Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

In gesprek met chirurg M. A. Verschuyl in Delft, die na 25 iaar afscheid neemt

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

In gesprek met chirurg M. A. Verschuyl in Delft, die na 25 iaar afscheid neemt

6 minuten leestijd

DELFT — „„De komende hoop, de blijvende troost, de vertrekkende zegen". Dat stond boven een van de deuren in bet oude Bethelziekenhuis aan het Bagijnhof, hier tegenover". Aan het woord is dokter Verschuyl, zoals hij in Delft en omstreken bekend staat. Hij is 25 jaar werkzaam geweest als chirurg; eerst bij het eerdergenoemde Bethelziekenhuis, later —toen de drie Delftse ziekenhuizen gingen samenwerken— bij het Reinier de Graaf Gasthuis. Op 4 september neemt dr. M. A. Verschuyl afscheid van zijn patiënten tijdens een receptie in het Stadhuis te Delft.

„Als kind kwam ik al heel vaak in dat oude Bethelziekenhuis. Ik speelde daar, omdat mijn vader daar werkte. Die tekst is me altijd bijgebleven, ondanks het feit dat die allang is verdwenen, evenals het hele oude Bethel trouwens. In dat oude ziekenhuis hingen ook veel bijbelteksten aan de muren. Tja, mijn vader — ik herinner me hem eigenlijk alleen als een man die dag en nacht keihard werkte. Ook chirurg. In 1937 nam hij de praktijk over van dokter De Walle".
„Ik ben zelf trouwens niet in Delft geboren, maar in het Zeeuwse Goes, waar mijn vader samen met mijn moeder enige tijd gestationeerd was. Hij nam daar de praktijk waar van dr. Huessen, een roemrucht man in die tijd. Die ging regelmatig op jacht in Afrika en tussendoor —als een soort prille ontwikkelingshulp— opereerde hij".

Vanzelfsprekend"

De kamer in het grachtenhuis aan de Oude Delft is ruim en vooral hoog. Een mooie binnenstadstuin met bloeiende planten strekt zich achter de ramen uit. „Toen mijn vader in Zeeland werkte, kwam hij toch wel eens voor gekke situaties te staan. Opereren bij voorbeeld, deed-ie bij de huisarts ter plekke aan huis. De mensen waren vaak niet bereid om van het eiland af te komen om zich in een ziekenhuis op het vasteland te laten behandelen".
„Hoe ik ertoe gekomen ben om chirurg te worden? Dat is eigenlijk heel vanzelfsprekend geweest. Mijn vader heeft daar trouwens nooit op aangedrongen. Gezien de tijd die hij met zijn beroep bezig was —altijd eigenlijk; 't gebeurde wel dat, als wij een enkele keer een dagje met hem uit gingen naar familie in Hollandse Rading, hij bij aankomst daar te horen kreeg dat er gebeld was en dan gingen we weer snel retour Delft- kon je toch ook niet zeggen dat dat nou zo'n aantrekkelijke kant van het beroep was. Maar nee, getwijfeld erover heb ik nooit".
„Om nog even op mijn vader terug te komen: Hij had het heel erg druk, maar toch heb ik nooit het idee gehad dat ik daardoor iets tekort kwam. Hij kon soms een half uurtje met je praten, maar dan met alle aandacht; dat was genoeg. Tijd is een relatief begrip, hoor".

„Luxe waanzin"

Dokter Verschuyl stopt per 1 september met zijn chirurgiepraktijk. Hij gaat met ingang van die datum werken bij het Gemeenschappelijk Administratiekantoor (GAK) in Rotterdam, als adviseur. „Daar vragen ze ervaren chirurgen voor; opereren zelf doe ik dan niet meer, het wordt daar vooral veel met mensen praten. Dat is iets wat ik altijd heel belangrijk heb gevonden: de mens in de patiënt. Hoe mooi het opereren op zich ook kan zijn, technisch gesproken dan. Trouwens, het soort operaties verandert ook. Tegenwoordig worden er regelmatig welvaartsoperaties uitgevoerd; als in de Libelle een bepaald artikel heeft gestaan, dan moet er geopereerd worden om bepaalde lichaamsdelen van vorm te wijzigen, luxe waanzin in feite. Daar zet je zo je vraagtekens bij, zeker als je je realiseert wat er op andere plekken in de wereld aan de hand is".

