Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Europa's zinkputje moet schoon

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Europa's zinkputje moet schoon

Smit-Kroes roept bedrijfsleven bij vervuilde waterbodems

6 minuten leestijd

DEN HAAG - Hoe reëel is het gisteren in Den Haag aan Rijkswaterstaat aangeboden plan om de ernstig vervuilde waterbodems van Hollands Diep, Haringvliet en Biesbosch serieus aan te gaan pakken? Wie de toespraken van minister Smit-Kroes in de afgelopen jaren heeft gevolgd wanneer zij grote weg- of waterbouwkundige projecten bezocht weet dat haar woordenschat bij die gelegenheden beperkt is. Ze kent louter superlatieven als het gaat over de ervaring en het vakmanschap van de Nederlandse weg- en waterbouw. Natuurlijk, we hebben in Europa en daarbuiten op dit gebied een stand op te houden. Geen zee te hoog, geen brug te ver, geen waterbodem te vies.

Vandaar dat ze ook in het geval van de vervuilde waterbodems het bedrijfsleven te hulp riep om het probleem te lijf te kunnen gaan. Er lopen tenslotte beloften, ooit vastgelegd in een rapport "Vervuilde waterbodems". „Een prijsvraag, maar dan zonder prijzen", noemde ir. S. A. van der Hout, directeur van de baggerdivisie van de Hollandse Beton Groep de vraag van de minister. Hij bood het rapport aan aan ir. G. Blom, directeurgeneraal van Rijkswaterstaat, die zijn hoogste baas -Smit-Kroes had een kamerzitting- verving. Regeren is behalve vooruitzien soms ook afzien.

Opmerkelijk is dat sprekers bij gelegenheden als deze zich alleen .bedienen van optimistisch taalgebruik. Alsof het afgesproken is. En dat is het ook. „Een stapje op weg naar een schone toekomst, vooruitlopend op volledige sanering aan de bron", zo zei Van der Hout het. Want we praten natuurlijk wel over waterbodemsanering in een tijd waarin het maken van bindende afspraken over tal van lozingen op de Rijn nog steeds tot de onmogelijkheden lijkt te horen. Wat er op dit gebied ook tot stand is gebracht, het gaat allemaal even moeizaam.

Het slib waaraan Nederland menselijkerwijs het bestaan te danken heeft is volgens ir. Blom nu een van onze grootste problemen geworden. ..Onze geografische ligging geeft aan dat wij zo"n beetje als het zinkputje van Europa kunnen worden beschouwd". Voorwaar een twijfelachtige eer.

Moerdijkbruggen

Het plan waar het om gaat bestaat uit twee delen en is ontwikkeld door VOW, Van Oord Werkendam bv en het ingenieursbureau Witteveen & Bos in Deventer. Het eerste deel van het plan behelst het maken van een slibvangput bovenstrooms van de Moerdijkbruggen. Die put moet een belangrijk deel van het aangevoerde slib gaan afvangen.

De slibopvang is een verdieping van de rivierbodem die over een oppervlakte van 270 hectare (huidige diepte .S of A meter) wordt uitgebaggerd tot dejiarde kleilaag op 15 meter diepte. In de slibvang is, zo hebben proeven van het Waterioopkundig Laboratorium en vergelijkbare Amerikaanse proefnemingen uitgewezen, afzetting van slib mogelijk tot 30 of 40 procent van wat er langsstroomt. Op jaarbasis gaat het om 1 miljoen kubieke meter.

Omdat er nu in het water een bijna constant proces van opwoeien en bezinken gaande is, moet er steeds meer worden gebaggerd om de vaarweg op diepte te houden. Het opwoeien en baggeren is vanaf begin jaren zeventig versterkt door" de aanleg van de Haringvlietsluizen en heeft een erg slechte invloed op de waterkwaliteit van de benedenloop van Rijn en Maas. hier al Merwede. De capaciteit van de slibvang is 20 miljoen kubieke meter en zal dus twee decennia meekunnen als hij niet tussentijds wordt leeggebaggerd.

Zalm

Het tweede deel van het plan omvat de aanleg van twee omdijkte bergingslocaties voor verontreinigd baggerslib nabij Willemstad. Buiten de vaarweg zal daar een geïsoleerde stortplaats worden aangelegd voor 10 miljoen kubieke meter zwaar verontreinigd slib (Klasse 4, giftig slib) en een depot om 25 miljoen kubieke meter in te bergen van een lichtere verontreinigingsgraad (Klasse 2 en .3. licht verontreinigd slib).

Slib uit de stroomopwaarts gelegen slibvang kan ook worden gedeponeerd in een van de beide stortplaatsen. De capaciteit van de beide depots is volgens berekeningen voldoende voor vrijwel al het slib uit de regio en zou onder andere de oplossing moeten bieden om de zwaar verontreinigde Biesbosch schoon te maken, voor zover dat al mogelijk is zolang de problemen aan de bron nog bestaan.

Pessimisten zeggen dat het er niet naar uitziet dat die de komende twintig jaar minder zullen worden maar Smit-Kroes wil rond de eeuwwisseling zalm uit de Rijn peuzelen. Dat een schoonmaakbeurt voor de Biesbosch geen overtollige luxe is blijkt uit het feit dat de broedresuitaton van watervogels daar zeer aanzienlijk achterblijven bij die van de soortgenoten elders, op minder verontreinigde plaatsen in ons land.

Afdekken

Het is de bedoeling de depots, wanneer ze vol zijn, af te dekken met een laag schone klei die vervolgens met riet en biezen beplant kan worden om, net boven het water uitstekend, als broedplaats of recreatieplek dienst te gaan doen. Gezien de ervaringen met giftig rivierslib op andere plaatsen in ons land lijkt de laatste optie wat al te optimistisch.

De kosten van de plannen kunnen, zo zeggen de makers, worden gedekt uit de opbrengst van de zandwinning. In de komende 12 jaar zouden de benodigde miljoenen kunnen worden geïnd door de verkoop van circa 37 miljoen kubieke meter zand. Wat betreft de planning in tijd denken de plannenmakers nog twee jaar nodig te hebben voor verdere studie. Die tijd is ook noodzakelijk voor inspraakprocedures en de verplichte Milieu Effect Rapportage (MER). Voor de aanleg een feit is, is er nog zo'n periode verstreken zodat do slibvang over een jaar of vier zijn werk zou kunnen gaan doen.

Vanwege de grote oppervlakte kunnen dit soort oplossingen op niet al te veel plaatsen in ons land worden toegepast. De makers van het rapport zien voor de toekomst wel mogelijkheden voor de monding van de IJsscl. het kotclnicci. en elders in de wereld.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 maart 1989

Reformatorisch Dagblad | 32 Pagina's

Europa's zinkputje moet schoon

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 maart 1989

Reformatorisch Dagblad | 32 Pagina's

PDF Bekijken