Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Verbreding Zuid-Willemsvaart en bouw sluizen en bruggen

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Verbreding Zuid-Willemsvaart en bouw sluizen en bruggen

WATERSTAATSWERKEN VAN f 175 MILJOEN

7 minuten leestijd

Minister drs. J. A. Bakker (Verkeer en Waterstaat) heeft de plannen voor de verruiming van de Zuid-Willemsvaart ten zuiden van 's-Hertogenbosch en het kanaal Wessem-Nederweert vastgesteld. Deze plannen omvatten het karwei de beide kanalen te verdiepen en te verbreden. In samenhang met dit werk zal het aantal sluizen worden verminderd, worden er nieuwe sluizen gebouwd en zullen bruggen over deze kanalen voor een' groot deel moeten worden aangepast. Het gehele werk gaat volgens raming 175 miljoen kosten. Het plan is thans vastgesteld om, met name bij de gemeente Helmond waar een kanaalverlegging moet worden gemaakt, onzekerheden op planologisch gebied uit de weg te ruimen.

Het staat nog niet vast wanneer wanneer Rijkswaterstaat aan de verbetering van deze kanalen gaat beginnen. In verband met de jaarlijks beschikbare geldmiddelen zal het belang van dit plan afgewogen moeten worden tegen het belang van andere, eveneens noodzakelijke verbeteringen aan ons vaarwegennet. Naar verwachting zullen bij het verschijnen van de Vaarwegennota — toegezegd door de minister — duidelijker uitspraken mogelijk zijn.

Versleten

De Zuid-Willemsvaart loopt door de provincies Noord-Brabant en Limburg. Ongeveer anderhalve eeuw geleden werd deze vaart tussen Den Bosch en Maastricht aangelegd. De dertien slui-, zen die in het Brabantse deel voorkomen zijn 145 jaar oud en praktisch „versleten". Bovendien hebben zij schutkolkafmetingen die niet zijn afgestemd op de huidige scheepstypen.

Sinds de aanleg van de vaarwegen en -de bouw van de sluizen werden er nauwelijks verbeteringen aangebracht. Mede door een ongunstige drempeldiepte van de sluizen is het kanaal in Noord-Brabant slechts geschikt voor schepen met een diepgang van maximaal 1.90 meter. De zogenaamde Kempenaars (binnenvaartschepen van 600 ton) kunnen alleen gedeeltelijk beladen gebruikmaken van de vaarweg.

Diepgang

Het is de bedoeling van Rijkswaterstaat de Zuid-Willemsvaart en het kanaal Wessem-Nederweert nu te brengen op een spiegelbreedte van 46 meter, een bodembreedte van 25 meter en een diepte van 3.50 meter. De grootste toegestane diepgang zal dan 2.50 meter zijn en het grootst toelaatbare scheepstype het zogenaamde Europasehip van 1350 ton. In een latere fase kan men de vaarwegen nog verdiepen tot 4 meter, bij een bodembreedte van 22 meter.

De nieuwe sluizen krijgen een doorvaart- en kolkwijdte van 14 meter, een kolklengte van 120 meter en een drempeldiepte van 3.50 meter. De voor het merendeel beweegbare bruggen over de kanalen zullen, in het belang van land' en scheepvaartverkeer, worden vervangen door vaste bruggen met een doorvaarthoogte van 5.75 meter en een doorvaartwijdte van 22 a 27 meter. Waar nodig zullen ook bestaande, vaste bruggen aan deze eisen worden aangepast.

Hoe de vlotte afwikkeling van het verkeer wordt belemmerd door de verouderde indeling en opzet.van het kanaal, blijkt «it het volgende voorbeeld.

13 sluizen

De Zuid-Willemsvaart, tussen de Dieze en de provinciegrens van Noord-Brabant en Limburg, telt thans 13 sluizen. Een aanzienlijk aantal op eten lengte van ca. 55 km. Door de beperkte afmetingen van het kanaal kunnen de schepen slechts varen met een' snelheid van 6,5 tot 7 km per uur. Deze geringe snelheid in combinatie met het grote aantal sluizen en beweegbare bruggen, dat gepasseerd moet worden, maakt dat een schip er in totaal 15 uur over doet om het Brabants deel van de Zuid-Willemsvaart te passeren. Dezelfde afstand zal na de verbetering in ongeveer 9 uur kunnen worden^ afgelegd.

Een belangrijk deel van de werkzaamheden bestaat uit het verminderen van het aantal sluizen in deze binnenvaartwegen. Dit is mogelijk als aan elkaar grenzende ' panden, die thans een verschillend peil hebben, hetzelfde peil krijgen. Waar verhoging van het peil plaats heeft, zullen de kanaaldijken moeten worden aangepast: waar het kanaalpeil wordt verlaagd, zal de bodem van het kanaal uitgediept moeten worden. 

