Bekijk het origineel

Wycliffe-Bijbelvertalers moeten rond 1985 hun

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Wycliffe-Bijbelvertalers moeten rond 1985 hun "taak" klaar hebben

Nog in 2000 talen geen Bijbel

8 minuten leestijd

Er zijn nog meer dan 2000 talen, waarin nog nooit één hoek van de bijbel is vertaald. Deze worden door meer mensen gesproken, dan bijvoorbeeld de totale bevolking van West-Europa groot is! Alleen al in Nieuw-Guinea worden meer dan duizend verschillende talen gesproken. De meeste van deze 2000 talen zijn nog niet op schrift gesteld.De Bijbel zegt: „Hoe zullen zij in Hem geloven, van Welke zij niet gehoord hebben? En hoe zullen zij horen, zonder die hun predikt? Toch ziet het er voor deze volken niet hopeloos uit, want er is een zendingsgenootschap, dat zich ten doel heeft gesteld met Gods hulp vóór 1985 de Bijbel (of althans een gedeelte ervan) in al die talen over te zetten. Dat zijn de Wycliffe-Bijbelvertalers (WBV), een internationaal, interkerkelijk genootschap.

De naam is ontleend aan John Wycliffe, doctor in de theologie en pastoor in Engeland, die in de 14de eeuw de Bijbel vertaalde in het Engels en deze zodoende toegankelijk maakte voor het gewone volk.
Wycliffe werd hierdoor mede voorloper der Hervorming. De Wycliffe-Bijbelvertalers werkten, om hun doel te bereiken, samen met andere zendingsgenootschappen en regeringsinstanties van vele landen. Het werk begon in 1935 in Mexico en momenteel zijn er meer dan 2700 medewerkers bezig met vertaalwerk in ruim 500 stammen, verspreid over 24 landen.

ALFABET
Hoe is een vertaler in staat zijn werk te doen als er van een taal niets op schrift gesteld is? Hij moet dan eerst de taal analyseren en er een alfabet voor opstellen. De grondbeginselen hiervoor worden onderwezen op het Summer Institute of Linguistics, een zusterorganisatie van de WBV, die scholen heeft in Engeland, Duitsland, Australië, Nieuw-Zeeland en de Verenigde Staten. Elk jaar wordt er een cursus gegeven, die elf weken duurt. Ook zendelingen van andere zendings- volgen.
Als voorbereiding op het werk temidden van primitieve stammen, gaan de nieuwe kandidaten daarna drie maanden naar een kamp voor jungle-training. Verder hebben de WBV een luchtvaart- en radioafdeling, die bestaat uit piloten, vliegtuigmonteurs en radiotechnici. Mede dank zij deze helpers is het pionierswerk in de oerwoudgebieden mogelijk.
De vertalers van Wycliffe werken in landen in Zuid- en Midden-Amerika, Afrika, Azië en Australië. Maar ook in Noord-Amerika zijn nog stammen, waar vertalers bezig zijn (Alaska o.a.). In Brazilië en Colombia zijn tientallen stammen waar het Evangelie nog niet is gebracht. Er zijn stammen, die uit nog geen tweeduizend mensen bestaan en toch wordt ook daar vertaalwerk gedaan.

LEESBOEKJES
Maar vertalen is niet het enige werk, dat de Wycliffe-Bijbelvertalers doen Als een taal eenmaal op schrift gesteld is, worden er tegelijk met de Bijbelvertaling ook leeskaarten, leesboekjes en andere leermiddelen samengesteld. De mensen moeten namelijk ook leren lezen en schrijven, zodat ze als het werk van de vertaler gereed is, zelf Gods Woord kunnen lezen.
Bovendien wordt aan enkele mensen van de stam geleerd, hoe ze anderen moeten onderwijzen. Want als de mensen zelf de Bijbel kunnen lezen, is het niet langer "de zendeling zegt....", maar „God zegt...," Bovendien kunnen de gelovigen dan in tijden van verzoeking zeggen: „Er staat geschreven...." De onderwijzers van de stam hebben dan "het zwaard des Geestes, hetwelk is Gods Woord". Als een zendeling een stam verlaat, kan de gemeente groeien als hij het Woord van God heeft achtergelaten.
Enkele voorbeelden uit de kerkgeschiedenis laten zien hoe belangrijk het is, dat de gelovigen de Bijbel in hun eigen taal hebben. De kerk in Noord-Afrika in de eerste eeuwen, is verdwenen toen de Mohammedanen oprukten, „omdat de Schrift nooit was vertaald in de taal van de Berbers". Dit schrijft J. J. Cooksey in zijn boek „Het land van de verdwenen kerk".

