Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Waar komt de I zonnebril vandaan?

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Waar komt de I zonnebril vandaan?

13 minuten leestijd

f Er kan In de natuur nog zo ontzettend veel veranderen In heel korte tyd. Zoals het er nu op het moment uitziet duldt alles op een vr^ vroeg voorjaar. Alle vroege voorjaarsgewassen staan In volle bloei en ook al hier en daar een enkele heester, terwyi van andere de knoppen op springen staan. Al met al lokt het wel aan om de tuin in te duiken, te spitten en te zaaien en wat er alzo meer te doen is op een mooie voorjaarsdag. * Het wordt nu toch wel hoog tijd om ons te realiseren wat we in de slertuln ziülen planten of eventueel ter plaatse zullen gaan zaaien. Verschillende voorjaarsbloeinen en zomerbloeiers hebben we reeds onder de loep genomen, we zullen er nu nog een paar nader gaan bekijken. Hierlinee is uiteraard het sortiment nog lang niet uitgeput, er is zo'n grote verscheidenheid op het gebied van de perkplanten dat het ondoenlijk is om alles te bespreken; er wordt hier en daar slechts een greep gedaan uit het vele goede en mooie dat door onze vaderlandse kwekers in de handel wordt gebracht. ? Allereerst nu de siertabak, Nicotiana ,tCrimson Rock". Een halfhoog gewas van ongeveer 46 cm met prachtige rode bloemen die goed omhoog gericht openstaan, dit in tegenstelling tot vele andere.soorten waar de bloemen min of meer naar onderen gericht staan. Deze „kijken" Je als het ware aan. Bovendien is het bij deze nieuwe variëteit ook zo dat de bloemen overdag open blijven staan. dan is het ook werkelijk wel iets bijzonders.

De Zinnia „Fink Ruffles" heeft een zachtroze kleur en opvallend mooi gebogen bloembladen. De bloemen zijn ook mooi van vorm en hebben een doorsnede van ongeveer 7 a 8 om, ze zijn dus wel flink van ontwikkeling en zeker de moeite wel waard om ze eens te proberen. Daar ze stengels maken van 26 tot 30 cm, zijn ze ook zeer geschikt als snijbloem, u hoeft ook niet bang te zijn er eens uit te snijden want de planten vertakken zeer sterk, dus bloemen genoeg. Overigens is het een zeer goede plant voor de bloementuin, ze kunnen een hoogte bereiken van plm. 60 cm en door hun groeiwijze wordt het een compacte massa van bloemen; men moet ze uitplanten op afstanden van ruim 26 cm dan zullen ze het beste tot him recht komen.

Tot slot nog een derde nieuwe aanwinst in het zaalgoed. Een nieuwe soort leeuwebek, de Anthlrrinum „Orang Pixie", ook deze is zeker de aandacht ten volle waard, daar ze qua kleur en hoogte zeer opvallend is. Juist doordat ze zo laag blijven zijn ze zo zeer geschikt voor een rand, bijvoorbeeld een scheiding langs de tuin van de buren of langs een pad, ze worden slechts 20 cm hoog en geven een zee van bloemen. De kleur van deze laagblijvende leeuwebek is bronze-orange, en spreekt zeer aan. Daar ze bovendien zeer vroeg zullen gaan bloeien, dit kan reeds op de perskluit of in het potje na het verspenen, kan men ook hier een zeer lange tijd van de bloei genieten. Ook nu dus direct gaan zaaien in de kas of in huis, dan is men vrijwel verzekerd van een mooie tuin met bloemen.' •

In deze rubriek geven we u allereerst de oplossing van het eindspel, dat we de vorige keer als opgave aan u meegaven. Daarnaast willen we deze keer even afstappen van het eindspel en u een paar combinaties tonen.

Van het eindspel van Blonde plaatsen we hier eerst nog eens de cijferstand: wit stukken op 9, 16 en 26 en zwart stuk op: 33. De oplossing is: 1. 9-4; 33-38. Op (33-39) volgt 4-22 (39-43) en 22-18 met winstl 2. 4-31, 38-43; 3. 31-18, en wit wint altijd. Op (43-48) volgt nl. 18-34 en op (43-49) 18-271

De combinaties, die we u deze keer willen laten zien, zijn alle combinaties die zijn uitgevoerd in een parti). In diagram I ziet u de beslissende fase uit een partij tussen de Russen Koeperman en Petrov. De witspeler combineerde zich op de volgende fraaie wijze naar winst: 1. S6-S0, 14x26; 2. 15-10. 4x10; 3. S9-23, 19x46; 4. 34-29, 26x23; B. 38-32, 46x28; 6. Diagram 1 33x4. En deze laatste zesklapper blaast de hele zwarte stelling op. Ik denk dat iedereen weleens graag zo'n combinatie uit zou willen halen.

