking ingang te doen vinden.

Art. 7. Het Hospitaal zal, tot tijd en wijle eene Generale Synode anders mocht beslissen, onder het bestuur van de Deputaten voor den medischen dienst staan.

Art. 8. Voor medische diensten zal van patiënten die over geene genoegzame middelen beschikken, geene betaling verlangd worden.

Europeanen zullen niet dan bij hooge uitzondering worden opgenomen.

Art. 9. Het aldus op te richten Hospitaal zal den naam voeren van /"(ffrw/^/Zs-Hospitaal, en geene aanspraak mogen maken op den naam van het Hospitaal der zending onzer Kerken. Het zal een hospitaal naast andere later op te richten hospitalen zijn.

Art 10. Het Hospitaal zal zijne werkzaamheden bepalen tot het rijk van Djocjacarta, en zich niet inlaten met den missionairen arbeid in eenige andere residentie, dan onder goedkeuring van wie in deze residentie het zeggenschap over onze missie heeft.

Art. II. Uit de oprichting van dit Hospitaal zal de pretentie niet mogen worden afgeleid, alsof door dit Hospitaal Djocja tot het centrum van de zending onzer Kerken op Java ware verheven. Zulk centrum zal het zelfs niet voor de residentiën van Midden-Java ten Zuiden zijn.

Bagelen en de overige residentiën blijven ook na de opening van dit Hospitaal volkomen in hare positie. En alleen in zooverre zou het Hospitaal aan de missie te Djocja eene centrale beteekenis kunnen geven, als het rijk van Djocja zelf betreft. Niet daarbuiten.

Art. 12. De oprichting van dit Hospitaal zal niet mogen worden aangewend als beweegreden om naar Djocja de opleidingschool van Poerworedjo over te brengen.

Art. 13. Indien eenige Kerk wenschen mocht te Djocja een missionairen Dienst des Woords te vestigen, zal dit moeten geschieden in overleg met de Kerk van Utrecht, op welke het mandaat van de Deputaten voor Midden-Java ten Zuiden is overgegaan; met dien verstande, dat Alsdan het rijk van Djocjacarta een afzonderlijk zendingsveld zal worden, onder het bestuur van de Kerk, die er een missionairen Dienst des Woords zal vestigen.

Art. 14. Bij mogelijke verschillen, die zich naar aanleiding van de oprichting en instandhouding van dit H[ospitaal of de vestiging van een daarmede te verbinden missionairen Dienst des Woords mochten voordoen, zullen de in geschil zijnde partijen de zaak ter beslissing voordragen aan de Deputaten van advies, die zoo noodig wijzigingen in deze regeling bij de gezamenlijke Deputaten, in den hoofde dezes genoemd, zullen aanvragen.

Art. 15.Deze voorloopige regeling geldt slechts tot op den dag waartegen de eerstvolgende Generale S)Tiode haar vervallen zal verklaren.

Aldus vastgesteld door de Deputaten voornoemd, in Februari 1898.

H. BAVINCK. J. H. DONNER. TH. HEEMSKERK. J. G VAN DER HOOGT. A. KUYPER. F. L. RUTGERS. B. VAN SCHELVEN. L. VAN DER VALK. D. K. WiELENGA.

De naam Petronella-HospitsLal is gestipuleerd bij de groote gift, niet een verzinning van Deputaten;

En wil men nu nog eens van een ooggetuige hooren, hoe Scheurer werkt, lees dan wat Ds. Birkhoff van Ternate, die Scheurer bezocht, er van schrijft. Een familielid van Ds Birkhoff schrijft ons desaangaande dit: Bovengemelde heer M. Birkhoff is een studie en boezemvriend van Dr. Scheurer. En hem

nu, op zijn terugreis naar Ternate, bezoekende, meldt hij dit er woordelijk van: „Waargij kunt en hoe dan ook, steunt met al je kracht Dr.

Scheurer, die meer dan looo patiënten te verzorgen heeft. Het stroomt naar hem toe. Overal wordt hij als de hulpvaardige C(Z/OT'«W/geroemd.

Dat de kerken niet aarzelen hem krachtdadig te steunen met een collega en met zendelingen.

Hij is een uitverkoren vat, dien God de Heere voor groote dingen gebruiken wil, en een eere zal zijn voor de Kerken in Holland. Vergeet vooral niet, waar je kan en mag, dien Apostel, want dat is hij, bekendheid te verschaffen.

Laat vooral Dr. Kuyper weten dat het een man is, die alle vertrouwen verdient. Dat op Java rijk en arm hem op de handen draagt en dat er, tijdens mijn verblijf ten zijnent, patiënten naar hem toestroomden uit 3 Residentiën. Heeft hij al hulp? Er moet minstens nog ttnzend.

A ris en een geivoon zendeling bij. Jonge mannen uit den gegoeden burgerstand, die twee handen hebben en een hart dat in den Heere Jezus geborgen is, zijn daar op hun plaats.

Denk er aan mijn waarde! dat ik veel gezien, veel opgemerkt en weinig gesproken heb. Ik schrijf je in tegenwoordigheid des Heeren dit bovenstaande."

Er is alzoo geen quaestie of we staan hier voor een aanvankelijk geslaagde zaak, en het is nu maar te hopen, dat er nu dan ook worde doorgetast, allereerst door in den zak te tasten.

Elke gift mits aanvankelijk niet onder de ƒ 500 zal ons welkom zijn. Later zal er wel door al de kerken voor den Medischen dienst geld worden gevraagd, maar dat moet dan zijn voor een tzveede Hospitaal.

Dit jP< ? /ri? 7^^//ö-Hospitaal blijve een extra.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 13 maart 1898

De Heraut | 4 Pagina's

Djocja.

Bekijk de hele uitgave van zondag 13 maart 1898

De Heraut | 4 Pagina's

PDF Bekijken