Bekijk het origineel

Toch doorgaan met steun antiracisme programma?

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Toch doorgaan met steun antiracisme programma?

EXTRA ZITTING GEREF. SYNODE

11 minuten leestijd

De generale synode van de Gereformeerde Kerken, die gisteren en vandaag In de Marcuskerk te Leusden in een bijzondere zitting bijeen was, kon gisteravond nog niet tot een duidelijke standpuntbepaling komen ten aanzien van het al of niet stoppen met steun aan het speciale fonds van het Wereldraadprogramma ter bestrijding van het racisme.

Aanleiding tot deze tweedaagse extra zitting was vooral het — inmiddels al eens uitgestelde — „ultimatum", dat de Nederduitse Gereformeerde Kerk in Zuid-Afrika aan de Nederlandse zusterkerk hadden gesteld. Die dreiging hield in, dat de zusterlijke correspondentieband geacht werd te zijn verbroken, wanneer de Nederlandse kerk niet zou terugkomen op haar door de vorige synode (van Haarlem) genomen besluit, dit fonds te steunen via een speciaal daarvoor beschikbaar gironummer.

Dat het fonds in zoverre niet aansprak, dat er aanvankelijk slechts een achttienduizend gulden voor bijeenkwam — inmiddels worden bedragen van plm. 62.000 genoemd — deed er voor de N.G.-Kerk niet ter zake. Zij betoogde, dat de Nederlandse kerk op deze wijze steun verleent aan de terroristen — hier vaak „bevrijdingsbewegingen" genaamd — die een gewelddadige omverwerping van het blanke bewind wensen in de republiek ZuidAfrika.

Leertucht

Dan was er nog een ander Zuidafrikaans onderwerp, dat niet helemaal losstaat van het eerste. Die Gereformeerde Kerk in Suid-Afrika (GKSA), de vanouds meest verwante zuster van de Nederlandse kerk, heeft op haar nationale synode van Potchefstroom in januari j.I. uitgesproken, dat de correspondentiebanden door de Nederlandse kerk in feite — nog niet in rechte — zijn verbroken, omdat zij ondanks zeer lankmoedige en herhaalde vermaningen van de GKSA weigert, leertucht toe te passen en onschriftuurlijke leringen toelaat op de kansels en katheders.

Herhaalde bezoeken van Zuidafrikaanse Dopperafgevaardigden naar de Nederlandse synoden haalden niets uit en ook het recente bezoek van praeses ds. C. Mak en prof. dr. J. Plomp aan de Doppersynode had niet meer geleid tot voldoening.

 Ter Geref. synode was gistere dus een brief van de Zuidafrikaanse depu-. taten voor de correspondentie met de buitenlandse kerken (prof.J J. van der Walt en prof. J. L. Helbérg), waarin deze breuk nog eens werd uiteengezet en waarin werd meegedeeld, dat het Afrikaanse besluit mondeling zou worden toegelicht door prof. dr. Tjaart van der Walt van Potchefstroom en dr. K. L. van Wyk de Vries, voorzitter van de recente Doppersynode.

Beide heren waren nog niet komen opdagen; het is dus niet duidelijk of zij nog namens hun kerk de zaak — waarin vooral namen als Kuitert en Wiersinga een grote rol spelen — komen uiteenzetten

Over het speciale fonds van de Wereldraad (kortweg: antiracismefonds) waren een tweede vrij omvangrijk deputatenrapport uitgebracht en twee tamelijk tegenover elkaar staande commissierapporten, omdat er geen uniform standpunt kon worden geformuleerd. Het meerderheidsrapport (rapport-drs. H. Appers) kan, ruwweg aangeduid, worden omschreven als: vóór voortzetting van de steun aan het Wereldraadfonds ondanks de gebeurtenissen in Mozambique en Angola, die zich voltrokken hebben nadat deze materie op de synode van Haarlem was besproken.

Het minderheidsstandpunt der commissie-ad hoc, vertolkt door rapporteur oud. T. de Ruig uit Haarlem, gaat veel minder ver; wil de breuk niet met de blanke N.G.-Kerk en pleit voor steun via andere, kerkelijke, wegen en niet via het zogeheten PCR, omdat dit gewelddaden niet uitsluit. Eén van de medestanders van De Ruig, oud. R. Gosker uit Zwolle, zei het wat geëmotioneerd zó: waarom zullen we de angel der verbittering, die het PCR is, niet wegdoen als er, zoals van deputatenzijde wordt toegegeven, nog hoijderd andere mogelijkheden zijn oni steun te verlenen.

Patstelling

Als het gisteravond op een stemming tussen een der beide commissierapporten was gekomen, was de synode blijkens een opiniepeiling van de praeses in een patstelling terecht gekomen.

Vier hoogleraren-pre-adviseurs (Kuitert, Bakker, Plomp en Rothuizen) waren vóór het rapport-Appers, dat grotendeels met de deputatenvoorstellen meeging. Ook dertig synodeleden zouden voor Appers zijn, maar 32 voor het minderheidsrapport-De Ruig.

