Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

(her)bouwt historie Vandenhove

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

(her)bouwt historie Vandenhove

aanvaardbare vormen die goed bij De Belgische architect Charles Vandenhove stamt uit 1927, maar respect voor de historie schept hij nieu- wie zijn ontwerpen voor het gebied rond het droogdok van Hellevoetsluis ziet, waant zich even een paar eeuwen terug Terecht is er aan

9 minuten leestijd Arcering uitzetten

en. Zijn driekamer
hetverledenaansluit

«n het Nederlands Architectuur In- IT'ZT^^^L^

Stituut te Rotterdam een expositie gewijd met de typering "Een culture- üjkt mij een goed plan, maar haalbaar

Ie en pre-moderne architectuur". Wie die tentoonstelling over zich heid is óók een factor.

anoojiu

heen heeft laten komen, ervaart soms iets van een cultuurschokje als hij verderop in het instituut in aanraking komt met de bouwkunde van

Leefhaarder dan Rnfill

Carel Weeber (1937). "Radicaal en rationeel" heet een overzicht van tóS ÏÏ praToverÊe Tn'S

een kwart eeuw Weebers werken. Hoewel dat soms óók aanleunt tegen meer hltortS bouwkunst en ver

Js naar Bofiii, merkt hij terecht op:
wi

klassieke en oosterse stijlen, met projecten als Arena, Olympia en Lotus.

Door H. H. J. van As

Veel bekendheid had Charles Vandenhove in ons land niet. Maar in 1986 kreeg hij hier een tentoonstelling in de Beurs van Berlage. Gevolg daarvan waren onder meer zijn ontwerpen voor (woning- en kantoren-)bouwprojecten in Amsterdam, Den Haag en Maastricht (aan de Veldekestraat). Die zullen later wel worden uitgevoerd. Ook ontwierp hij decors voor Toneelgroep Amsterdam.

NeO'Classicisme
kozen, nauw aansluitend bij het Neoclassicisme uit Blankens dagen, en dus met tongewelven, tympanen, pilasters en kroonlijsten.

De nodige gelden voor dit grootse project zijn er nog niet. Daarom heeft Vandenhove zijn eerste plannen van 1987 uitgebreid met een aansluitend groot woningbouwprogramma aan het den nabije Timmerdok en het Groote Dok. Met name voor het zogeheten Bastion heeft hij een groot, carrévormig appartementenblok ontworpen, dat in de verjMaar Vandenhove bouwt veel leefbaarder en menselijker. Bofill zet indrukwekkende klassieke en pompeuze gebouwen neer, maar die h^eft geen oog voor de mensen die ih zijn ontwerpen moeten kunnen leven en werken. Trouwens, déze stijl van Vandenhove en anderen komt tegenwoordig juist weer terug".

Dat klopt. Alleen is het opmerkelijke dat men dit veelal aanduidt met "postmodernisme", terwijl op Vandenhove de naar mijn mening correcte termen "cultureel en pre-modern bouwen" wor

toegepast. Want dat zogeheten post-moderne in tal van kunst- en cul tuuruitingen is in wezen een aangepaste terugkeer tot de periode vóór de moderne kunst. En die laatste.kan men dan

De bescheiden expositie in Rotterdam is echter opgehangen aan twee thema's: zijn plannen, sinds 1987, voor de restauratie en aangepaste historiserende bebouwing van het vroeg-19e-eeuwse Droogdok en omgeving in Hellevoetsluis en een externe verbouwing van de 18e-eeuwse Koninklijke Schouwburg aan het Korte Voorhout in Den Haag. Voor Hellevoetsluis was Vandenhove samen uitgenodigd met Prudent de Wispelaere en Jacques Séquaris en voor Den Haag samen met de Amerikaanse kunstschilder Sol LeWitt.

Het opvallendste project wacht echter nog op financiering, mogelijk ook door sponsors. Het is het door de bekende vestingbouwer en ingenieur Jan Blanken van 1801 tot 1806 uitgevoerde Droogdok, dat —afgezien van het in de jaren zestig gesloopte pomphuis in neo-classicistische stijl— nog intact is. Het is een uniek restant van de voormalige marinewerf. Historisch en stedebouwkundig onderzoek leidde tot het plan, het geheel te restaureren en te laten werken als monument van waterbouwkunde, stoomtechniek en scheepsonderhoud. Ook zouden in het dok weer oude schepen kunnen worden gerestaureerd.

