Bekijk het origineel

Balans tien jaar Bangladesh ziet er niet rooskleurig uit

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Balans tien jaar Bangladesh ziet er niet rooskleurig uit

Verarmingsproces leidt tot uitbarstingen van geweld

10 minuten leestijd

DACCA — In 1947 viel Brits-Indlë in twee staten uiteen: [ndia en Pakistan. Het grote ideaal van Mohandas Karamchand Ghandhi van één grote staat waarin hindoes en moslims elkaar verdroegen ging toen definitief verloren. Echter, deze politieke boedelscheiding van Brits-Indië langs religieuze scheidslijnen leverde een Pakistan op dat geografisch allerminst een eenheid vormde. Immers, Pakistan viel uiteen in een westelijk gedeelte en een oostelijk gedeelte die zo'n duizend mijl van elkaar verwijderd lagen. Probeer daar maar eens een hechte, homogene staat van te maken.

Het is derhalve geen wonder dat eind 1971 het oostelijk deel van Pakistan zich onder de naam van Bangladesh als een onafhankelijke staat afscheidde van West-Pakistan. Hoe is het deze nieuwe staat aan de Golf van Bengalen het afgelopen decennium vergaan op eigen benen? Tegenwoordig kunnen we allerminst meer het enthousiasme delen waarmee tijdens de Eerste Wereldoorlog de Amerikaanse president Wilson het zelfbeschikkingsrecht van de volken propageerde. Zelfbeschikkingsrecht der volken en het na de Tweede Wereldoorlog snel om zich heen grijpende proces van de dekolonisatie hebben allerminst geleid tot een betere, leefbaardere wereld. Tal van nieuwe staten zijn ontstaan en daarmede tal van nieuwe problemen terwijl heei wat oude problemen toch ook niet bevredigend opgelost konden worden met onze zo magisch schijnende twintigste eeuwse begrippen.

Alleen maar onheil

Waarom deze historische bespiegelingen? Ze komen ons in gedachte wanneer wij de politieke en sociaaleconomische gebeurtenissen in Bangladesh sinds het ontstaan van deze nieuwe staat bezien. De Nederlandse pers maakte ons in 1971 deelgenoot van de uitbundigheid en opgetogenheid van de bevolking van Bangladesh: het vroegere Oost-Bengalen leek een betere toekomst tegemoet te gaan. En wat schrijft dr. W. van Schendel, een Nederlands geleerde die vorig jaar het boek publiceerde ,.Peasant Mobility: The Odds of Life in Rural Bangladesh", Nil: „De Bengaalse bevolking is echter van een koude kermis thuisgekomen. Het achter ons liggende decennium bracht geenszins de verwezenlijking van haar dromen. Integendeel, Bangladesh haalde de wereldpers uitsluitend in verband met onheil: staatsgrepen, politieke moorden (waarvan twee op presidenten), corruptie, onderdrukking van minderheden, grootscheepse verarming, hongersnoden, overstromingen en economische stagnatie. Alras verloor het woord „Bangladesh" zijn hoopvolle klank en werd het synoniem van diepe ellende en hulpeloosheid."

De bevolking van Bangladesh woont praktisch geheel op het platteland. Dat was zo bij het ontstaan van de staat en deze situatie gaat nog steeds op: 92 van de bevolking leeft op het platteland. Van 1971 tot heden is de bevolking gegroeid van 70 naar 90 miljoen. Bangladesh heeft viermaal de oppervlakte van ons land en een gemiddelde bevolkingsdichtheid van rond de 600 personen per km^ Gezien het eenvoudige technologische peil van de landbouw in Bangladesh plus de verregaande versnippering van bouwland plus de sterk van klimaatsinvloeden afhankelijke landbouw zal het overduidelijk zijn dat juist het hoofdmiddel van bestaan de totale bevolking van Bangladesh slechts een heel zwakke bestaansbasis kan verschaffen. Bovendien blijven herinvesteringen in de landbouwsector uit. Kortom, een precaire toestand. Dr. Van Schendel constateert dan ook dat „de kapitalistische trend in de landbouw uiterst zwak" blijft.

