Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Tolhuis Gouda weer in Grafelijke handen

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Tolhuis Gouda weer in Grafelijke handen

4 minuten leestijd Arcering uitzetten

GOUDA - Het oude Tolhuis in Gouda heeft meer geld gekost dan het door de eeuwen heen ooit heeft opgeleverd. Nam de Goudse timmerman Leendert Harmanszoon in 1631 nog genoegen met 3900 Vlaamse ponden voor een ingrijpende verbouwing, de huidige restauratie kost miljoenen guldens. Het gebouw heeft dan ook bijzondere waarde. Het gerestaureerde complex zal op de Open Monumentendag worden geopend.

Het is nog maar drie jaar geleden dat het monument van de ondergang werd gered. Het grootste deel was in handen van de huizenhandelaars toen directielid J. van der Graaf van het schildersbedrijf P. Prevoo belangstelling toonde voor een representatief gebouw als kantoor voor een goed lopende onderneming. Van der Graaf daarover: „Op een gegeven moment hadden wij belangstelling voor het complex, toen ik daar een van de bekende huizenhandelaars uit zag komen. Het schoot door me heen: „O nee, hè! Die vent zal het toch niet zelf gaan bewonen". Dat bleek inderdaad het geval, totdat ik hem kon bewegen tot verkoop aan ons schildersbedrijf. Twee uur later was de zaak beklonken. Wij hebben toen later van de gemeente het sluiswachtershuisje erbij gekocht. Nu hebben we natuurlijk wel iets bijzonders".

Woonhuis

Op de plaats waar IJssel en Gouwe samenkomen, ontstond de eerste tol van Holland. Graaf Floris V verleende het tolrecht. Dat deed hij niet zo maar. Eeuwenlang bracht deze tol op de belangrijke verkeersroute tussen Rotterdam en Amsterdam geld in het laatje. Het tolhuis deed tevens dienst als woonhuis voor de tolgaarder.

In 1577 werd het nabijgelegen slot afgebroken. Toen werd een groter tolhuis noodzakelijk. Dit tolhuis ging weer aan het huidige vooraf. Het moet een representatief gebouw zijn geweest. Dat blijkt wel uit het feit dat in. 1611 Hugo de Groot in zijn functie van advocaatfiscaal van het Hof van Holland met zijn gevolg verschillende keren te gast was bij Pieter Cornelisz. de Langhe, de toenmalige tolgaarder. Van De Langhe is bekend dat hij samen met zijn vrouw, zes kinderen en een dienstbode het huis heeft bewoond.

Van der Graaf: „Het mooie, maar met de restauratie ook moeilijke van dit gebouw is, dat er stijlen vanaf de zestiende eeuw in terug te vinden zijn. We weten toch nog wel vrij veel van dit monument. Het is zelfs bekend wat Hugo de Groot met zijn gezelschap heeft gegeten tijdens de diners. Dat is uit de stadsrekening nog wel te herleiden".

Poort

In het complex hebben de restaurateurs delen van de stadspoort teruggevonden. Verrassend daarbij was dat de poort van sierhardsteen precies overeenkomt met de elders aan de gracht staande poort van het Catharina Gasthuis. Van der Graaf: „Dat is een stukje monument dat we willen behouden. In ons kantoor is dat deel dan ook te bezichtigen, evenals de twee fraai beschilderde plafonds, waarschijnlijk uit 1631". Van de Graaf leidt die datum af uit het feit dat in dat jaar een forse verbouwing heeft plaatsgehad, die bijna 4000 Vlaamse ponden heeft gekost.

Dat het Tolhuis van grote betekenis is geweest voor Gouda, blijkt al uit het simpele gegeven dat er vanwege de verschillende sluizen overnacht moest worden door de turf-later beurtschippers. Dat betekende veel handel en nering voor herbergiers, winkels en aan scheepvaart verwante bedrijven. Toen tegen het dichtslibben van de havens bij het tolhuis ook nog een sluis werd gebouwd, verrees er een sluiswachtershuisje op het terrein. Gedurende een lange reeks van jaren woonde de tolgaarder er. In, 1581 werd de man provinciaal ambtenaar. In dat jaar traden de Staten in de grafelijke rechten. Aan de functie van de sluiswachter kwam in 1813 een einde, tegelijk met het opheffen van de grafelijkheidstollen. Het Rijk bood toen het huis te koop aan.

Behoud sluis


De Hervormde predikant G. van Warmelo woonde in het tolhuis tot 1853. In 1938 dreigde het monument onder de slopershamer te vallen ten behoeve van het steeds toenemende verkeer, maar de gemeentelijke plannen gingen niet door. In 1954 veranderde de verkeerssituatie definitief, doordat een weg voor het Tolhuis en de sluiswachterswoning werd aangelegd. Daarbij werd de Havensluis vervangen door een duiker. Dat betekende het einde van de doorvaartroute Rotterdam-Amsterdam over de Gouwe.  Het tolhuiscomplex was nog enige tijd in handen van een psychiater, maar vervolgens raakte het door leegstand in verval. De sluiswachterswoning werd gekraakt.  Volgens redder in nood Van der Graaf van schildersbedrijf Prevoo is in de toekomst nog wel meer met het gebouw te doen. „Ik heb de gemeente voorgesteld een stichting in het leven te roepen voor het behoud van de sluis(deuren). Het ligt er nu gewoon nog 'havenloos' bij". Dat is een leuke woordspeling met het oog op de toekomstplannen: Gouda moet weer havenstad worden! Bij het tolhuis kom je dan de havenstad binnen. Van der Graaf wil in dat geval eventueel wel een kleine ruimte beschikbaar stellen voor de sluisbediening. Wie weet, wordt er dan ook wel "Van der Graaf'lijke tol" geheven...

Dit artikel werd u aangeboden door: Reformatorisch Dagblad

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 april 1990

Reformatorisch Dagblad | 25 Pagina's

Tolhuis Gouda weer in Grafelijke handen

Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 april 1990

Reformatorisch Dagblad | 25 Pagina's