Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Ds. Laurens Boone  en de vereniging van 1907

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Ds. Laurens Boone en de vereniging van 1907

17 minuten leestijd

Ds. LAURENS BOONE en de vereniging van I907 In ons artikel over Ds. David Janse in de KHK no. 2/2e jg. hebben wij vermeld dat na "de dood van Ds. Janse, Ds. Laurens Boone de enige predikant der "Ledeboeriaanse" gemeenten was. Ds. Beversluis toch had zich door zijn bevestiging door Ds. L. van der Velde als predikant van de zelfstandige Geref. Gemeente te Rotterdam (Slachthuiskade) op 24 nov. 1901, buiten het kerkelijk verband gesteld. Nadat Ds. Beversluis in 1906 weer tot het verband was toegelaten en de predikanten van de Kruisgemeenten Ds. J.R. van Oordt te Charlois en Ds. H. Roelofsen te Opheusden resp. in 1904 en 1905 een beroep hadden aangenomen van de "Ledeboeriaanse" gemeenten te Terneuzen en Goes, hadden deze gemeenten dus vier predikanten. Verder was Hendrik Kievit nog werkzaam als oefenaar te Aagtekerke. Hoewel de "Ledeboeriaanse" gemeenten en de Kruisgemeenten dus gescheiden leefden, was er toch grote overeenkomst daar beide kerkformaties in belijdenis en kerkregering wensten te leven naar de geschriften der vaderen. Zo langzamerhand kon dus meerdere toenadering niet uitblijven, hetwelk reeds bleek uit de overgang van Ds. Van Oordt en Ds. Roelofsen. Ook begon men zo hier en daar predikanten over en weer uit te nodigen voor een preekbeurt in de week. In 1905 werd op de algemene vergadering der Kruisgemeenten door de gemeènte te Meliskerke (waar Ds. G.H. Kersten toen stond) het voorstel gedaan om vereniging te zoeken met de "Ledeboeriaanse" gemeenten, hetwelk na enige bestrijding werd aangenomen. Daartoe werden de predikanten Ds. C. Pieneman te Rotterdam en Ds. Jac. Overduin te Lisse afgevaardigd naar de algemene vergadering der "Ledeboeriaanse" gemeenten, die ongeveer terzelfder tijd te Bruinisse. werd, gehouden. Veel verwachting was er niet van, daar juist deze predikanten het voorstel tot vereniging bestreden hadden. Het resultaat was dan ook dat dit werd afgewezen. Wel werd besloten elkanders ambten, ambtelijke verrichtingen en attestaties te erkennen. Op de algemene vergadering der Kruisgemeenten d.d. 23 mei 1907 gehouden te Rotterdam, werd het voorstel tot verenigen hernieuwd en als afgevaardigden j naar de algemene vergadering der "Ledeboeriaanse" gemeenten (welke op 5 juni 1907 te Middelburg werd gehouden) benoemd Ds. A. Janse te Barneveld en Ds. G.H. Kersten te Rotterdam. En toen werd het verenigingsvoorstel door de "Ledeboeriaanse" gemeenten aangenomen. Hun notulen vermelden hierover het volgende:

"Het gevolg van de besprekingen over dit adres is, dat de vereeniging tot stand gekomen is en de wcderzijdsche voorgangers elkander de broederhand hebben gegeven, zullende de wederzijdsche leeraars D.V. een weinig later in commissie vergaderen met toevoeging van één ouderling uit iedere classis tot nadere regeling van uit de vereeniging voortvloeiende zaken".
Deze notulen zijn ondertekend door Ds. L. Boone als voorzitter en A.A. van Lieburg als scriba.

