Bekijk het origineel

Generale Synode

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Generale Synode

14 minuten leestijd

VAN DE Gereformeerde Kerken in Nederland.

Donderdag 24 Augustus 1899.

Morgenzitti7ig.

Naar aanleiding van het voorstel van Friesland : De Generale Synode spreke zich uit over de vraag, of Art. 42 D. K. O. niet in strijd is met de beginselen van ons Gereformeerde kerkrecht, en daarom in dier voege gewijzigd moet worden, dat ook uit kerken, die meerdere Dienaren des Woords hebben, slechts een Dienaar des Woords moet worden afgevaardigd met keurstem, en indien de Generale Synode hiertoe niet besluiten kan, of dan het aantal afgevaardigde ouderlingen voor zulke kerken niet met dat der predikanten gelijk moet worden gesteld, stelt de commissie van prjeadvies bij monde van Prof. Lindeboom voor dat Art. 42 aldus worde gewijzigd, dat alle Dienaren des Woords eener kerk zullen worden afgevaardigd en dat een gelijk aantal ouderlingen zal gedeputeerd; echter met dien verstande, dat slechts aan een Dienaar des Woords en aan een ouderling keurstem zal worden verleend.

Dit voorstel wordt besproken door: Prof. Wielenga. Dr. Wagenaar, Prof. Beuker, Prof. Lindeboom, Ds. De Geus, Dr. Van Goor, Prof. Biesterveld, Ds. Breukelaar, Ds. Van Schelven, Ds. v. d. Velden, Ds. Littooy en Prof. Rutgers. Sommigen bepleiten deze wijzigmg, omdat gisteren is besloten dat de kerken-ordening incidenteel kan gewijzigd als een bepaald gravamen is ingeleverd en omdat op de meerdere vergaderingen, huns inziens de ouderlingen evenveel recht moeten hebben als de Dienaren des Woords. Anderen merken hiertegenover op: I. dat men dan slechts tot herziening van de Kerken-Orde moet overgaan als onderscheidene kerken of dassen wijziging van een bepaald artikel wenschen — hetgeen nu niet het geval is, zoodat dus blijkbaar Art-42 der Kerken-Ordening in andere dassen geen aanleiding geeft tot moeilijkheden; 2. dat 't niet zoo bedenkelijk is dat op deze classe meer predikanten dan ouderlingen tegenwoordig zijn met keurstem •— immers, onthield men die keurstem, dan zouden die dienaren, die niet mogen stemmen, van de classicale vergaderingen gewoonlijk wegblijven en zou hiervan tengevolge de classe hunne hulp, dikwijls noodig b.v. bij examina, ook missen.

Dr. Van Goor stelt voor, dat de dassen zelve, bij huishoudelijke bepaling, hierover een regeling treffen.

Ds. Bos stelt voor te besluiten, op het voorstel der Commissie van Preadvies nog niet in te gaan, aangezien de kerken nog geen gelegenheid hadden, zich hierover uit te spreken.

Het voorstel van Dr. Van Goor wordt aangenomen.

Punt C van de agenda, „Opzicht, Tucht en Geschillen, " komt weer in behandeling. Dr. Hania stelt namens de Commissie van Praeadvies eenige conclusies voor, welke worden aangenomen.

De Commissie van Prseadvies naar aanleiding van het voorstel van Zuid-Holland: „De Generale Synode spreke uit, dat de ouderlingen en diakenen slechts voor twee jaren, tenminste voor beperkten diensttijd, benoemd mogen worden, zonder dat daarmede absoluut bepaald is, dat zij niet herkozen mogen worden, " biedt de volgende conclusie van de Synode aan: De Synode verklare dat het de be­ doeling van Art. 27 is, ten iste dat de ouderhngen en diakenen slechts voor beperkten diensttijd verkozen worden en ten 2de dat herkiesbaarstelling van aftredenden slechts mogelijk is wanneer 't profijt der kerk 't vordert.

