Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Bloemlezingen en nieuwe bundels poëzie, maar bijna geen oorspronkelijke nieuwe kerstgedichten

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Bloemlezingen en nieuwe bundels poëzie, maar bijna geen oorspronkelijke nieuwe kerstgedichten

De Bijbel als inspiratiebron levert wel veel pastorale verzen op, maar niet altijd literaire meesterwerkjes

16 minuten leestijd

Kerst is al eeuwenlang een dankbare inspiratiebron voor dichters en schilders. Maar op dit moment valt het nogal mee met de jaarlijkse regen kerstbundels. Mogelijk is alles al gezegd en niet voor verbetering vatbaar? Een "Bloemlezing moderne kerstpoëzie" blijkt nauwelijks modern te zijn en zeker niet uit recent of niet eerder gepubliceerd werk te bestaan. In dit verhaal bekijken we wat bundels en bloemlezingen die niet alleen kerstpoëzie bieden.

Mr. Isaac da Costa op een minder bekend jeugdportret. Mies Vreugdenhil maakte een keuze uit zijn religieuze gedichten. De eerste titel is "Voor wie het wil HOREN" , een bloemlezing van moderne kerstpoëzie, vergaard door Elisabeth Wijnands. (geb., 53 blz., geïllustr., 19,25 gld., uitg. Boekencentrum).

Kerstverzen

Wijnands kwam op het idee toen ze het gedicht "Antifoon voor Kerstmis" van Jan Boelens had gelezen. Daaraan ontleende ze de titel van de bloemlezing, die weliswaar bestaat uit werk van dichters van onze eeuw, maar afgezien van Jaap Zijlstra, Hans Bouma, Corrie Vollenhoven, Willem Barnard en nog wat anderen is het bepaald geen 'vers' werk voor déze gelegenheid.

Moet je Nijhoff, Werumeus Buning, Engelman, Jan Campert, Koos van Doorne of Jan H. de Groot „modern" noemen? Het mag, maar wie echt poëzie uit de late jaren tachtig verwacht, heeft aan dit boekje niet veel. De samenstelster verantwoordt haar keuze niet. Wellicht zijn het gewoon verzen die zij mooi vond, ongeacht de achtergrond van de dichter(es). Zo vinden we Ankie Peypers, Anton van Duinkerken, Jules de Corte, Michel van der Plas naast Inge Lievaart, Ad den Besten, Muus Jacobse, Elisabeth Eybers, Gabriel Smit, Achterberg, Geert Boogaard en W. S. Noordhout (is: J. W. Schulte Nordholt). Een ongeTREURIG KONIJN van liuis-uit een jongen van de vlakte, zit ik lüer liokvast op m'n dood te wachten, ik voel me treurig en verloren, welk droevig lot is mij beschoren; hebzuchtig staat mijn baas te loeren, voelt aan mijn bast na overdadig vo'eren, bijna december en als tweede uit het nest ga ik de pan in; dik en vetgemest; 't is erg, maar 'k kan wel huilen als er ook nog gezegd zal worden: „Frans, z'n broer, was malser".

Kees van Baardewijk schrijft in "Ha, elke dag een feest" niet alleen over bijhelse en christelijke thema's, zoals dit "Treurig konijn " laat zien. Hoewel men ook hierin kritiek op de kersteetfestijnen van deze maand kan lezen. lijksoortig geheel, qua vorm, kwaliteit en boodschap.