Op 25 juli 1907 werd te Rotterdam een vergadering gehouden van de door beide kerkformaties benoemde deputaten, welke "Bepalingen betreffende de institutaire eenheid der Kerke Christi" vaststelden. Als accoord van kerkelijke gemeenschap werd aanvaard "de Dordtse Kerkorde van 1618/19, behoudens die artikelen welke door verandering van de verhouding tussen Kerk en Overheid niet meer van kracht zijn". Omtrent de naam zegt artikel 11 van die "Bepalingen":
"Opdat de eenheid der kerken zich ook naar buiten zal openbaren, zullen do kerken de naam dragen van 'Gereformeerde Gemeenten'. Waar echter verwikkelingen met de Overheid, financieele verbindingen of anderszins moeilijkheden even, zal met die gemeenten geduld geoefend worden in het wijzigen van de naam". 
Verder werd dan nog de indeling in classes geregeld, evenals het zingen van de psalmberijming van Petrus Datheen.

Daar de vereniging dus een feit was geworden, werden op deze deputatenvergadering alleen de gronden nog nader geformuleerd. Van alle predikanten van beide formaties zijn de handtekeningen onder deze "Bepalingen" vermeld. Op 9 en 10 oktober 1907 kwamen de Gereformeerde Gemeenten voor het eerst in synodale vergadering bijeen, waar de "Bepalingen" werden aangenomen. Inmiddels echter had Ds. L. Boone te Sint-Philipsland zich weer van het genomen besluit tot verenigen gedistancieerd, alhoewel zijn naam onder de "Bepalingen" voorkomt. (De volledige tekst.van deze "Bepalingen" is opgenomen in het werkje "Kort historisch overzicht van de Geref. Gemeenten in Nederland en Noord - Amerika"). Ook zijn gemeente te Sint-Philipsland en de gemeenten te 's-Gravenhage (met oefenaar Cornelis de Jonge), Genemuiden, Haamstede, Oudewater, Waddinxveen, IJsselstein (Utr.) en Zuidwolde (Dr.) en minderheden voornamelijk te Bruinisse en Nieuw-Beijerland, besloten eveneens niet met de vereniging accoord te gaan. Op 3 december 1907 werd te Waddinxveen een vergadering gehouden alwaar behalve Ds. Boone aanwezig waren de ouderlingen W. van Dommelen te Sint-Philipsland, C. de Jonge en M. Schraver te 's-Gravenhage, A. Raatgever te IJsselstein, S. Slappendel en G.J. de Rooij te Waddinxveen, van welke gemeente ook de diakenen M. de Rooij en R. de Bruin aanwezig waren. Verder nog J. Schneider en L.J. Onderdelinde te Bolnes, in welke plaats Ds. Boone toendertijd wel preekte, maar nog geen gemeente geïnstitueerd had..Spoedig na deze vergadering is dit toen gebeurd. Op deze vergadering nu werd besloten als Oud - Gereformeerde Gemeenten te blijven voortbestaan. Uit de notulen halen wij nog het volgende aan:

2/1. Daar wij met de Gemeenten onder het Kruis niet vereenigen kunnen, wenschen wij op den kerkelijken grondslag van Ds. Ledeboer en Ds. Van Dijke te blijven staan .
II. De kerkelijke grondslag was dat Ds. Ledeboer zeide: God heeft mij leeraar van Benthuizen gemaakt, maar de menschen hebben mij eruit geworpen en nu wenschen wij geen afstand te doen van de Hervormde Kerk noch van de goederen; ook noch vrijheid vragen van godsdienst. En keeren nu niet half terug, maar geheel tot de formulieren van eenheid en de synode van 1618/19, de leer en de tucht onzer vaderen, de oude Psalmen van Datheen en het ambtsgewaad.
IV. De vergadering verklaart Ds. Boone als wettige herder en leeraar voor al...............

VI. Om als leeraar over te komen tot ons zullen 5 zaken onderzocht worden:
1e. De wettigheid van hun ambt. 2e. Hun leven en wandel, hoe zij losgemaakt zijn van hun gemeente en hoe zij overgebogen zijn tot onze gemeenten. 3e- Hun bewijs en attestatie van den kerkeraad moet worden overgelegd. 4e. Een volkomen vereeniging met ons kerkelijk leven en 5e. ambtsgewaad, - hetwelk bestaat in korte broek, driekanten hoed, bef en mantel.