Voorzitter ds. Mak meende, in navolging van een suggestie uit de synode, dat een zo aangelegen punt niet met stemming bij een zo miniem overwicht kan worden afgedaan. Men zou gisteren nog een nieuwe weg zoeken om uit deze impasse te komen; vandaag valt de beslissing. Sommige sprekers wilden wel de richting uit van schorsing en opschorting der steunverlening, op voorwaarde dat de Nederduitse Geref. Kerk haar ultimatum zou terugnemen als strijdig met de waardigheid van kerkelijk handelen.

Wachten tot de eerstvolgende N.G.-algemene synode hierover een uitspraak kan doen, gaat moeilijk: die komt pas in 1978 bijeen en of de Geref. Oecumenische Synode van Kaapstad in augustus a.s. nog iets ten goede zal veranderen werd ook betwijfeld. Gezegd werd o.m., dat de blanke Afrikaner kerken zich nog nooit iets van de GOS-besluiten hebben aangetrokken.

De man van de N.G.-Kerk, die de storm van kritiek gelaten over zijn hoofd moest laten gaan en die geen officiële afvaardiging naar Leusden had en mitsdien ook niet het woord kreeg, was dr. F. E. O'Brien Geldenhuys, directeur van oecumenische aangelegenheden van de N.G.-Kerk en zo langzamerhand een vertrouwde gast op de Geref. synoden, al zal dat laatste nu wel tot het verleden gaan behoren.

Er waren trouwens meer Zuidafrikaanse gasten onofficieel aanwezig, zoals de al vele jaren in Kampen studerende en overal opduikende ds. Alan Boesak, een trouwe spreekbuis van en voor prof. J. Verkuyl; evenals een aantal zwarte predikanten.

Smokkelaar Kooymans

Een andere tegenstander van de Zuidafrikaanse regering en van de blanke Afrikaner kerkleiders was er ook: de (jonge) heer Horst Kleinschmidt, vroegere medewerker van Beijers Naudé en diens Christelijk Instituut.

Hij is — zo onthulde prof. J. Verkuyl gistermorgen en misschien wel tegen de bedoelingen van de bewindsman in — door Verkuyl en de AR-staatssecretaris mr. P. H. Kooymans (Buitenlandse zaken) uit Zuid-Aftika gesmokkeld. Het is de bedoeling, dat Kleinschmidt — door een deel van de synode en pers gisteren bekeken en betast als een ternauwernood ontkomen martelaar — de propaganda voor zijn chef, die Zuid-Afrika voorlopig niet uit mag, in Europa gaat behartigen.

Behalve O'Brien Geldenhuys was er ook een Afrikaner, die het ook opneemt voor de besluiten van de blanke Afrikaner kerken en hun breken met de Nederlandse kerk: ds. J. M. Vorster uit Zuid-West-Afrika. Deze theoloog Vorster behoort tot de Gereformeerde Kerk in zijn land, studeerde aan de Potchefstroomse universiteit en is een paar maanden in ons land o.m. aan de VU om studiemateriaal te vergaderen voor zijn promotie in Potchefstroom op een cultuurfilosofïsch onderwerp.

Debat

Wat het erg lange debat over de besluiten van beide commissierapporten betreft: er waren de gebruikelijke vooren tegenstanders. Voor opheffen van de steun aan het antiracismefonds pleitten o.a. ds. E. J. Oomkes, drs. H. T. van Bochove en ook ds. H. van Bentherti.

Tegen waren de hoogleraren Kuitert, Rothuizen en uiteraard Verkuyl, die — buiten de orde — meteen van deze synode eiste, dat ze zich zou opstellen achter de progressieve ministers in het kabinet-Den Uyl en tegen de confessionele, omdat deze laatsten de levering van kernreactorvaten aan Zuid-Afrika doorgang wilden laten vinden. Wijselijk ging niemand op zijn suggestie in; daarover ging immers het debat niet.

Het rapport-De Ruig kwam er bij de voorstanders van het PCR vaak erg slecht af, waarbij termen vielen als: zoiets is strijdig met behoorlijk bestuur; ik geneer me voor dit alles; het schandaal van de manipulatie. Een „uitsmijter" van prof. Rothuizen was wel, dat hij zich niet kon indenken, dat de commissie-De Ruig opeens tegen geweld zou zijn, want ze bestond uit een oud-verzetstrijder (R. Gosker), een oud-generaal (De Ruig) en een oud-kolonel (De Koning), terwijl ook Zuid-Afrika's Vorster alle mitrailleurs bezet houdt.

Gevolgen

In alle toonaarden bezongen tegenstanders van het stoppen der steun aan het PCR (dus: voorstanders van de breuk met de N.G.-Kerk, want daar zou het toch op neerkomen) de verschrikkelijke gevolgen van die stap: voor de blanke kerk daar zelf, voor de niet-blanke kerken en (zó prof. D. C. Mulder en deputaat ds. J. Drost) zelfs voor de zending en de Geref. relatie tot alle mogelijke kerken in andere zwarte Afrikaanse naties. Heel wat oneigenlijke argumenten werden door beide partijen gisteren aangedragen, maar ondanks de emoties vóór of tegen werd er gisteren geen oplossing gevonden. Vandaag is men er weer mee bezig.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 26 mei 1976

Reformatorisch Dagblad | 10 Pagina's

Toch doorgaan met steun antiracisme programma?

Bekijk de hele uitgave van woensdag 26 mei 1976

Reformatorisch Dagblad | 10 Pagina's

PDF Bekijken