'Visie Op Jezus'

Ook dichter Henk van der Ent las een bundel over "Jezus van Nazareth, een bron van inspiratie" bijeen. Maar zijn aanpak was heel anders. Hij vroeg veel bekende dichters om in een oorspronkelijk vers hün visie op Jezus van Nazareth te geven. Dat betekent niet dat ze speciaal voor deze bundeling een vers schreven, maar dat ze zélf een selectie maakten uit hun poëzie. Zo is J. W. Schulte Nordholt aanwezig met "Verlegen met mijn god " en met "Als het waar is". Anton BELIJDENIS je hebt je vandaag geplaatst, kind bij het leger dat met een kruis de strijd denkt te winnen de enorme strijd tussen al wat leeft het leger dat door goedheid en geduld het leger van de haat en de hebzucht wil verslaan dat is een machtig leger en je hebt geen ander wapen dan het kruis, kind

"Belijdenis" is een vers van Miny van Scherrenburg uit haar bundeltje "Sering ik dank je". Ent (Van der Ent) leverde "Ergernis", Ad den Besten "Pasen", Piet Los "Lasteren tegen de Geest", Jan Dotinga in het Fries en Nederlands "Fertroude" (Vertrouwde) en Okke Jager "De aanwezige".

Maar heel wat bijdragen lijken nauwelijks door deze inspiratiebron aangeraakt. Wat moet ik in dit verband met een kwatrijn "Dirk" van Hans Werkman? Dat luidt: „Dirk ligt al in de grond. Het is verrek-/te koud. Een man, bedroefd en opgewekt,/voorspelt de jonge lentedag voorbij/ de winterslaap. Dirk ligt al toegedekt". Of met „de witkuivige branding van kerkbanken/ rolt verkoelend op me af/ en omspoelt lokkend mijn voeten. " ? Dat zijn de voeten van Anne Schipper in "Het diensthuis uitgeleid". Te profaan en bijna godslasterlijk vind ik een vers van Henjo Hekman, waarin hij de gehangen Christus zelfs vergelijkt met balletdanser Noerejev, maar dan anders, en Hem „niet een Hemelse Junk" noemt. Meer stichtend vond ik de verzen van Den Besten en Frank Daen.

Terug naar Godslyriek?

Maar mag men, zoals Lenze Bouwers, Christus typeren als „Op Goede Vrijdag stierf J. Korenaar"? Moet je zoiets nu een knappe poëtische vondst vinden? Of komen we met dit soort christelijke dichtkunst —ook die van Anne Schipper en diverse anderen in deze bloemlezing— weer uit bij die verfoeilijke „Godslyriek", die onder rooms-katholieke jongere dichters in de jaren dertig zo geliefd was?

Dan worden de opvallendste beelden, woordvondsten en invallen —als er maar God of Jezus in voorkomt— voor literair hoogstaande christelijke verskunst gehouden. Ik heb daar moeite mee en vind het veeleer bombast in modern gewaad. Meer moeite dan met de aardige inleiding van Van der Ent onder.de titel "Een bron van irritatie?". (Deze uitgave van Kok telt 47 blz. en kost 14,90 gld.).

Da Costa's lier

Ook Mies Vreugdenhil is aan het bloemlezen geslagen. Het resultaat is "De lier die sinds lang niet meer ruiste", een keuze uit de verzen van mr. Isaac da Costa (1798-1860, dus we herdenken zijn geboorte, nu 190 jaar geleden). De verzen (48 blz., 9,90 gld., uitg. De Groot Goudriaan, Kampen) zijn in de oorspronkelijke spelHng en zonder voetnoten —maar hier en daar mèt zetfouten— afgedrukt. Mevr. Vreugdenhil koos vooral zijn verzen over de grote heislfeiten.

De titel nam ze uit zijn lange gedicht "Vijf en twintig jaren" uit 1840, met de regel „Kan het zijn dat de lier, die sints lang niet meer ruischte". Het zijn voor een deel nog, soms als oud kerkgezang, bekende verzen zoals "Hallelujah! Lof zij het Lam!" of "De Leeuw uit Juda" of "Kerstzang" ("Op 't geluid der hemelchoren,/ op 't gelei van Jacobs ster,/ dat wij 't Kinaeke, ons geboren,/ biddend naadren, schoon van verr'!"). Pasen, Hemelvaart, Pinksteren, Jezus de Roem der hope: het zijn de verzen waarin Da Costa met gloed zijn nieuw verworven geloof in de Messias van Israël onder woorden brengt. Zijn "Hemelvaartslied" is te zingen op de wijze van Psalm 33 en de bundel is eerder een verzameling 'Bijbelliederen' dan literaire selectie van een groot poëet.

