Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Krantelezer kan het niet met huis-aan-huisbladen doen

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Krantelezer kan het niet met huis-aan-huisbladen doen

Wel harde strijd om de advertentiemarkt

12 minuten leestijd

ROTTERDAM — In het hartje van Rotterdam, aan de Westblaak, is het hoofdkantoor gevestigd van De Havenloods/Het Zuiden, twee van de grootste Nederlandse huis-aan-huisbladen. Ze verschijnen twee keer per week in Groot-Rotterdam met een totale oplage van 1,1 miljoen exemplaren, verdeeld over 26 edities. 's Woensdags verschijnt men op weekendformaat en donderdags op dagbladformaat. We worden erg vriendelijk ontvangen door de heer Eillebrecht en we zijn al snel in geanimeerd gesprek gewikkeld over de wereld van de huis-aan-huisbladen.

Het is een markt waarin nogal wat aan de hand is. In het Nederlandse handboek voor pers en publiciteit wordt gemeld dat het aantal titels ruim 600 is. Het aantal introducties en opheffingen is zeer hoog. Tussen 1975 en 1980 werden 84 nieuwe bladen geïntroduceerd, daarvan verdwenen er 22 al weer spoedig. Daarnaast werden er in die periode nog 56 uit de markt genomen. De totale oplage bedroeg in 1975 bijna 13 miljoen. In 1979 was dat aantal gestegen tot bijna 17 miljoen. Van de huis-aan-huisbladen is 45 procent in handen van dagbladuitgevers. Het andere deel wordt uitgegeven door onafhankelijke drukkers. Als het om aantallen gaat blijkt de positie van de dagbladen nog sterker, want dan hebben ze 70 procent in handen. We praten over een omzet van plusminus 550 miljoen gulden.

Wellicht, mijnheer Eillebrecht, kunt u het beste eerst iets over het verleden van de huis-aan-huisbladen vertellen.
Dat verleden is heel verschillend.
Zeker vroeger werden huis-aan-huisbladen bijna nooit door dagbladuitgevers gerund. Die kregen pas in een later stadium belangstelling voor het medium. Als ik bijvoorbeeld een van onze grootste uitgaven. De Havenloods, neem: die werd opgericht door een zekere dominee Van Krimpen. Die predikant had veel connecties met de stichting „De Jeugdhaven", die zich inzette voor het misdeelde kind in Rotterdam. Om dat werk goed te doen en ook om er meer bekendheid aan te geven had men een communicatiemiddel nodig.
Welnu om zo'n communicatiemiddel te kunnen financieren heb je geld nodig en daarom werden er ook adverteerders gezocht en gevonden. Het blad groeide snel uit tot een huis-aan-huisblad dat over de hele rechter Maasoever werd verspreid. Er werd een redactie aangesteld die geheel zelfstandig opereerde en, naast de communicatie voor het misdeelde kind, allerlei nieuws aan de lezer bracht. In de loop van de jaren zeventig nam Wegener de uitgaverechten over. Dat paste heel goed in de ondernemingsactiviteiten, omdat dit bedrijf al zo'n 40 jaar Het Zuiden uitgaf dat op de linker Maasoeverzijn verspreidingsgebied had. Wat die redactie betreft, die was erg zelfstandig. Hoewel ik moet zeggen, dat daardoor een linkse signatuur op het blad werd gedrukt. Dat laten we nu maar voor wat het is, maar van die redactie moet ook worden geconcludeerd dat men, journalistiek gezien, goed werk deed en soms zelfs de landelijke pers haalde. Daardoor werd de naamsbekendheid van de Havenloods erg groot. We kunnen daar nog wel verder op terugkomen, maar ik wil hier al gelijk beklemtonen wat een van de maatstaven is voor het succes van een huisaan- huisblad: een goed redactiebeleid.
Er moet niet alleen aandacht zijn voor het commerciële, maar ook voor het redactionele gedeelte van het blad.
Overigens, sommige huis-aan-huisbladen bestaan al veel langer. We hebben
in de loop van de tijd bijvoorbeeld ook de Nieuwe Vlaardingse Courant overgenomen. Die is al aan zijn 110e jaargang bezig. In de vorige eeuw is dat onder de naam Vlaardingse Courant als dagblad begonnen. Later is dat Nieuwe Vlaardingse Courant geworden. Als dagblad kon het zich in Vlaardingen niet handhaven. Daarna is het een nieuwsblad geworden. Het vervolgde zijn weg als bijlage bij het Algemeen Dagblad en werd later als huis-aanhuisblad verspreid. In 1975 namen wij de uitgaverechten over. Zo hebben al onze edities een eigen geschiedenis. De een langer, de ander korter. De Havenloods heeft 14 edities en Het Zuiden 12. Verder vallen onder onze bemoeienis nog Holland Silhouet, dat in Gouda en omstreken wordt verspreid en Aspekt, dat de stad Amsterdam als verschijningsgebied heeft.

