Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

ONDANKS ALLES TOCH ADVENT

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

ONDANKS ALLES TOCH ADVENT

7 minuten leestijd

„En ik zal vijandschap zetten tussen u en tussen deze vrouw, en tussen uw zaad en tussen haar zaad: dat zal u de kop vermorzelen en gij zult het de verzenen vermorzelen". Genesis 3:15

Hoe schoon was de schepping uit Gods Handen voortgekomen. Ook de mens, welke als koning en beelddrager Gods gesteld was in het paradijs. Adam en Eva, onze eerste voorouders, hadden God lief met de hoogste en reinste liefde.

De satan, als gevallen engel, kon dit niet dulden. Hij smeedde zijn duivelse moordplannen om de band tussen God en de mens te verbreken. Door de slang had hij weldra twijfel gezaaid in het hart van Eva. Als God wezen, ja dat lokte aan en zie, dat werd haar val. Maar ook van Adam en van al zijn nakomelingen.

Wie toch zal een reine geven uit een onreine?

Zo derven wij allen de heerlijkheid Gods. Wij allen hebben gezondigd en, zijn de drievoudige dood onderworpen. En God kan de zonde niet door de vingers zien. Hij moet de zonde haten en straffen. Zo roept Hij de overtreder ter verantwoording. Hebben wij dat verstaan in ons leven? Waar zijt gij? Zo is nog de roep van de almachtige God.

Hoe gelukkig zijn ze die eerlijk voor God hebben beleden: „en ik heb gegeten". Dat is enkel genade. In dat zoeken en vragen van God ligt het wonder van Zijn souvereine liefde en welbehagen verklaard. Daarom heeft de hel te vroeg gejuicht. God zocht Adam en Eva op. Hun geweten moest hen wel aanklagen. Maar leest u eens, hoe alle tegenredenen wegvielen.

O wie zal het tegen de liefde Gods kunnen volhouden. Die liefde breekt het hardste hart. Dan wordt alles eigen schuld. Zo hebben Gods kinderen zich de dood waardig leren keuren. Maar wat valt het dan bij God mee. Door het geloof mogen zij dan de beloften van het evangelie omhelzen. Dan gaan ze leren wat God doen zal.

Hier in onze adventstekst wordt de komst van Christus geopenbaard. De Heere zal het vriendschapsverdrag met de satan verbreken. „Ik zal vijandschap zetten". Het Godswerk gaat voorop. Hij zal vijandschap aanbrengen, tussen de satan en tussen Eva. De slang wordt veroordeeld, ja vervloekt boven al het gedierte des velds.

Hij moet ook horen dat de vriendschap in vijandschap veranderd wordt. Dat wonder is niet te vatten. God had andere werelden kunnen scheppen en deze kunnen voorbijgaan. Maar het behaagde de Heere Zijn reddende liefde in Christus te openbaren in een wereld verloren in schuld. Dat wonder hebben de engelen in Efratha's velden bezongen.

„Ik zal vijandschap zetten tussen u en tussen deze vrouw". Er was reeds vijandschap tussen de satan en God. De kloof tussen God en de duivel zal eeuwig blijven. Voor de duivel is geen verlossing mogelijk.

Maar God zal wel het verbond teniet doen tussen de satan en „deze vrouw", dat is Eva. Hoe beschaamd en vernederd zal ze daar gestaan hebben. Moeder aller levenden? Zeker, het ganse mensdom zal uit haar geboren worden. Maar Eva wordt eerst uit de greep van de duivel losgewrikt.

God heeft op haar neergezien met een oog van liefde en ontferming. Daardoor zijn ook haar ogen geopend. Zo heeft zij de grootheid van haar kwaad gezien en moest zij bekennen dwaas te hebben gehandeld. De liefde Gods is tussenbeide gekomen. En door die liefde keert zij zich van de duivel af en wendt zij zich tot God.

De strijd is in haar leven begonnen. Zij gelooft wel de belofte Gods, hoewel zij met Gods Kerk van alle tijden en eeuwen ook heeft moeten leren wachten op de persoon van de Verlosser. Hier wordt de Komst van Christus geopenbaard. Het heilsplan van God leerde dat er niet alleen vijandschap zou komen tussen Eva en de slang, maar ook tussen beider zaad.