De hierna te noemen titels zijn geen bloemlezingen, maar nieuwe of herdrukte bundels van christelijke dichters van zeer uiteenlopende signatuur. Ik bekijk ze in alfabetische volgorde en kom dan eerst uit bij "Ha, elke dag feest!" door Kees van Baardewijk, die hierin zijn "Gedachten en invallen" kwijt wil. Welnu, vee! méér is het ook niet. Geen Üteratuur met een hoofdletter, maar poëtische notities, soms van grote oubollig'heid, maar wel herkenbaar.

Zoals "Ongelijkheid", waar een leraar een kind „voor zijn kadet sloeg". Boze ouders, en een slotvers dat zó luidt: „Wil hieruit deez' lering trekken:/ kind mag klieren, zeuren, bekken,/ leerkracht moet, al is 't bezopen,/ vriendlijk over zich doen lopen". Geestig is het kwatrijn "Brand in de pastorie". Raak vind ik "Ongerijmd" en "Herder". Maar tegenover een mooi "Verwondering" of "In de boekhandel" of "Echt gebeurd" en diverse bijbelse 'invallen', staat weer zo'n kneuterig "Exegese" en "In de kuip". "Ha, elke dag feest!" telt 65 blz., kost 8,75 gld. en is een uitgave van Van den Berg te Kampen.

Niet bevindelijk

(Emeritus-)dominee Geert Boogaard is een (kleine) meester in het genre

:: oor^ntaai

'^rooó eauj^n. ^awn

ons mi voorsniock

vcu óc- u7e6c'ro^ricl)Hn^

joóat ujc no. 6e maall^ó

l)an6 UT l)a)t6 naar ons

t)ui5lie^w,

ürol^ken
van het korte moderne vers en ook hij komt vaak niet zozeer met poëzie van allure als wel met opmerkenswaardige gedachten en notities, die dan ten onrechte in versvorm worden gepresenteerd. Als het proza was, zou hij me iets doen denken aan de korte 'stukkies' en aforismen van pater Phil Bosmans van de Vlaamse Bond zonder Naam. Maar de toon van Boogaard is grimmiger en met name leer en leven in de gereformeerde gezindte is meermalen het voorwerp van zijn pastorale kritiek. Het is duidelijk dat Boogaard niets moet hebben van een in zijn ogen onbijbelse bevindelijkheid en lijdelijkheid.

In zijn nieuwste bundel, "Omdat er wat komt" (uitg. Callenbach, 62 blz., 13,25 gld.), is een vers als "De familie" daarvan een voorbeeld. De familie zegt tegen de vrouw op haar sterfbed dat het er nu op aan kwam. Maar Boogaard zegt haar „clat zij mocht rusten/ in het volbrachte/ werk van Jezus Christus./ Dat mocht wel niet van/ de familie, maar zij deed het". Ook "Uit het zondagsschoolboekje" en "Valse herder", "Schrik en woede", "Doopformulier", "Voorbeschikking" en diverse andere verzen tonen zijn afkeer van de leer der dubbele predestinatie, in elk geval van de uitwassen daarvan.

Herder als huurling

Boogaard overdrijft soms en roept veel tegenspraak op, maar houdt ons ook een spiegel voor en het zou dwaas zijn, daarin niet te willen kijken. Is echter iemand die om genezing bidt voor een doodzieke patiënt bezig zich te wenden tot „een god die tovert, een afgod"? Zijn zij die zeggen dat Gods heil begint bij ons schuldbesef, de kwade honden waartegen de Schrift waarschuwt? Is bevindelijke prediking alléén maar „een uitzinnig verzinsel"? Nogmaals, Boogaard heeft soms ongelijk, is onbarmhartig jegens de 'tobbers' en vooral jegens hun herders, die in zijn ogen veeleer bijbelontrouwe huurlingen zijn. Maar zijn boodschap mogen we niet naast ons neerleggen als ons niet rakend.