Een nog fraaiere combinatie haalde slagzetten-specialist Koeperman uit in zijn partij tegen zijn landgenoot Poljakov. Vanuit diagram 2 ging het als volgt: 1...., 14-19? Zwart dacht een stuk te kimnen winnen. Immers probeert wit schijf 24 te verdedigen door 46-40 (19x30) 40-36 dan volgt (4-9) 35x24 en (23-29). Meent hlJ te kimnen pareren met 34-30 (26x34) 39x30 dan heeft zwart de volgende slagzet in petto: (16-21) 27x16 (22-27) 31x22 en (17x60) met winst. De zet die zwart in de diagramstand speelt is dus alleszins begrijpelijk, de lokzet die wit in de stelling verweven heeft is dan ook bijzonder mooi. 2. 27-21, 17x37; 3. 41x32; J9x30; 4 27-21, 17x37; 3. 41x32, 19x30; 4. 33-28, 22x35^; S. 39x17, 30x00; 6. 42-37, 11x22; 7. 38-33, 00x28; 8. 32x1. Nogmaals een klassecombinatiet Een op dezelfde patronen gebouwde combinatie — hoewel op andere wijze ingeleid plaatste Koeperman in een partij tegen Karasov (zie diagram 3): 1. 27-221 Nu dreigt 2S-18."Op (23-29) volgt 30-25 en op (12-17) 33-29 (23x26) 36-30 (25x34) 39x30 (17x28) 32x1. Zwart is dus gedwongen tot: 1 12-18; 2. 22-17, 11x22; 3. 33-29, 23x25; 4. 39-34, 10x60; 0. 38-33, 00x28; 6. 32x6t Met winst. Ook hiervan geldt: heel fraail Zinnia ,JPvnk Ruffles"

Horizontaal: 7 zegswijze; 18 hoeveelheid -papier - inwonend - deel; 10 grot deel van Europa - maat; 20 smalle straat - larve - deel van de Bijbel (afk.) - bevelhebber - geestdrift; 21 narigheid • lichaamsdeel van een dier • streep; 22 gevolg - fler - reeds - groet; 28 verdedigingsstelling - zonderling - disselboom kiem; 24 berg op Kreta - plaats in België - latwerk - de oudere (alk.) - vertegenwoordiger; 26 vervoermiddel - bosgeest platte steen - water in Noord-Brabemt; 26 drank - zangvogel - onoverwinnelijke vloot - zijrivier van de Donau; 27 plaats in Overijssel - lengtemaat (afk.) - echt • klinker - zoom; 28 gaap - tip - dierentuin persoonlijk voornaamwoord; 29 insekteneter - ongegronde mening - regelmaat • lidwoord - koemaag; 80 getijde - lomp trottoir - rivier in Engeland - herkauwer; 31 telwoord - rivier in Duitsland - titel (alk.) - titel (afk.) - pret; 32 zegswijze. Verticaal: 1 zegswijze; 2 span - persoonlijk voornaamwoord - vrouw van Jakob - vogel - stad in Rusland; 3 uiting van droefheid - ministerie - nauw; 4 erwten getal - plaats in Gelderland; 6 zegswijze; 8 vlug - hertachtig dier - gemalin van Aegir - water in Friesland - jong zoogdier; 9 heimeUjk - toegangsbewijs - stoffenmaat produktlviteit bij kippen; 10 menigte bontsoort - vreemde munt - spoorwagen; 11 voegwoord - later - groei - lidwoord; 12 lichaamsdeel - vogel - windrichting; 13 voedsel - deel van een ladder - getroffen zangnóot - zangnoot; 14 titel - niet vroeg - vlaktemaat - titel (afk.) - oorzaak; 16 letterkeer - siersteen - kledingstuk; 16 zuidvrucht - part - lokspijs - plezier; 17 stad in Rusland - water in Noord-Holland - meisjesnaam - voorzetsel - Nederlander.

