Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Bevindelijk prediken is ontdekken en aanbieden

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Bevindelijk prediken is ontdekken en aanbieden

„Op de hoogte van de heilsfeiten":

15 minuten leestijd

Vorig jaar verscheen een boek uit de kring der Geref. Bond,getiteld „Op de hoogte van de heilsfeiten". Algemeen secretaris ir.J. van der Graaf had er de eindredactie van. Van de materie,waarmee dit boek zich bezighoudt, wordt de markt bepaald nietoverstroomd. Dit maakt deze paperback dan ook uniek. Het onderwerpdat hier behandeld wordt (aspecten van de prediking) isjuist in deze tijd zo bitter actueel.

.Immers, de prediking dreigt thans meer dan ooit in diskrediet te geraken. Men spreekt sinds lang van de nood der prediking. Inderdaad is juist de (verschraling van de) prediking één van de hoofdoorzaken, waardoor het kerkelijke leven zo achteruitgaat. Door een dode prediking zonder hart sterft de gemeente af. Maar nu laat dit boek zien, dat niet alleen de predikers, doch ook de gemeenteleden verantwoordelijkheid hebben voor de prediking.

 De gemeente moet een toetsende gemeente zijn, die namelijk de prediking toetst aan het Woord van God Zelf, zoals de jonge gemeente van Berea het apostolische woord toetste aan de Schriften, om te onderzoeken of deze 'dingen alzo waren.

Een negatief-kritische instelling is daarbij een vruchteloze houding, die verkillend werkt, maar de gemeente is geroepen om de prediker te dragen en te stuwen, opdat hij in zijn bediening mag worden verdiept en bevrucht. Zo moet dan de prediker prediken naar de Schrift, en de hoorder moet toetsen aan de Schrift. Het draait alles om de Schrift, bij prediker en gemeente.

Het is goed dat dit boek hier met zoveel nadruk op wijst. Hoeveel predikers zijn er niet, die hun exegese (Schriftuitleg) afstemmen op dogma en bevinding, en hoeveel hoorders zijn er niet, die de prediking toetsen aan dogma en bevinding, inplaats dat omgekeerd deze laatsten worden getoetst aan de Schrift. Om niet te spreken van de tallozen, die niet eens meer weten van dogma en bevinding en ook niet van het Sola Scriptura (de Schrift alleen), maar die de prediking laten beheersen door een inbreng van deze tijd, van de mens van nu, van de cultuur, de politiek, de samenleving.

 Dit boek houdt vol: hoe dichter wij in de prediking bij de Schrift blijven, hoe levensechter de prediking is. Daarin zien wij dit boek als door en door Calvinistisch. Calvijns stelregel was immers: theologie is exegese. Maar dit heeft dan tegelijk ook onze rechtzinnige groeperingen iets te zeggen. Men zal dan immers ook moeten staan tegenover een bijbelexegese, die vaak door allerlei dogmatische of filosofische vooronderstellingen wordt beheerst (zo o.m. Vriezen).

Exegese

Het is jammer in de kringen van onze Gereformeerde gezindte, dat men juist zo dikwijls, bij gebrek aan een deugdelijk exegetisch instrumentarium (b.v. kennis van de grondtalen) vervalt tot de stelregel: theologie is dogmatiek, of; theologie is bekeringsbeschrijving, inplaats van de Calvijnse regel: theologie is exegese. Men bepreekt dan de Schrift vanuit de bevinding of vanuit de dogmatiek, inplaats dat de bevinding en het dogma, als vrucht van een juiste exegese, komen bovendrijven uit de Schrift, bepreekt in haar verband en samenhangen.

