Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Buitenlands beleid wordt niet drastisch omgebogen

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Buitenlands beleid wordt niet drastisch omgebogen

Nieuwe man aan 't roer, mr. Van der Stoel:

5 minuten leestijd

Ondanks de komst van het kabinet-Den Uyl wordt de buitenlandse koers, die Nederland vaart, nauwelijks omgebogen. De nieuwe man aan het roer, mr. Max van der Stoel (PvdA), gaat slechts enkele accenten verleggen. Speciale aandacht in het nieuwe beleid krijgen de kwesties van vrede, veiligheid en ontspanning, de dialoog met de Oostbloklanden en de geloofwaardigheid van de NAVO — „tot op heden altijd aangetast door de ondemocratische regime in Griekenland en Portugal." Drastische koerswijzigingen, zo als het opstappen uit de NAVO of het opblazen van de EEG, blijven achterwege.

De 49-jarige opvolger van drs. W. K. N. Sehmelzer, mr. Van der Stoel - geflankeerd door zijn beide staatssecretarissen mr. P. H- Kooymans (AR) voor vredesvraagstukken en mr. L. J. Brinkhorst (D'66) voor Europese zaken - kondigde dit gistermiddag in Den Haag aan 'als zijn „algemene filosofie"

Mr. Van der Stoel - in het cabinet Cals-Vondeling ('65) staatssecretaris op buitenlandse zaken - was „ernstig verontrust" over de gang van zaken in Zuidelijk Afrika. Om het gevaar dat deze „potentiële conflicthaard" uitstraalt te beteugelen, zal hij erop toezien dat het verbod van wapenleveranties aan Portugal (voor de strijd in Angola en Mozambique) en de VN-sancties tegen Zuid-Rodesië zorgvuldig nageleefd worden.

Hoewel de nieuwe minister scherp stelling nam tegen de apartheidspolitiek van Zuid-Afrika, wilde hij een „dialoog" met dat land niet uitsluiten.

Integratie

De socialistische minister was naar zijn zeggen Europeaan in hart en nieren. De integratie van Europa bard nodig, zei hij. 

Het inzetten van alle krachten aan het Europese front mocht volgens mr. van der Stoel echter ook weer niet betekenen dat „de veiligheidsrelatie met de Verenigde Staten" verwaarloosd zou worden.

„Een doorbreking van deze verhouding zou wijzen op een toenemende belangstelling voor een afzonderlijke Europese kernmacht", aldus mr. Van der Stoel, die vreesde dat zoiets de oost-westverhouding in zeer ernstige mate zou verstoren.

„Het handhaven van de veiligheidsrelatie met de VS wil nog niet zeggen", zo beklemtoonde de minister, „dat ik kritiekloos alle aspecten van de Amerikaanse politiek voor mijn rekening neem"-

Mr. Van der Stoel pleitte voor een permanent overleg tussen de Westeuropese landen en Noord-Amerika. „Het handelsklimaat kan op zo'n wijze aanmerkelijk verbeterd worden", zei hij.

Ondanks alle aandacht voor de trans-Atlantische verhouding wilde mr. Van der Stoel de ontwikkeling van de relatie Oost-West niet uit het oog verliezen, „Een eerste vereiste is dat de muur van wantrouwen tussen beide blokken geslecht wordt en dat de overbewapening wordt teruggeschroefd. Eerst dan kunnen concrete vormen van samenwerking nader worden bekeken"

De omvang van de rol van Nederland behoeft volgens mr. Van der Stoel echt niet hand in hand te gaan met de „grootte" van ons land. „Een goed doordachte bijdrage maakt dat ons land een belangrijker viool in het wereldorkest gaat spelen", aldus de opvolger van minister Sehmelzer. 

De nieuwe minister wil niet alleen dialogen voeren met de VS of met de landen achter het IJzeren Gordijn, maar ook met de Tweede Kamer, zijn ambtenaren en allerlei actiegroepen. Het is namelijk niet de bedoeling van mr. Van der Stoel om zijn ministerschap uit te voeren in de stijl van een kamergeleerde. De dialoog met de Tweede Kamer komt weer neer op „een geregeld en vertrouwvol beraad met de kamercommissie voor buitenlandse zaken".

In de confrontatie met actiegroepen wil mr. Van der Stoel tot hun beweegreden doordringen. „Dat betekent niet zonder meer gevolg geven aan hun eisen, hoewel ik het daarmee best eens kan zijn- Maar er kan een verschil van beoordeling zijn over de te gebruiken methoden"., aldus de minister.

De interne dialoog denkt hij in de eerste plaats te gaan voeren met de man achter het dossier. „Dit bevordert een goede doorstroming van

Democratiserinig

In het beleid, dat mr. Van der Stoel dit en volgend jaar gaat voeren, wordt eveneens gepoogd „de goede voornemens van de Europese topconferentie in daden om te zetten". Een en ander betekent onder meer dat aandacht zal worden geschonken aan de vormgeving van het regionale en sociale beleid en aan de democratisering van de besluitvorming der Europese toporganen.

Dat laatste was staatssecretaris Brinkhorst uit het hart gegrepen, „De anonimiteit van de Brusselse besluitvorming moet worden doorbroken. De Europese zaak dient er één te worden van de individuele burgers", zo verklaarde hij enthousiast. „Want Europese zaken worden steeds meer binnenlandse zaken".

Mr. Brinkhorst - naast de Europese aangelegenheden ook belast met de coördinatie van de milieuvraagstukken en het internationale culturele beleid - ontveinsde zich niet, dat daarbij in toenemende mate een spanningsveld op de voorgrond zou treden tussen Brussel en de „rest van de EEG". 

De andere staatssecretaris van buitenlandse zaken, mr. Kooymans, brak een lans voor de versterking van de structuur en de organen van de Verenigde Naties. Met name dacht hij aan het versterken van de rol van het Internationaal Gerechtshof in Den Haag. Dit zou de ontwapening alleen maar ten goede komen, meende hij

Affaire-Röling

Waarom dr. Röling op het laatste moment als staatssecretaris vervangen werd door mr. Kooymans, deed minister Van der Stoel uit de doeken. „Röling was meer geïnteresseerd in de totstandkoming van het nieuwe staatssecretariaat voor vredesvraagstukken, dan in het bezetten van deze post", aldus mr. Van der Stoel. „Als puntje bij paaltje kwam, zette hij liever zijn werkzaamheden aan de universiteit van Groningen voort. Het worden van onderminister werd een „persoonlijk offer" voor hem, dat hij graag gegeven had, als er niemand anders beschikbaar v/as. De AR schoof voor deze post mr. Kooymans naar voren, die voor zowel dr. Röling als voor mijzelf een „alleszins acceptabele figuur" was. Hiermee was het probleem - voor dr. Röling althans - uit de wereld", aldus de minister.

Minister Van der Stoel zal zoveel mogelijk „thuis" blijven. „Zeer zeker de eerstkomende maanden. Fas als de eerste herfstblaadjes vallen stel ik mijn reisfilosofie eens op", zo zei

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 15 mei 1973

Reformatorisch Dagblad | 8 Pagina's

Buitenlands beleid wordt niet drastisch omgebogen

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 15 mei 1973

Reformatorisch Dagblad | 8 Pagina's

PDF Bekijken