Het Instituut voor Cultuurtechniek en Waterhuishouding in Wageningen, dat betrokken was bij de voorbereiding, verwacht dat de peilveranderingen slechts in beperkte mate schade zullen toebrengen aan de landbouwbelangen. Om een goed vergelijk mogelijk te maken tussen de huidige en toekomstige situatie, zullen op plaatsen waar men verdroging of wateroverlast verwacht, peilbuizen worden aangebracht. Als uit de waarnemingen via deze peilbuizen blijkt, dat schade is ontstaan zal daarin worden tegemoetgekomen door het uitvoeren of het toekennen van financiële vergoedingen.

Verlegging

Maar alleen met de verbetering van het bestaande kanaal komt men er niet. Bij Helmond bijvoorbeeld wordt Rijkswaterstaat gedwongen de Zuid-Willemsvaart ten oosten van Helmond om te leggen. Het tracé van de vaart door Helmond kan niet worden verbeterd zonder de bebouwing ernstig aan te tasten. Daarom gaat Rijkswaterstaat op deze plaats de Zuid-Willemsvaart verleggen in het dal of de bedding van de Aa, ten oosten van Helmond. Deze omlegging zorgt er voor, dat van de vijf bestaande sluizen, er twee verdwijnen. Van de dertien sluizen in het Brabantse deel van de Zuid-Willemsvaart zuUen er na de reconstructie acht overblijven.

In Limburg

Het Limburgse deel van de Zuid-Willemsvaart en het daarop aansluitende kanaal Wessem-Nederweert zijn eveneens aan verbetering toe. De Zuid-Willemsvaart wordt hier door sluizen in Nederweert en Weert in drie panden verdeeld. Het kanaal Wessem-Nederweert wordt door de sluis in Panheel in twee panden verdeeld. Het noordelijk (boven)pand van dit kanaal, 13,5 km lang, staat in open verbinding met de Zuid-Willemsvaart: het 2,8 km lange benedenpand in open verbinding met de Maas. In het Limburgse deel van de Zuid-Willemsvaart en in het kanaal Wessem-Nederweert bedraagt de maximale diepgang 2.10 meter. Dat is iets meer dan de toegestane maximum diepgang in het Brabantse deel van de Zuid-Willemsvaart (1.90 meter).

In fasen

Rijkswaterstaat wil de beide vaarwegen in Limburg eveneens op een diepte van 3.50 meter brengen, maar de indeling in kanaalpanden niet wijzigen. De vergroting van de diepte zal worden bereikt door een combinatie van verhoging van het kanaalpeil en verlaging van de bodem. Het is de bedoeling dit werk uit te voeren in fasen.

In eerste instantie zullen de kanalen door een verruiming van het profiel, geschikt worden gemaakt voor de vaart met volledig geladen 600-tons schepen. Na uitvoering van andere werken, de bouw van nieuwe bruggen en sluizen, zullen de vaarwegen ook gebruikt kun- I nen worden door schepen van 1350 ton. Over het kanaal Wessem-Nederweert en de Zuid-Willemsvaart tussen Nederweert en de grens met Brabant, zijn negen vaste bruggen, een spoorbrug en een brug over de sluis bij Panheel aangelegd. Een verhoging van de opritten van de brug Nederweert is door hun ligging in de bebouwde kom niet mogelijk. Daarom zal zuidelijker een nieuwe en bredere brug moeten worden gebouwd. In ieder geval zal de doorvaarthoogte van de bruggen op de vereiste 5.75 meter doorvaarthoogte moeten worden gebracht.

De realisatie van de hier in het kort geschetste verbeteringsplannen voor het gedeelte Zuid-Willemsvaart tussen de Belgisch-Nederlandse grens en Nederweert zal gelijke tred houden met de uitvoering van de Belgische plannen om de Stop van Loozen op te heffen en verbeteringen aan te brengen in het aansluitende Belgische kanalennet.

De plannen voor de verbetering van de hier besproken vaarwegen zijn om advies voorgelegd aan de Raad van de Waterstaat. Deze raad heeft, zoals gebruikelijk, een hoorzitting gehouden om belanghebbenden in staat te stellen hun standpunt kenbaar te maken. In het algemeen heeft de raad zich met de plannen kunnen verenigen, voor zover deze betrekking hebben op het kanaalgedeelte ten zuiden van 's-Hertogenbosch.

Rijkswaterstaat heeft in de nota over de verbetering van deze vaarwegen, voorgesteld de huidige kanaalroute door Den Bosch te verbeteren.

's-Hertogenbosch heeft hiertegen bezwaar gemaakt en er op aangedrongen het kanaal om de gemeente te leiden. De raad acht het noodzakelijk dat over deze aangelegenheid nader overleg wordt gepleegd tussen Rijkswaterstaat, de provincie Noord-Brabant en de gemeenten 's-Hertogenbosch en Rosmalen, en verzocht hierover te worden ingelicht. Omdat deze besprekingen nog aan de gang zijn en de raad nog geen eindadvies heeft kunnen geven, heeft de minister van Verkeer en Waterstaat de werken in 's-Hertogenbosch nog niet vastgesteld. 

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 juni 1971

Reformatorisch Dagblad | 6 Pagina's

Verbreding Zuid-Willemsvaart en bouw sluizen en bruggen

Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 juni 1971

Reformatorisch Dagblad | 6 Pagina's

PDF Bekijken