Bekijk het origineel

Jeugd in DDR gaat Westen door onderwijs wantrouwen

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Jeugd in DDR gaat Westen door onderwijs wantrouwen

5 minuten leestijd

BERLIJN — Met welgevallen neemt hef Oostduitse communistische ' regime van Erich Honecker kennis van de Westerse vredesbeweging. Een dergelijke beweging binnen de eigen grenzen zou de DDR-leiders echter uiterst onwelkom zijn. Trouwens die is ook niet nodig volgens de eigen propaganda omdat de politiek van de DDR altijd al „de vrede en de ontspanning" heeft gediend.

Ondertussen propageert het regime al zo'n drie jaar „een socialistische militaire opleiding als onderdeel van de communistische opvoeding" onder de jeugd van de middelbare scholen. Het doel van deze „weerbaarheidsopvoeding" is, aldus een partijschrijven, de militaire bekwaamheden van de leerlingen te verhogen en hun „weerbaarheidsmotivatie" te versterken. Oostduitse jongens en meisjes moeten immers goed voorbereid worden op hun „ereplicht van bescherming van de vrede". En zo wordt in het Oostduitse lesrooster aandacht geschonken aan „de problemen van de socialistische landsverdediging" en krijgen de jongens twee weken lang les in militaire vaardigheden in een speciaal kamp, terwijl de meisjes dan een speciale leergang in „de civiele verdediging" moeten volgen. Het geheel van deze „weerbaarheidsopvoeding" wordt afgesloten met tien dagen lang durende militaire oefeningen, inclusief schietoefeningen. Hierbij speelt de in 1952 opgerichte „Gesellschaft für Sport und Technik" ook een rol. Terecht is wel eens opgemerkt dat de naam van deze vereniging onschuldiger aandoet dan de door haar ontplooide activiteiten. De „Gesellschaft für Sport und Technik" bereidt jongeren (vanaf het begin der pubertijd) immers voor op de dienst in het volksleger.

Twee partijen nodig

Toch houden de Oostduitse leiders vol dat zij geen ,.militaristen" zijn. „De jeugd heeft de vrede even nodig als een bloem het licht, en de vrede wordt haar geschonken door het socialisme", zo oreerde onlangs een functionaris van de Oostduitse communistische jeugdbond, de „Freie Deutsche Jugend". Maar, zo wordt de Oostduitse jeugd van staatswege voorgehouden, de vrede in de wereld wordt bedreigd „door de krankzinnigheid van de bewapeningswedloop" en die „krankzinningheid" wordt bedreven, aldus het officiële partijorgaan „Neues Deutschland", door het imperialistische Westen.

Mogen wij de partijkrant „Neues Deutschland" geloven dan blijkt de superioriteit van het communistische systeem over dat van het Westerse kapitalisme eveneens uit het niveau van het onderwijs. „Neues Deutschland" beschuldigt de NAVO-landen ervan de onderwijsvoorzieningen v5or hun jeugd op te offeren aan de bewapeningswedloop! Neen, dan de DDRjeugd nog eens, die krijgt toegang „tot de moderne wetenschap en solide kennis". Het is derhalve wel eens interessant om kort na te gaan welke „solide kennis" de leerlingen in de DDK op kunnen doen.

Berlijnse Muur

Welnu, uit het officiële geschiedenisleerboek, bestemd voor alle middelbare scholieren, valt te leren dat slechts de imperialisten aan bewapening doen en worden de leerlingen geïnformeerd over de defensieuitgaven van de NAVO-landen en over de nieuwe bewapeningssystemen van de VS. Echter van de Sovjetinbreng op dit gebied vernemen zij niets! Helemaal kras zijn de interpretaties die het leerboek geeft van diverse gebeurtenissen uit de contemporaine geschiedenis. De bouw van de Berlijnse Muur, dit jaar zo schaamteloos in de DDR jubelend herdacht, wordt aldus beschreven en „verklaard":' „In de eerste augustusdagen van 1961 leidden de militaristen van de BRD de laatste militaire agressievoorbereidingen in tegen de DDR. In het begin van augustus vertoefde de minister van defensie van de BRD Strauss in de VS. Strauss verklaarde tegenover de Amerikaanse president Kennedy en vertegenwoordigers van het Amerikaanse ministerie van oorlog dat in de DDR een „volksopstand" aanstaande was. Deze situatie wilde de regering van de BRD benutten om de DDR in het kader van een „politieoptreden" te veroveren om zo tot een oplossing te komen van „een intern Duits conflict".

Dank zij de invoering van de algemene dienstplicht in 1962, aldus het Oostduitse geschiedenisleerboek, werden „de agressieve plannen van het imperialisme tegenover de socialistische statengemeenschap" verijdeld. „Zo kon de vrede in Europa beter beschermd worden". Alle problemen die zich in de Sovjetsatellieten voordeden in het jongste verleden worden op een zeer eenzijdige, propagandistische manier weergegeven in het leerboek. Of het nu gaat over de in 1953 uitgebroken onlusten onder de bevolking in de DDR zelf, of over de Hongaarse opstand van 1956, of over de „Praagse lente" van 1968: van al deze gebeurtenissen krijgen de Westerse, kapitalistische en imperialistische staten de schuld!

Officiële misleiding

Ten slotte wiUen we nog één voorbeeld geven van deze intellectuele vergiftigingspoging en wel van de gebeiutenissen in eigen land van 1953. Nederlandse scholieren kunnen bij een overigens kritisch ingestelde historicus lezen over dat treurige jaar: „In 1953, toen de partij opdracht gaf de arbeidsproduktiviteit met 10% te doen toenemen — men moest dus nog harder gaan werken — was de maat vol. Arbeiders gingen in Oost-Berlijn op 16 juni de straat op en binnen enkele uren breidden zich onlusten over het land uit. Dé volgende dag kwamen er Russische tanks aan te pas om de opstand te onderdrukken. Wie er nog aan mocht twijfelen wie in de DDR uiteindelijk de baas was, wist sinds die 17de- juni wel beter". Tevergeefs vochten Oostberlijners toen tegen de Russen en de historische balans opmakend kostte het brute communistische optreden 267 mensen het leven, vonden er tevens 92 executies plaats en ruim 1000 veroordelingen tot arbeidskampen.

Wat schrijft de DDR-geschiedenismeihode nu over deze bloedige Oostduitse gebeurtenissen? „Op de 17de juni 1953 gelukte het aan agenten van de verschillende imperialistische geheime diensten, die vanuit West-Berlijn in talrijke aantallen de hoofstad en enkele districten van de DDR binnengeslipt waren, om in de hoofdstad «n in verschillende andere plaatsen van de republiek een klein deel van de arbeiders aan te zetten tot tijdelijke werkonderbrekingen en demonstraties. In enkele steden gingen groepen provocateurs en criminelen over tot plunderingen. Zij stichtten branden..., mishandelden en vermoordden functionarissen van de arbeidersbeweging, haalden veroordeelde oorlogsmisdadigers uit de gevangenissen en eisten de val van de arbeiders- en boerenmacht".

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 november 1981

Reformatorisch Dagblad | 18 Pagina's

Jeugd in DDR gaat Westen door onderwijs wantrouwen

Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 november 1981

Reformatorisch Dagblad | 18 Pagina's

PDF Bekijken