 In dit opzicht is er veel te leren uit dit boek, dat een samenbundeling is van een voortreffelijke artikelenreeks uit „De Waarheidsvriend". Verschillende bekende ,,Bondsdominees" namen een bijdrage voor hun rekening. Om een greep te doen:

Dr. H. Bout schrijft over de Heilige Geest en de prediking. Hij wijst daarin op de noodzaak van het door God geroepen zijn tot de bediening des Woords. Daarmee hangt immers de bekwaamheid samen, want alleen de Heilige Geest, Die levend maakt en Die roept, is de dragende en drijvende kracht Gods van alle arbeid in het Koninkrijk Gods. Wij mogen het Woord nooit losmaken van de Geest. De kracht zit niet in de boodschapper, maar in het Woord en daarin alleen (Calvijn op Gal. 4:19).

Trinitarisch

Ds. W. van Gorsel schrijft over trinitarische prediking, de verkondiging van het werk van de Drieënige God. Dat is een Bijbelse prediking van de Vader, Die zondaren verkiest, van de Zoon, Die zondaren verlost, en van de Heilige Geest, Die zondaren heiligt. In dat licht gezien kan de beschuldiging van vele predikanten, dat zij alleen maar een ,,Christus-mannetje" zijn, terecht zijn. Want, aldus ds. Van Gorsel, ook het werk van de Heilige Geest moet aan de orde komen.

Anderzijds is een prediking, die alleen maar het bevindelijke werk des Geestes beschrijft, evenmin trinitarisch, als tenminste vergeten wordt dat de Geest plaatsmaakt voor Christus en doet zeggen: Abba, Vader! Een werkelijk Christologische preek is een trinitarische preek, al zal er, naar gelang van de tekstkeuze, een verschillend accent kunnen vallen. Maar trinitarische prediking kan in elk geval beslist geen gepopulariseerde dogmatiek zijn. Jammer, dat de prediking dit laatste juist zo dikwijls wel is in sommige kerken.

Bevinding

Maar wat is dan bevindelijke prediking?

Daarover geeft ds. C. den Boer een duidelijke bijdrage, waarin hij beklemtoont dat een preek naar Bijbels patroon alleen maar preek heten mag, wanneer die bevindelijk is. Overal waar de Schrift spreekt van de kennis van God, daar gaat het immers over een bevindelijke kennis over de ervaring van een geloofsrelatie met God, tot stand gekomen door de werking van Gods Geest. Het is de verborgen omgang met God. 

 De Schrift kent de ervaringen van de gelovige: schuldbesef, twijfel, Godsverlating, Godsgemeenschap. Het woord „bevinding" komt ook in de Schrift voor en dan in de zin van beproefdheidj bevinding is als het tevoorschijn komen van iets uit de smeltkroes, „gelijk het zilver wordt beproefd". Men moet ergens doorheen, er wordt iets beleefd. Wij moeten daarom in de prediking de mensen oproepen tot zelfonderzoek; niet alleen oproepen tot geloof, maar tevens waarschuwen tegen schijngeloof en ongeloof. Kortom, bevindelijk preken is niet zozeer beschrijvend preken, maar ontdekkend, oproepend, aanbiedend en onderscheidend.

Belangrijk is ook wat ds. Den Boer schrijft over het preken van de z.g. toeleidende weg. Dat is nog wel eens in diskrediet. Zelf heeft hij daar echter altijd grote vreugde aan beleefd, want „wie kan daar aan ontkomen, als hij zijn Bijbel kent? Als we 't dan inderdaad maar Bijbels doen. Als we er maar niet in blijven steken". Want „er is ook zoiets als de doorbraak des Geestes".

 Onderscheiden

 „Bevindelijk preken is de volheid van Christus preken. En dat is hetzelfde als de vruchten des Geestes preken", mits de ervaring geen aparte bron voor de preekstof naast de Schrift wordt, zo vindt hij terecht. Degelijke hermeneutiek (Schriftvertolking;) is een persoonlijke worsteling van de prediker met de H. Schrift.