U noemde het redactionele gedeelte van een huis-aan-huisblad erg belangrijk. Kunt u daar nog wat meer van zeggen?
Tot in de jaren zestig, maar ook nog wel in de jaren zeventig waren er maar weinig huis-aan-huisbladen waarvan het redactionele gedeelte op een goed peil stond. De Havenloods, Het Zuiden, Het Stadsblad in Utrecht behoorden tot de gunstige uitzonderingen.
Toen de dagbladuitgevers oog kregen voor de markt en zelf huis-aan-huisbladen gingen uitgeven of ze elders opkochten, ging er wat veranderen. Er werd veel meer aandacht aan het redactionele gedeelte besteed. Dat was ook terecht zo bleek ons uit een onderzoek dat wij een aantal jaren geleden hebben laten uitvoeren onder de lezers. Daar is heel duidelijk uitgekomen wat die lezer eigenlijk wil. De meerderheid — 57 procent — wil de krant hebben zoals hij nu is, dus met het redactionele gedeelte erbij. De andere 43 procent zou hem alléén om de advertenties ook lezen.
Er zijn ook nog andere interessante gegevens uitgekomen. Op de vraag of men ook Voor zijri huis-aan-huisblad zou willen betalen als het niet meer gratis in de bus zou komen antwoordde driekwart bevestigend. We hebben zelfs gevraagd wat men dan bereid zou zijn om te betalen en daarop kregen we als antwoord dat dit tussen de 50 en 75 cent per nummer zou zijn. Het is ons uit dat onderzoek wel heel duidelijk gebleken: de lezer is geïnteresseerd in het totaal-produkt, advertenties plus nieuws, mits dan een goede redactieformule wordt gehanteerd. Dergelijke huis-aan-huisbladen hebben dus nadrukkelijk een bestaansrecht. Geen wonder dat vooral de dagbladuitgevers het redactionele gedeelte hebben opgewaardeerd.

Kunt u wat zeggen van de redactieformule van het huidige
huis-aan-huisblad?
De functie van het huis-aan-huisblad hangt een beetje af van het gebied waarin je zit. Als de dekkingsgraad van een regionaal dagblad in zo'n gebied hoog is dan zal de redactie meer aanvullende achtergrondverhalen moeten brengen. Is die dekkingsgraad van dagbladen evenwel kleiner, dan moet meer worden gekeken naar de nieuwsbladfunctie. Dan moet ook het ongeluk op de hoek worden meegenomen, omdat de lezer daarin is geïnteresseerd en het niet terugvindt in zijn dagelijkse krant.
Als ik bijvoorbeeld kijk naar onze editie die in de Krimpenerwaard verschijnt, daar is de dekking van de dagbladen versnipperd, dus klein. Dan moet je dus proberen om meer actueel nieuws te brengen. Gaat het evenwel over de stad Rotterdam, dan mag je ook wel actueel nieuws brengen, maar daarnaast zal de nadruk toch meer liggen op achtergrondverhalen.

Jullie hebben woensdag- en donderdaguitgaven. Hoe zit dat dan precies?
De Havenloods en Het Zuiden bestrijken een groot gebied. De buitengebieden beschouwden het evenwel toch een beetje als Rotterdamse kran;; ten. Bovendien was enkele jaren geleden het advertentieaanbod zo groot, dat het moeilijkheden gaf met het drukken. Toen hebben we besloten om op woensdag regionale edities uit te geven op weekendformaat, toegesneden op dat veel kleinere verspreidingsgebied. Een aantal adverteerders, die hun klanten toch alleen maar uit die regio trekken geven er de voorkeur aan om in die woensdaguitgave te adverteren. Dan vallen ze meer op. Donderdags verschijnt dan in ons gehele gebied De Havenloods of Het Zuiden.
Ons aanbod is zodoende toegesneden op de wensen van de adverteerders. Ze kunnen zelf kiezen.

