Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Wegvervoer EEG voor 40 % in Nederlandse handen

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Wegvervoer EEG voor 40 % in Nederlandse handen

Voorzitter NOB-wegtransport

3 minuten leestijd

Het goederenvervoer over de weg in de EEG is voor 40 procent een Nederlandse aangelegenheid. Dit heeft de voorzitter van de NOB-wegtransport (Nationale Organisatie voor Beroepsgoederenvervoer Wegtransport), de heer E. van Donkelaar, in Amsterdam gezegd tijdens een congres van zijn organisatie. De voorzitter heeft uiteengezet, dat het beroepsgoederenvervoer over de weg sterk is gegroeid. Als oorzaken hiervoor voerde hij aan: groei van de industriële produktie, de kwaliteitsaspecten van het wegvervoer (huis-to-huis en grotere flexibiliteit), en beter ondernemerschap.

Hij illustreerde zijn betoog met uitvoerig cijfermateriaal om deze groei te schetsen en besloot met de opmerking, dat deze bedrijfstak ook problemen kent, waarvan hij noemde de behoefte aan middellang vermogen.

In 1956 was het vergund laadvermogen 160.000 ton, in '66 395.000 en in dit jaar 560.000 ton.

Andere cijfers: 24.000 vrachtauto's bij het beroepsgoederenvervoer in '57, in '63 33.000 en per 1 januari '70 46.000. Vervoerd binnenlands gewicht: in '56 80 miljoen ton, in '69 174 miljoen ton.

Het grensoverschrijdend vervoer noteerde in '56 3,5 miljoen ton in 1961 8 miljoen ton en in '70 33 miljoen ton waarvan 26 miljoen ton door het beroepsvervoer. In deze laatste cijfers zijn ook buitenlandse vervoerders van en naar Nederland betrokken, het aandeel van de Nederlandse vrachtauto daarin is van 49 in 1956 gestegen tot 73 procent in 1970.

GOEDEREN

In '57 werd door het beroepsgoederenvervoer over de weg 113 miljoen gulden geïnvesteerd en in 1969 f 451 miljoen, waarvan 330 miljoen in vervoermiddelen en 120 miljoen voor andere doeleinden zoals bedrijfsgebouwen. Gezien tegen de totaalinvestering van vervoers- en communicatiebedrijven in '69 betekent dit dat 1/5 van dit bedrag door het beroepsgoederenvervoer over de weg werd geïnvesteerd. Een ander cijfer dat de groei eveneens duidelijk illustreert betreft het aantal werknemers. In 1960 waren 47.000 personen werkzaam in het beroepsgoederenvervoer over de weg. Thans kan dit aantal gesteld worden op 80.000.

Volgens de heer Van Donkelaar diende men daarnaast in ogenschouw te nemen het indirecte belang van het vervoer voor de werkgelegenheid nl. de velen die werkzaam zijn in automobielfabrieken, reparatie-inrichtingen, bandenfabrikage kortom de toeleveringsbedrijven. In vergelijking met de andere transporttechnieken is het relatieve marktaandeel van het beroepsgoederenvervoer over de weg voortdurend gestegen. Binnenlands was de verdeling naar vervoerd gewicht in 1956: binnenvaart 26,3 pet. spoorwegen 15,4 pet, goederenvervoer 58,3 pet. In '62 was het aandeel van het wegvervoer 68,5 pet. binnenvaart 21,1 pet., spoorwegen 10,4 pet.). In 1969 waren de percentages voor weg, water en rail resp. 76,1 pet. 18,6 pet. en 5,3 pet.

BINNENVAART

In het Internationale vervoer neemt de binnenvaart het grootste deel voor haar rekening. Wat de vrachtauto betreft: in 1963 werd 7,1 pet. van zijn grensoverschrijdend vervoer verricht door de Nederlandse vrachtwagens. In 1970 was dit percentage tot 11 gestegen hetgeen neerkomt op ongeveer 19 miljoen ton. In het algemeen is de ontwikkeling in Nederland te vergelijken met die in de andere EEG-landen.

Het aantal ondernemingen bedroeg in '60 10.617, in '62 11.167 en per 1 januari 1970 11.925. Projecteert men de groeiaspecten (laadvermogen, aantal vrachtwagens, vervoersprestatie en investeringen) tegen de achtergrond van het ongeveer gelijkblijvend aantal ondernemingen dan kan men daaruit concluderen dat de gemiddelde bedrijfsgrootte is toegenomen, aldus de heer Van Donkelaar. 

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 19 oktober 1971

Reformatorisch Dagblad | 6 Pagina's

Wegvervoer EEG voor 40 % in Nederlandse handen

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 19 oktober 1971

Reformatorisch Dagblad | 6 Pagina's

PDF Bekijken