Differentieatie

Bestaat er in Bangladesh geen differentiatie onder de plattelandsbevolking? Of 'anders geformuleerd: worden alle plattelanders getroffen door hetzelfde, in tempo toenemende verpauperingsproces? De vragen moeten ontkennend beantwoord worden. Er is wel degelijk sprake van differentiatie onder de bevolking: 78 % van de plattelandshuishoudens bezit 0,8 ha of minder; minder dan 2 % bezit meer dan 4 ha; goed gedacht moet worden dat de verschillen tussen de plattelanders niet louter gebaseerd zijn op landbezit, maar eveneens op zeer ingewikkelde patronen van deelpacht, verpanding en verschulding. Dr. Van Schendel (op wiens recente analyse' wij hoofdzakelijk steunen) stipt tevens het ernstige probleem aan van een groeiende categorie landlozen. Een ernstig probleem wanneer we bedenken dat de meeste landbouwbedrijfjes voornamelijk gebaseerd zijn op familiearbeid en produceren voor direct verbruik. Zo blijft de werkgelegenheid voor landlozen ver achter bij de groei van hun aantal en derhalve ontstaat een ontwortelde, ronddolende bevolking. Het aantal landlozen wordt momenteel geschat op een derde van de bevolking.

Zware taak

Bangladesh is in 1971 geboren uit grote ontevredenheid van Oost-Pakistan met het West-Pakistaanse regime. Men gevoelde zich namelijk in OostPakistan op economisch, politiek, militair en cultureel gebied achtergesteld bij West-Pakistan. De onafhankelijkheidsbeweging stond o.l.v. de Awami Liga waarvan Sheikh Mujibur Rahman de grote en populaire man was. Er wordt wel eens gesteld dat de onafhankelijkheidsstrijd van de Awami Liga nooit een onafhankelijk Bangladesh (Vrij Bengalen) had kunnen verwezenlijken in 1971 ware het niet dat India zich militair in het conflict had gemengd. Deze laatste visie vinden we o.a. bij de historicus B. N. Fandey terug in zijn leerzame werk „South and South-East Asia, 19451979: Problems and Policies". Hoe dit ook moge zijn, Rahman die regeringsleider werd en zijn partij stonden 10 jaar geleden voor een immens zware taak want hun land was zwaar gehavend uit de strijd te voorschijn gekomen. Naast de vele te betreuren doden en de bijna tien miljoen vluchtelingen had met name het Pakistaande leger uitgebreide vernielingen aangericht op infrastructureel gebied.

Duizenden moorden

Het zou overigens niet lang duren of de populariteit van de heersende Awami Liga zou bij de bevolking sterk dalen. Ra,dicale toespraken lossen immers geeh knellende problemen op. En zo kreeg'Bangladesh al spoedig te maken met uiterst radicale oppositiepartijen waarvan voormalige vrijheidsstrijders deel gingen uitmaken. Ook herleefde in het land de lange traditie van politiek terrorisme. Trieste resultaat van deze ontwikkeling waren duizenden politieke moorden, bomaanslagen en ontvoeringen. Ondanks een razend sxielle uitbreiding van leger, paramilitaire macht en politie slaagde de Awami Liga als regeringscentrum er niet in Bangladesh rust en orde te garanderen. Met een tanende populariteit kreeg de Awami Liga als politieke concurrent tegenover zich het conservatief-islamitische blok dat zich wegens zijn pro-Pakistaanse houding aanvankelijk op de politieke achtergrond had moeten houden tijdens de eerste jaren van de nieuwe staat Bangladesh, maar zich nu weer durfde te roeren.

Het jaar 1975 was een in politiek opzicht dramatisch jaar voor Bangladesh. Ten eerste viel op 15 augustus de zo machtige en populaire president Sheikh Mujibar Rahman in moordenaarshanden en op deze bloedige staatsgreep volgden in november nog eens twee staatsgrepen met uiteindelijk resultaat dat generaal Ziaur Rahman, als de nieuwe sterke man naar voren trad. Hoe moeten deze elkaar zo verrassend snel opvolgende gebeurtenissen verklaard worden? Dr. Van Schendel wijst op het feit dat de grote hongersnood van 1974, waarin naar schatting' 50.000 mensen omkwamen, het politiek faillissement betekende van- Rahmans regime. Het instellen van een presidentiële dictatuur vermocht Sheikh Mujibur niet meer te redden. Ook niet de naamsverandering van zijn Awami Liga!