Bastion-woningbouw

Het complex, waarvan de vier hoofdgebouwen aan de voorzijde van het dok een museumbestemming moeten krijgen, zou een toeristisch uitermate aantrekkelijk geheel kunnen worden. Twee lange gebouwen evenwijdig aan het dok zijn geschikt als restauratiewerkplaatsen. Daartussenin wil Vandenhove twee paviljoens optrekken: een café met ronde plattegrond en een vierkante abri. De ontwerpen zijn in strenge symmetrie geDeel van de grote maquette van de vesting Hellevoetsluis in de visie van Vandenmve. Rechts het oude DroogdM^WehMM&f^éWbmven, links boven het grote appartementenblok op het Bastion. te wel iets aan de stijl van Ricardo Bofill herinnert. Op de grote binnenplaats heeft hij de symmetrie van het geheel doorbroken door een vierkant torengebouwtje, als een soort hoofdwacht, asymmetrisch links achter de entree te projecteren.

Het zijn monumentale projecten en door de keuze van natuursteen en rode baksteen voor Droogdok en woningbouw èn door de tongewelven van de hoog- en laagbouw vormen ze een fraai geheel. Vandenhove is geen klakkeloos nabootser van een oude stijl, maar uit zeer ruim opvatten, bij voorbeeld vanaf 1900 tot heden.

Wie zich aan de esthetisch zo genotvolle ontwerpen van Vandenhove voor Hellevoetsluis heeft gelaafd, kan echter bij zijn plannen voor de Koninklijke Schouwburg in Den Haag een gevoel van lichte teleurstelling niet onderdrukken. Dat bouwwerk werd door Pieter de Swart van 1766-1774 opgetrokken voor Carel van Nassau Weilburg, gehuwd met een zuster van stadhouder prins Willem V, niet als schouwburg, maar als (nauwelijks benut) Haags paleisje. In de vorige eeuw verbouwde architect J. Duifhuis het paleis tot schouwburg en in 1863, in 1913 en in 1929 hadden opnieuw ingrijpende verbouwingen plaats. Vorig jaar was het tijd voor een groot onderhoud en architect Job Roos restaureerde toen de gevel.

Sol LeWitts pop-art

Op dat moment werd Vandenhove, die aan het Haagse Zieken ook woningbouw, realiseert en die een deel van de restauratie van de Muntschouwburg in Brussel voor zijn rekening nam, ingeschakeld. Hij wil vooral de voorhal en zijvleugels grondig aanpakken en een immense, lichte hal creëren, waaruit alle rommelige en hokkerige ruimten voor kassa's e.d. verdwenen zijn.

Voor de inrichting van die hal doet Vandenhove een beroep op de Amerikaanse kunstenaar Sol LeWitt, die al eerder met de Belg samenwerkte. Maar LeWitt is eerder een pop-art- of een optical-art-kunstenaar dan iemand die respect heeft voor de historie en daarheen in zijn werken verwijst. Dus dat'betekent een muurschildering geheel uit liggende en staande kleurenbanen. En dat houdt een 'mozaïek' vloerbedekking in van strepen en vlakken. Op zich misschien niet lelijk, hoewel ik de wandkleuren verfoei, maar wel een volstrekte breuk met de historie van zo'n aardig gebouw.

Het is net zo'n erge inbreuk als de moderne plafondschilderingen van de marxist Ger Lataster in de hal van het statige Haagse museum het Mauritshuis. Op de expositie van Vandenhove zijn alvast de vloerbedekking en de wandschilderingen van LeWitt aangebracht. Nee, die doen mijn esthetica pijn...

Glas-en-metalen skelet

Er is nóg een detail dat ik Vandenhove moeilijk kan vergeven. De ruimten voor de kassa's etc. die hij in de voorhal en zijvleugels laat slopen, heeft hij weer 'gewonnen' door tegen de linkerzijgevel aan het Schouwburgstraatje een uit glas en metalen skeletten opgetrokken aanbouw te plakken. Die doet niet alleen de symmetrie van het markante halfronde gebouw te niet, maar past ook in vorm en materiaalkeuze volstrekt_niet_bix_diL ^ifomonument. Het lijkt Ine net zo'n onding als de zeer omstreden glazige galerij die recent tegen de Amsterdamse stadsschouwburg is aangeplakt. Nee, dan geef ik duidelijk de voorkeur aan de plannen die Vandenhove in Hellevoetsluis wil uitvoeren. De expositie van Vandenhove in het Ned. Architectuur Instituut, Westersingel 10 te Rotterdam, duurt nog tot 13 mei. Er is een door Patricia Deiters geschreven, ruim geïllustreerde brochure van zijn belde ontwerpen te koop.

