Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Ongelijke strijd tussen natuur en recreatie Grevelingengebied nog lang niet uitgeraasd

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Ongelijke strijd tussen natuur en recreatie Grevelingengebied nog lang niet uitgeraasd

"Een vogeltje meer of minder, dat ziet men niet"

9 minuten leestijd

BROUWERSHAVEN/BRUINISSE - De Grevelingen is "een van de Deltawateren in Zuidwest-Nederland. In het kader van de Deltawerken is in 1965 de Grevelingendam en in 1972 de Brouwersdam aangelegd. Tot 1971 was dit gebied een zeearm met eb en vloed, schorren, slikken en zandplaten. Door deze afsluiting van de ene op de andere dag veranderde de situatie van drie a vier meter getijverschil in een vast peil van ongeveer 0,20 meter Nieuw Amsterdams Peil (NAP). Van dit 11.000 hectare grote zoutwatermeer is 7000 hectare bevaarbaar. Bijna 3000 hectare viel voorgoed droog. Het gebied heeft een belangrijke natuurfunctie. De gunstige ligging ten opzichte van de grote steden brengt echter een grootschalige recreatie-ontwikkeling met zich mee. In het algemeen botsen natuur en recreatie nogal eens met elkaar. Bovendien spelen ook de belangen van de beroepsvisserij een rol.

Om dit gebied goed te beheren is er, bij het sluiten van de Grevelingendam bij Bruinisse, door een Commissie Inrichting Deltawateren een inrichtingsschets voor de Grevelingen opgesteld. Deze schets verscheen in 1967. Dit plan vertoonde de trend van die tijd: de recreatie voerde de boventoon en de natuur kwam onder druk te staan. Bij de afsluiting van de Grevelingen in 1971 zou op basis van dit plan de inrichting van het Grevelingengebied ter hand genomen worden. Mede onder invloed van de in de jaren zeventig sterk gegroeide maatschappelijke steun voor de natuurbescherming is dit plan nooit gehanteerd bij de werkelijke inrichting van dit gebied. In 1975 presenteerde de Werkgroep Herziening Inrichtingsschets Grevelingenbekken de nieuwe inrichtingsschets Grevelingen (NISG).
Deze schets is in 1977 door de ministerraad vastgesteld. Om het gebied goed te beheren is het Natuuren Recreatieschap de Grevelingen ingesteld. Sinds 1981 wordt het Grevelingengebied officieus en vanaf 1986 officieel door dit schap bestuurd. Dit rechtspersoonlijkheid bezittende lichaam wordt gevormd door het Rijk, 
de provincies Zeeland en Zuid-Holland en de tien gemeenten op Schouwen-Duiveland en Goeree-Overflakkee.
Aan de Rijksdienst voor de IJsselmeerpolders (RIJP), die al vanaf 1940 bij de inrichting van diverse drooggevallen gebieden betrokken was, werd de inrichting van de Grevelingen opgedragen. Het beheer wordt uitgevoerd door Staatsbosbeheer.

Hoofdfuncties

Het gebied heeft twee hoofdfuncties gekregen: natuur en recreatie. Omdat natuur en recreatie niet altijd goed samengaan, is er voor een zonering gekozen. De inrichting en het beheer van de Grevelingen is erop gericht om het natuurgedeelte rustig te houden en de recreatieve activiteiten zoveel mogelijk te concentreren in de recreatiezones. Deze liggen nabij de beide afsluitdammen en zijn daardoor makkelijk bereikbaar voor recreanten. Voor de watersport gaat dit niet helemaal op. Het gehele bevaarbare deel van de Grevelingen wordt als vaargebied benut.
Hierin worden rustige en drukke delen onderscheiden. Het middendeel van de Grevelingen kreeg de hoofdfunctie natuur toegewezen. 
Er is echter niet gekozen voor een strikte scheiding van beide functies maar voor een zekere verweving. In de natuurgebieden is een beperkt recreatief medegebruik toelaatbaar, mits het de natuur niet schaadt.
Het schap heeft in 1986, op grond van de ontwikkelingen in de voorgaande jaren, een evaluatienota nieuwe inrichtingsschets Grevelingen samengesteld.
Hierop zijn ongeveer twintig reacties binnengekomen van zowel deelnemers aan de gemeenschappelijke regeling als belangstellenden. Deze reacties zijn verwerkt in de antwoordnota. De antwoorden in deze nota komen soms tegemoet aan de zienswijzen van een bepaalde cluster reacties, soms aan de zienswijze van een andere cluster. In veel gevallen hebben ze meer het karakter van een compromis.