Een andere, heel mooi door Cis de Mari gekalligrafeerd uitgevoerde, bundel van Geert Boogaard is "Als Man en Vrouw" (Callenbach, 45 blz., 14,50 gld.), waarin een bloemlezing uit zijn andere bundels wordt geboden, rond het thema liefde, huwelijk, trouw. Hooglied 6:3 dient als motto. Al eerder werden we op zo'n smaakvolle keuze uit zijn werk getrakteerd. Cis de Mari maakte er opnieuw een feestelijk cadeauboekje van. Bevindelijke prediking Dat kan ik beslist niet meemaken, dat God pas mijn God wil zijn als ik verbrijzeld ben doorde kennis en ondervinding van mijn gruwelijke verdorvenheid. Ik kan met dat schamel welbehagen onmogelijk leven. Alsofer iels van mijn kant zijn moet voordat God aan mij kan beginnen. Een uitzinnig verzinsel.

"Bevindelijke prediking" is een gedicht van Geert Boogaard uit zijn laatste bundel, "Omdat er wat komt". ryr/iyt^TyTiriS'T'r^TVTViïr;

Fraaie kalligrafie van "Voorsmaak" door Cis de Mari inde (geschenk)hundel "Als Man en Vrouw" van Boogaard.

Maar ook bij de inhoud van déze 'Boogaard' zet men soms vraagtekens. Het eerste vers, "Schepping", is genomen uit de bundel "Niet vergeefs". Het luidt: „Omdat Hij wel wist/ dat het onder de hemel/ soms niet te harden is/ tenzij.../ schiep God de mens/ als man en vrouw:/ verrassend/ en vertroostend/ wederzijds". Er staan subtiele, soms stilmakende verzen in, meer gedachten dan gedichten. Zoals "Doopdienst", "Mongooltje", "Voor ons kind", "Het kindje", "Weer samen", "Metgezel", "Geluk" en "Voorbede".

Daens 'poëtica'

De dichter (en oud-zakenman) Frank Daen (is: I. F. de Haan) in Breda heeft al zeven poëziebundels op zijn naam staan, maar erg bekend werd hij in bredere kring niet. Hij werd in mei jl. 70, maar al in 1950 verscheen zijn "Wrakhout en Schuim", later gevolgd door onder meer "Jaar en dag", "De koopman en zijn tijd" en in 1986 de verzamelbundel "Veraf is alles mooi". Nu bracht uitg. De Schans (is: Evert Kuijt) in Werkendam voor hem de elegische gedichten "Winterlicht" uit, als een eerbetoon aan de dichter op zijn verjaardag. Anne Schipper voorzag de bundel van een hoogdravende inleiding over de poëtica van Daen, waarbij hij ook J. H. Leopold en Joseph Brodsky laat opdraven en waarbij Daen vooral als koopmandichter wordt geanalyseerd. Maar hij is ook romanschrijver, die in 1962 debuteerde met het enigszins autobiografische "Het antwoord is al gegeven".

Elegische zangen

Daén is, zo meldt Schipper, gereformeerd, oud-redacteur van "Ontmoeting", lid van Schrijverskontakt èn van Schrijvenderwijs. "Winterlicht" bestaat uit de gelijknamige cyclus van tien elegische 'canti' met pro- en epiloog, de korte gedichten "Campina" (Latijn voor de Kempen) en "Twee Balladen": een "Ballade in grijs en blauw" en "Praxis Pietatis (de praktijk der godzaligheid of der vroomheid). Beide balladen missen als slotvers een "envooi" of "Prince". Van wie de aantekeningen achterin zijn, wordt niet vermeld.

