Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Hoofd FBI werkte onderzoek tegen

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Hoofd FBI werkte onderzoek tegen

Nieuwe gegevens over moord op Kennedy

5 minuten leestijd

WASHINGTON — Drie dagen nadat president John F. Kennedy op 22 november 1963 in Dallas was doodgeschoten, heeft het toenmalige hoofd van de federale recherche (FBI), J. Edgar Hoover, gepoogd de benoeming van een presidentiële commissie van onderzoek te voorkomen. Dit blijkt uit stukken van de FBI die woensdag in Washington voor publikatie zijn vrijgegeven.

Hoover die vijf jaar geleden overleed, maakte zich er zorgen over, dat een dergelijke commissie van onderzoek mogelijk kritiek zou laten horen op het optreden van de FBI. Tegenover zijn naaste medewerkers verklaarde Hoover destijds, dat Lyndon Johnson, de opvolger van president Kennedy, ook „zeer verontrust" was bij de gedachte van een afzonderlijk onderzoek.

Johnson benoemde echter later de commissie-Warren, die inderdaad de FBI verweet dat zij de haar bekende gegevens over Lee Harvey Oswald niet alle ter kennis had gebracht van de geheime dienst. Volgens de commissie-Warren werd Kennedy door Oswald doodgeschoten. De geheime dienst is belast met de bescherming van het staatshoofd.

Uit de nu gepubliceerde documenten blijkt, dat de FBI al in 1959 een dossier over Oswald had aangelegd. Dat was toen deze voor drie jaar naar de Sowjet-Unie ging. Voorts wist de federale recherche, dat Oswald elf dagen voor de moord op Kennedy in dienst was getreden van het schoolboekenmagazijn van de staat Texas, het gebouw waaruit de dodelijke schoten werden gelost.

f,Zeer slecht*'

Op 25 november 1963 schreef Hoover in een memo, dat Johnson er over had geklaagd dat ,,een of andere jurist" in het ministerie van Justitie pogingen deed om de Washington Post te bewegen, in een hoofdartikel te pleiten voor de instelling' van een commissie van onderzoek. De president wenste dat deze pogingen werden gestaakt, omdat hij vond dat het denkbeeld zeer slecht was", aldus het hoofd van de FBI. Zeventien minuten na dit memo dicteerde Hoover een nieuw memo, waarin hij meedeelde dat hij de onderminister van justitie, Nicholas Katzenbach, had laten weten, dat de president wilde dat de FBI haar eigen rapport opstelde en dat dit via het hoofd van dit ministerie, Robert Kennedy — een broer van de vermoorde president — zou worden gepubliceerd. Voorts wenste Johnson, volgens dit memo, dat de staat Texas een „hof van onderzoek" zou instellen onder leiding van de minister van Justitie van deze staat, bijgestaan door „vooraanstaande juristen uit het gehele land".

Geen samenzwering

Katzenbach stuurde op zijn beurt een memo naar het Witte Huis, waaruit bleek dat hij er veel waarde aan hechtte dat het publiek alle feiten omtrent Oswald en de moord zou vernemen. Hij vond dat het publiek moest weten, dat Oswald de moord alleen had gepleegd en dat de bewijzen tegen hem zodanig waren, dat hij schuldig zou zijn bevonden als hij niet kort na zijn aanhouding door een nachtclubeigenaar was doodgeschoten. Voor speculaties over de motieven van Oswald moest men, volgens Katzenbach, geen ruimte laten. Ook moest de gedachte aan een commursistische samenzwering worden bestreden.

Vragen

Uit de stukken die woensdag werden gepubliceerd — in totaal 40.000 bladzijden — wordt niet duidelijk waar Oswald geweest is in de periode voor de aanslag in Dallas. Ook rijzen er vragen over de herkomst van de munitie voor het geweer, waarmee president Kennedy werd gedood. Begin volgend jaar komt een zelfde hoeveelheid stukken vrij. Hoewel het zeker zal zijn, dat hierdoor de discussie over de moord weer op gang zal komen, verwacht men niet dat er veel aan het licht zal komen, dat de conclusie van de commissie-Warren, dat de moord het werk was van alleen Oswald zou kunnen aantasten.

Toch kan men uit de stukken lezen, dat Hoover niet de mogelijkheid van een samenzwering uitsloot. Zijn achterdocht baseerde hij op brieven, die vanuit Cuba naar Oswald zouden zijn gezonden. Daarin werd gesproken van het karwei dat Oswald zou gaan opknappen, zijnkwaliteiten als scherpschutter en een afspraak dat hij naar Cuba zou worden teruggebracht als het werk achter de rug was. Hij zou daar dan worden voorgesteld aan „de leider". In de officiële rapporten die destijds werden gepubliceerd, werd geen melding gemaakt van deze brieven, omdat de FBI niet kon bewijzen dat zij echt waren.

Twijfel

De twijfel van Hoover was zo groot dat hij zich op 12 december 1963 krachtig verzette tegen de publikatie van een tussentijdse verklaring, dat Oswald de enige dader was en dat hij geen steun had van ,,buitenlandse of subversieve zijde". In een memo aan zijn naaste medewerkers liet hij weten, dat president Johnson het met hem eens was.

De gepubliceerde documenten bevatten ook een uitvoerig verslag van Marina Oswald, de echtgenote van Lee Oswald, over zijn mislukte moordaanslag op generaal-majoor Edwin Walker op 10 april 1963.

De documenten tonen aan dat de Oswalds in 1963 herhaaldelijk toestemming hebben gevraagd om naar de Sowjet-Unie te verhuizen. Hun laatste verzoek werd op 9 november gedaan, twee weken voor de aanslag op de president.

In haar verslag noemde Manna Oswald haar man „gek" Hoover sprak over Oswald als een „dwaas die behoort tot de extremistische pro-Castro-kring"

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van Friday 9 December 1977

Reformatorisch Dagblad | 22 Pagina's

Hoofd FBI werkte onderzoek tegen

Bekijk de hele uitgave van Friday 9 December 1977

Reformatorisch Dagblad | 22 Pagina's

PDF Bekijken