Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

amateur-historicus Mantingh over herkomst van

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

amateur-historicus Mantingh over herkomst van "Drenthe"

6 minuten leestijd

DWINGELOO - Stapels telefoonboeken ploos hij uit, kaarten van verschillende landen spelde hij. Niet minder dan vijftien jaar was hij bezig om te kunnen verklaren waar de naam Drenthe vandaan komt. Nu hij ontdekkingen heeft gedaan op deze enorme speurtocht, zinkt hem de moed weer geregeld in de schoenen. Ooit werd tussen wetenschappers en de amateur-archeo oog Tjerk Vermaning gestreden over een al dan niet historische vondst. Nu is er sprake van een complete spraakverwarring —over de herkomst van de naam Drenthe— tussen historici en de amateur ir. Albert J. Mantingh (46) uit Dwingeloo.

De in Valthermond geboren Mantingh, die in het dagelijks leven leraar economie aan de middelbare tuinbouwschool in Frèderiksoord is, is een bezield amateur-historicus. Geschiedenis heeft hij nooit willen studeren uit vrees ooit nog eens als leraar voor de klas terecht te komen. Ondanks deze handicap meent de onderzoeker met zijn door een professor erkende methode een veel betere verklaring te hebben gevonden voor de naam Drenthe dan de historici tot nu toe hebben dangedragen.

Aanleiding voor al het gezoek en de lange studie was de ontdekking van de plaatsnaam Matinghausen, al weer zeventien jaar geleden. Eenmaal op zoek naar andere plaatsen met de uitgang "hausen" werd hij nog meer in beslag genomen door de zogenaamde "ing-vormen". Ook in vele Drentse achternamen bleken deze drie letters voor te komen. Nieuwsgierig naar achtergronden van deze overeenkomst voelde Mantingh zich geroepen de herkomst van de in het jaar 820 voor het eerst gebruikte afleiding van de naam "Drenthe" te verklaren.

De laatste vijf eeuwen hebben veel onderzoekers zich beziggehouden met de afkomst van de naam Drenthe. Nadat de zogenaamde "Tencteri-theorie" (zo genoemd naar een Germaanse stam) alom was verspreid, wees Menso jaar viel de keuze op het project zending, met name het kindertehuis te Lokichar. Gedurende een aantal weken hebben de leerlingen gelden bijeengebracht om kinderen, die om één of andere reden geen ouders of verzorgers hebben en opgevangen worden in dit kindertehuis, van voedsel en kleding te voorzien.

Als start van het project werd op uitnodiging van de school door de GZB voorlichting gegeven betreffende het zendingswerk. De leerlingen van groep 5 tot en met 8 kregen vijf gulden mee met de bedoeling dit bedrag te vermeerderen. Volgens de heer Van 't Zelfde hebben de kinderen zich buitengewoon van hun taak gekweten. De leerlingen brachten 2000 gulden bij elkaar door verkoop van allerlei zaken.

De gemeenschapsruimte van het schoolgebouw was veranderd in een Afrikaans landschap door het aanbrengen van een decor. Ook ontbrak de rommelmarkt niet. Ouders en belangstellenden werden donderdag jongstleden in de gelegenheid gesteld het project te bezichtigen. Zij konden koffie en limonade met koek, maar dan volgens een Kenyaas recept, kopen. Verder metselden, tegen betaling van één gulden per steen, de leeriingen een muur in de school. Alting erop dat Drenthe verklaard moet worden uit het getal drie. Dit gebied zou het derde deel van het Bisdom Utrecht geweest zijn en Twenthe het tweede deel.

Drie Gouwen

Deze gedachte werd al vrij snel vervangen door de "drie gouwentheorie". De naam Drenthe zou afkomstig zijn van de drie toenmalige rechtsgebieden, de drie velden. Deze theorie is in het enige tijd geleden uitgekomen boek over de geschiedenis van Drenthe door dr. Blok verdedigd.

