Bekijk het origineel

Geniet van zon en zee, oude culturen en hedendaags gastvrij dorpsleven

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Geniet van zon en zee, oude culturen en hedendaags gastvrij dorpsleven

Verblijf in voor- of naseizoen op Kreta

8 minuten leestijd

Hoe vullen redacties van kranten hun vakantiebijlagen? „Je moet er geweest zijn" is in elk geval één gehanteerde leus. Stuurt dit blad nu „dus" zijn redactrices en redacteuren naar aller heren landen om ze door een betaald vakantieverblijf aan te zetten tot het braaf naschrijven van folders die plaatselijke VVV's zo gaarne aanreiken? Geenszins. Dat gaat veeleer zó, althans in ons geval, van effe kijke, wie is er dit jaar nog ergens in het buitenland geweest? Zit daar nog een extra verhaal in? Goed, halve pagina lukt vast wel, met veel plaatjes graag.

Welnu, ik was o.a. vorig najaar een tijdje op het schone Griekse eiland Kreta, dus dat komt binnen de gezichtskring van de vakantiebijlage... Wel, de tijd was kort, de omstandigheden werkten niet zo geweldig mee: ik zat nogal geïsoleerd rond de baai van Kissamos bij Maleme, Chania, Gonia en omgeving in het noord-westeri.

Wat ik niet deed

Laat ik daarom eerst even vertellen, wat ik niet vertellen kan. Ik kan — behalve dan uit de fraaie gidsen en plaatwerken — niet uit eigen aanschouwen spreken over de hoogst interessante op-, gravingen van Knossos, waar koning Minos zijn hoge levensstandaard leidde. Ik bezocht niet het belangrijke Heraklion (Iraklion), voorheen onder Turkse bezetting van het eiland bekend als Megalokastro (de grote burcht), waarover de Kretenzer auteur Niko{s) Kazantzakis o.a. zijn roman ,,Kapitein Miclialis" heeft geschreven. Ik bezocht niet het historisch museum in die stad.

Ik drukte hiet de voetsporen van de apostel Titus, zoals ds. J. J Poort wel deed door Titus-kerken te Gortys (een ruïne) en Heraklion te bezoeken. Ik deed niet de plaats Kali Limenes („Schone Havens" of „Goede Rede", Hand. 27 vers 8) bij Lasea aan en beklom niet het Ida-gebergte en evenmin» marcheerde ik door de beroemde kloof van Samaria.

Wat ik wel deed

Hoe ik dan wèl mijn dagen doorbracht? In elk geval niet met vakantie houden ondanks de schitterende omgeving van het Malemestrand en luxueus hotel, waar ik me bevond. Kortom, de beschikbare tijd om wat toeristische informatie ter plaatse te verwerven, was niet groot, maar wel voldoende om u een reis naar Kreta te durven aanpraten. Want mooi, ruig, ontspanning biedend en cultureel, kerkelijk en historisch geweldig interessant is het eiland natuurlijk wel.

Ik kan daar nu niet over uitweiden, maar wil iets van m'n eigen belevenisjes doorgeven. Bij heldere dag duurt de vliegreis vanaf de Atheense luchthaven naar Chania of Heraklion — met de binnenlandse maatschappij Olympic Airways van nu wijlen Aristoteles Onassis — nog geen uur en het uitzicht is overweldigend. Dat geldt natuurlijk al voor de vlucht naar Athene, vooral als de KLMmachine nog niet meteen mag landen en een tijdje rondcirkelt boven Egina en de andere eilanden.

Griekenland is dan echt uit het schuim van de zee opgerezen: een wirwar van ruwe steenklonten in een helder blauwe plas. (Tussen haakjes: wist u dat ook onze KLM bijgelovigheden kent en voedt: u zult in de Super DC-8 zoals „onze" Jan van Riebeeck tevergeefs het stoel- of rij-nummer dertien aantreffen: dat brengt immers ongeluk... Na 12 volgt 14 bij onze rekenmeesters!)

Venetianen

De luchthaven van Chania is tamelijk klein en men zit vrij snel in deze stad, die o.a. bekend werd door roman en film „Zorba de Griek" van genoemde Kazantzakis. Daar heb ik een poos aardig kunnen doorbrengen, bijv. aan de haven met de Venetiaanse vuurtoren en lange pier. De Venetianen hebben geprobeerd, van deze West-Kretenzische stad een „Venetië van het Oosten" te maken en de grote pakhuizen aan de kade, de „Arsenali" zijn daarvan nog duidelijke restanten.

Kreta was en is altijd een doorgangsoord geweest tussen Oost en West: in cultureel opzicht in elk geval, maar ook politiek en als handelscentrum. NietGrieken hebben er begerig de handen naar uitgestrekt: behalve de Italiaanse bezetting door Venetië (1204 tot 1669) waren de Turken er twee eeuwen de baas (1669 tot 1898), waarna pas in onze eeuw de aansluiting (enosis) bij Griekenland een feil werd.

Welnu, die bezettingen hebben zo hun sporen nagelaten, dat elke inwoner van Chania er elke dag nog aan wordt herinnerd. Denk maar aan de St. Nikolaaskerk in de stad: het is een Venetiaans gebouw met een Grieks-Orthodoxe klokketoren en een nu gerestaureerde Turkse minaret, want de kerk was tijdelijk moskee.