En zie hoe dan Kaïn niet aan haar verwachting beantwoordde. Dat gaf strijd en bittere smart. Ze schijnt nu meer een moeder der doden te zijn. Wordt dat nog verstaan? Uit U geen vrucht meer in der eeuwigheid! Wie zal dan verlossen?

Maar God sprak: „Ik zal vijandschap zetten". Dat betekent de strijd tussen het vrouwenzaad en het slangenzaad. De strijd tussen Christus en de boze om hem zijn vaten te ontroven en de geschonden deugden Gods te verheerlijken. Hoe heeft de satan gepoogd dat te verhinderen. Het beloofde Zaad zoch hij te doden in het uitverkoren volk van Israël.

Zijn plan scheen bijna gelukt. Nog enkele herders en wat oude mensen zagen uit naar de Hope Israels. In Nazareth woonden Josef en Maria. Maar in hen was hiet Zaad der vrouw. Alles scheen verloren, zelfs een Edomiet zat op de troon. Zou God Zijn gena vergeten?

O, hoe kan de satan woeden in het hart van Gods kinderen: Waar is nu Uw God? Dan vrezen ze alles ingebeeld te hebben. Toch kunnen ze geen kwaad van God denken. Al moesten ze eeuwig omkomen; ze kiezen toch de zijde Gods. Ik zal vijandschap zetten. Hiermede mag dat arme volk zich troosten.

De Heere is aan de spits getreden. Christus is gekomen om de werken des duivels te verbreken. En al laait de strijd steeds hoger, zowel van binnen als van buiten; Hij is Overwinnaar in de strijd en geeft Zijn volk den zegen.

Ik zal vijandschap zetten...... Het gaat om het levende kind. In de strijd tussen naties en volkeren; tussen families; tussen man en vrouw in het huwelijk en in de gezinnen. Doorgaande en steeds feller voortgaande strijd. De satan weet dat hij kleine tijd heeft.

Daarom strijd in de samenleving; emancipatiewetten en voorstellen van wetten voor gelijke behandeling. Strijd in de kerken; samen op weg en mee van God af? Bevrijdingstheologie in plaats van het aloude Kruisevangelie. En de geest van Kaïn beukt er hevig op los in krakersbewegingen en rode terreurgroepen.

Tevergeefs, want de uitkomst is des Heeren! Het Vrouwenzaad zal de eindtriumf behalen. Christus is geboren en Hij is Koning. Hem is alle macht gegeven in de hemel en op de aarde. En in Hem zijn wij meer dan overwinnaars. Doch langs een weg van strijd. Het kostte de Middelaar Zijn bloed en leven. Hier staat het reeds: „dat zal u de kop vermorzelen en gij zult het de verzenen vermorzelen".

Dit voorzegt Christus' vernedering en verhoging. Met vermorzelde verzenen stierf Hij aan het kruis. Maar in Zijn dood verpletterde Hij de kop van de satan. Straks bij Zijn wederkomst zal Hij ook het stuiptrekken van de satan verbreken. Dat is het einde van het rijk van de vorst der duisternis.

Maar het begin van de volle heerlijkheid en eer van Christus in Zijn gezegend Koninkrijk. Daar zullen de vermoeiden rusten van kracht. Daar zal geen strijd meer zijn.

En daarom ondanks alles: toch Advent. Volk des Heeren, al wordt ge de ganse dag gedood. Neen, ge komt niet ongedeerd uit de strijd. Ook gij zult vermorzelde verzenen hebben. Maar Uw Verlosser is sterk, Heere der heirscharen is Zijn Naam.

Een vraag tot besluit: aan welke kant strijdt gij nu? God roept nog ter verantwoording. Waar zijt gij? Verberg u niet langer, maar belijd de Heere uw zonden. Wee, als ge niet komt. Straks is het te laat.

We kunnen ook een schijn van godzaligheid hebben. Maar is de liefde tot de wereld vergaan? Is er lust tot heiligheid? God zegt: Ik zal vijandschap zetten. Daarom roepen Gods gunstgenoten het uit: Hartelijk zal ik U lief hebben, o Heere mijne Sterkte. Zijn kracht wordt in zwakheid volbracht, maar Zijn genade zal genoeg zijn.

OOSTZAAN    DS. A. SNOEP

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 26 november 1982

Reformatorisch Dagblad | 22 Pagina's

ONDANKS ALLES TOCH ADVENT

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 26 november 1982

Reformatorisch Dagblad | 22 Pagina's

PDF Bekijken