Bekijk het origineel

Groninger kerkhistorie gaat weer leven

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Groninger kerkhistorie gaat weer leven

Wumkes proefschrift herdrukt

7 minuten leestijd

Het was vooral te doen om de kerk te zien zoveel mogelijk in samenweving met het volle leven. Dat zegt dr. G. A. Wumkes in 1904 zelf over zijn proefschrift: „De Gereformeerde kerk in de Ommelanden tussen Eems en Lauwers (1595-1796)". H. D. Tjeenk Willink en Bouma's Boekhuis in Groningen verzorgden een herdruk van Wumkes' studie, die voor ieder die geïnteresseerd is in kerkhistorie van belang is.

Het is nog niet zo lang geleden dat soortgelijke werken over Jacobus Koelman, Willem Teellinck en William Perkins herdrukt werden. Bij dit proefschrift gaat het echter niet zozeer om één persoon dan wel om de plaats die kerk en geloof hadden in het leven van de Groninger Ommelanders. Beide is waardevol.

De begrenzing werd gekozen tussen 1595 — het jaar waarin de Ommelanden door Willem Lodewijk hun kerkorde ontvingen en waarin de eerste provinciale synode er vergaderde — en 1796. Dit jaar was het „sterfjaar der oude heersende kerk."

 Als bronnen gebruikte Wumkes een respectabele hoeveelheid officiële geschreven documenten, zoals acta van provinciale synoden, authentieke acta van de vijf Ommelander classes, Loppersum, Appingedam, Middelstum Marne en Westerkwartier. Verder kerkeraadsprotocollen, rekenboeken van kerkvoogden en diaconieën uit ongeveer 40 Ommelander gemeenten enz.

Vogelmest

De staat waarin hij zijn materiaal aantrof verdroot Wumkes soms zeer. Nog zie ik, zegt hij, die wormstekige kist, op een schier onbereikbare kerkezolder, overdekt met vogelmest, ruigte van nesten en dikke lagen stof. En zo waren er meer benarde omstandigheden.

Geert Aeilco Wumkes werd op 4 september 1869 te Joure geboren. Wumkes was predikant te Hoorn op Terschelling, te Roden in Drente in Zeerijp en te Sneek. Over de lokale kerkgeschiedenis van zijn eerste gemeente schreef hij: „Tusschen Flie en Borne, Schetsen uit de geschiedenis van Schellingland". Verder schreef hij It Frysk Reveil yn portretten, Bodders yn de Fryske Striid, hij deed de Pylgerreize van John Bunyan het licht zien en kwam in 1943 in opdracht van het Nederlands Bijbelgenootschap als eerste — nadat anderen in voorgaande eeuwen kleinere delen vertaald hadden — met een Bijbel in de Friese vertaling.

Wumkes was een vurig voorvechter van het Friese ideaal en behoorde tot de eersten die in het Fries preekten. Hij overleed op 7 mei 1954 te Huizum.

Smetten

Wumkes proefschrift boeit bijna ais een roman, en het is soms minstens zo fantastisch. Want hoewel de kerk gereformeerd werd, het leven van het gewone volk, van ouderlingen, organisten, schoolmeesters en predikanten was daarmee — hoe kan het ook anders — nog lang niet vrij van vreemde smetten. Hoewel, er waren ook anderen, die toornden tegen allerlei kwaad. Dronkenschap, begrafenismaal, zedeloosheid, duivelbannerij, zondagsarbeid, het waren geen zeldzaamheden.

 Elke tuchtzaak leer ons, aldus Wumkes, op welk peil de grote menigte nog in de zestiende en zeventiende eeuw stond, maar moge ons tevens Ieren hoe verklaarbaar de nederlaag der kerk en de trage gang der volkskerstening is geweest. Wumkes heeft zijn proefschrift verdeeld in een zevental hoofdstukken.

Allereerst behandelt hij het anti-papisme, dan de strijd met Menno's volk, tegen de abuizen en excessen van het volksleven, onder het juk van de landadel, geestelijke stromingen, werk der barmhartigheid, uit het predikantsleven, om vervolgens met een register van plaatsnamen te besluiten.

Rooms

Men moest in de 125 grotere en kleinere baksteenkerken in de Ommelanden reiniging van menig heilig sieraad en voorwerp voltrekken, maar dat niet alleen, de verfoeilijke lijkpredikatie — het oude Roomse gebruik — was eveneens onderwerp van gesprek op tal van classisvergaderingen. En dan, hoe moest het met alle priesters in de Ommelanden die het pausdom verlieten en gereformeerd wilden worden? Zo zij het evangelie „reyn, louther ende claer" predikten moesten ze het maar te kennen geven. Maar er moesten heel wat examens en handtekeningen verricht worden.

De verdraagzaamheid van tegenwoordig vond men in ieder geval ten opzichte van andere dan de gereformeerde religies in de behandelde periode, althans aanvankelijk niet. De ,,dagelijks aanzwellende droesem der Anabaptisten" via strenge bepalingen, boeten of desnoods verbanning of onterving tegengestaan worden. En naast het openbaar theologisch dispuut kwam ook het afbreken van de huizen waarin ,,zwermgeesten" conventiekelden voor. In de achttiende eeuw ging het wat minder hard tegen hard. Het piëtistisch reveil met mannen als Verschuir en Schortinghuis heeft daar het zijne wel toe bijgedragen, meent Wumkes. Het ontging hen niet dat juist de levenswandel van de Doopsgezinden nogal gunstig afstak tegen die der Gereformeerden.

Tuchtzaken

Over de abuizen en excessen vermeldden wij al een en ander. Het hoeft geen betoog dat het oud-Ommelander gebruik van de zondagse bruiloft met burengejuich, hoorngeschal, fakkelbrand en vriendengezang — en natuurlijk sterke drank — de vreugde van iedere classis niet was. Maar zelfs predikanten konden er bij tijden niet aan ontkomen. De lectuur van de eindeloze tuchtzaken wegens dronkenschap is soms walgelijk, aldus Wumkes, ook van de predikanten.

De Arminiaanse twisten gingen de Ommelanden vrijwel voorbij. Maar de Groningserector Regnerus Praedinius was zowel met de voormannen der reformatie ais met die van de moederkerk bevriend. Het godsdienstig leven der centrale persoonlijkheden was gespeend aan alle engkerkelijkheid en rustte op een brede grondslag.

Wumkes schrijft over Gomarus, Maresius, Keuchenius etc. Maar ook de vroomheid die uit het reveil van de eerste tientallen jaren van de achttiende eeuw voortkwam, mystiek getint, laat hij niet onbesproken. En zo komen uitvoerig Verschuir, Antonides e.a. aan bod.

Dit waardevol bezit voor geïnterresseerden — de kleine bloemlezing uit het gebodene mag tot bewijs strekken — is II plus 167 pagina's groot, kost ƒ28,- en is overal verkrijgbaar, uitgegeven bij H. D. Tjeenk Willink en Bouma's Boekhuis, Turfsingel 3, Groningen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 25 juni 1976

Reformatorisch Dagblad | 18 Pagina's

Groninger kerkhistorie gaat weer leven

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 25 juni 1976

Reformatorisch Dagblad | 18 Pagina's

PDF Bekijken