Deze conclusie wordt verworpen, terwijl wordt aangenomen een voorstel, aldus luidende: De Synode, ofschoon geheel instemmende met Zuid-Holland, dat het de bedoeling van Art. 27 der K.-O. is ten iste dat de ouderlingen en diakenen slechts voor een beperkten diensttijd verkozen worden en ten 2de dat herkiesbaarstelling van aftredenden slechts mogelijk is, wanneer 't profijt der kerk 't vordert, oordeelt dat 't allereerst op den weg der dassen, respectievelijk particuliere Synoden ligt, plaatselijke misstanden uit den weg te ruimen.

Middagzitting.

Het voorstel in zake eene audiëntie bij H. M. de Koningin wordt, nadat het door Prof. Noordtzy is aanbevolen, aangenomen. Het moderamen benoemt Prof. Wielenga, Prof. Lindeboom en-Dr. . Honig tot concipieering van het request dat door de deputaten aan H. M. de Koningin zal worden aangeboden.

In gevoelvolle en bemoedigende bewoordingen bidt de praeses aan Ds. Weijers, beroepen predikant van Batavia, ter Synode aanwezig, den zegen des Heeren toe op zijn arbeid. Ds. Weijers, den prseses dank zeggende, beveelt zich in de liefde en voorbede der broederen en der kerken aan, tevens verklarende dat hij in 't besef van eigen zwakheid betrouwt op Hem, wiens kracht in onze zwakheid wordt volbracht.

Ds. V. d. Velden stelt namens de Commissie van Prseadvies voor:

1. Deputaten voor de correspondentie met de buitenlandsche kerken te dechargeeren;

2. de correspondentie met de buitenlandsche kerken krachtig voort te zetten;

3. aan de afgevaardigde van the Methodist Calvinistic Church of Wales adviseerende stem te verkenen Op onze Synode;

4. afgevaardigden te zenden naar de beide Gereformeerde kerken in Zuid-Afrika waarmede wij in correspondentie staan, wanneer dit zonder financieel bezwaar van de kerken kan geschieden ;

5. hare blijdschap er over uit te spreken, dat de Gereformeerde kerken van Oost Friesland en Bentheim op ons advies de dusver bij haar geldende Kerkenordening hebben ter zijde gesteld en de Dordtsche Kerkenordening hebben aanvaard;

6. haren dank te betuigen aan de Commissie (Prof. Rutgers en Prof. Wielinga), voor de correspondentie met de Belgische Zendingskerk en uit te spreken, dat, ofschoon de correspondentie niet tot het gewenschte einde heeft geleid, toch deze correspondentie nog niet zal worden afgebroken;

7. de kerk van Antwerpen voorloopig te doen inwonen bij de classe Dordrecht.

Aan de provinciale Synode van Friesland te antwoorden dat leden van de Gereformeerde kerken die naar Duitschland vertrekken, zich om advies hebben te wenden tot de kerk, tot welke zij vóór hun vertrek behoorden, terwijl dan die kerk zich desgewenscht op haar beurt weer om advies kan wenden tot Deputaten voor de correspondentie met de buitenlandsche kerken.

Deze voorstellen worden aangenomen.

Vrijdag 25 Augustus 1899.

•mg.

Ds. Hessels rapporteert over 't rapport van deputaten voor de Zending onder de Joden. Deputaten hebben aangesteld tot arbeiders onder de Joden broeder Smit te Zwolle, die met opgewektheid zijn moeilijk werk verricht. Zij hebben steun geboden aan sommige Zondagsscholen, die door kinderen van Joden worden bezocht, en aan het Institutum Delitzschianum te Leipzig, waar arbeiders onder de Joden worden opgeleid. De deputaten gaven uit: „'t Leven van Daniël Landsman, " en een tractaat, getiteld: „Wat leeren de Rabbijnen aangaande den Messias." De Commissie van Prseadvies stelt voor:

1. deputaten dank te zeggen voor hun belangrijken arbeid;

2. deputaten voor de Zending onder de Joden te machtigen een qurestor missionis, geen deputaat zijnde, te benoemen;

3. te besluiten dat bijaldien een deputaat voor de Zending zijn mandaat niet langer kan uitvoeren, de classe waartoe hij behoort een ander in zijne plaats zal benoemen.

