Bekijk het origineel

Een ongelijk juk

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Een ongelijk juk

3 minuten leestijd

„Ik begrijp je niet meer, Bart. Eerst heb je toch altijd plezier in dit werk gehad en je hebt er voor geleerd. Jij bent de oudste en kunt me straks opvolgen." „Straks opvolgen... straks opvolgen... klets toch niet... wat noemt u straks! U bent nu vijfenveertig jaar, dus het duurt nog twintig jaar voor u AOW krijgt. En dat betekent dat ik tot ik bijna veertig jaar ben moet doen wat u zegt. Daar bedank ik voor." „Schoon gelijk, jong, zo zou ik ook denken." Bart kijkt plotseling naar zijn vader, verbaasd over diens laconieke opmerking. Die gaat verder: „Ik heb heel andere plannen, waar ik allang, mee loop. Maar daarvoor moet jij mee willen doen en hard werken. Het andere gedeelte van ons huis zal wel gauw leeg komen, want vrouw Arendsen wil naar een bejaardenhuis.. Dan zouden we de vnnkel kunnen vergroten en de werkplaats ook. Ik blijf de fietsen doen en jij legt je helemaal toe op de brommers en je verzorgt ook de verkoop en wat er bij boort. Dan ben je zelfstandig en binnen tien jaar kan Theo ook meedoen, als hij er zin in heeft." „Jaja... u redeneert mooi op u zelf aan, zoals u dat graag wil. En wat is u dan van plan met het gedeelte waar vrouw Arendeen nu woont? Moet ik daar soms alleen gaan wonen?" blijven? Je hebt toch al een paar keer een meisje gehad; voor je het weet heb je de goeie aan de haak." „Ach... allemaal onzin. Ik heb twee keer m'n neus gestoten en ben voorlopig niet van plan dat nog eens te doen. En al was bet zo, dan ging ik nog niet hiernaast wonen. En m'n leven lang in die fietsentroep zitten wil ik niet, zet dat maar uit uw hoofd. Wacht „Denk je dan dat je vrijgezel zult maar op Theo; als die zo ver is.

DOOR ARJEN VAN HOORN loopt u naar uw pensioen en hij wU het misschien graag. Mijn plannen verander Ik echt niet meer." Weer valt de stilte, tot het etenstijd is. Vader Zeegers tobt over het gedrag van Bart, die de laatste maanden steeds moeilijker wordt. Zijn zoon droomt over een toekomst met schone handen, een mooie auto en een flink salaris. Noordelijk van het dorp waar Zeegers woont, zijn uitgestrekte weilanden, waar enkele Verspreide boerderijen staan. Juist waar het bos de weilanden raakt en tot aan de rand van het dorp reikt, staat een oude boerderij, die niet meer voor dat doel wordt gebruikt.

Daar heeft Zandstra zijn groentenkwekerij, die hü alleen verzorgt, zodat zijn vrouw en twee dochters, als het nodig is, hem moeten helpen. Maar de ergste drukte is nu achter de rug en als de laatste andijvie van de koude grond is, dan breekt een rustiger tijd aan met het verzorgen van het kasgoed. Het oude rieten dok van de boerderij Is groen bemost en voor het woonhuis staan twee grote lindebomen, die de bewoners ver in leeftijd overtreffen en goudgeel verkleurd blad hebben, dat warm oplicht in de middagzon. De beukenheg langs de straatweg is bruin verkleurd en een stel krielkippen is ijverig bezig in het dorre blad er onder. De bloementuin, de trots van vader Zandstra, is nog fleurig van de late bloeiers. want er is nog geen flinke nachtvorst geweest.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 6 maart 1981

Reformatorisch Dagblad | 24 Pagina's

Een ongelijk juk

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 6 maart 1981

Reformatorisch Dagblad | 24 Pagina's

PDF Bekijken