Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Opgemerkt

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Opgemerkt

3 minuten leestijd Arcering uitzetten

RRIB (II)

Met opperste verbazing heb ik het ingezonden stuk gelezen met de negatieve beoordeling van het RRIB-werk in Noord-Nederland van de hand van S. Haitsma te Delfzijl. 

Juist als het hem van harte gaat om de "R" van reformatorisch en de "B" van bezinning, zou hij het op prijs moeten stellen dat het RRIB op deze wijze tot reformatorisch bezinnen oproept. Maar daarover kan men van mening verschillen.  Maar als Haitsma mij wil plaatsen als „in vroeger jaren gereformeerd predikant", dan is dat beslist onwaar. En wat mijn opvattingen betreft inzake Schrift en Getuigenis, heeft hij de klok horen luiden, maar hij weet niet waar de klepel hangt. Derhalve wil ik hem waarschuwen voor onzorgvuldigheid, want de wijze waarop hij „constateert" is zeker in reformatorische zin onjuist, zoals hem ook al duidelijk moet zijn geworden uit het antwoord dat hij kreeg op zijn brieven aan het RRIB. 

En voor wat mijzelf betreft: komend uit een vrij-evangelische/chr. geref. bedding, ben ik dankbaar voor het geestelijk goed dat ik kreeg aangereikt met o.ra. de leerstelling dat de traditie nooit mag gaan heersen over het Woord Gods. Ik voel mij bijzonder verwant met mannen als W. a Brakel en Voetius, alsmede met de in ons blad zo rijkelijk geciteerde Bunyan en Spurgeon. En als een arme zondaar een rijke God mag ontmoeten, dan mag hij leren zeggen (het zou een RRIB-stelling kunnen zijn) „Ik ben een vriend, ik ben een metgezel van allen die Uw Naam ootmoedig vrezen".  Het is mijn overtuiging dat de Heere, Die de ware Reformator is, de leden van het RRIB-Comité heeft leren verstaan wat hun opdracht is (zoals Hij die ook aan Petrus gaf, Luc. 5:4): „Steek af naar de diepte en werp uw netten uit om te vangen". Dan zijn 'onze' standpunten niet meer zo belangrijk, maar dan moet het mogelijk zijn om tot elkaar te zeggen: „Hoort, wat mij God deed ondervinden, wat Hij gedaan heeft aan mijn geest". 

Ds. P. J. Bonhof

Meeuwenstraat 1a

9607 RA Foxhol 

----------------------------------------------

Psalmzangdag (II) 

Ik ben een meisje van 15 jaar en ik wil graag wat schrijven. Ik zie in de krant vaak wat staan over de Psalmzangmiddag van Kampen. Ikzelf ben er de beide keren geweest en vond het heel mooi! (Bijna) al de berichten in de krant zijn negatief, en waarom? Ik zou zeggen: Waarom gaan al die mensen die van ritmisch zingen houden toch naar die Psalmzangmiddag als ze van tevoren weten dat ze niet van het tempo houden dat we in Kampen zongen?  Er zijn nog heel veel mensen die van deze middagen houden en daar ben ik heel blij ora!  En wat Peter Eilander betreft (de organist); hij speelt heel goed, mooi en netjes. Als hij snel zou spelen, zou het ongelijk gaan met de gemeente, want het is een hele kunst om zo"n grote gemeente te begeleiden.  En om dan Klaas Bolt erbij te vergelijken,., als mensen dat mooier vinden, dan moeten ze daarheen gaan en geen commentaar leveren op iets wat anderen mooi vinden.

Margreet Dekker 

Ploegersdonk 224

7326 BL Apeldoorn

Dit artikel werd u aangeboden door: Reformatorisch Dagblad

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 31 maart 1990

Reformatorisch Dagblad | 28 Pagina's

Opgemerkt

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 31 maart 1990

Reformatorisch Dagblad | 28 Pagina's