VII.De gemeenten die gedeeltelijk meegaan, kunnen de Sacramenten ontvangen in hun eigen gemeente als daarvoor een gelegenheid is en anders in een nabij gelegen gemeente, waar zij ook op het lidmatenboek gesteld zullen worden. ....Alzoo vereenigd en tezamen verbonden met elkander onder goede voornemens en beloften voor God en Zijn gemeente, in opzien tot Hem, Die het Hoofd der Kerk is, onder beding van genade met elkander lief en leed te dragen. Dat zij zoo. Amen.

Over de redenen waarom Ds. Boone zich van de overeengekomen vereniging weer heeft teruggetrokken, is nooit iets door hem gepubliceerd. In zijn levensbeschrijving noemt hij slechts zeer summier de gang van zaken zoals hiervoren geschetst werd. Bij onderzoek naar een en ander bleek ons echter dat in de familie van Ds. Boone zo hier en daar nog verscheidene brieven van hem worden bewaard, welke, hierop een nader licht werpen. Van een kleindochter kregen wij inzage van verschillende brieven en aantekeningen van haar grootvader; wij mochten van een en ander een afschrift maken en eventueel publiceren; mits dit volledig geschiedde en wij er niets aan toevoegden of afdeden. Hier volgt dan allereerst een brief aan zijn kinderen.

St. Philipsland, den 19 October ?