MADAGASKAR
Een ander voorbeeld van de kracht van Gods Woord vinden we in de geschiedenis van de kerk op het eiland Madagaskar. In 1818 kwamen daar de eerste zendelingen. Een van hen was David Jones, die samen met D. Griffith zorgde voor een vertaling van de Bijbel. In 1837 barstten er vervolgingen los en alle zendelingen moesten het eiland verlaten. De vertaling was echter net gereedgekomen en dus konden ze het Woord Gods in de volkstaal achterlaten. Onder de vervolgingen, die 25 jaar duurden en waarbij vele christenen de marteldood stierven, bleek de kracht van Gods Woord: het getal der gelovigen groeide zeer hard!

JONGE MENSEN
Willen de WBV de geweldige taak, die ze op zich genomen hebben in de komende jaren ten uitvoer brengen, dan zijn er zes- tot achtduizend toegewijde en goed onderlegde jonge mensen nodig, die zich voor dit werk willen inzetten. Niet alleen vertalers, maar ook onderwijzers, typisten, administrateurs, boekdrukkers, illustrators voor boekjes, secretaresses, artsen, verpleegsters, piloten, monteurs en radioietechnici kunnen geplaatst worden. Het is ook mogelijk voor korte tijd (zes maanden) naar een vertaalpost te gaan als '„Guest-Helper", of iets langer (van zes maanden tot drie jaar) als „Short-Term-Assistent".
Ieder, die meer wil weten kan schrijven naar Wycliffe-Bijbelvertalers, Postbus 4260, Amsterdam. Daar kunt u ook een lijst krijgen, waarop te lezen is welke vacatures er zijn. Tenslotte laten wij hier een oproep volgen van een Indiaan, die met de Bijbel in aanraking kwam. De inhoud spreekt voor zichzelf.

BOODSCHAP
Het is een gedeelte van een brief die is geschreven door Hwatschi, een bekeerde hoofdman van de stam van de Piro-indianen in Peru. Hij zegt:
"Denkt u misschien, dat alle mensen van dit land, de mensen van Peru, God kennen? Ze kennen Hem niet. Ze denken, dat Hij op aarde leeft. Sommigen maken iets tot hun God. Pas nu, in dit jaar, hebben wij eindelijk de boodschap van Jezus ontvangen. En sindsdien ben ik bedroefd om hen, die rondom ons leven en die andere talen spreken. Zij moeten ook van Jezus horen. Hun zielen schreeuwen erom. Groot is de droefheid waarmee ik hen zie.
Hier in Peru horen enigen iets van Jezus in de Spaanse taal. Ze willen Hem zo graag goed Ieren kennen. Hier zijn vele, vele stammen die geen Spaans verstaan. Kunt u niet komen, u? Wat zegt het Woord van Jezus? Zegt het niet: Gaat heen in de gehele wereld en predikt het Evangelie aan alle volkeren? Denk u dit eens letterlijk in.
Wij kunnen niet ver weg gaan. Wij hebben geen geld om op zoek te gaan naar Gods Woord. Met u is dat anders. Wij kunnen niet daar komen waar u bent. U, die het eerst en reeds lange tijd, de boodschap van God hebt, helpt u ons, de later-gekomenen.
Wilt u niet uit de leden van de stammen hier broeders in Christus maken? Wij zijn mensen met zielen. Wij zijn óók Gods schepselen. Wees niet bang voor ons. Kom! God zal u geven, tot u alles hebt, wat nodig is.
Ik, Hwatscha, een Piro, heb Gods hulp ervaren. Ik eindig.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 augustus 1972

Reformatorisch Dagblad | 8 Pagina's

Wycliffe-Bijbelvertalers moeten rond 1985 hun

Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 augustus 1972

Reformatorisch Dagblad | 8 Pagina's

PDF Bekijken