U zei dat huis-aan-huisbladen nadrukkelijk een bestaansrecht hebben.
Hoe ziet u de toekomst?
Ik denk dat het een gelukkige ontwikkeling is, dat steeds meer aandacht wordt geschonken aan het redactionele gedeelte. Wij deden dat al vele jaren en je merkt dat daarmee de positie van het huis-aan-huisblad niet meer weg te denken is in onze samenleving. Wij brengen een stuk relevante lokale informatie waaraan het dagblad niet toekomt. De krantelezer verwacht nu eenmaal in zijn dagblad een grote verscheidenheid aan nieuws uit binnen- en buitenland. Dan moeten soms op zich best wel interessante berichten uit de regio afgedaan worden met een éénkolommertje. Wij kunnen er dan vaak een halve pagina of een openingsverhaal van maken, als het de moeite waard is. Momenteel zijn wij goed aanvullend op dé berichtgeving in de dagbladen en waarschijnlijk zal daarin niet zoveel veranderen. Uit ons onderzoek is gebleken dat onze lezers vinden dat ze, naast een huis-aan-huisblad, toch een regionaal dagblad moeten hebben.
Ik moet er wel bij opmerken, dat dit onderzoek uit 1978 stamt, dus het is best mogelijk dat het nu iets anders ligt. We weten dat verschillende dagbladen worden geconfronteerd met nogal wat opzeggingen. Ik zou echter niet zonder meer durven beweren dat abonnees dagbladen opzeggen, omdat ze vinden dat ze door de huis-aan-huisbladen toch genoeg regionaal nieuws krijgen en voor de rest wel door andere media worden geïnformeerd.

De huis-aan-huisbladen zouden wel grotere concurrenten worden voor de dagbladen als ze zich nog meer op actueel nieuws richten?
Ja, maar wij streven dat toch niet na.
Dat kan ook niet. In de eerste plaats verschijnen we maar twee keer per week. Dan zitten we met afgiftetijden voor het nieuws die toch wel wat anders liggen dan bij dagbladen. Voor de donderdagbladen bijvoorbeeld ligt de sluitingstijd op woensdagmorgen. Alles wat daarna gebeurt kun je dus pas de volgende week meenemen. We houden het dus op aanvullend nieuws, waarbij we vaak onderwerpen zullen uitdiepen die de dagbladen laten liggen. Een huis-aan-huisblad moet in zijn redactionele beleid een spiegel van de maatschappij zijn, dus soms ook maatschappij- kritisch. Wijk- en buurtverenigingen zullen zodoende eerder gehoor vinden bij de redactie van onze bladen dan bij een dagblad.

Resumerend zouden we kunnen stellen dat het huis-aan-huisblad nooit de functie van een dagblad kan overnemen. Maar geldt dat ook voor de advertentiemarkt?
Wij kunnen natuurlijk met de huisaan- huisbladen de adverteerder op maat bedienen. Als de-slager op de hoek alleen belangstelling heeft voor zijn naaste woonomgeving, wat moet hij dan in een dagblad adverteren. Hij kiest dan voor een van onze edities.
Dan is voor hem ook de prijs wat lager.
Wil echter een grote adverteerder in onze hele oplage meedoen, dan is hij in absolute zin niet voordeliger uit dan in een dagblad. AHeen, hij heeft een heel dichte dekking. Daarnaast hebben we een leesbereik van 67 procent. Bij een oplage van 1,1 miljoen stuks is dan gemakkelijk uit te rekenen dat wij goedkoper zijn omdat zoveel mensen worden bereikt met een advertentie. In de huidige moeilijke situatie waarin ook de adverteerder erg goed moet kijken hoe hij met zijn reclamebudget omgaat, denk ik dat wij inderdaad een grote concurrent zijn van de dagbladen. De cijfers wijzen daar ook op. Bij de Rotterdamse dagbladen Het Vrije Volk en het Rotterdams Nieuwsblad Uep het advertentieaanbod zowel in '81 als in '82 met tegen de 10 procent terug. Ook wij hebben natuurlijk te lijden van de recessie, maar bij ons is de teruggang in beide jaren toch niet meer dan tussen de 2 en 3 procent geweest.