Waarde Kinders,

De Heere zij met ulieden. Wij zijn allen nog gezond door 's Heeren goedheid. Daar er veel brieven komen en vragen hoe de zaken staan en zoo ik die allen niet kan -antwoorden, schrijf ik U dezen brief en laat hem dan aan de belangstellenden lezen. Dat ik niet mede mag en kan gaan vanwege Gods hoogheid is ten eerste rede dat ik wil bekennen dat ik te verre ben mede gegaan uit vreeze en kortzichtigheid, dat wil ik openlijk bekennen. Maar ik heb nooit een verbond gesloten noch zelf geteekend. En zoo dat nu zoude gebeuren, komt de Heere mij voor met licht en inzicht dat ik niet verder kan. Ten eerste uit Spreuken 24 vs 21 -22: Mijn zoon, vrees den Heere en den Koning, vermeng U niet met hen die naar verandering staan, want hun verderf zal haastiglijk ontstaan. En Spreuken 6 vs 2: Mijn zoon, gij zijt verstrikt. En de profeet Zefanja 3 vs 18; hoe Gods Kerke daar in een ontbloote toestand ligt en dat wij een uitgestoten hoop zijn, om eigen schuld daar buiten den tempel liggen om der zonden wille, zoodat ik te zien kreeg dat ook onze gemeenten zoo zijn en door middel van den godzaligen Ds. Ledeboer, Ds. Van Dijke en Ds. Bakker als middel geplant zijn. Op dien grondslag wensch ik te blijven staan, waar zij banden en gevangenis voor geleden hebben. En niet door verstand of enkel letter en hoogmoed. En alzoo vreesde dat wij den geest der tijd achteraan gaan. Toen zeide de Heere tot mij: Ziet toe, dat U dat niet en doet. (Openb. 22 vs 9 eerste gedeelte). En waarlijk, op dien grondslag van onze vaders wensch ik te blijven. Zoo is het mij onmogelijk om nog verdere stappen te doen, maar wensch terug te keeren en bij het oude te blijven van Ds. Van Dijke. En daar er een commissie bij mij in huis kwam om te onderzoeken, heb ik mij verantwoord voor 2 leeraars en 2 ouderlingen. Dat het al begonnen was in het jaar 1895 en zoo doorgegaan onder een bedekking in. te kruipen. En hoe ik mijn toestand heb verklaard op grond onzer vaderen om bij de oude palen te blijven, oude psalmen, het ambtsgewaad en de gewoonten van Ds. Van Dijke. Nogtans gaat het mij als de vrienden van Job, hoewel dat zij tegen hem geen antwoord konden vinden, evenwel Job verdoemden. En als David met Uzia. Hij maakte hem dronken, hij zocht hem naar huis te krijgen. Maar zijn listen mislukten en hij beging een onrechtvaardige doodslag. En zoo zij mij niet dronken hebben kunnen krijgen door haar brieven en besluiten en voorspraken te zoeken. Zoo ten laatste een onrechtvaardige doodslag om mij te verklaren voor scheur-, maker en dubbelhartigen en onoprechten. En voor de gemeenten geschorst. En met heimelijkheid zijn de arme gemeenten onweetend, velen zonder eene vraag of inkennisstelling verkocht in haast. Daar mijn ziel onder treurt dat de eenvoudige zoo door list en bedekking en op beloften om bij het oude te blijven zoo verkocht zijn. Zij verklaren wel voor de oude Psalmen te zijn, daar Ds. Beversluis zei dat de  nieuwe psalmen hoerekinders zijn.
De Heere opene veeler ogen voor de trouweloosheid van de wachter, leeraren als ouderlingen, tegen de zucht naar nieuwigheden en veranderingen in de vastgestelde regels onzer vaders. En wat de gevolgen zijn zullen van al de veranderingen zonder oorzaak, zoo breekt de duivel los die Sion gram is en waar de tijdgeest en hoogmoed de overhand heeft. De vroegere leeraars die waarschuwden met donderstemmen, hebben gewaarschuwd. En daar nu de geest des tijds en hoogmoed zal vorderen om een schoonen en jeugdigen en bevalligen in de plaats te krijgen of te stellen om alzoo meer kinderen te winnen, dit gebeurt dan ook van lichtere zijde of lichter taal te spreken, half Jodisch en half Asdodisch, welke list geschiedt met verborgen doelen om scheuringen en bressen toe te maken en zoo binnen te treden. Dan is het toch van ons ten eerste een verbondbreeking, daar plechtig was beloofd door Ds. Ledeboer, Ds. Van Dijke, later Ds. Janse, om bij het oude te blijven zoowel ambtsgewaad; is het ten 2e. een huwelijksschending; de wettige vrouw wordt uitgedreven en een vreemde in de plaats gesteld en zoo een dienst doen aan de bastaards en de blinde wereld, die juicht, terwijl de teedere vroomen schreien.
? heb ik aan de gemeenten in de classis geschreven hoe zij daarmede stonden. Ik scheur van geen gemeente af, ik wil ze allen bedienen, maar bij het oude. En daar eenige leeraars mij verweten hebben dat ik die gemeenten heb zoeken over te buigen, dat is niet waar. Ik en mijn kerkeraad en gemeente blijven vast bij het oude. En in de 24 gemeenten zijn er geen 6 ouderlingen die vlak liggen in de zaak van vereenigen. En de leden hebben er niets van geweeten.

L. Boone

Bij een andere brief sloot Ds. Boone een verklaring bij, waarin hij zich eveneens verantwoordde. Deze luidde als volgt: MIJN VERANTWOORDING.

Ik verklaar dat ik niet vereenigd met de Kruisgemeenten ben en nog nooit een verbond gemaakt heb, hoewel dat ik in schrift van Ds. Kersten 12 artikelen kreeg, die ik goedkeurde. Over 2, 3 en 6, daar vroeg ik inlichtingen over, waar ook Beversluis zeide dat hij dat ook wenschte veranderd te zien. Zoo heb ik die goedgekeurd, want ze waren net als de onze........