Deze antwoordnota heeft geresulteerd in een overzicht van beleidsvoornemens. De antwoordnota, het overzicht van beleidsvoornemens en een beleidskaart zijn door de raad van bestuur vastgesteld in november 1988. Deze zijn tot en met 1992 bepalend voor de uitvoering van de verdere inrichting. In het overzicht van beleidsvoornemens wordt nog eens benadrukt dat het behoud, de versterking en de ontwikkeling van de natuur- en recreatiefunctie van het schapsgebied in de eerste plaats zullen worden bevorderd. Aan het ontwikkelen van andere functies wordt medewerking verleend indien na afweging blijkt dat dit met het oog op de genoemde hoofdfuncties aanvaardbaar is.

Tot die andere functies behoort ook de beroepsvisserij. Bruinisse en Goedereede zijn allebei visserijgemeenten binnen het schapgebied. C. J. van Liere is wethouder van visserijzaken, recreatie en toerisme van Bruinisse. Hij vertelt dat Bruinisse samen met Goedereede gereageerd heeft op die evalutienota, gezien het feit dat het schap aan natuur en recreatie de hoogste prioriteit toekent. „Toen hebben we gezegd: Wij vinden toch wel dat de beroepsvisserij geen ondergeschikte functie in de Grevelingen mag vervullen, gezien ook de verkregen rechten in het verleden". Door de Deltawerken is het aantal mosselpercelen steeds kleiner geworden.
In Bruinisse is toen een aantal mosselkwekers overgeschakeld op de palingvisserij. „Op dat moment had je praktisch geen recreatie en was er ook nog geen sprake van het Natuuren Recreatieschap de Grevelingen. Men heeft die mensen toen bepaalde beloften gedaan in de zin van: jullie kunnen daar de palingvisserij uitoefenen", aldus Van Liere. Deze vissers hebben zich verenigd in de palingvissersvereniging "De Grevelingen".
Per saldo zijn er toch nogal wat vissers van het toneel verdwenen. „Op de Grevelingen waren vroeger 300 mosselpercelen, waarvan het grootste gedeelte behoorde aan kwekers uit Bru(inisse)", aldus Van Liere. In het kader van de waterstaatkundige werken kon dit echter niet anders, zo stelt hij nuchter vast. „In algemene zin was men in de visserij sowieso niet blij met die waterstaatkundige werken, want elk werk dat tot stand kwam, betekende een vermindering van het aantal mosselpercelen".
„Toch is er een aantal aspecten", zegt Van Liere, „waarom we aardig blij*zijn met het Natuur- en Recreatieschap de Grevelingen". Hij zet nu even de pet op van recreatiewethouder: „Bruinisse is een gemeente die onmiddellijk grenst aan de Grevelingen, met een aantal dagrecreatieterreinen. 
Aqua Delta is mede tot stand gekomen door het Grevelingenschap. Bovendien zijn wij een watersportgemeente. Wij vinden ook dat er op dit moment sprake is van een zeker evenwicht. Als je hier op de Grevelingen met die 14.000 hectare komt, dan zeg je: Er is nog geen enkel probleem. Het water is schoon omdat er rond de Grevelingen geen enkele vervuiling plaatsvindt. Er is geen industrie, dus ook geen lozing van industriewater", aldus Van Liere.
Bruinisse heeft twee jachthavens: de jachthaven van Aqua Delta, een commerciële haven met 700 a 800 boten, en de haven van de watersportvereniging Bru, met 200 a 250 schepen. De watersport is een grote pijler in het beleid van het schap. Bruinisse stimuleert dat ook? Van Liere: „Nou ja, laten we eerlijk zijn. Bruinisse heeft de op een na drukste jachtsluis van Nederland. Door de Grevelingensluis komen elk jaar 45.000 jachten. Dat is natuurlijk voor onze middenstand wel belangrijk. Die mensen komen het dorp binnen; die besteden dus ook. Er moet wel een redelijk evenwicht zijn. Het moet niet zo zijn dat je zegt: Het is zo niet meer leefbaar".
In financieel opzicht is de, watersport voor de gemeente zélf ook een belangrijke bron van inkomsten. Van Liere: „In de eerste plaats een watersportbelasting voor vaste-ligplaatshouders. Maar daarnaast hebben we de laatste twee jaar ook een watersport-toeristenbelasting voor passanten. Van iemand die hier met z'n bootje op Aqua Delta overnacht, vangen we ook geld. Financieel is dat voor de gemeente Bruinisse aantrekkelijk". Van Liere kan zich voorstellen dat plattelandsgemeenten op een aantal punten minder betrokken zijn bij het beleid van het schap. „Er wordt in het kader van de begroting van het Grevelingenschap wel eens een stukje opgevoerd voor promotie. Dan zijn er gemeenten die niet gelegen zijn aan het Grevelingenmeer die zeggen: Die promotie is voor ons niet nodig. Hier ligt dit belang natuurlijk wat genuanceerder. Wij hebben wel degelijk belang bij een stukje promotie van het Grevelingenschap".

