Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Import

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Import

Echtpaar Bakker belandde na bovenhuis en flat in Friese pastorie

5 minuten leestijd Arcering uitzetten

„Hollanders", werden ze genoemd toen ze net in het Friese dorpje Ternaard woonden. Dat ging snel over. Mevrouw Bakker moet er nog om lachen, ook al is het ruim drie jaar geleden. „Het gebeurde wel dat ze me in het Nederlands een vraag stelden en dat ik dan in het Fries antwoordde. Dan keken ze raar op. Omdat mijn ouders oorspronkelijk hier uit de omgeving komen, heb ik namelijk van jongsaf Fries gesproken".

Haar echtgenoot heeft duidelijk meer moeite met de taal in zijn nieuwe woonplaats. Het verschil tussen zaterdag en zondag is hem nog niet altijd duidelijk. In het Fries verschillen die woorden namelijk nauwelijks van elkaar. En voor ongeoefende oren zijn die nuances, zelfs met de beste wil van de wereld, niet uit elkaar te houden. Overigens hebben de Bakkers het opperbest naar hun zin in het hoogste noorden van Nederland. Het grootste deel van hun huwelijk hebben ze in de stad gewoond. Een jaar of negen in Amsterdam en vervolgens twintig jaar in Wageningen. De kinderen waren de reden dat ze 's lands hoofdstad verlieten. Het gezin woonde daar in een bovenhuis, met een zeer onverdraagzame benedenbuurvrouw. Bij het minste of geringste stampte ze met een bezem tegen het plafond, en daar kreeg mevrouw Bakker het op den duur van op de zenuwen. Bovendien werden de vier kinderen groter, en die zagen ze toch ook liever niet zo'n stad opgroeien. In Wageningen huisde het gezin achtereenvolgens in een flatje en een rijtjeshuis. Dat beviel best. Het werd minder toen de vader des huizes, na een jaar ziek geweest te zijn, in '78 zonder werk kwam te zitten. Thuis was er ook niet veel te doen, omdat er in de tuin maar weinig ruimte voor zijn hobby was: tuinieren. Friesland begon toen al te trekken. Het echtpaar wachtte echter nog tot najaar '86 met verhuizen. Eerst moesten de kinderen de deur uit zijn.

Pastorie
De keuze viel op Friesland, omdat de huizen daar zo goedkoop zijn. Een woning met een grote tuin ging daardoor tot de mogelijkheden behoren. Mevrouw Bakker had bedongen dat het huis wel in de omgeving van Dokkum moest staan, omdat daar nog familie van haar woont. Tijdens een rondrit in de zomer van '85 viel hun oog op de pastorie van de doopsgezinde gemeente van Ternaard. Die werd te koop aangeboden, omdat een eigen predikant niet meer tot de mogelijkheden behoorde. Het was min of meer liefde op het eerste gezicht, en het huis werd gekocht. „De pastorie brandde een jaar of 35 geleden af. Daarna is hij weer opgebouwd. Echt oud is het huis dus niet, en het is ook niet een karakteristieke Friese pastorie, zoals je die hier veel ziet", vertelt mevrouw Bakker. „Onze garage is wel oud, dat was vroeger de keuken. De rest is wel in oude stijl gehouden: glas-in-lood-ramen, hoge plafonds, een grote vierkante hal en schuifdeuren. Als we de tuindeuren open doen, zitten we meteen in de tuin. Heerlijk, die frisse lucht hier", voegt ze er enthousiast aan toe.

Ternaard heeft met zijn I 100 inwoners alle kenmerken van een klein dorp: iedereen kent iedereen en alle inwoners lijken wel familie van elkaar te zijn. Wie mocht denken dat nieuwkomers dus wel enigszins argwanend tegemoet zullen worden getreden, komt bedrogen uit. Het echtpaar Bakker ontmoette tenminste geen weerstand. Volgens hen ligt dat voor een groot deel aan je eigen instelling. Wie bereid is zich te 'geven', wordt geaccepteerd. Als een nieuwkomer ervoor kiest zich terug te trekken, vindt de bevolking het ook wel best. Weemoedig terugdenken aan hun leven in de stad, nee, dat doen ze beslist niet. Natuurlijk, het is jammer dat de kinderen zo ver weg wonen. Maar verder komen ze niets te kort. Zij: „Dokkum is vlakbij en ik houd van het platteland hier. Je kunt er heerlijk fietsen, al waait het altijd behoorlijk, zo dicht bij de Wadden". Hij: „Je kent vrijwel iedereen hier, dat is heel rustig. Als er iemand voorbij gaat, denk je: O, daar gaat mevrouw die-en-die. Dat gaat automatisch. Laatst waren we een week in Wageningen, en dan zie je alleen onbekende mensen, met hier en daar een vertrouwd gezicht". Friesland loopt leeg, zo is de algemene tendens. Voor Ternaard gaat dat niet helemaal op. Huize Bakker staat bij voorbeeld in een vrij 'groene' buurt: de omringende vijf gezinnen tellen samen vijftien kinderen. En de plaatselijke basisscholen (christelijk en openbaar) hebben beide nog over de honderd leerlingen. En wie de jeugd heeft, heeft de toekomst. Al trekken ook hier veel jongelui weg omdat ze na het volgen van een opleiding geen werk kunnen vinden. „Huizen die te koop aan worden geboden, dat is het probleem van Friesland. Er zijn dorpen die voor een groot deel door Duitsers zijn opgekocht. Omdat de plaatsen daar uitgeleefd door raken, hebben bepaalde gemeenten er gelukkig een stokje voor gestoken. Voor Ternaard geldt dat trouwens niet. Als er hier iets te koop wordt aangeboden, trekken er vaak pasgetrouwde stellen in. De bevolking is hier nog heel oorspronkelijk. Het lijkt soms wel alsof iedereen familie van elkaar is", meent mevrouw Bakker. En, dat geeft ze eerlijk toe, als „Hollanders" blijf je daar natuurlijk buiten staan. Import wordt nooit eigen.

Normaal gesproken is het 's nachts heel rustig in Ternaard. „Als je dan wat hoort, vraag je je meteen af wat er aan de hand is. Alleen vrijdags, dan is het 's nachts een herrie op straat, als het dichtstbijzijnde café sluit. We wonen namelijk in het centrum van het dorp, aan de doorgaande weg. Daarom liggen we ook wel eens te schudden in bed: Als het er de tijd voor is, rijden 's nachts vrachtauto's met bieten en aardappels af en aan. Die komen hier dus vlak langs denderen. Verleggen van de weg schijnt niet mogelijk te zijn, daar zijn de kooikers tegen", verzucht meneer Bakker berustend. De realiteit gaat trouwens ook Ternaard niet voorbij. Laatst is er zelfs een zwerver aangetroffen. De dominee van de gereformeerde kerk ter plaatse vond hem 's morgens vroeg in zijn serre, slapend. Blijkbaar was de dakloze ervan op de hoogte dat de deur van dit vertrekje niet op slot kan. Drank is de oorzaak van zijn ontsporing. De zwerver is een geboren Ternaarder. Ook in een klein dorp gaat er wel eens wat mis. De dominee heeft het slot overigens niet laten repareren...

Dit artikel werd u aangeboden door: Reformatorisch Dagblad

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 6 maart 1990

Reformatorisch Dagblad | 36 Pagina's

Import

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 6 maart 1990

Reformatorisch Dagblad | 36 Pagina's