Bekijk het origineel

OESO: kolen moeten olie vervangen

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

OESO: kolen moeten olie vervangen

3 minuten leestijd

Het Internationale Energiebureau (lEA) van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) verlangt van industrie- en ontwikkelingslanden dat zij bij hun energievoorziening tot het jaa 2000 voorrang geven aan het verbruik van kolen boven dat van olie. Als dat niet gebeurt valt een scherpe stijging van de energieprijzen te verwachten en %en vertraging van de economi);8che groei, zo schrijft het lEA in "leen onlangs gepubliceerd rap' port.

De energiedeskundigen van de 24 industrielanden die lid zijn van de OESO bekritiseren de „apathie" van het grote publiek, dat de groeiende economische betekenis van de vrijwel onbegrensde en gemakkelijk winbare energiebron kolen nog niet heeft onderkend. Vorig jaar bedroeg de wereldreserve aan kolen 10.124 miljard ton, waarvan ongeveer zes procent of 637 miljard „ ton technisch en economisch te ' winnen is.

De lidstaten van de OESO worden aangemoedigd om het gebruik van kolen voor de produktie van elektriciteit, in de industrie en voor verwarmingsdoeleinden te stimuleren. Om ' alle mogelijkheden volledig te benutten moet een intensiever ', gebruik van kolen niet beperkt : blijven tot de landen waar de produktiekosten lager zijn, zoals in de Verenigde Staten en in Canada. In de periode tot de eeuwwisseling zou de wereldhandel in kolen vervijfvoudigd moeten worden, maar dan zouden „landen die arm zijn aan kolen toegang tot deze energiebron moeten hebben en zouden omgekeerd kolenexporterende landen toegang tot de buitenlandse markten moeten krijgen".

Het energiebureau gaat in zijn berekeningen uit van reëel stabiele olieprijzen tot 1985 en daarna een jaarlijkse verhoging van 2,5 procent. Verder wordt uitgegaan van een gemiddelde economische groei van de OESO-landen met 3,4 procent per jaar in de periode van 1975 tot 2000. Tevens wordt aangenomen dat er intensiever wordt geprobeerd om op het energieverbruik te besparen en nieuwe energiebronnen te ontdekken.

Al naar gelang de ontwikkeling bij de bouw van kerncentrales zal in 1985 de gezamenlijke produktiecapaciteit van de een- , trales 212,4 tot 233,3 gigawatt (een gigawatt is een miljard watt) bedragen en in het jaar 2000 666 tot 843,8 gigawatt. Als de trage groei bij het benutten van kernenergie aanhoudt zullen de OESO-landen aan het eind van deze eeuw vaste (fossiele) brandstoffen nodig hebben om aan een vermogen van 1059,84 gigawatt te komen. Om aan e vraag te voldoen zullen de Verenigde Staten hun kolenexport (54 miljoen ton in 1976) moeten verdrievoudigen en moet Australië de uitvoer vergroten van 29,9 miljoen ton in 1976 tot 188 miljoen ton in 2000. De Europese OESO-landen zouden dan de verbrandingswaarde van de ingevoerde kolen kunnen vergroten van 27,5 tot 155,5 miljoen gigawatt en Japan van dertig tot negentig miljoen gigawatt.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 11 december 1978

Reformatorisch Dagblad | 8 Pagina's

OESO: kolen moeten olie vervangen

Bekijk de hele uitgave van maandag 11 december 1978

Reformatorisch Dagblad | 8 Pagina's

PDF Bekijken