Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Cuba's grootste geldgever gaat wat meer op de kleintjes letten

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Cuba's grootste geldgever gaat wat meer op de kleintjes letten

Moskou bouwt hulp aan 'bodemloze put' geleidelijk af

6 minuten leestijd Arcering uitzetten

MOSKOU - „Waarom moeten we maar doorgaan met het financieren van Cuba nu steeds duidelijker blijkt dat ons goede geld, dat we zelf ook zo hard nodig hebben, daar in een bodemloze put verdwijnt en Fidel Castro nog maar weinig aanstalten maakt om hervormingen uit te voeren?"

Dat is een vraag die de laatste tijd steeds vaker valt te horen in Moskou. Volgens de meeste schattingen kost de hulp aan Cuba Moskou jaarlijks 5 miljard dollar (volgens de CIA zelfs 8 miljard). Nauwkeuriger gegevens zijn niet bekend, ook niet bij de Russische pers. Het ministerie van buitenlandse zaken in Moskou houdt de diverse hulpbedragen die de verschillende buitenlandse bondgenoten ontvangen angstvallig geheim.

Wel is bekend dat op de begroting voor 1990 een bedrag van 26,4 miljard roebel is gereserveerd voor „financiering van de buitenlandse handel, uitgaven voor staats-, banken commerciële handelingen, de verlening van belangeloze hulp aan andere landen en andere uitgaven met betrekking tot het buitenland". En dat op een totale begroting van 200,9 miljard roebel!

Helaas is deze begrotingspost niet verder uitgesplitst, maar het blijkt dat, hoewel de Sowjet-Unie zich geleidelijk terugtrekt uit buitenlandse avonturen, het onderhoud van de restjes imperium toch nog heel wat geld kost.

Van alle landen die steun ontvangen is Cuba wel zo ongeveer Moskous duurste klant, hoewel ook Afghanistan nog steeds erg duur is (overige landen die veel hulp krijgen zijn Angola, Cambodja, Ethiopië, Nicaragua en Vietnam). Veel gegevens over de omvang van de handel met en hulp aan Castro's rijkje zijn, zoals reeds gezegd, nog verborgen achter een waas van geheimhouding, maar de journalist Joeri Kornilov van "Ogonjok" zette onlangs eens op een rijtje wat er zoal omgaat aan handel en steun tussen de Sowjet-Unie en Cuba.

Niet geheel eenrichting
Moskou levert veel meer aan Cuba dan andersom, dat staat vast Het is echter niet volledig eenrich tingsverkeer. De Sowjet-Unie heeft toch ook aanzienlijke belangen bij de handel met Cuba. Vanuit het eiland in de Caraïbische Zee komen met name suiker, citrusvruchten en nikkel. Nikkel is een voor de Sowjet-Unie zeer belangrijk strategisch materiaal, dat toepassing vindt in de defensiesector en in vitale delen van de economie. In eigen land wordt het niet in voldoende hoeveelheden gewonnen.

Ook de import van Cubaanse (riet)suiker is van groot belang. In eigen land zit de suikerindustrie in grote problemen en moeten de consumenten genoegen nemen met een distributie-systeem voor suiker. De Cubaanse suiker betekent daarom een broodnodige aanvulling van de eigen tekorten. Tegenwoordig voorziet Cuba in een derde van de totale Russische suikerbehoefte. Verder dekt het land meer dan 40 procent van de Russische behoefte aan citrusvruchten.

Maar hoe belangrijk ook, toch valt er steeds meer kritiek te horen op die import. Met name de prijs van Cubaanse suiker roept felle kritiek op. De Sowjet-Unie betaalt 850 omwisselbare roebels voor een ton, vier maal zo veel als de wereldmarktprijs eind 1989.

De oorzaak van deze voor de Russen ongelukkige situatie vormen de vijfjarenplannen, waarmee ook in de buitenlandse handel wordt gewerkt. Dat betekent dat als er eenmaal een contract is gesloten, de prijs dan meteen voor vijf jaar vastligt.

De huidige hoge prijs geldt voor de periode 1985-1990. Er gaan nu dan ook veel stemmen op om straks, in de herfst van 1990, als de lopende handelsovereenkomst met Havana afloopt, geen contracten voor vijf jaar meer af te sluiten en zo dicht mogelijk bij de wereldmarktprijs te gaan zitten.

Eigen produkten kwijt

Het voordeel is evenwel ook weer niet geheel aan Cuba's kant. De Russische olie en olieprodukten die naar het Caraïbische eiland gaan kosten Havana ook meer dan ze op de olieprijzen wereldmarkt doen. zijn in het midden De de jaren tachtig ook voor vijf jaar ran vastgesteld en toen lagen ze veel hoger dan nu. Bovendien kan de Sowjet-Unie in Cuba eigen produkten kwijt die door hun lage kwaliteit en verouderde uitvoering normaal op de wereldmarkt nooit aan bod zouden komen. In Cuba krijgen ze er tenminste nog geld voor.