Daens bundel is geen simpele rijmelarij, met name niet in de elegieën. Maar wie worstelt met zijn vers-taal, kan veel genieten. Daarbij kan men gerust de inleiding overslaan, omdat die het zicht op de dichter eerder verduistert dan verheldert. Trouwens, ik vraag me af of Daen zelf met dit opgeklopte gedoe zo content is. Een voorbeeld. Anne Schipper betoogt: „Literaire vriendschappen zijn voor (de ontwikkeling van) het dichterschap van Frank Daen van grote betekenis geweest". En dan verwacht je een stoet van grote namen en aantoonbare beïnvloedingen. Maar verder dan Cees Ouboter, de belangrijker Kees Rijnsdorp en vele jaren later Hans Werkman reikt het hjstje niet. Tsja... De bundel is een mooie, genaaid gebrocheerde uitgave van 56 blz.

Bij harp en lied

De dichteres Francina Hinlopen is bij menigeen meer bekend als harpiste. Zij studeerde destijds bij Rosa Spier en Anthon van der Horst en componeerde ook veel kerkmuziek. Maar ze schreef ook eenvoudige christelijke gedichten, die nu in eigen beheer als "Nieuw Zicht" in tweede druk verschenen. De produktie ervan geschiedde mede door de Vlaamse Kofsthip-medewerkers Edith Oeyen en André Polfliet. "Nieuw Zicht" (42 blz., illustraties van Klasina Hinlopen, 10 gld.) is verkrijgbaar bij de dichteres, Diependaalselaan 273 te Hilversum, en bij evangelische boekhandels. Het zijn voor een deel verzen uit de oude doos, gezien een sonnet "Te off'ren in den prillen, hchten morgen" en ander archaïsch taalgebruik, zoals „de zephyrwinden" en „het wereldhart". voorspelbaar en goed bedoeld, maar weinig verrassend.

In „De Gids" heet het bij voorbeeld: „De Bijbel gaat ons lichtend voor,/ wij hoeven niets te wagen,/ wie hiernaar leeft, gaat niet te loor,/ maar zal straks d'eerkroon dragen!" Een corrector had heel wat overbodige leestekens kunnen schrappen. Het kralensnoer is geen rozenkrans, want veel onderlinge samenhang is er in de bundel niet. Het

De Bijbel en de natuur zijn Hinlopens inspiratiebronnen, net zo goed het Spreukenboek als Exodus, evenzeer de bruiloft te Kana als de zomer, de zonnige morgen, een eenzame bloem of "O land van de wazige zon/ en de wolkige hemel zo dicht,/ maar soms is die waas overwon-/nen door stralen van leven en licht". Ik heb een oude concertzanger in Muiden dit lied horen zingen, terwijl Francina de snaren beroerde. Toen klonk het mooier dan nu ik het vers herlees. De teksten zijn voor een deel meer liederen dan gedichten en daarnaast grijpt Hinlopen vooral naar de haar vertrouwde sonnetvorm. Ze levert ook in opdracht: "Immanuel" schreef ze voor de rk-kerk in Blaricum. En het wereldnieuws wordt ook vertolkt, in gedichten over de Challenger-ramp te Cape Canaveral, de staat Israël en de 'top' van Reagan en Gorbatsjov. Maar Francina Hinlopen kan, indien nodig, beter haar dichterschap dan haar harp aan de wilgen hangen!

Laaglandse boodschap

De Vlaamse kunstschilder Ludo Laagland (schuilnaam?) uit Zichem is, lijkt mij, nog nauwelijks tot het Noorden doorgedrongen. Laat staan dat we hier weet hebben van zijn andere 'vak', het dichterschap. "In Gods greep" heet zijn zojuist bij Kok verschenen bundel gedichten (48 blz., illustraties van de auteur, 10,90 gld.). Daar staan enkele opmerkelijke verzen in, niet vanwege het vrij zwakke poëtische vermogen, maar om de klare boodschap.

