Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Naast elke boom een picknicktafel

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Naast elke boom een picknicktafel

Invloeden mens en natuur strijden in bossen om de voorrang

4 minuten leestijd

Kettingzagen en zure regen bedreigen het voortbestaan van het Nederlandse bos. Naarstig wordt er dan ook gezocht naar middelen om de toekomst van deze groene gebieden veilig te stellen. Het vinden van de juiste verhoudingen is echter niet eenvoudig. Een 'puur-natuur'-bos laat zich moeilijk combineren met hordes dagjesmensen. Moeten de bossen zoveel mogelijk met rust worden gelaten of komt er naast elke boom een picknicktafel?

De stormen in '72 en '73 vernietigden een groot deel van de Nederlandse bossen. Dit vormde de aanleiding tot een discussie over de toekomst van het bos, resulterend in het meerjarenplan Bosbouw. Naast de houtproduktie, waar de bossen altijd al goed voor waren, kregen ook recreatie en natuurbehoud hierin een functie.

De Kamer keurde het meerjarenplan in 1987 goed. Hiermee werd besloten dat zo'n 80 procent van de Nederlandse bossen verschillende functies zal blijven vervullen. In de rest van de bossen zal de natuurlijke ontwikkeling voorrang krijgen: beperkt menselijk ingrijpen en een lage houtoogst.

In het meerjarenplan is bovendien vastgelegd dat de hoeveelheid bos de komende vijftig jaar, met name in het westen, met 50.000 hectare zal toenemen. Bovendien zal het aandeel "zelfvoorziening" -de mate waarin de Nederlandse bossen in de nationale behoefte aan hout bijdragenmoeten stijgen van 8 naar 25 procent.

Droge zandgronden

Het bedrijfsresultaat van de Nederlandse bossen is overigens niet om over naar huis te schrijven. Ondanks subsidies, variërend van 150 tot 200 gulden per hectare, is het resultaat al jaren negatief. De oorzaak hiervan moet worden gezocht in lage produktiviteit, veroorzaakt door het feit dat veel Nederlandse bossen vroeger zijn gepoot op de armste, droge zandgronden, die verder toch nergens voor gebruikt werden.

De jongste bossen worden ook op de meer vruchtbare gronden aangetroffen, zoals bij voorbeeld in de IJsselmeerpolders en gebieden in de

Jaarlijks worden er zo'n 180 miljoen bezoeken gebracht aan de Nederlandse bossen. Randstad. Het is zelfs de bedoeling dat Almere eens in de bossen zal verdwijnen. Hierin komt onder andere de groeiende populariteit van het bos tot uitdrukking. Een bezoek aan het bos is -na het strand— de meest gewilde vorm van vrijetijdsbesteding. Jaarlijks worden er zo'n 180 miljoen bezoeken aan het bos gebracht.

Door stijgende produktiviteit in de landbouw dreigt er een overschot aan landbouwgronden. Op het eerste gezicht lijkt aanwending voor bosbouw, gezien de wereldwijd stijgende vraag naar hout, voor de hand te liggen. Economisch is dit echter niet haalbaar en dus onaantrekkelijk. Een flink aantal landbouwprodukten is zwaar gesubsidieerd, waardoor houtproduktie als concurrent weinig kans maakt. Zoals de zaken er nu voorstaan, kan een boer niet alleen van de houtoogst leven, en zal hij dus niet snel op bosbouw overgaan.

In opkomst

De Nederlandse bossen zijn overigens in opkomst. Rond 1800 bedroeg de totale oppervlakte aan bos zo'n 100.000 hectare. In 1985 was dit toegenomen tot 330.000 hectare, waarvan ongeveer twee derde naaldbos. De Staat heeft hiervan 47 procent in handen, particulieren 41 procent, de rest wordt door natuurbeschermingsorganisaties beheerd.

Her en der in den lande zijn nog resten te vinden van vroegere pogingen tot herbebossing. Ten behoeve van de scheepvaart werd in 1514 bij Breda het Mastbos aangelegd. De naam laat weinig te raden over. In de zeventiende eeuw, toen Nederland behoorlijk 'bosloos' was, belegden welvarende lieden hun geld in het vormen van landgoederen. Deze oude landgoederen bevinden zich nu nog in de binnenduinrand, langs de Vecht, op de Utrechtse Heuvelrug, op de Veluwe en in de Achterhoek en Twente. Dit waren tevens de eerste vormen van particulier bosbezit.

Staatsbosbeheer

In 1888 begon de Nederlandsche Heidemaatschappij (later Heidemij) met haar 'bosbehoudend' werk, waardoor de bosaanleg pas goed op gang kwam. In 1899 toonde de overheid haar belangstelling voor het behoud van de Nederlandse bossen door het oprichten van Staatsbosbeheer. Het had tot doel het ontginnen en in ontwikkeling brengen van door de overheid verworven (woeste) gronden. Een groot deel van deze terreinen was zo schraal, dat er uitsluitend grove dennen op wilden tieren. Momenteel beheert Staatsbosbeheer een derde van het nationale bosbezit.

In de jaren vijftig was er voor bosbouwbedrijven goed geld te verdienen. Elk stukje hout bracht toen zijn geld op: van dik eikehout dat tot planken verwerkt werd tot berketakken voor het binden van bezems. Grove dennen werden gebruikt voor het stutten van mijnen, populieren voor het maken van klompen en lucifers. Het tij keerde in de jaren zestig, toen de lonen stegen en de houtprijzen gingen zakken.

Particuliere bosexploitanten kwamen hierdoor in de rode cijfers terecht. Dit leidde tot versnippering van het bosbezit en vaak tot verkoop aan de Staat of aan natuurbeschermingsorganisaties. Ter illustratie: in 1940 was 65 procent van het bos particulier bezit, in 1985 nog ruim 40 procent.

N.a.v.: "Voeten in de aarde", een uitgave ter gelegenheid van het honderdjarig bestaan van Heidemij.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 april 1988

Reformatorisch Dagblad | 24 Pagina's

Naast elke boom een picknicktafel

Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 april 1988

Reformatorisch Dagblad | 24 Pagina's

PDF Bekijken