Oplossing puzzel vorige week

Aankomen, belangstelling, China, doorkomst, erboven, finesse, gomachtig, halfwas, inkopen, Jachtrevier, koopster, lijnslager, machine, nevens, omslachtig, pachters, rijksinstelling, sonderen, tegenlopen, uitleveren, voorsteven, windvlaag, IJveren, zonderling. Men moet leven en laten levpn,

mms

Hij zei: „We doen beter, de overtocht te wagen. Het ziet er niet naar uit, dat het morgen weer beter zal wezen". Dat was zo. De lucht was grauw en dikke regenwolken en de wind voerde voortdurend nieuwe aan. „Ala we nu de rivier overgaan, zijn we morgen tegen de middag In Den Bosch", hielp Bartoen hem. Die was met zijn wagen vlak achter de eerste en had het eind van het gesprek gehoord. ,rAnder8 wordt het wie weet hoe laat, eer we daar zijn. En dan moeten we nog een herberg zien te vinden..."

„Dat zal wel lukken", verzekerde Van Trecht, „maar laat zou het worden". Hij dacht aan de kerkmis, die hij wilde bijwonen. „Goed, we gaan nu".

Jeroen had een van de paarden voor de kar van Wouter van Buscop bij het hoofdstel. Voorzichtig leidde hij het dier en daarmee ook het nevenpaard van de weg af naar de dijkhelling. Langzaam stapten de beesten, maar toen de wagen die ze trokken op de schuine kant van de dijk kwam, begon die uit zichzelf meer vaart te krijgen. Moest ze meer worden tegengehouden dan voortgetrokken.

Waar komt de zonnebril vandaan? Van de bril zou Je zeggen. Ja en nee. De geschiedenis van bril en zoimebrll is voor een groot deel dezelfde, maar de eerste primitieve beschjermlng tegen het feQe zonlicht ziet er wel heel anders uit dan de oudst bekende hulpjes van het mensemk oog. Een zonnebril heeft ook een andere functie.

Het woord bril is afkomstig uit het Latijn. Brillen zijn eigenlijk „beryllen" van „beryllus", het bekende edelgesteente. In de Middeleeuwen noemt men elk glas beryllus en in het bijzonder een toverspiegel. Voor de Middeleeuwen moet de bril inderdaad iets van een toverinstrument gehad hebben, want met behulp van glazen gebeurde het onmogelijke: een slechtziende zag alles scherper, dus beter.

In die toverspiegel ligt dus de functie van de bril. Een brilleglas corrigeert het oog. Een zonnebril is wat anders. Die beschermt de combinatie bril-zonnebrll of geslepen zonnebril of hoe men dat ook betitelt, daar gelaten. Een zonnebril beschermt de ogen tegen directe of indirecte overmatige lichtinval. Dat kan door middel van een bril met gekleurde glazen maar ook bijvoorbeeld door een hoed of een pet of een klepje. Dat wil zeggen dat de zonnebril eigenlijk, in zijn meest primitieve rectie. De wrede heerser gebruikte die steen waarschijnlijk als zonlicht of luchttrilling hem te veel werd. Geslepen edelstenen werden in de Romeinse tijd en in de Middeleeuwen ook wel gebnilkt«--als ,4eessteen". Ze dienden als een soort^ergrootglas dat niet voor het oog maar óp. de tekst geplaatst werd. In de 11e eeuw worden lenzen genoemd om hun vergrotende werking bij het zien, maar pas in de 13e eeuw wordt voor het eerst melding gemaakt van optische correctie door brillen. Wie de uitvinder is geweest, daarover bestaat onenigheid. In Engeland zei Roge Bacon dat ouderdoms verziendheid kon worden verholpen door een stukje van een glazen bol. Marco Polo vertelt dat hij zulke Instrumenten in China gezien bad. Maar onderzoek wijst uit dat het hier om magische en modieuze verslering ging. En met de huidige ontwikkeling van de monturen gaan we misschien weer dezelfde kant op. vorm, zo oud is als de mensheid. De eerste bril zien we pas in de 13e eeuw.

In rotstekeningen zijn al mensen afgebeeld, die met een holle hand boven het oog, proberen te Idjken in de kennelijk felle zon. Net zoals wij dat nog doen. Hoofddeksels in alle vormen waren er ook altijd al voor bescherming van hoofd en vaak ook de ogen.

Onlangs hebben Russische archeologen in Siberië prachtige voorwerpen gevonden die als vorm van de zonnebril beschouwd kunnen worden. Het zijn banden, gemaakt van dichtgevlochten runderhaar, die over het hoofd getrokken werden tot voor de ogen. Deze „bril" moet de natuurvolken die toen in die arktlsche, dus koude streken woonden, gediend hebben als sneeuwbrll in dat eindeloze, zonovergoten sneeuwlandschap.