Natuur

Iemand die ook een duidelijke visie heeft op de ontwikkelingen in het Grevelingengebied is P. van der Meide, raadslid van de GPV/SGP/RPFfractie van de gemeente Brouwershaven. Als enige politieke partij heeft de GPV-afdeling Brouwershaven gereageerd op de evaluatienota in 1986. Ruim de helft van de Grevelingen behport tot het grondgebied van Brouwershaven.
Daar moest een bestemmingsplan voor worden opgesteld en vanuit die optiek is Van der Meide er vrij nauw bij betrokken geweest. „Omdat ik vind dat de Grevelingen een waardevol gebied is, waar de natuur en de natuurontwikkeling een reële plaats moeten krijgen". Hij onderschrijft dan ook volledig de evaluatienota, waarin staat dat de recreatie aan de Grevelingendam en de Brouwersdam geconcentreerd moet worden. „Het middengebied, het stille gebied, houd dat voor de natuur. Dan kun je zowel de natuur als de recreatie voldoende tot zijn recht laten komen en daar een toegevoegde waarde aan geven. Het moeilijkste voor de mensen is, zeg ik wel eens, niets te doen. We willen wel altijd wat doen", aldus Van der Meide.
Hij vertelt dat de gemeente Brouwershaven, en ook het schap, bij de Veermansplaat, de Stampersplaat en Dwars-in-de-Weg aanlegsteigers willen bouwen. Daar mag je dan maximaal drie dagen blijven liggen. „Ik zeg: Doe dat nu niet want daardoor vernietig je eigenlijk de waarde van de Grevelingen als natuurgebied. Want al die omliggende gebieden worden intensief gebruikt voor landbouw en veeteelt. De natuur krijgt daar te weinig ruimte. De vogels hebben een uitwijkmogelijkheid om hier te broeden, rust te vinden. Nou, houd dat rustig, zeil eromheen".
Het Grevelingenschap biedt op korte termijn ruimte tot een totaal van 4400 vaste ligplaatsen in jachthavens. Dit betekent een toename van 1800 ligplaatsen ten opzichte van het huidige bestand. „Wat ik altijd een probleem vind bij dit soort plannen", aldus Van der Meide, „is dat men uitgaat van de recreatiebehoefte. Dankomt de natuur in verdrukking. Het probleem is dat daar geen economische waarde aan vastzit. Kijk, een vogeltje meer of minder, dat ziet men niet. Maar de opbrengst van de jachthavens, toeristenbelasting, dat zijn harde guldens, die tellen. Dat is de ongelijke strijd die het milieu altijd moet voeren en tot op heden altijd heeft verloren".
Van der Meide vindt het dan ook een gemiste kans dat de andere politieke partijen niet gereageerd hebben. „Als christelijke partij moet je de schepping verantwoord beheren, gebruiken maar niet misbruiken. Tot op heden is het zo dat de natuur veel misbruikt is door kortzichtig, economisch belang. Men stort zich op geld verdienen en men laat zich niet gelegen liggen aan de desastreuze gevolgen".




Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 2 augustus 1989

Reformatorisch Dagblad | 18 Pagina's

Ongelijke strijd tussen natuur en recreatie Grevelingengebied nog lang niet uitgeraasd

Bekijk de hele uitgave van woensdag 2 augustus 1989

Reformatorisch Dagblad | 18 Pagina's

PDF Bekijken