Dat dikke mensen gezellig zijn, is in de volksmond nog steeds een waarheid als een koe. De stelling is weliswaar niet bewezen, maar wordt wel te pas en te onpas van stal gehaald. Vooral als iemand zich beklaagt over de eigen (niet bestaande) lijn. „Trek je er maar iets van aan, iedereen vindt dikke mensen aardig". Maar ondertussen... fes

Duizenden mensen —vooral vrouwen- zitten dan toch maar met hun al dan niet denkbeeldige overgewicht. Want dun zijn is in; voor die wetenschap hoef je heus de mode méPdpde voéHe volgenrWièzöTiu^iröanëgn Blik" werpt in een etalage of modeblad weet geiMegis De kunststof of papieren dames staan vrijwel zonder uitzondering te kijk met een wespetaille die in levende lijve zelden wordt aanschouwd: aangeklede lucifers.

Op een onlangs in Wageningen gehouden congres over voeding in de jaren '90 poneerde een van de inleiders de stelling dat er voor dikkerds weinig hoop is. Onderzoek heeft aangetoond dat 90 procent van de mensen met overgewicht er niet in slaagt om, althans blijvend, af te vallen. Als iemand eenmaal te zwaar is, helpen ook light-produkten en zoetjes niet meer. Laatstgenoemde veroorzaken een hongergevoel en beide werken in de hand dat gebruikers zich met een gerust hart te buiten gaan aan bonbons en aanverwante dikmakers. „Ik heb vandaag immers al flink aan de lijn gedaan". Omgekeerd geldt dat deze calorie-arme etenswaren wél kunnen voorkomen dat dunne mensen dik worden!

Het is overigens nog maar de vraag waarom mensen vinden dat ze te dik zijn. De gezondheid is lang niet altijd de achterliggende motivatie om af te vallen. Het ideale gewicht voor een vrouw is de laatste dertig jaar van 70 tot 45 kg afgenomen, zo concludeerde de al geAangeklede lucifers... noemde spreker. Op grond van een hele reeks miss-verkiezingen in Zweden nota bene. Maar dat betekent natuurlijk nog niet dat iedereen die meer weegt, bang moet zijn voor allerlei met overgewicht verband houdende aandoeningen. Niet iedereen zal zich wel voelen bij een figuur "vel over been". En de medische wetenschap is nog altijd van mening dat te dun net zo slecht is als te dik.

Over het algemeen lijken vrouwen van middelbare leeftijd uit wat men ^ntSötSf ïtó-Möêtere milieus die helemaal niet zo veel te zwaar zijn, zich dernjeeste zorgen te maken over hen figuur. Mannen dragen hun buikje vrij laconiek rond. Terwijl zij juist wél reden hebben om zich zorgen te maken. Aandoeningen aan hart en vaten, diabetes en hoge bloeddruk komen bij dikke heren namelijk veel vaker voor dan bij dikke dames. Saillant detail: vrouwen vinden hun gewicht kennelijk zo'n gevoelig punt, dat ze, als er naar gevraagd wordt, altijd te weinig kilo's opgeven. Mannen hebben weer een andere zwakheid. Zij overschatten hun eigen lengte graag!

Naar verwachting zal het gebruik van gemaksvoeding, ontbijtservices, traiteurs, snacks en kant-en-klaarprodukten de komende jaren alleen nog maar toenemen. Hetzelfde geldt overigens voor lightprodukten, hoe merkwaardig het ook mag klinken. De eerste categorie kenmerkt zich immers door veel —vooral verborgen— vet, terwijl bij de caloriearme voedingsmiddelen "gezond" hoog in het vaandel staat. In Wageningen concludeerde men meesmuilend dat deze twee trends elkaar wellicht opheffen: gemiddeld blijft iedereen vasthouden aan zijn eigen -ongezonde- eetpatroon. Want we worden nog steeds al maar dikker. GO

Dit artikel werd u aangeboden door: Reformatorisch Dagblad

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 24 maart 1990

Reformatorisch Dagblad | 28 Pagina's

(her)bouwt historie Vandenhove

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 24 maart 1990

Reformatorisch Dagblad | 28 Pagina's