Bekijk het origineel

DOOR JOHAN VEENHOF

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

DOOR JOHAN VEENHOF

3 minuten leestijd

tallen eenden, ganzen en zwanen naar onze contreien gekomen. Deze watervogels hebben minder last van de kou dan hun soortgenoten die op het land leven. Zo lang ze maar open water tot hun beschikking hebben, kunnen ze aan de kost komen. Anders wordt het wanneer de winter ook de binnenwateren en rivieren in zijn greep neemt. Dan zoeken deze vogels hun heil meer naar de kust, waar in de Zuidhollandse en Zeeuwse wateren, vooral eenden, bij vele duizenden overwinteren.

KNOBBELZWANEN

Een heel mooie vogel die men op veel plaatsen kan zien is de zwaan. Niet minder dan drie soorten zwerven er overal in ons land. De knobbelzwaan is wel de meest bekende van dit drietal, die ook in ons land broedt. De laatste jaren neemt het aantal broedgevallen van deze prachtige vogel hand over hand toe. Toch is de knobbelzwaan een vogel die, wat de hier te lande voorkomende soort betreft, exemplaren zijn die in het verleden uit gevangenschap moeten zijn ontsnapt. In ieder geval hoe het ook moge zijn, de knobbelzwaan is een sieraad, en een aanwinst voor onze fauna.

In 1950 was het aantal broedgevallen van de knobbelzwaan sterk gestegen, men neemt aan dat er toen ook echte wilde exemplaren hebben gebroed. In onze steden is de knobbelzwaan in vijvers en grachten een algemeen voorkomende „persoonlijkheid". Toch, wie er de kans voor heeft, deze majestueuze vogels in het vrije veld gade te slaan, vooral als ze met meer bij elkaar zijn, zal het opvallen, dat hun gedrag enigszins anders is dan in een stadspark waar ze naast koeten en eenden om een stukje brood komen bedelen.

Op het land bewegen deze vogels zich waggelend voort, doch in het water wanneer ze met hun gebolde vleugels en sierlijk gebogen hals, in groepjes of soms met een enkel paartje zwemmen, maken deze vogels een koninklijke indruk. En wie de prachtige zwanezang heeft gehoord, zal van dat wondermooie en diep op een mens indruk makende geluid gefascineerd worden.

Het stemgeluid van de knobbelzwaan heeft eigenlijk niet veel te betekenen en de „zwanezang" maken de wogels met hun enorme vleugels wanneer ze in formatie vliegend het luchtruim doorklieven. Deze vogels hebben een vlucht van ruim twee en een halve mmeter en verplaatsen zich met een snelheid van ongeveer tachtig kilometer per uur. Het is duidelijk dat, wanneer men in staat is zoiets te mogen zien, men dit als een wonder ervaart. Immers men ziet en hoort iets wat geen mensenhand in staat is te creëren. In dezen slechts de Schepper de eer.

WILDE ZWANEN

Naast de knobbelzwaan kan men op vele plaatsen de wilde zwaan aantreffen, een broedvogel van Schotland, IJsland, Noordoost-Europa en Azië. Wat grootte betreft, doet de wilde zwaan niet veel onder voor de knobbel. Toch is het uiterlijk verschil tussen beide soorten reeds van verre waar te nemen. Opvallend bij de wilde zwaan is zijn lange hals, die hij fraai gestrekt houdt, >in tegenstelling tot de knobbel die zijn hals meer in een S-vorm draagt.

Van alle hier voorkomende soorten zwanen is de wide wel het meest luidruchtig.

Hoewel deze zwanen ons land alleen in het winter-halfjaar op de trek bezoeken, is hun aantal afhankelijk van de weersomstandigheden. In een zachte winter zal men doorgaans minder wilde zwanen zien dan wanneer de winter in alle strengheid regeert. Deze vogels

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 8 februari 1972

Reformatorisch Dagblad | 6 Pagina's

DOOR JOHAN VEENHOF

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 8 februari 1972

Reformatorisch Dagblad | 6 Pagina's

PDF Bekijken