 Op het onderscheidenlijk preken gaat ds. W. L. Tukker nader in. Als het recht Gods en als de genade in Christus en als de toeëigening door de Geest Gods worden gepredikt, zo zegt hij, dan komen daarin de ontdekking aan de zonde, de toeleiding tot Christus, de inleiding in Christus, de vertroosting van de Heilige Geest, de bezegeling door de Heilige Geest der beloften aan de orde, zo dat zij voorgesteld worden, maar aan de orde in die zin, dat zij uitgedeeld worden.

 Wij hebben verder ook te maken, aldus ds. Tukker, met de grenzen tussen bekeerd en onbekeerd. De prediking vraagt aandacht voor onwetenden, onverschilligen, kwaadgezinden, wederspanningen, dwalenden en afdwalenden. Net zo min als in Israël en onder het Nieuwe Testament, zo bestaat de kerk ook nu niet uit enkele gelovigen. En wat de bekeerden betreft, wij hoeven die niet op een bokkige wijze in groepjes in te delen, maar ze toch wel te leiden naar staat en toestand tot de volheid Gods, die in Christus Jezus is.

 Bijdragen

Voorts schrijven anderen (o.m. dr. C. A. Tukker, ds. J. Maasland, prof. C. Graafland) in deze bundel nog over de prediking als verkondiging, over de volmacht van de prediking, appellerende prediking, de prediking in een tijd van Woord-devaluatie, de taal van de prediking, actuele prediking, het preken in onderscheiden situaties, het eigentijdse in de prediking, en over de leerdienst.

Het is kortom een scala van stuk voor stuk hoogst belangrijke onderwerpen, waarmee de kerk alleen maar gediend kan zijn. De verscheidenheid van medewerkers heeft in deze bundel nu en dan enige herhalingen tot gevolg, die niettemin door het gewicht van de zaak als gerechtvaardigd kunnen worden beschouwd. Er zijn nu eenmaal dingen die nooit genoeg kunnen worden gezegd. Een ander gevolg is de verscheidenheid van stijl en woordkeus, maar dat mag evenmin als een bezwaar worden gezien.

 Over het geheel genomen munt het boekje uit in eenvoud en duidelijkheid. Men zou het kunnen beschouwen als een homiletisch handboekje, dat geschikt is voor predikanten, studenten en ook voor gemeenteleden. Het fijne ervan is namelijk, dat het niet geschreven is op academisch niveau. Men voelt het duidelijk aan: hier zijn geen theoretici aan het woord, maar mannen van  de praktijk, die de gemeenten kennen in hun wel en wee, en die weten wat er te koop is, ook op het gebied van de prediking. Vandaar hun pleidooi voor verzorgd kanselwerk.

 Preekopvatting

Wie helderheid wil hebben in het verschil van preekopvatting (b.v. de benadering van de Schrift, verhouding van Schrift en bevinding) tussen de Hervormd-Gereformeerde predikanten en bijv. die van de Gereformeerde Gemeenten (ook al staan zij, afgezien van bepaalde dogmatische verschillen, mogelijk principieel op dezelfde grondslag), die kan in dit boekje terecht. De Gereformeerde Bond bewees er ons een grote dienst mee. Wij wensen het in aller handen om het te lezen en ter harte te nemen. Werd er maar meer zó gepreekt, buiten en - dat moet eerlijkheidshalve ook worden gezegd - ook binnen de Bond, want deze prediking, zoals bedoeld in deze bundel, heeft het geweten van de mens mee. Men kan zich ten slotte na lezing nog afvragen: Wie is tot deze dingen bekwaam? Ja, dat is tegelijk de worsteling van dit hele boekje. Voor meer uitgaven van dit soort houden we ons graag aanbevolen. Deze keurige paperback, 138 blz., kost ƒ 15,90. Het is een uitgave van J. H. Kok B.V., Kampen, 1975.

Dit artikel werd u aangeboden door: Reformatorisch Dagblad

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 17 april 1976

Reformatorisch Dagblad | 16 Pagina's

Bevindelijk prediken is ontdekken en aanbieden

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 17 april 1976

Reformatorisch Dagblad | 16 Pagina's

PDF Bekijken