De Coevorder predikant en arts J. Picardt stelde in de zeventiende eeuw dat de naam zou zijn afgeleid van Drontheim. De Noormannen zouden bij hun plunderingen de naam aan deze streek hebben gegeven. Dat er nog een andere mogelijkheid is, droeg dr. Heeroma in 1958 uit. Hij verklaarde dat er sprake zou zijn van een driestromenland.

Mantingh gooit deze laatste gedachten als onbewezen terzijde en pleit voor een herwaardering van de Tencteri-theorie. Het zit hem daarbij met name vast op de beginletters van de provincie. Rond het begin van de jaartelling zou er dus sprake zijn geweest van de naam Tencterie. In de loop des tijds zou als versterking een "r" achter de eerste letter zijn geplaatst. „Vrij normaal", verduidelijkt Mantingh met overgangen als "kot" naar "krot" en "schokken" naar "schrokken".

Onjuist

Dat de theorie van Menso Alting eenvoudigweg niet kan kloppen, denkt Mantingh te bewijzen met de tegenvraag waar het eerste deel van het bisdom was gelegen. „Waarom heet Salland dan niet Ente?". Overigens komt het hem heel vreemd voor dat de huidige provincie pas na het jaar 800 een naam van de bisschop zou hebben gekregen.

De theorie van dr. Blok over de drie rechtsgebieden zegt Mantingh zich „op het eerste gezicht te kunkunnen voorstellen, maar er zijn historisch geen aanknopingspunten voor te vinden". Zo doet de economie- leraar ook gedachten over andere theorieën van de hand. Mantingh denkt met geschiedkundige, historische en archeologische bronnen te kunnen aangeven dat zijn redenering het beste klopt. Een heel centrale rol vervullen de al eerder genoemde "ing-namen". De Dwingeler heeft ruim tien jaar geleden series telefoonboeken doorgewerkt om in statistiekjes te kunnen verwerken hoeveel mensen in landen en streken wonen die in hun achternaam de lettercombinatie "ing" hebben staan, zoals bijvoorbeeld Mantingh zelf en ook Hidding. In heel West-Europa komen er honderden ing-namen voor. Bij het nazoeken is het Mantingh opgevallen dat deze naam vooral in Drenthe (300 keer), bij Nijmegen en in het Lippegebied zeer veel voorkomen. „De Tencteries zijn door de Romeinen in de omgeving van Nijmegen verslagen en vervolgens is een deel naar de Lippe vertrokken en een ander deel uiteindelijk naar Drenthe gevlucht. Misschien zijn ze wel door de Romeinen verjaagd", betoogt de amateur-historicus. „Professor Waterbolk zei dat er in de eerste eeuw ineens sprake is van een nieuwe type boerderijen. Dat past precies in mijn theorie. Omstreeks de jaartelling heeft het huidige Drenthe een nieuwe, overheersende bevolking gekregen. Anders was men ook niet ineens op een heel andere bouwstijl overgegaan. Het was in die tijd ook gewoon dat een nieuwe bevolkingsgroep meteen een naam op het gebied drukte".

Boek

Mantingh concludeert dat de Germaanse stammen, de Usipetes en de Tencteri, omstreeks het jaar 56 in het huidige Drenthe vaste voet aan land moeten hebben gezet. „Er is dus beslist geen sprake van toeval. Laat andersdenkenden maar komen en zeggen waarom mijn opvattingen onjuist zijn. Maar ik laat me maar niet zo in de hoek drukken". Bang dat er toch iemand uiteindelijk met zijn theorie op de loop gaat en met de gedachte eens een punt te zetten achter een ruim vijftien jaar durende studie, heeft de Dwingeler zich voorgenomen binnenkort zijn bevindingen in boekvorm op de markt te brengen.

Dit artikel werd u aangeboden door: Reformatorisch Dagblad

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 23 maart 1988

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

amateur-historicus Mantingh over herkomst van

Bekijk de hele uitgave van woensdag 23 maart 1988

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

PDF Bekijken