? spoedig al klaar dat daar geen verbond kon gesloten worden. Het was een commissie en daar mijn vrouw zeer ziek was, kon ik niet komen. Toen geloofde ik al dat het voor mij al afgebroken wierd. Maar daar ik 18 jaar de gemeenten bediend heb, ben ik niet los van dat volk. En toen wierd ik van Ds. Kersten gevraagd per brief of mijn naam onder die artikelen mogt gezet worden. Ik heb geschreven: volkomen zonder bezwaar. Maar toen ik dat boek kreeg en wel meer als eens zoo veel artikelen erin, waren er enkel stroppen door list. En toen nog later de agenda voor de vergadering; ik heb die met boekje zoomaar verbrand, want dat was voor mijn gemoed niet meer om te doen. Zoo ik noch boekje noch agenda volstrekt niet goedgekeurd heb omdat zij tegen de grondslag van ons strijden, waar en omdat ik wan trouwen kreeg die niet uit liefde was, maar die later door gevoel zullen gevoeld worden. En alzoo het oude van onze voorvaders Ds. Ledeboer en Ds. Van Dijke zagen begraven, waar zelfs Kuiper de oud-minister schreef in De Heraut: Ik zeg dat er geen zuiverder gronden bestaan als kerkelijk al de Ledeboerianen. Zoo is het immers klaar dat ik nooit een verbond gemaakt heb. En nog minder die artikelen noch agenda goedgekeurd, wel die 12 artikelen mits dat in enkele punten verandering kwam. Zoo is het wel onvoorzichtig om mijn naam te laten plaatsen zonder dat ik die gelezen heb, dat is waar, daar heb ik nu al spijt van. Dus een commissie van 8 leeraars en ouderlingen om zaken te regelen, dat U kunt lezen in de notulen art. 13 van de vergadering op 25 Juli te Middelburg gehoude.n. Het moet 9 October gesloten worden, waar ik gelukkig van God voor bewaard ben gebleven om dit te doen.

L. Boone

Uit deze brieven van Ds. Boone moeten wij concluderen, dat hij, wel niet van harte, in principe met de vereniging van beide kerkgroepen accoord ging. Maar dat hij de "Bepalingen", welke in de deputatenvergadering d.d. 25 juli 1907 definitief werden vastgesteld (in welke vergadering hij zelf niet aanwezig was wegens ziekte van zijn vrouw) niet persoonlijk heeft ondertekend, doch dat Ds. Kersten schriftelijk om zijn handtekening voor het concept heeft verzocht, die hij daarop heeft gegeven, behoudens enkele ondergeschikte bezwaren tegen enige artikelen. Toen Ds. Boone vervolgens de "Bepalingen" gedrukt ontving (hij noemt deze boekje) met de agenda erbij, constateerde hij dat er meer instond als in het concept. Dit deed hem definitief besluiten niet met de vereniging mede te gaan. Daar hij zijn handtekening reeds gegeven had (hij erkent dan ook onvoorzichtig te hebben gehandeld) komt deze dus wel on(der de "Bepalingen" voor.

Wij hebben hiermede dus alleen het standpunt van Ds. Boone inzake de vereniging van 1907 v/eergegeven. Maar dit doet niets af aan het feit dat er in 1907 naast de tot openbaring gekomen Geref. Gemeenten nog een formatie Oud- Geref. Gemeenten bleef bestaan met als enige predikant Ds. Boone. Volledigheidshalve ten slotte nog enige biografische gegevens over hem.