Zoals in "God kust me op de ene wang,/ de duivel op de ander'./ Zo lopen wij ons leven lang/ gedrieën naast elkander". Of in "Vreemd gebed", waarin hij God vraagt om hem doof en blind te maken opdat hij zijn begeerten niet vervuld ziet en als man weef kind mag worden. Ook zijn 'berijming' van het "Onze Vader", zijn "Er leefde eens, heel lang geleden,/ in 't dorpje Nazareth een kind (...)", zijn kerstgedichten "Van hier naar Ginder" en "Kerstmis" en zijn Tien Geboden, door God aan Mozes gegeven, èn de satanische variant daarop, vond ik zeker de moeite waard: herkenbaar en zonder veel vrome stoplappen.

Lof- en dankzegging

Dat laatste kan ik van "Als kralen aan een snoer" van Barend van Olreim (die in werkelijkheid dus Van Mierlo heet) niet zeggen. Zijn geïllustreerde bundeltje van 45 blz. verscheen nu bij de Harderwijker Drukkerij & Uitgeverij, maar ontstond blijkens de opdracht al in de winter van 1982-'83. Het zijn pastorale versjes, die meestal prima rijmen en die juist door rijmdwang en dreunend metrum zich onderscheiden van het betere bijbelse gedicht. Het is allemaal erg % Frank Daen (I. F. de Haan) achterop zijn bundel "Winterlicht", die verscheen bij zijn 70e verjaardag. zijn eerder evangelische vermaningen en opwekkingen, dankzeggingen en lofprijzingen. Wie ze zó wil lezen, kan hier dertig verzen vinden van geloof en troost, van zekerheid en bemoediging. Ze zijn bedoeld „tot eer van Gods Naam en tot zegen voor ieder die ze leest". Maar men moet niet zo snel de Naam willen lofprijzen op nogal taalarmoedige wijze!

Kruis als wapen

Dat geldt minder van Miny van Scherrenburgs bundeltje "Sering ik dank je", met zwart-wit foto's van Herman van Scherrenburg, 39 blz., een uitgave van Meijer & Siegers in Oosterbeek. Miny, moeder van vier kinderen en zakenvrouw, verloor haar man, maar vond tijd om 'stukjes' en verzen te schrijven. Ze komt daarin soms tot verrassende vondsten, zoals in "O God", waarin zij uitroept "O God, wat moet het vreselijk wezen/ om God te zijn", omdat elke dag Zijn kinderen weer lelijke dingen tegen Hem zeggen en Hem vloeken en bespotten. Miny vindt het al erg als één kind van haar één keer tegen haar zou zeggen: U bent gemeen, u hebt ons niet lief. Maar wat moet, met eerbied gesproken. God dagelijks niet van Zijn schepselen aanhoren!

Verzen als "De hel", "Als een slaaf", "De Christusdoorn", "Wij zijn geen schapen", "Dies Irae, Dies lila": het zijn geen gedichten die direct de wereldliteratuur verrijken, maar ze zijn soms tóch een beetje oorspronkelijk, al ontsieren af en toe clichés een verder mooi vers. Naast de Schrift is ook de natuur inspirerend. Maar ook de oorlog, in verzen als "Soldaat", "Jongens op de Grebbeberg" en "Belijdenis" („... je hebt geen ander wapen/ dan het kruis, kind". De gedichten over het verlies van haar man zijn van grote zeggingskracht en als ze kundig begeleid wordt, zou men van Miny van Scherrenburg graag nog andere verzen zien. Haar titelgedicht "Sering ik dank je" was niet 't sterkste!

Gedicht in handschrift en illustratie van Ludo Laagland in zijn bundel "In Gods greep". "Lijk" betekent hier: gelijk of zoals. "Pallieter" is de bekendste roman van Felix Timmermans uit Lier.

AAA-e..^ (ny-o- »JX)UUL

%0t oW^
AJUJL. WJIOUKÏ^. ö>OoOuUL

XihX^(L
'CIL^V^AJO'S.JO-^

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 16 december 1988

Reformatorisch Dagblad | 26 Pagina's

Bloemlezingen en nieuwe bundels poëzie, maar bijna geen oorspronkelijke nieuwe kerstgedichten

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 16 december 1988

Reformatorisch Dagblad | 26 Pagina's

PDF Bekijken