Verschuyl is de initiatiefnemer van de stichting Orion. Deze stichting biedt hulp in ontwikkelingslanden. Daartoe zamelt men geld en goederen in en diverse malen per jaar worden containers met medische en andere apparatuur naar -vooral- Ghana gestuurd. Vooral verouderde of overcomplete medische apparatuur uit Nederlandse ziekenhuizen is vaak een nieuw leven begonnen in de Derde Wereld, dank zij Orion. „Daar hoop ik nu ook wat meer tijd voor te krijgen. dank zij die nieuwe baan", vervolgt Verschuyl. „Dat is heel zinnig werk; daar worden echt alleen de heel acute operaties verricht. Met een liesbreuk kun je best wel doorlopen, nietwaar? Daar ga je geen operatie voor doen".

Verarmd

„Ja, in Afrika heb ik veel geleerd. Ik ben er diverse keren geweest; ondanks de materiële armoede waarin die mensen vaak leven, is daar een veel grotere rijkdom aan menselijke waarden en zo. Hier in de 'beschaafde' westerse wereld is dat toch -door alle technische ontwikkelingen- erg verarmd. Als je ziet hoe gastvrij die mensen in Afrika zijn, hoe ze van hun schamele bezit nog bereid zijn te delen, dan is dat toch zó mooi".
„Weet je, er zijn een paar redenen waarom ik nu stop. Eén is die baan, waar ik voor gevraagd ben. Punt twee is de ontwikkeling van de laatste jaren in de gezondheidszorg. Dat kraptemodel, die politieke druk om steeds verder te snoeien. Het stuit me echt tegen de borst te moeten zien hoe patiënten binnenkomen, vrijwel linea recta op de operatietafel worden gedeponeerd en als ze maar ternauwernood een been buiten bed kunnen laten bungelen, worden ze weer naar huis gestuurd. En die verpleegkundigen, ze hebben groot gelijk met die eis van 5 procent; als het aan mij lag, kregen ze er 10. Dat verdienen ze écht".
„Al met al dreigt de gezondheidszorg een bureaucratische puinhoop te worden. Patiënten die vroeger met min of meer dezelfde kwalen op een zaal of afdeling lagen, liggen nu her en der door de gebouwen. Het is een kwestie geworden van lege bedden vullen. Dat werkt ook fouten in de hand, vanzelf'.

Antieke blaassteen

Dokter Verschuyl vertelt hoe belangrijk hij de geschiedenis vindt voor ieder mens. „We zijn toch allemaal schakeltjes in die lange ketting. Al die mensen die vóór ons geleefd hebben, bekenden en veel meer onbekenden, hebben toch hun steentje bijgedragen aan de ontwikkeling. Hier, ik zal je wat laten zien". Dokter Verschuyl haalt een ovaal doosje tevoorschijn met daarin een onvervalste blaassteen. De vorm van de blaas is onmiskenbaar aanwezig. „Zie je dat? Die steen is in 1621 verwijderd uit het lichaam van de vrouw yan de bewindvoerder van de Verenigde Oost-Indische Compagnie in Zeeland. Een chirurgijn heeft in die tijd met de instrumenten van toen en zender narcose deze operatie verricht. De operatie is geslaagd en de vrouw heeft nog jaren geleefd".

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 augustus 1989

Reformatorisch Dagblad | 18 Pagina's

In gesprek met chirurg M. A. Verschuyl in Delft, die na 25 iaar afscheid neemt

Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 augustus 1989

Reformatorisch Dagblad | 18 Pagina's

PDF Bekijken