Over kerken gesproken: in Chania en wijde omgeving zijn ze te bezichtigen en soms te bewonderen in allerlei soorten en maten: kleine, witte kapelletjes tegen de heuvelhellingen en in de dalen van de Witte Bergen. Dwalen door Chania heeft nog andere bekoorlijkheidjes: het marinemuseum in de gerestaureerde havenmuur, de uit 1645 daterende Janitsarenmoskee, die nu de plaatselijke VVV onderdak verschaft, de opgravingen in de stad zelf, waarbij het oude Kydonia is blootgelegd, de Evreïka-wijk oftewel de jodenbuurt (Hebreeuwse wijk), waarvan de synagoge nu museum wordt, de Turkse wijk en zo meer.

Glaasje Ouzo

Er zijn vanuit Chania mooie tochten te maken: per boot en per bus, ook naar Heraklion en de opgravingen van Phaistos en Knossos. Aan de haven wachten de terrasjes met bijv. een pittig glaasje „ouzo": sterk alcoholische anijsdrank, die uw anti-alcoholische redacteur niet als ideaal aperitiefje voorkomt.

Toch is die ouzo best te drinken, maar dan aangelengd met water. Echte drinkers wagen zich zelfs wel aan de bijzonder sterke „raki", maar de vruchtesappen zijn ook best. Vanaf de haven kunnen we in de winkelstraatjes meteen souvenirs inslaan, maar dat dient wel met zorg te geschieden. Koop op z'n Midden-Oosters, d.w.z. pingel een flink stuk van de eerstgevraagde prijs af. Wie niet afdingt wordt voor niet helemaal goed snik versleten en het onderhandelen over de prijs van namaak-antiek Kretenzisch aardewerk is op zich al een aardige bezigheid.

Laat u niet misleiden door de prijskaartjes: die vragen meer dan de winkelier ooit hoopt te beuren. Wat koopt u — en doe dat vooral niet in de winkeltjes bij uw luxe hotel, zoals dat van Maleme Chandris, want die prijzen liggen vast en zijn buitengewoon hoog — en tegen welke bedragen? Er is veel houtsnijwerk, Grieks aardewerk etc. Maar het „met de handgemaakt" lijkt veelal nep; op sommige Minoïsche vazen blijkt de afbeelding een opgeplakt plastic stickertje, dat weldra loslaat! Er is natuurlijk veel massaproduktie en kitsch: klederdrachtpoppen, ouzo-flessen in de vorm van de vroegere Atheense paleiswacht, oude Griekse voorwerpen en beelden.

Boek of plaat

Voor een paar gulden heb je al een gipsachtige kan, maar echte replica's van een oude vaas kosten soms vele tientallen guldens, maar die zijn dan wellicht echt handwerk. Ook laarzen zijn goedkoop, maar de vorm is weinig elegant en de uitvoering geschikt voor het Hollandse polderwerk. Het valt, zoals overal ter wereld waar de toeristen neerstrijken, niet mee om wat échte souvenirs op de kop te tikken; de Griekse hemden zitten wel lekker en staan erg leuk, maar of zij het ware gelaat van Kreta tonen?...

Persoonlijk geef ik veelal de voorkeur aan andere herinneringen: boeken en/of grammofoonplaten. Zo vond ik een aardig Engelstalig boek van dr. A. J. Delicostopoulos over „De reizen van Paulus naar Griekenland en Cyprus" en een mooie LP met delen van de gezongen Grieks-Orthodoxe liturgie van Johannes Guldenmond. Maar misschien geeft u de voorkeur aan een koperen wandbord met de vuurtoren van Chania?' Ook dat staat u vrij.

Wie naar Kreta wil reizen en zich een beetje wil voorbereiden kan contact opnemen met het Griekse nationaal verkeersbureau, Leidsestraat 13 te Amsterdam, tel. 020- 254212, om daar wat folders e.d. op te vragen.

Dan moet men zich goed oriënteren en één der beknopte, maar toch uitstekende gidsjes op handig formaat is dan de Berlitz-reisgids „Kreta", in ons land verkrijgbaar bij of via uitgeverij A. W. Bruna te Utrecht en Antwerpen. Dat boekje — vele kleurenfoto's, 128 bladzijden inclusief taalgids, kaarten en nuttige tips — kost plm. zeven gulden en is, zoals zovele Berlitz reis- en taalgidsen, een niet weg te denken bezit voor hen die wat méér van hun vakantie willen maken dan op het strand te liggen en op terrasjes rondhangen.

De stedelijke diensten voor toerisme (EOT) in Chania en Heraklion verstrekken natuurlijk ook materiaal en er zijn ook luxe kunst- en plaatwerken over het eiland te koop. Maar voor uw vakantie is de Berlitz-gids wel voldoende. U kunt het beste in voor- en naseizoen gaan: de zomer is wel erg warm, hoewel ik het eind oktober ook niet slecht trof met 30° C.

Vraag bij uw bank wel naar de deviezenregeling en accepteer niet te grote coupures, want bankbiljetten van 1000 Drachmen neemt de bank alleen tegen' veel lagere koers terug. U mag maximaal 1500 Drachmen (nu plm. 90 gulden) meenemen naar Kreta en kunt beter gebruik maken van reischeques.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 11 januari 1980

Reformatorisch Dagblad | 28 Pagina's

Geniet van zon en zee, oude culturen en hedendaags gastvrij dorpsleven

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 11 januari 1980

Reformatorisch Dagblad | 28 Pagina's

PDF Bekijken