Een gratis dagblad, zoals dat door anderen in Eindhoven is geprobeerd, ziet u dat zitten? Kunnen jullie dat niet met zoveel steun van adverteerders?
Het zou misschien wel gaan als we dan het huidige advertentieaanbod iedere dag zouden hebben en we konden het redactionele gedeelte met de , huidige omvang van de redactie realiseren. Maar dat acht ik een onmogelijke zaak. Na de vette jaren is ook de exploitatie van een huis-aan-huisblad momenteel zo'n marginale zaak, dat je je echt geen avonturen kunt veroorloven.
Je kon op je vingers uittellen dat het in Eindhoven mis moest gaan. Volgens de laatste officiële cijfers komen 47 procent van de inkomsten van dagbladen uit abonnementsgelden. Die kan je niet missen om een redactioneel verantwoorde krant uit te brengen.
_______________________________________________________________
Het RD bestaat 12,5 jaar. Een heuglijke gebeurtenis.
We mogen zeker van zegen spreken dat onze krant in deze turbulente tijden mocht groeien van nog geen 20.000 abonnees tot zo'n kleine 50.000 betalende lezers.
Dat tekent ook de behoefte aan een dagblad voor de gereformeerde gezindte. Er is immers genoeg „leesvoer" op de markt. Dagbladen, nieuwsbladen, weekbladen, huisaan- huisbladen, ze zijn er te kust en te keur. Wat de dagbladen betreft blijkt uit een onlangs verricht onderzoek dat de abonnees behoorlijk tevreden zijn over het RD. Voor ongeveer tweederde van hen geldt dat zij voor hun dagelijkse nieuwsvoorziening alleen onze krant lezen. Het gemelde onderzoek leert daarnaast dat 23 procent ook nog geabonneerd is op een ander dagblad en 13 procent leest regelmatig een andere krant zonder daarop geabonneerd te zijn.
We laten in dit artikel de weekbladen en de nieuwsbladen grotendeels voor wat ze zijn. Een weekblad kan nauwelijks als een concurrent worden gezien van de dagelijkse krant. Het kan zich namelijk wel richten op achtergronden van actuele ontwikkelingen, maar kan nooit inhaken op de snel wisselende dagelijkse actualiteit. Met nieuwsbladen bedoelt men uitgaven die zich richten op een bepaalde regio, één soms twee keer per week verschijnen en waarvoor lezers ook abonnementsgeld betalen. Voor dit medium geldt eveneens dat de actualiteit niet groot kan zijn.
Tenslotte zijn er dan de huis-aan-huisbladen die in groten getale overal in het land verschijnen. Wij vroegen ons af of die nu al, maar wellicht in de toekomst nog meer, een concurrent voor de dagelijkse kranten, dus ook voor het RD kunnen zijn. Het ging ons daarbij zowel om de abonnees als om de adverteerders. Wat de abonnees betreft, het meer geciteerde onderzoek geeft aan dat 84 procent van de RD-lezers over een radio en 33 procent over een tv beschikt. Een conclusie zou kunnen zijn dat deze lezers redelijk worden voorzien van nationaal en internationaal nieuws. Als dan een huis-aan-huisblad attent is op de regionale en plaatselijke nieuwsvoorziening zouden huidige en toekomstige abonnees van dagbladen kunnen overwegen, dat ze dan geen dagelijke krant meer nodig hebben. Daarbij zou extra kunnen meetellen, dat daarbij een flink bedrag aan abonnementsgeld kan worden bespaard. In een tijd van teruglopende inkomens is dat een belangrijke factor.
Voor de adverteerders in een dagblad geldt, dat zij zich evenzeer in toenemende mate bezig zullen houden met de vraag welk medium voor hen het meeste rendement oplevert. In de meeste sectoren dalen de omzetten en dus de winsten. Daardoor wordt ook het reclamebudget kleiner en^moeten keuzen worden gemaakt. Ook hier kan de vraag worden opgeworpen of de inkomsten uit advertenties voor de dagbladen in de toekomst verder zullen dalen, terwijl een deel van die gederfde inkomsten naar de uitgevers van de huis-aan-huisbladen zullen gaan.
Vragen genoeg dus die zeker ook voor de toekomst van het RD van belang zijn. Bij het zoeken naar wat antwoorden voerden we onlangs een gesprek met de heer J. P. Eillebrecht. adjimct-groepsdirecteur huis-aanhuisbladen van Wegener's Couranten Concern in Apeldoorn. Wegener is marktleider op dit gebied. Ruim 20 procent van de totale oplage van de huis-aanhuisbladen wordt door hen uitgegeven en gedrukt.
Eillebrecht beklemtoonde tijdens ons interview dat hij spreekt vanuit de Rotterdamse situatie en ook als vertegenwoordiger van de ..ongebonden" huis-aanhuisbladen van Wegener. Dit laatste wil zeggen, dat Wegener in dit gebied geen dagbladen uitgeeft. Wanneer een dagbladuitgever in het verspreidingsgebied van zijn krant ook actiefis in de huis-aan-huismarkt. rekent men dat tot de „gebonden " sector.

Dit artikel werd u aangeboden door: Reformatorisch Dagblad

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 oktober 1983

Reformatorisch Dagblad | 64 Pagina's

Krantelezer kan het niet met huis-aan-huisbladen doen

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 oktober 1983

Reformatorisch Dagblad | 64 Pagina's