Ds. Donner rapporteert over de handelingen van deputaten voor de Zending op Midden-Java ten zuiden. Deze deputaten deelen o. a. mede: dat Ds. Adriaanse een goed deel van zijn tijd besteedde aan de studie van de taal en aan het paganisme, gelijk 't aldaar optreedt; dat Ds. Adriaanse geregeld de desa's bezocht en al spoedig tot de conclusie kwam, dat de zooge naamde Christen-gemeenten alle vrucht zijn van den arbeid van mevrouw Philips; dat Ds. Adriaanse in den helper Moesa een goede hulp vond, zoodat Z.Eerw. hem dan ook als onderwijzer aan de school te Temon heeft aangesteld; dat Ds. Adriaanse aan de beste leerlingen van de Keucheniusschool eenig onderwijs heeft gegeven tijdens de afwezigheid van Br. Zuidema; dat de kerkeraad van Utrecht Ds. Adriaanse als dienaar Missionair beriep; dat deze roeping werd opgevolgd en alzoo Ds. Adriaanse I Oct. 1897 dienaar des Woords bij de kerk te Utrecht werd.

De kerkeraad van Utrecht voegt aan dit rapport, 't welk natuurlijk slechts tot i Oct. 1897 liep, 't volgende toe. Ds. Adriaanse heeft na I Oct. 1897 zijne bovengenoemde studiën en zijn bezoek aan de desa's getrouw en met ijver voortgezet; enkele scholen" zijn door Z.E.W. geopend, o. a. te Djenar, waaraan als hoofd helper Samuel is verbonden; zonder Sadrachaf te stooten werkt Ds. A. toch onafhankelijk van hem voort; Roomsche propaganda is soms met malerieele wapenen opgetreden op ons terrein; een kerkgebouw te Poerworedjo, zoo dringend noodig, kon uit geldgebrek nog niet gebouwd; ten laatste is 't gewenscht, dat aan de helpers eene positie worde gegeven tegenover de regeering, die meer overeenkomstig is met hun eigenlijken status.

Prof. Wielenga, dank brengende aan de kerk van Utrecht voor de betoonde toewijding, vraagt enkele inlichtingen. Eveneens Ds. Bos, Ds. Donner, Ds. Noordewier, Dr. Wagenaar en Dr. Van Goor. Deze worden door Ds. Fernhout verstrekt. De conclusie's van de Commissie van Prseadvies: I. Deputaten hartelijk dank te zeggen voor den tot i Oct. 1897 verrichtten arbeid en hunne handelingen goed te keuren; 2. goed te keuren de handelingen van den kerkeraad te Utrecht; 3. de kerk van Utrecht als deputaat van de Generale Synode te continueeren; 4. aan de kerk van Utrecht een crediet toe te staan van hoogstens / 4000 per jaar in het vertrouwen, dat de kerk te Utrecht zoo spoedig mogelijk samenwerking met andere kerken en dassen zal zoeken en alzoo de algemeene kas van deze uitgave ontlasten.

Al deze conclusie's worden goedgekeurd.

Dr. Wagenaar rapporteert over de handelingen van deputaten voor de Zending op Midden-Java ten noorden. Deze deputaten hebben tot hun leed op zijn verzoek aan een arbeider ontslag moeten verkenen., Zij hebben beproefd om degenen, die op Midden-Java ten noorden tot 't Christendom overgingen, van geestelijke leiding te voorzien. Maar helaas nam 't aantal inlandsche helpers af, terwijl 't deputaten nog niet mocht gelukken een dienaar des Woords voor dezen arbeid te vinden. De Commissie adviseert deze deputaten te danken voor hunne bemoeiingen en hen te continueeren, totdat de kerk te Rotterdam dit deel van het zendingsterrein overneemt. Alzoo besloten.

