Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

GOR hoopt op 'positief' aandeel Geref. Kerken

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

GOR hoopt op 'positief' aandeel Geref. Kerken

Ds. Overeem bang voor „stoelendans-oecumene'

4 minuten leestijd Arcering uitzetten

LUNTEREN — De Gereformeerde Oecumenische Raad (GOR) hoopt op een positief antwoord van de Gereformeerde Kerken op zijn studies over Schriftgezag en ethiek. De reactie zal van invloed zijn op de discussie over het lidmaatschap van de Gereformeerde Kerken, die tijdens de GOR-bijeenkomst in Athene (1992) in behandeling zal komen. In de commissie die de studie voorbereidt, hebben mede zitting prof. dr. H. Baarlink (Kampen) en dr. J. Vlaardingerbroek.

Volgens de secretaris-generaal van de GOR, dr. R. L. van Houten, zal „een voornemen tot herbezinning" de overige lidkerken geruststellen. In zijn toespraak gisteren tot de synode  beriep hij zich op de gereformeerde theoloog Berkouwer. Niet originaliteit, maar alleen het ware evangelie moet centraal staan in het gereformeerd belijden, aldus de Amerikaan.

Van Houten, die op uitnodiging van de Gereformeerde Kerken een tweedaags bezoek aan Nederland brengt, vroeg zich af of het voor deze kerken nog wel loont om als „nauw gesloten confessionele groep" alleen verder te gaan. De harde woorden in Harare (1988) moeten geen oorzaak zijn om de GOR te verlaten, zo vond hij. „Kijk verder dan persoonlijke fouten, neem onze liefdevolle zorg en de vermaning tot zelfonderzoek serieus en help ons om het beste van onze traditie van confessionele eerlijkheid en eenheid te bewaren", zo voegde de secretaris-generaal de synodeleden toe. Het lidmaatschap van de Gereformeerde Kerken deed eerder zeven lidkerken voor de GOR bedanken.

Kerk-recht

Synode-voorzitter ds. E. Overeem reageerde met de opmerking dat in f de GOR een „stoelendans-oecumene" dreigt te ontstaan. Met een verwijzing naar de discussie van dinsdagavond bepleitte hij het recht van de kerk om niet bij de gratie van andere kerken, maar bij „de gratie van de Heer" te leven.

Overeem vindt dat de GOR en de Gereformeerde Kerken geen breekijzer moeten zetten in eikaars diepste zelfverstaan. „Het is geen schande dat wij de laatste drie decennia meer zijn veranderd dan onze zusterkerken. Laat Lunteren echter niet uitmaken wat in Grand Rapids gebeurt. We moeten met elkaar in gesprek blijven", zo besloot hij onder luid applaus.

Tweederangs

De GOR, die homofilie veroordeelt, kwam in 1988 gereed met een systematische studie over dit thema. Deze studie moet, samen met de voorliggende hermeneutische studie, die als een doorwerking van de discussies van Harare wordt gezien, grotere helderheid verschaffen. Praktische ethische gevolgtrekkingen lijken bij deze bezinning op „de eigenlijke vragen" van ondergeschikt belang.

Een reactie van de synode op het „achterstallig huiswerk" (ds. Overeem) van de GOR zal haastwerk worden. Medio september komt het interim-comité klaar met zijn rapportage en dan resteren synodezitingen in oktober en november. In de zomer van 1991 zal het comité zich in Nederland komen beraden op een aanbeveling voor het lidmaatschap van de Gereformeerde Kerken. Deze aanbeveling gaat door naar de GORsynode van 1992.

Secularisatie

Dr. Koffeman, secretaris oecumene buitenland in de Gereformeerde Kerken, hoopt dat de overige leden zijn kerken als hun partner zullen gaan herkennen. De ervaring „plurale kerk te zijn in een geseculariseerde wereld" is naar zijn mening van groot belang voor de oecumene. Aan deze beide aspecten is volgens hem niet alleen geleden, maar ook vreugde beleefd.

Van de zijde van de GOR wordt echter verwacht dat een contextuele belijdenis van het gezag van de Schrift kritiek zal oproepen van de meer fundamentalistisch denkende lidkerken in Afrika. Mede daardoor wordt de positie van de Gereformeerde Kerken „allerminst benijdenswaardig" (Van Houten).' In Harare is het recht om lid te zijn serieus in twijfel getrokken. De praktische consequenties van het geruchtmakende rapport "God met ons" zijn daaraan mede debet.

Vredesstudie

In aansluiting op het besluit van Almere (1987) besloot de synode gisteren tot het samenstellen van een studiecommissie voor de theologische doordenking van enkele vredesvraagstukken. Het moderamen werd tevens opgedragen de partners in het SoW-proces te verzoeken om medewerking'bij de samenstelling ervan.

Het nut van een onderzoek naar de vraag in hoeverre de huidige bewapeningswedloop oproept om Jezus concreet na te volgen, werd door enkele synodeleden in twijfel getrokken.. Van een theologische studie moet volgens hen geen „wonderolie voor onze verlegenheid" (ds. Overeem) worden verwacht. Volgens hen bieden literatuur, leerhuizen en catechesemateriaal informatie te over.

„Grijze muizen"

Volgens de deputaatschappen Kerk en Theologie en Vragen van Oorlog en Vrede is de studie geen overbodige luxe. Prof. dr. Th. de Boer acht deze tegen de achtergrond van de „vredesopvoeding" van gereformeerden en „het rumoer uit het verleden" zelfs noodzakelijk. Later voerde synode-adviseur prof. dr. H. B. Weijland de opkomst van fundamentalisme en nationalisme aan als tweede reden.

Het besluit houdt mede in dat de te benoemen leden van de studiecommissie zich ten aanzien van de oorlogvredeproblematiek niet mogen hebben geprofileerd. Synodelid ds. C. G. Warringa (Leeuwarden) vermoedt dat daardoor „een commissie van grijze muizen" ontstaat. Op zijn vraag naar de mogelijke achtergronden daarvan werd niet ingegaan.

Mede-synodelid ds. W. J. W. Scheltens (Glimmen) kreeg wel respons op zijn emotionele betoog over het begrip "Godsbeelden". Prof. De Boer zei zijn „joodse" kritiek op dit begrip te kunnen invoelen. Prof. Weijland daarentegen vindt dat de naam ten onrechte in verband wordt gebracht met „het spreken over de Heere". Een studie over godsbeelden („zonder aanhalingstekens") gaat als | een scheermes door de synode heen, zo vond hij.

Dit artikel werd u aangeboden door: Reformatorisch Dagblad

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 maart 1990

Reformatorisch Dagblad | 22 Pagina's

GOR hoopt op 'positief' aandeel Geref. Kerken

Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 maart 1990

Reformatorisch Dagblad | 22 Pagina's