De historicus Pandey wijst diverse onlustfactoren aan, maar hij concludeert toch dat er in de zomer van 1975 geen wijdverspreide afkeer van Sheikh Mujiburs bewind bestond onder de bevolking of zelfs onder de legereenheden en dat derhalve de staatsgreep van een handjevol jeugdige legerofficieren zowel de bevolking als hun oudere collega's heeft verrast. En wat schoten de misleide V.V samenzweerders er nu mee op, redeneert Pandey, immers het persoonlijk bewind van Sheikh Mujibar werd uiteindelijk vervangen door een militaire dictatuur. De nieuwe sterke man van Bangladesh, generaal Ziaur Rahman, wist zich tot mei 1981 te handhaven en ook hij viel toen door kogels uit legergeweren.

Corruptie

Sinds de val van Sheikh Mujibar Rahman is het leger van Bangladesh, zelf oók een duidelijk gepolitiseerd en verscheurd lichaam, een steeds grotere rol voor zich gaan opeisen in de maatschappij. Niet ten onrechte wilde het leger de corruptie aan banden gaan leggen van de staatsbureaucratie, een corruptie die welig had kunnen tieren met het binnenstromen van ontwikkelingshulp uit het buitenland. Zo kwamen ambtenaren en leger tegenover elkaar te staan want wie wenst er nu graag op zijn handen gekeken te worden. Daar komt nog bij dat de salarissen van ambtenaren lager liggen dan die van de militairen. Oneerlijke inkomsten vormden voor de ambtenaren "Van Bangladesh een wezenlijke bijdrage aan het gezinsbudget. De militarisering van het openbare leven heeft vanzelfsprekend ook het prestige aangetast van de politici. Een prestige dat nog meer aangetast wordt door de enorme partijpo-' litieke versplintering waarbij vooral de persoon van de politieke leider op de voorgrond staat en niet zozeer zijn politieke programma.

Allesbehalve opwekkend concludeert dr. Van Schendel: „De stemming onder steeds grotere groepen van de bevolking is verbitterd en cynisch. Het in hoog tempo doorzettende verarmingsproces leidt tot toeneming van uitbarstingen van geweld. Roof, diefstal, mishandeling, moord, verkrachting en bedreiging komen tegenwoordig voor met een frequentie die tien jaar geleden nog voor ondenkbaar werd gehouden. In het sociale en politieke klimaat verwordt partijpolitiek steeds meer tot een tijdverdrijf voor de elite in de hoofdstad, waar de meerderheid van de bevolking noch greep op, noch belangstelling voor heeft."

Hoe staat het met de verhouding tussen Bangladesh en de buurstaten? De laatste jaren zijn de betrekkingen tussen Bangladesh en India (waardoor het land bijna geheel wordt omringd) gespannen te noemen. De regering van Dacca verwijt de Indiase regering dat deze de tribale, niet-Bengaalse rebellen steunt in hun strijd tegen Dacca. Pogingen om met de kleinere staten in de buurt nauwere betrekkingen aan te knopen (bijvoorbeeld met Nepal, Burma en Sri Lanka) zijn tot dusverre niet erg succesvol geweest. Wel is de relatie met Pakistan aanzienlijk verbeterd. Daar zal de aanmerkelijk toegenomen invloed van het conservatief-islamitich blok in Bangladesh wel niet vreemd aan zijn geweest.

Sattar president

Na de moord op generaal Ziaur Rahman in het voorjaar van 1981 werd vice-president Abdus Sattar zijn opvolger. In november j.l. werd deze Abdus Sattar, met steun van het leger, formeel tot president gekozen. Overigens schijnt de échte sterke man van het huidige Bangladesh generaal Shad te zijn die zich echter (voorlopig?) nog niet als zodanig wenst te manifesteren.

Bangladesh bestaat thans ruim 10 jaar, maar zoals de zaken er nu voorstaan in het jute-exporterende land oogt de nabije toekomst buitengewoon somber voor de bevolking. Hopelijk kunnen de recente aardgas-, aardolie- en uraniumvondsten enigszins economisch soelaas bieden voor de „overlevingseconomie" van Bangladesh die de realiteit vormt voor het merendeel van de zeer talrijke burgers.

Hoewel aan de klassen in het door hevige onlusten in 1981 getroffen stadsdeel Toxteth twee onderwijzers zijn toegevoegd, is het tot dusver niet gelukt om de orde te herstellen. Integendeel: binnenkort is er

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 24 februari 1982

Reformatorisch Dagblad | 14 Pagina's

Balans tien jaar Bangladesh ziet er niet rooskleurig uit

Bekijk de hele uitgave van woensdag 24 februari 1982

Reformatorisch Dagblad | 14 Pagina's

PDF Bekijken