Eveneens rapporteert Dr. Wagenaar over de handelingen van deputaten voor de Keucheniusschool. Deze deputaten deelen mede dat zij beraadslaagd hebben over de wijze waarop de Keucheniusschool 't best aan hare bestemming zou kunnen beantwoorden en dienen enkele gewichtige voorstellen bij de Synode in. De Commissie van Prasad vies stelt voor: i. in zake de Keucheniusschool nog geen definitieve beslissing te nemen; 2. den heer Zuidema te verbinden aan een school voor lager onderwijs en aan deputaten voor de Zending in overweging te geven Z.Ed. te verplaatsen naar Djocja of naar Soerabaja of naar Batavia; 3. deputaten zullen omzien naar een onderwijzer met aanleg voor taaistudie om dien te benoemen tot directeur van de Keucheniusschool; 4. op de volgende Synode de plaats en de inrichting van de Keucheniusschool definitief vast te stellen; 5. deputaten voor de Keucheniusschool te danken voor hunne besognes en hen te continueeren. Over dit rapport ontspint zich eene breede gedachtenwisseling waaraan deelnemen Dr. Wagenaar, Prof. Lindeboom, Prof. Wielenga en Dr. Honig. Daarna worden al deze voorstellen aangenomen.

Ongeveer te 10 ure zag de hoogleeraar Rutgers zich geroepen tot de zware taak aan Dr. H. H. Kuyper het overlijden zijner waarde en lieve moeder te boodschappen. Toen Dr. Kuyper dit diep-smartelijk bericht den praeses had medegedeeld, richtte Z.W.E. enkele korte maar treffende woorden van deelneming en vertroosting tot den diep bedroefden zoon. Daarna werd onmiddellijk met fijnen tact de zitting voor eenigen tijd verdaagd. De aanwezigen, zoowel de afgevaardigden als de vele toehoorders, waren zeer getroffen. En vooral was de ontroering algemeen, toen professor Rutgers Dr. H. H. Kuyper uit de zaal wegleidde. Na de heropening deelde de hoogleeraar Rutgers met door droefheid gebroken stem mede, dat Z.H.G. onmiddellijk naar Zwitserland moest vertrekken, terwijl hij den zegen des Heeren over de verdere werkzaamheden der Synode afbad.

De praeses dankte Prof. Rutgers voor de vele diensten der Synode, door zijne keurige en glasheldere adviezen bewezen, en sprak den wensch uit, dat 't den hoogleeraar gegeven mocht zijn professor Kuyper en de zijnen te troosten en te sterken te midden hunner groote smart. Voorts stelde de preses namens het moderamen voor om Dr. A. Kuyper per telegram van de hartelijke deelneming in zijn rouw te verzekeren. Dankbaar werd dit voorstel ontvangen, gelijk ook in bijzonderen zin het hart zich uitte, toen bij den aanvang der middagzitting op verzoek van den prteses werd gezongen psalm 103 : 8 en 9. Ds. Littooy was de eerste die na de schorsing der vergadering 't woord voerde. OoÉ door Z.W.E. werd in gevoelvolle bewoordingen uitgesproken, hoezeer hij deelde in de droefheid, waarmede 't hart van Prof. Kuyper vervuld zou zijn.

Middagzitting.

Dr. Wagenaar rapporteert over de handelingen van Deputaten voor den medischen dienst. Dep. rapporteeren: dat zij Dr. Scheurer machtigden om een polikliniek te openen te Djocja, dat ze later besloten een hospitaal te boawen en als plaats voor vestiging na het inwinnen van advies van de arbeiders in Indië, Djocja kozen; dat een voorloopige regeling door Deputaten bedoeld in art. 23 van de Acta Syn. Middelburg is ontworpen. De Vereenig. „Dr. Scheurer's hospitaal" steunde krachtig den arbeid voor de stichting van het hospitaal, waarvoor bereids een schoon teriein door den Sultan van Djocjacarta werd afgestaan, op

voorwaarde alleen dat het hospitaal loo bedden moet beschikbaar stellen, en dat ƒ 1400 moet uitgekeerd als schadeloosstelling voor de opwonenden. De kosten van den bouw worden geraamd op / 43000. Er zullen voor bouw en inrichting nog duizenden noodig zijn. Men hoopt daarvoor nog vele groote en kleine giften te ontvangen. De commissie van praeadvies stelt voor; deputaten dank te zeggen voor hun gezegenden arbeid j hunne handelingen goed te keuren; toe te juichen dat het hospitaal zonder bezwaar van de kas der Zending wordt gebouwd met krachtige hulp van de vereen. „Dr. Scheurer's Hospitaal"; te besluiten dat ook verder 't hospitaal geen rechten zal kunnen doen gelden op de Zendingskas (met uitzondering van de honoraria van de Artsen) en deputaten te continueeren totdat aan eene kerk is toegewezen 't terrein waarop Djocja ligt. Aangenomen.