Om een indruk te geven van de bedragen die de Sowjet-Unie op Cuba toelegt, volgen hier een paar cijfers: In 1989 betaalde het ongeveer 2,6 miljard roebel te veel voor de import van 4,3 miljoen ton Cubaanse suiker, maar Cuba betaalde op zijn beurt ook ongeveer een miljard roebel te veel voor Russische olieprodukten. Maar dan legt Moskou nog steeds 1,6 miljard roebel toe.

Men slikt nog meer van Castro. De Sowjet-Unie verleent hem ook royale handelskredieten om die importbehoeften te financieren waarin de Sowjet-Unie niet kan voorzien (voornamelijk gespecialiseerde en hoogwaardige materialen en diensten). Het valt daarbij zeer te betwijfelen of de Russen ooit iets van dat geld terug zullen zien, zo realiseert men zich in Moskou.

Verder moet de Sowjet-Unie bijna geheel opdraaien voor de transportkosten die verbonden zijn aan de wederzijdse handel. Jaarlijks wordt er meer dan 20 miljoen ton goederen over en weer verscheept. Het Sowjetministerie van scheepvaart heeft daarvoor ongeveer 300 schepen op Cuba ingezet. Dat zijn weer zoveel honderden miljoenen roebels. En dan hebben we het nog niet over de wapenleveranties gehad...

5 miljard dollar, of misschien wel 8 miljard. Dat is een enorm bedrag aan 'hulp'. De Verenigde Staten geven officieel slechts ongeveer 12,5 miljard dollar per jaar uit voor hun totale buitenlandse steun. Als je dan nog maar zeker wist dat het geld in Cuba goed besteed werd...

Vooruitgeschoven bastion

Tientallen jaren lang heeft Moskou aan die goede besteding niet getwijfeld. Cuba was een vooruitgeschoven bastion van het socialisme. in de achtertuin van het meest kapitalistische en voor de Russen meest bedreigende land ter wereld. Die Cubaanse doorn in het Amerikaanse vlees was de Sowjetleiders vroeger nog wel veel meer miljarden dollars waard. Maar nu, nu is er een tijdperk van ontspanning tussen de grootmachten.

De koude oorlog wordt niet meer zo op het scherp van de snede gevoerd, de Sowjet-Unie trekt zich steeds verder terug uit buitenlandse avonturen, in Moskou gelooft men zelf al niet meer zo in het gelijk van het oude socialisme en de Sowjet-economie zit in de problemen als eigenlijk nooit tevoren. Het zijn allemaal redenen waarom Moskou niet meer zo om dat bastion Cuba zit te springen. Het past steeds minder in het Sowjet-buitenlandse beleid.

Als er dan toch nog geld heen moet -„je keert vrienden tenslotte niet zo maar de rug toe", meent "Ogonjok"-, dan moet het geld vooral nu wél goed worden besteed. Helaas, zo vervolgt Kornilov: „...het lijdt geen twijfel dat de economie van de republiek zich thans in een fase van stagnatie bevindt. In het land is een systeem met distributie-bonnen ingevoerd en de prijzen stijgen aanmerkelijk. En dat terwijl Cuba zich voor zijn economische ontwikkelingen nog als tevoren richt op solide materiële en financiële injecties van buitenaf',

Strategie herzien

Het probleem is dat Castro de economie niet, of niet voldoende, wil hervormen en bovendien ook weinig ruimte laat voor andere hervormingen. Dat is niet naar de zin van de leiders in het Kremlin, die zelf met veel moeite proberen af te komen van het stalinistische model van staatsinrichting. Het valt dan ook te verwachten dat Cuba er in een volgende handelsovereenkomst met de Sowjet-Unie aanmerkelijk minder gunstig af zal komen.

Zoals een hoge medewerker van het Instituut voor de Wereldeconomie en Internationale Betrekkingen, een belangrijke beleidsbepalende organisatie, onlangs schreef in de Izwestia: „We moeten onze strategie van hulp grondig herzien en afzien van hulp die niet is gestoeld op economische overwegingen". Hij is zeker niet de enige in Moskouse kringen die zo denkt.

Dit artikel werd u aangeboden door: Reformatorisch Dagblad

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 5 maart 1990

Reformatorisch Dagblad | 12 Pagina's

Cuba's grootste geldgever gaat wat meer op de kleintjes letten

Bekijk de hele uitgave van maandag 5 maart 1990

Reformatorisch Dagblad | 12 Pagina's