Ds. LAURENS BOONE werd op 1 nov. 186O te Wolphaartsdijk op Zuid - Beveland geboren. Na op verschillende plaatsen gewerkt te hebben, werd hij te Biezelinge boerenknecht. Op 18-jarige leeftijd trad hij in het huwelijk; hij verdiende toen niet veel en leed grote armoede. Hoewel zijn ouders Afgescheidenen waren en hij in die geest opgevoed was, ging hij later nooit naar de kerk, alhoewel hij wel eens bepaald werd bij zonde en eeuwigheid. In 1881 echter zou de tijd aanbreken "dat de Heere hem een haak in de neus en een bit in de mond zou leggen". Vier jaar later sprak hij eens op een begrafenis een stichtelijk woordje, hetwelk het gevolg had dat hij op verzoek in de Hervormde Kerk te Schore ging oefenen. Maar daar hij geen hervormd lidmaat wilde worden, oefende hij later in een vrije kring (de zg. Tente der Samenkomst) te Kattendijke, waar voordien Gornelis Dominicus oefende. In die tijd kreeg hij connecties met de "Ledeboeriaanse" gemeente te Yerseke van welke gemeente hij toen weldra lid werd. Al gauw daarna werd hij op een classicale vergadering van die gemeenten onderzocht naar zijn bekering en roeping tot het predikambt. Hem werd toegestaan om in de gemeenten een stichtelijk woord te spreken. In juli 1889 werd hij oefenaar in dienst van de gemeente te Borssele en v sept. 1890 van die te Krabbendi jke. In dec. 1899 werd hij als predikant re Terneuzen beroepen, welk beroep hij aannam. Na onderzoek op de classicale vergadering werd hij toegelaten als leraar volgens art. 8 DKO. Op Tweede Kerstdag 1899 werd hij door Ds. David Janse in het ambt bevestigd net de tekst 1 Petrus 4 vs 10 en 11. Zijn intreepredikatie was uit Psalm 126 vs 5 en 6. In 1904 nam hij een beroep aan van de gemeente te Sint-Philipsland, alwaar Ds. Beversluis te Rotterdam hem op 17 maart bevestigde. Deze gemeente diende hij tot 16 aug. 1934, op welke dag de algemene vergadering der Oud-Geref. Gemeenten hem eervol emeritaat verleende. Nadien ging zijn gezondheidstoestand langzaam maar zeker achteruit, totdat hij op 25 april 1935 zacht en kalm het tijdelijke met het eeuwige verwisselde. Op 12 sept. 1934 was Ds. Boone nog in staat geweest Willem Huibrecht Blaak als zijn opvolger te bevestigen . Over het kerkelijk leven der Oud-Geref. Gemeenten vanaf 1907, hun fusie met de zg. Federatie van Oud-Geref. Gemeenten (de groep rondom Ds. C. de Jonge te Kampen), waarmede de gemeenten van Ds. Boone in feite hun "Ledeboeriaans" standpunt prijsgaven en het ontstaan van de formatie Oud. Geref. Gemeenten in Nederland, hopen wij D.V. nog in een slotartikel terug te komen.

LITERATUURBRONNEN:
-Kort historisch overzicht van de Geref. Gemeenten in Nederland door Ds. G.H. Kersten te Rotterdam en van de Geref. Gemeenten in Noord - Amerika door Ds. J. van Zweden te Rock Valley. (Utrecht - 1947). 
- Leven en sterven van Ds. Laurens Boone. Gods genade verheerlijkt aan een doemwaardig schepsel. Zijn bekeering, roeping tot het leeraarsambt en enkele voorvallen uit zijn veelbewogen leven, benevens aanteekeningen over zijn laatste uren. Grootendeels door hemzelf beschreven. (Bruinisse - 1935) 
- Levensschets van Ds. L. Boone, predikant bij de Oud-Geref. Gemeente te St.-Philipsland, bewerkt naar verschillende gegevens door C. Ritmeester. (Nieuw-Beijerland - 1935) 
-Intreepredicatie, gehouden op den 26 sten December 1899 door Ds. L.Boone, Gereformeerd leeraar te Terneuzen. (Terneuzen - z.j.). 
- De goede strijd gestreden. Lijkreden en toespraken op de begrafenis van Ds. L. Boone, in leven predikant te St.-Philipsland. (Nieuw-Beijerland -1935).

En nog meer!!!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 december 1966

Kerkhistorische Kroniek | 14 Pagina's

Ds. Laurens Boone  en de vereniging van 1907

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 december 1966

Kerkhistorische Kroniek | 14 Pagina's

PDF Bekijken