De Synode benoemt tot Deputaten voor de Zending Ds. Pera, Ds. Bos, Ds. Dijkstra, Dr. J. Hania, Ds. H. Hoekstra, Dr. G. van Goor, Ds. W. Breukelaar, Ds. J. van Haeringen, Dr. Wagenaar en Ds. J. H. Mulder.

Ds. Klaarhamer rapporteert over de handelingen van Deputaten voor de kerk van Soera baja, terwijl ZWE namens de commissie van praeadvies voorstelt: de kerken in Nederland in overleg met de kerk te Batavia doen alles wat kan strekken om de zwakke kerk te Soerabaja te steunen; deze kerk worde als buitenkerk bij de classe 's-Gravenhage gevoegd; de Deputaten voor de Zending zullen beslissen of aan' de kerk te Soerabaja hulp kan geboden inzake het Kerkgebouw en de pastorie en de voorziening in de vacature van een Dienaar des Woords; goed te keuren de handelingen van Deputaten met betrekking tot Ds. Bol wijn; deze deputaten met dank voor den door hen verrichten arbeid te dechargeeren.

Op het request van Christenen in Indië, die ongeoorloofd achten zich nog langer bij de zoogenaamde Protestantsche kerk in Indië te voegen, wordt besloten dat de deputaten voor de Zending zich zoo spoedig mogelijk zullen wenden tot de kerkeraden in Indië en tot de missionaire predikanten met de vraag, hoe 't best aan den wensch van deze broeders en zusters van bediening van Woord en Sacrament kan voldaan. Dr. Van Goor leest de ontworpen overgangsbepalingen, welke alle worden goedgekeurd. Voortgezet wordt de discussie over 't advies in zake kerkelijk opzicht en tucht over zoogenaamde „Doopleden" opgesteld door de professoren Bavinck en Rutgers. Hieraan nemen deel Ds. Littooy, Prof. Lindeboom, Prof. Wielenga, ouderling Elshout. Alle sprekers zoowel die gisteren als die heden 't woord voerden verklaarden zich voor de hoofdstrekking van dit advies. Aangenomen wordt de conclusie van de professoren Bavinck en Rutgers aldus luidende: h „De Generale Synode, de deputaten der kerken voor Advies in zake kerkelijk opzicht en tucht over zoogenaamde „Doopleden" dechargeerende, verklaart, dat zij met de hoofdstrekking van hun advies zich vereenigt en acht het wenschelijk v dat de kerkeraden zooveel mogelijk in dien geest arbeiden." Het rapport door de Commissie van Praeadvies uitgebracht, zal ter overweging door de kerken in de Acta worden opgenomen.

Ds. V. d. Velden stelt namens de commissie h van praeadvies voor: de Synode vereenige zich met het gevoelen van de particuliere Synode van Utrecht, aldus luidende: met het oog op de misbruiken in het stuk van den H. doop b o. a. binnen den kring van het Hervormde d Kerkgenootschap is het noodzakelijk, dat de Kerken zoo' dikwijls iemand zich als gedoopt tot 't afleggen van belijdenis of tot toegang k tot 't H. Avondmaal aandient, onderzoeken of zulk een persoon wettiglijk gedoopt is. D

D Ds. Mulder rapporteert over een vraag van m de particuliere Synode van Drenthe en stek n voor te antwoorden: het is niet in strijd met a den geest der Dordtsche Kerken-Orde, dat een Leeraar in sommige gevallen van zijne kerk wordt losgemaakt, hoewel bij die losmaking de uiterste voorzichtigheid in acht moet genomen en daartoe door de classe niet mag worden overgegaan zonder advies van Deputaten voor Art. 49 der Kerken-ordening. De bespreking wordt uitgesteld. De zitting wordt gesloten. o k u z

( Wordt vervolgd.) a d

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 10 september 1899

De Heraut | 2 Pagina's

Generale Synode

Bekijk de hele uitgave van zondag 10 september 1899

De Heraut | 2 Pagina's

PDF Bekijken