Zo'n sneeuwbrll hadden de Eskimo's in Noord-Canada ook. Het was een houten plankje met twee smalle gleufjes voor de ogen. Dit eenvoudige, efficiënte zonneschermpje is al uitgevonden door hun verre, verre voorvaderen. Uit een ander ver verleden dateert het eerste verslag van de Griekse opperbevelhebber Xenophon, ongeveer 400 Jaar voor Christus. Hij meldt de lezer in het verslag van zijn tocht door klein-Azië dat zijn mannen op hun lange terugweg naar huis op de hoogvlakten van "Turkije last kregen van de zon en de sneeuw, sneeuwblindheid. Net als de volken in Siberië, waarvan Xenophon zelfs niet de minste notie gehad moet hebben dat ze ooit geleefd hadden, vlochten zijn soldaten zo'n band van paardehaar.

Hoeden

Romeinse boeren hadden, wanneer ze op het land hun zware werk moesten doen, vaak vilten of rieten hoeden met brede randen op. De soldaat had het gemak dat zijn helm door de klep of bet vizier hem een nuttig zonnescherm bood. Het gebruik van gekleurd glas was in de oudheid ook bekend. Een Romeinse schrijver (Fllnius de Oude) vertelt dat men nauwkeurig een zonsverduistering gade sloeg door een stukje gekleurd glas voor de ogen te houden.

Wandschildering:

De eerste bril waren waarschijnlijk twee monocles. De oudste illustratie van een brillendrager Is te vinden op een wandschildering van Tomasso de Modena in het klooster San Niccolo. De bril moet allerlei vormen gekend hebben, van schamierbrillen die Je vast moest houden, brillen met neusklemmen tot in de 18e eeuw de huidige vorm ontstond.

Over de ontwikkeling van de zonnebril is erg weinig bekend. Misschien heeft deze bril dezelfde stadia doorgemaakt als zijn gewone broertje. Medici hebben het gebruik altijd verdedigd. De beroemde Nederlander Boerhaaye schrijft: „De glazen moeten vlak geppUJst en niet hoog gekleurd wezen. In warmer landen gelijk door geheel Azië, Egypteland, Spanje en Italië hebben de menschen zwakke oogén, en die goede oogen hebben, verschijnen bijna alle met deze groenen brillen voorzien in het licht..." De zonnebril is nu gemeengoed. Het nut ervan ziet ieder in. Het maken enran is vakwerk. Maar het is moeilijk om uit de honderden modellen, kleuren en t3rpen glazen een keus te jaa,ken. De gewone brildrager weet de weg. Vele anderen beseffen niet dat Juist de opticien een x!olleoti9'heeft die; ook in medisch ogzioht, verantwoord is voor een kostbaar bezit, het oog. Tweehonderd jaar geleden nog schreef een Engelsman over dragers van „eenen gekleurden bril". „Zij vinden gemeenlijk witte voorwerpen bij het afneemen-van den bril, met rood gekleurd; eene klaare en genoegzaame proef dat groene glazen niet voordelig voor het gezicht zijn..." Misschien bestaan er nog wel van zulke oogbedervende produkten, maar die zal de opticien niet leveren.

Waartoe de smaragd van keizer Nero diende is niet bekend. Fllnius de Jongere deelt ons mee dat de keizer af en toe die groenachtige edelsteen voor zijn linkeroog placht te houden. Het is onwaarschijnlijk aan te nemen dat het hier gaat om oogcormens en dier nu aan de overoever. „We moeten verder", zei Hugo van Trecht. Het was In dit vlakke land moeilijk hout te vinden voor een vuur. En... el zouden ze genoeg takken en twijgen bij elkaar weten te krijgen van wat knotwllgen en populieren, het zou kletsnat wezen en wie zou er de vlam in kunnen krijgen?

„We vinden een eind verderop best een hoeve", verzekerde Van Buscop.

„Het Is alleen maar de vraag: hoever verderopP" meende Berthold. Maar blijven, hier blijven in de dichte regen en het toenemende donker was ongeraden, daar waren ze het over eens.

„Voorwaarts dan maar", beval de koopman. Ze vonden een hoeve — een half uur landinwaarts. Mogelijk was dat in gewone weersomstandigheden geen vol half uur, maar deze avond deden de koopmanskarren er zolang over.

Dit artikel werd u aangeboden door: Reformatorisch Dagblad

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 18 maart 1977

Reformatorisch Dagblad | 24 Pagina's

Waar komt de I zonnebril vandaan?

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 18 maart 1977

Reformatorisch Dagblad | 24 Pagina's